HSK400906_18

Fosfaatrechten en prijs fosfaatrechten

Lees in het dossier alles over de veelbesproken onderwerpen fosfaat, fosfaatreductie, derogatie en fosfaatrechten.

Terug naar dossier
Rundveehouderij

Achtergrond 12 reacties

Veel kritiek op nieuwe mestnormen

Aanpassingen van de mestnormen in 2020 liggen ter inzage.

De normen veranderen voor zowel de mestproductie van dieren als het gebruik van mest op bouw- en grasland. Er zijn flink wat heikele punten, kritische reacties stromen dan ook binnen.

Per 1 januari 2020 worden mestregels aangepast. De voorstellen liggen zoals dat heet ‘ter consultatie’. Iedereen kan er kennis van nemen en online reageren. Werd de sector eerst verrast met nieuwe getallen en diercategorieën op het gebied van de mestproductie voor verschillende categorieën vee, even later kwam er ook een nieuw voorstel voor de berekening van de mestplaatsingsruimte. Belangrijkste wijziging daar is een verandering in de waardering van de fosfaatgehaltes van verschillende gronden.

Iets meer mestruimte door andere fosfaatklassen

Naast de nieuwe mestproductienormen, worden ook de normen voor het gebruik van mest aangepast. Via een internetconsultatie legt het ministerie haar plannen voor een nieuw fosfaatklassensysteem per 2020 voor.

Door de nieuwe normen moet meer ruimte ontstaan voor de aanvoer van organische stof op bouwland. - Foto: Mark Pasveer
Door de nieuwe normen moet meer ruimte ontstaan voor de aanvoer van organische stof op bouwland. - Foto: Mark Pasveer

Tot 1 januari 2021 worden dezelfde indicatoren van de fosfaattoestand van de bodem voor grasland en voor bouwland gehanteerd als nu het geval is.

In 2021 wordt een gecombineerde indicator voor zowel gras- als bouwland ingevoerd om de fosfaattoestand van percelen zelf te bepalen. De aanpassingen worden doorgevoerd om de mestgebruiksnormen beter aan te laten sluiten bij de toenemende gewasopbrengsten en om op langere termijn te komen tot een fosfaattoestand in de bodem die op of rond een normaal niveau ligt.

In de nieuwe regelgeving komen, in plaats van de huidige 3, 5 fosfaatklassen: arm, laag, neutraal, ruim en hoog. Deze verfijning moet zorgen voor meer maatwerk. Voor alle gronden geldt dat de fosfaatnorm gelijk blijft of in veel gevallen hoger wordt. De fosfaatnorm voor fosfaatklasse ‘arm’(PAL <16 of pw><25) is 120 kilo per hectare voor zowel gras- als bouwland. in de fosfaatklasse laag is 105 kilo fosfaat per hectare grasland of 80 kilo per hectare op bouwland toegestaan.>

Voor gronden met fosfaattoestand neutraal mag 95 kilo P2O5 per hectare worden gebruikt op grasland en 70 kilo op bouwland. Voor de categorie ‘ruim’ mag op grasland 90 kilo en op bouwland 60 kilo worden aangewend. Bij de categorie hoog is het 75 kilo fosfaat per hectare op grasland en 50 kilo bij bouwland.

Op de internetconsultatie, die nog tot 6 september loopt, zijn nog weinig reacties binnengekomen

Door de hogere normen moet meer ruimte ontstaan voor de aanvoer van organische stof op bouwland. Landelijk gezien ontstaat iets meer plaatsingsruimte voor mest; een toename van 139,3 miljoen kilo naar 140,7 miljoen kilo en in 2021 tot 141,2 miljoen kilo fosfaat.

LTO Nederland pleitte eerder al voor hogere normen, omdat met de huidige normen geen ruimte is voor ‘klimaatvriendelijk’ bodembeheer. De normen voor fosfaat waren te laag om voldoende te kunnen bemesten, zeker bij ondernemers die de fosfaatruimte willen benutten om organische stof aan te voeren. Ook de nieuwe klasse-indeling zal de onbalans tussen aanvulling en onttrekking aan de bodem niet kunnen herstellen, vreest LTO.

In 2021 komt de gecombineerde indicator in de plaats van de huidige P-AL-waarde voor grasland en het Pw-getal voor bouwland. De indicator bestaat uit een combinatie van het P-CaCl2-getal en het P-AL-getal. Op basis van de fosfaatklasse van de grond wordt de gebruiksnorm bepaald.

Op de internetconsultatie, die nog tot 6 september loopt, zijn nog weinig reacties binnengekomen. Alleen Cumela heeft gereageerd dat er mogelijk een fout in is geslopen, omdat volgens het huidige voorstel ondernemers die gebruik willen maken van de fosfaatverrekening dit 15 mei moeten melden. Dit is niet haalbaar, omdat de overschrijding van de gebruiksnormen meestal pas na die datum gebeurt. Nu is het mogelijk om dit tot 31 december te melden.

Op de normen voor de mestproductie wordt relatief veel en zeer kritisch gereageerd. In week 31 waren meer dan 70 reacties binnen. Vleesveehouders zijn verbolgen over fors hogere mestproductienormen (excretieforfaits) voor stieren, om alvast een van de heikele punten te noemen. Maar er speelt veel meer.

Belangenorganisaties, LTO Nederland voorop, zijn in de eerste plaats geïrriteerd door de manier waarop het ministerie van LNV de aanpassingen presenteert: zonder aankondiging in de slappe zomertijd en met een beperkte onderbouwing van de nieuwe normen. Dat wekt argwaan. Gezamenlijk inventariseren de vakgroepen van LTO met organisaties als POV en Biohuis waar de inhoudelijke pijnpunten liggen. Ook melkveehoudersvakbond NMV en Netwerk Grondig hebben zich erg kritisch uitgelaten. Advocatenkantoor Linssen heeft namens een klant gereageerd dat de aanpassingen in strijd zijn met het eigendomsrecht en dat onvoldoende rekening wordt gehouden met de bedrijfseffecten. Door de nieuwe normen zou het betreffende bedrijf 30 koeien moeten afvoeren.

Fosfaatrecht nodig voor categorie 103 en weidekoe

Een aanpassing in de categorie-indeling van rundvee heeft gevolgen voor de fosfaatrechten die een bedrijf nodig heeft. Voor de nieuwe rundveecategorie 103 ‘jongvee ouder dan 2 jaar’ zijn fosfaatrechten nodig. Dat heeft het ministerie van LNV aangegeven op vragen van Boerderij.

Tot nu toe valt al het vrouwelijk jongvee van 1 jaar en ouder onder categorie 102. Deze wordt opgesplitst in categorie 102 (1 tot 2 jaar) en 103 (2 jaar en ouder). Door aanpassingen van de definities mogen koeien die niet meer gebruikt worden voor de melkproductie, pas vanaf een jaar na het afkalven als weidekoe (code 120) worden aangemerkt. Tot die tijd vallen ze gewoon onder de categorie melkkoe (code 100) en zijn fosfaatrechten voor de dieren nodig, terwijl die nu niet nodig zijn voor vetweiders. Gevreesd wordt dat ‘vetweiders’ hierdoor gaan verdwijnen.

Rosévleeskalveren en geiten

In de kalverhouderij zijn onder andere vraagtekens over de excretiecijfers voor rosévleeskalveren, omdat die van jonge dieren nu hoger worden ingeschat dan van oudere dieren. Veehouders met blankvleeskalveren zijn bang dat de cijfers op papier verder van de praktijk af komen te staan.

Melkgeitenhouders willen onder meer dat de fosfaatnorm ongewijzigd blijft op 4,3 kilo, in plaats van de nieuwe norm van 5,2 kilo per geit per jaar.

Voor de biologische sector zijn aparte forfaits vastgesteld. Voor runderen wijken deze niet veel af van de gangbare veehouderij. Voor bio-varkens en -pluimvee zijn de normen hoger dan gangbaar. De benodigde mestopslagcapaciteit wordt voor biologische varkens en kippen daardoor 25 tot 60% groter ingeschat.

Fors hogere norm voor vleesvee

Het is al eerder genoemd, maar mag in dit overzicht niet ontbreken: door de aanpassingen van categorieën krijgen vleesveehouders te maken met fors hogere normen voor vleesvee ouder dan 12 maanden dat nooit een kalf heeft gehad en niet bestemd is om een kalf te krijgen. De mestproductienormen in diercategorie 122, waarin zowel stieren als koeien en ossen ondergebracht kunnen worden, worden meer dan verdubbeld, zowel op het gebied van stikstof als fosfaat en mestvolumes. Het ministerie zegt dat de nieuwe normen beter aansluiten bij de werkelijkheid. Bovendien is volgens LNV de vleesstierenhouderij in Nederland veranderd en nu gebaseerd op de houderij van stieren voor luxe vleesproductie. Veel vleesveehouders maken echter bezwaar tegen de forse verhoging. Ze kunnen hierdoor aanzienlijk minder dieren gaan houden of moeten mest gaan afvoeren ‘die er alleen op papier is’, aldus een bezwaarmaker.

Mogelijk probleem voor bedrijf met hoge melkproductie

In de excretietabel voor melkvee wordt per productieklasse weergegeven hoeveel stikstof en fosfaat een melkkoe produceert. Dat gebeurt in stappen van 250 kilo melk per koe per jaar.

In de nieuwe mestnormen voor 2020 wordt de tabel met stikstof- en fosfaatproductie zowel naar beneden als naar boven uitgebreid. De laagste productieklasse komt dan te liggen bij minder dan 2.375 kilo melk en de hoogste mestproductie is voor koeien met een melkproductie van meer dan 15.124 kilo melk per jaar.

Bedrijven met een hoge melkproductie per koe kunnen een probleem krijgen met fosfaatrechten. Als ze in 2015 ook al een hoge productie hadden, kregen ze 49,3 kilo fosfaatrechten per koe. In de nieuwe tabel produceert een koe met gemiddeld 12.500 kilo melk 53,3 kilo fosfaat. Per koe heeft een dergelijk bedrijf vanaf 2020 dan 4 kilo fosfaatrechten te weinig. - Foto: Wick Natzijl
Bedrijven met een hoge melkproductie per koe kunnen een probleem krijgen met fosfaatrechten. Als ze in 2015 ook al een hoge productie hadden, kregen ze 49,3 kilo fosfaatrechten per koe. In de nieuwe tabel produceert een koe met gemiddeld 12.500 kilo melk 53,3 kilo fosfaat. Per koe heeft een dergelijk bedrijf vanaf 2020 dan 4 kilo fosfaatrechten te weinig. - Foto: Wick Natzijl

Volgens de onderbouwing leidt de uitbreiding van de tabel tot ‘beter bij de praktijk aansluitende excretieforfaits’. Er wordt wel een kanttekening gemaakt. Door gebrek aan voldoende praktijkgegevens is het onduidelijk of de nieuwe excretieforfaits voldoende aansluiten bij het Nederlandse gemiddelde voor bedrijven met lage dan wel hoge melkproducties.

Het is nog niet duidelijk wat de gevolgen zijn in de praktijk van de nieuwe indeling.

In 2017 viel 15% van de melkveebedrijven buiten de huidige grenswaarden voor melkproductie waarop de berekening van de mestproductie op het bedrijf is gebaseerd. Het ging om 2.500 tot 2.750 bedrijven waarvan de helft een lagere productie per koe had dan 5.625 kilo melk per koe per jaar. De andere helft had een productie boven 10.624 kilo melk per koe. Deze bedrijven hadden in werkelijkheid een hogere dan wel lagere mestproductie dan volgens de tabel.

Hoogproductief probleem

Voor bedrijven met een hoge melkproductie per koe kan dit een probleem opleveren met fosfaatrechten. Als ze in 2015 ook al een hoge productie hadden, kregen ze fosfaatrechten toegekend op basis van de hoogste melkproductie in de tabel. Dat kwam neer op 49,3 kilo fosfaat per koe. In de nieuwe tabel produceert een koe met gemiddeld 12.500 kilo melk 53,3 kilo fosfaat. Per koe heeft een dergelijk bedrijf vanaf 2020 dan 4 kilo fosfaatrechten te weinig.

Formule

De relatie tussen melkproductie en fosfaatuitstoot is berekend aan de hand van een formule. De uitkomsten van die formule zijn verwerkt in een tabel. De productiecijfers zijn gestaffeld, dat wil zeggen er zijn abrupte overgangen. De grafiek hierboven toont het verschil tussen de normen op basis van de gestaffelde tabel en de met behulp van de formule berekende cijfers.

In de reacties op de voorstellen tonen sommigen voorkeur voor toepassing van de formule in plaats van de tabel. Dat zou het – nu weer wat theoretische – probleem verhelpen dat bij boeren die ‘boven de tabel uitmelken’, de papieren mestproductie te veel uit de pas gaat lopen met de werkelijke uitstoot van fosfaat.

2018 telt niet mee

De nieuwe excretienormen zijn gebaseerd op de resultaten van de Werkgroep Uniformering berekening Mest- en mineralencijfers (WUM) over een periode van 3 jaar. In dit geval gaat het om 2015, 2016 en 2017. Het bijzonder droge jaar 2018, waarin de fosfaatproductie van melkvee erg laag was, telt niet mee in de voorgestelde nieuwe normen. Als 2018 wel was meegenomen, zouden de fosfaatnormen voor melkvee duidelijk lager uitkomen dan de beperkte daling die nu plaatsvindt ten opzichte van de huidige normen.
De nieuwe mestnormen roepen ook in de politiek vragen op. De Tweede Kamer heeft het ministerie gevraagd om uiterlijk maandag 12 augustus de onderbouwing van de nieuwe normen openbaar te maken. Reageren op de internetconsultatie kan nog tot 14 augustus.

Geen wetswijziging nodig

Voor de nieuwe mestnormen die nu ter consultatie liggen, is geen wetswijziging nodig die door het parlement behandeld moet worden. Dat maakt de procedure sneller en eenvoudiger. Iedereen kan van de voorstellen kennis nemen en online reageren – voor de mestproductienormen (excretieforfaits) tot 14 augustus en voor de mestgebruiksnormen tot 6 september. Het ministerie kan naar aanleiding van de opmerkingen besluiten het voorstel al dan niet aan te passen.
Wel is evengoed een wijziging van de Meststoffenwet in voorbereiding. Die heeft te maken met een rechterlijke uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) over de jongveeregeling in het fosfaatrechtenstelsel. De wijziging moet de onduidelijkheid wegnemen over de vraag welk jongvee onder het begrip ‘melkvee’ valt.

Medeauteur: Mariska Vermaas

Laatste reacties

  • glaasje

    Ja veel kritiek en geen boer die zich laat horen ik zou zeggen boeren steek de koppen bij elkaar en ga er tegen in

  • Attie

    Daarvoor zijn we lid van NMV !!

  • maiskolf

    Gas dr op . Allemaal reageren . Slaat totaal nergens op. !!!!!

  • koestal

    Wat een gerommel op het ministerie met de mestnormen.

  • ????

    Jongens ze willen ons kwijt dat is al jaren duidelijk maar word met deweek erger of meer Zou zeggen samenspraak in heel het land hooivorken in de hand en met zn allen er voor zorgen dat wegen bezet worden en Winkels of Supermarkten leegraken niet bang zijn voor conseqenties ERGER KAN HET NIET KOM OP!!!!!

  • deB.

    Kritiek kritiek, maar we laten het wel weer gebeuren...nogmaals we zijn een lamlending stel sjappies bij elkaar!!
    We worden als sector al jaren genaaid, en wat doen wij, minder produceren met een woud aan regels, en dan nog voor bodemprijzen dag in dag uit. Belachelijk zielig als sector.
    Legio bedrijven stoppen er dit jaar weer mee, met 150 mk bij de eerste, het is niet te behappen op alle gebied

  • veldzicht

    @Attie.En wat heeft NMV dan voor bijzonders voor elkaar gekregen?Volgens mij bijzonder weinig.Zo lang de media en linkse politiekepartijen achter de mileumaffia blijft aan hollen is het vechten tegen de bierkaai en wordt het steeds beroerder.

  • Gat

    Komt dit niet in het nieuws als mestfraude. Als ik als boer rommel met gehaltes ben ik fraudeur. De overheid 32% bij rosé bijtelt niet??? Bewijs is er. Of ze frauderen nu of voor de verhoging
    Kunt niet 1/3 deel verhogen omdat vantevoren te laag was. Wat heb je vantevoren dan berekend. Voor de rechter die handel. Pure fraude.

  • deB.

    Zal er nog eens een voordeel uit de doeken komen.... We worden al jaren bedrogen en op onze kop getikt!!! We zijn het gewoon geworden...Schiphol mag als grote uitstoter gewoon uitbreiden

  • Mbmb

    Het uiteraard negatief bijstellen van de normering, en dat zelfs zonder onderbouwing en bewijs, is een eenvoudig middel om het weer extra lastig te maken. Doel: saneren die zooi met de wet in de hand. Ik zou zeggen, allemaal reageren op deze regeling voordat het te laat is. Hoe is het mogelijk dat van de ene dag op de andere de mestproductie stijgt met tientallen procenten zónder dat er iets op de bedrijven veranderd. Lekker stiekem in de vakantie gepubliceerd in de hoop dat we het niet zien/ te druk hebben/met vakantie zijn. LNV doet dit allemaal expres en heeft geen boodschap aan zorgvuldigheid en openheid over zaken. Iedereen die moppert op dit forum: indienen die reactie!

  • Mbmb

    Ook nog even over die PAL gehaltes die bepalen wat de fosfaattoestand is. Op basis van meer dan 25 jaar laten meten door diverse erkende bureau's ben ik er klip en klaar zeker van dat dit hele systeem niet klopt. Meting en hermeting van dezelfde grond levert gigantische verschillen op. Veenland dat nauwelijks bemest is komt super hoog uit de PAL, het is gewoon een loterij. Ik heb al diverse malen geageerd tegen de hoge rekeningen met zeer onbetrouwbare resultaten, er wordt dan hergemeten en ja hoor, wéér een heel andere PAL. Er klopt nauwelijks wat van. Ik zie op basis van de mestgift véél te hoge gehaltes op het veenland en dat al vele jaren achter elkaar. Ik experimenteer met een perceeltje land waar ik helemaal geen mest meer op gooi en laat monsteren: hoge PAL.

  • deB.


    Men heeft elders ruimte hard nodig, en wij laten het lijdzaam afpakken.... Wat een niveau

Laad alle reacties (8)

Of registreer je om te kunnen reageren.