Rundveehouderij

Achtergrond

Blauwtong blijft dreigend aanwezig in Europa

In omliggende landen heeft het blauwtongvirus serotype 8 zich verder verspreid. De kans is groot dat ook Nederlandse bedrijven weer met het virus te maken krijgen.

Enten of niet, dat is de vraag die veehouders voor zichzelf moeten beantwoorden. De overheid houdt zich op de achtergrond. Van verplicht enten of een tegemoetkoming in de kosten is geen sprake. Schapen lopen het grootste risico. Deze diersoort wordt in de regel het zwaarst getroffen. Maar het blauwtongvirus serotype 8 kan ook de gezondheid en productie van melkkoeien flink schaden.

Lees verder onder de foto.

Melkveehouder André de Groot in Laren (Gld.) heeft zijn koeien opnieuw laten enten tegen blauwtong. Eerder deed hij dit al in 2008 en 2016. - Foto's: Joris Telder
Melkveehouder André de Groot in Laren (Gld.) heeft zijn koeien opnieuw laten enten tegen blauwtong. Eerder deed hij dit al in 2008 en 2016. - Foto's: Joris Telder

 

➢ Vaccins kosten € 2,45 per stuk

➢ Lijkt te gaan om een milde variant

 

Op een voorlichtingsbijeenkomst over blauwtong begin april in Oirschot (N.-Br.), georganiseerd door LTO en Gezondheidsdienst voor Dieren (GD), bleek ongeveer 1 op de 7 veehouders van plan dieren tegen blauwtong te laten vaccineren. Dit tot teleurstelling van LTO-vakgroepvoorzitter schapenhouderij Saskia Duives-Cahuzak. Begrijpelijk aangezien in 2007 rond 27.000 schapen aan blauwtong stierven. “Blauwtong klopt opnieuw aan de deur”, hield ze de zaal voor. Als niet massaal (meer dan 80% van alle runderen, schapen en geiten) wordt geënt, is het virus niet te stoppen en rest veehouders niets anders dan de bescherming van de eigen veestapel. Tot op heden heeft een beperkt aantal veehouders de veestapel laten enten. Vaccins zijn beperkt beschikbaar, maar dit probleem is volgens LTO binnenkort opgelost.

‘Enten als verzekering tegen blauwtong’

Melkveehouder André de Groot heeft eind april zijn runderen opnieuw laten enten tegen blauwtong. De tweede enting volgt binnenkort. Ook in 2008 en 2016 liet hij zijn dieren enten tegen blauwtong.

Melkveehouder André de Groot (45) houdt 115 melkkoeien en 55 stuks jongvee (Holstein) op 74 hectare grond in het Gelderse Laren. Zijn bedrijf is een van de demobedrijven roterend standweiden in het beweidingsconcept Nieuw Nederlands Weiden.
Melkveehouder André de Groot (45) houdt 115 melkkoeien en 55 stuks jongvee (Holstein) op 74 hectare grond in het Gelderse Laren. Zijn bedrijf is een van de demobedrijven roterend standweiden in het beweidingsconcept Nieuw Nederlands Weiden.

Waarom heb je gekozen voor enten?

“Mijn hele bedrijf is erop ingericht de kostprijs zo laag mogelijk te houden. Een uitbraak van blauwtong zou deze strategie kunnen dwarsbomen. Ik zie het laten enten als een verzekering tegen een blauwtonguitbraak. Je weet niet of en wanneer het virus Nederland weer gaat bereiken, maar weegt de risico’s af tegen de kosten.”

Hoe lang blijven de dieren beschermd?

“Ongeveer een jaar. Daarna kun je kiezen om de dieren nog een keer te laten enten. Dan kun je met 1 extra enting volstaan om de dieren nog een jaar te beschermen. Nu zat er een te lange periode tussen en moeten de dieren opnieuw 2 keer worden geënt.”

Wat heeft het enten van de ruim 160 dieren gekost?

“Al met al ben ik zo’n € 900 kwijt. De vaccins kosten € 2,45 per stuk en daarbij komen nog de dierenartskosten, al vallen die mee. Als ik de dieren vastzet aan het voerhek is de klus zo geklaard. Op een productie van rond 1 miljoen kilo melk kom ik op zo’n € 0,0009 cent per kilo melk. Dat is niets in vergelijking met wat een uitbraak me kan kosten.”

Heeft de vorige uitbraak van blauwtong serotype 8 veel schade op het bedrijf aangericht?

“Nee, veel schade niet. Het ging wel op het bedrijf rond. De koeien hadden koorts, ontstekingen rond de neus en het heeft ons ook wel wat kilo’s melk gekost. Daarbij hadden we meer doodgeboren kalveren.”

In 2016 heb je geënt terwijl dat achteraf niet nodig was. Spijt?

“Nee, zeker niet. Ik zag en zie dat het virus zich langzaam naar het Noorden verspreidt. Jaarlijks geef ik meer dan € 10.000 aan verzekeringen uit, maar hoop ik daar zo min mogelijk gebruik van te hoeven maken. Zo zie ik het enten tegen blauwtong ook.”

Milde variant blauwtongvirus waart rond in Europa

Enigszins geruststellend is dat het virus, zoals het nu rondgaat in Duitsland, België en Frankrijk, een milde variant lijkt. Op basis van beschikbare informatie acht Piet Vellema, deskundige bij GD, de kans niet groot dat het virus zich in Nederland anders gaat gedragen dan in omliggende landen. Al blijft het moeilijk voorspellen hoe een virus zich in een nieuwe regio manifesteert. Een kleine aanpassing in het RNA van het virus kan de virulentie (schadelijkheid) snel laten toenemen.

Lees verder onder het kaartje.

Blauwtong blijft dreigend aanwezig in Europa

De meeste meldingen in genoemde landen komen tot dusver uit de monitoringprogramma’s. Klinische verschijnselen zijn beperkt evenals het aantal gevallen per bedrijf. Opvallend is dat vanaf januari in Frankrijk flink meer dode kalveren met blauwtong worden gemeld. Er lijkt sprake van verticale transmissie, ofwel virusoverdracht van koe op kalf. Ook uit Duitsland komen dergelijke signalen. Tijdens de uitbraak in 2006-2008 was dit ook het geval.

Blauwtong kwam sneller dan verwacht

Tijdens de bijeenkomst in Oirschot blikte Vellema terug op de uitbraak in 2006. Hij gaf aan dat in 2004 al werd voorspeld dat blauwtong deze kant op zou komen, maar niet binnen een periode van 10 jaar. De deskundigen werden daarom toch verrast door een eerste melding op 14 augustus 2006 van een dierenarts uit Limburg. Pas toen na Wageningen Bioveterinary Research (WBVR, destijds CVI) in Lelystad ook het referentielab in het Engelse Pirbright op 17 augustus bevestigde dat het om blauwtong ging, was iedereen overtuigd. Belangrijke reden voor de snellere verspreiding was dat na 2003 bleek dat ook andere dragers dan de in Zuid-Europa en Afrika bekende knuttensoort Culicoides imicola het virus kunnen overbrengen.

Symptomen blauwtong

Blauwtong is een virusziekte die voorkomt bij herkauwers als koeien, geiten en schapen. De ziekte dankt haar naam aan een van de symptomen die het kan veroorzaken bij schapen: een blauwe tong. Symptomen bij runderen zijn onder meer:

  • aantal dagen acuut hoge koorts
  • bloedingen aan tandvlees
  • oogontsteking
  • pompende ademhaling
  • gevoelige klauwen
  • afname melkproductie van 20 tot wel 50%. Kan ongeveer een week aanhouden. Vooral hoogproductieve dieren zijn kwetsbaar.
  • kapotte neusspiegel en neusuitvloeiing

Na een uitbraak komen de meeste koeien er snel weer bovenop. Wel signaleren dierenartsen nadien de volgende problemen:

  • hogere kalversterfte. Ook meer zwakke kalveren met soms hersenafwijking en/of blind.
  • teruggelopen vruchtbaarheid. Met name pinken blijken na een besmetting moeilijk drachtig te krijgen. Een aantal pinken is om deze reden afgevoerd.

Bijzonder is dat nog steeds niet bekend is hoe het blauwtongvirus serotype 8 Nederland is binnengekomen. Er bestaan vermoedens, zoals aanvoer van paarden naar een internationaal paardenconcours in Aken, import van rozen uit gebieden ten zuiden van de Sahara of import via levende vaccins uit Zuid-Afrika, maar hard bewijs is er niet. De schade was in ieder geval groot. Voor 2007, het jaar waarin een groot deel van de Nederlandse veebedrijven werd getroffen, is deze door Wageningen UR geschat op tussen € 164 miljoen en € 175 miljoen. Niet voor niets besloot de overheid in 2008 een vaccinatieprogramma te subsidiëren. Uit een latere modelberekening bleek hiermee € 40,9 miljoen aan verdere schade te zijn voorkomen.

Meerdere vectoren

Bekend is dat de knutten actief in Frankrijk, België en Duitsland ook hier het virus kunnen overbrengen. De gemiddelde verspreidingssnelheid van de blauwtonguitbraak in 2006 in Noordwest-Europa lag op zo’n 15 kilometer per week. Naast verspreiding door te vliegen, kunnen knutten ook meeliften op luchtstromen. Op deze manier kunnen honderden kilometers worden afgelegd, over zowel land als zee.

België heeft na de vaststelling van het virus op een bedrijf in de provincie Luxemburg afgelopen maart heel het land tot beperkingsgebied verklaard. De kans dat het virus zich verspreidt naar Nederland, is toegenomen. Vellema verwacht dat ook Nederland na een uitbraak het hele land tot beperkingsgebied verklaart.

Dit jaar blauwtong in Nederland?

De vraag of en wanneer blauwtong naar Nederland komt, blijft moeilijk te beantwoorden. Ook viroloog Piet van Rijn van Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) durft daar geen harde uitspraken over te doen. Er zijn vele factoren van invloed. Een kleine aanpassing van het virus kan de situatie plotsklaps veranderen. Tegelijk is het zo dat het vanaf 2015 – toen het virus in Midden-Frankrijk werd ontdekt – een aantal jaar heeft geduurd voordat het ook België en Duitsland wist te bereiken.

Deskundigen zijn het erover eens dat het risico op verspreiding naar Nederland flink is toegenomen. Een uitbraak kort bij de Nederlandse grens hoeft trouwens niet te betekenen dat Nederland zijn blauwtongvrije status verliest. Zolang in Nederland geen geval wordt vastgesteld en de monitoring gunstig verloopt, houdt Nederland zijn vrije status.

Lees verder onder de foto.

Dierenarts Edo Offerhaus van Dierenartscombinatie Zutphen-Laren ent een koe van melkveehouder De Groot tegen blauwtong.
Dierenarts Edo Offerhaus van Dierenartscombinatie Zutphen-Laren ent een koe van melkveehouder De Groot tegen blauwtong.

Nieuw vaccin nog niet in productie

Als veehouders willen vaccineren, adviseert LTO dit zo snel mogelijk kenbaar te maken bij de eigen dierenarts. Zij moeten bij de farmaceuten aan de bel trekken voor de benodigde vaccins. Ondanks de signalen dat het virus zich wat heeft aangepast ten opzichte van de vorige uitbraak, wordt aan de werking van de huidig beschikbare vaccins niet getwijfeld. Duidelijk is dat het grootste deel van de Nederlandse veestapel momenteel niet meer beschermd is tegen blauwtong, al was enten in de afgelopen jaren wel toegestaan. Ook destijds met het virus besmette dieren zijn nog steeds beschermd, immuniteit is voor het leven, maar dat zullen er in de praktijk niet veel meer zijn.

Van Rijn werkte afgelopen jaren aan de ontwikkeling van een nieuwe generatie vaccins, en met succes. Het zogenoemde DISA-vaccin, dat hij ontwikkelde, biedt volgens hem vele voordelen. Een belangrijk voordeel is bijvoorbeeld dat het goed te onderscheiden valt van het veldvirus. Dieren zijn met een lage dosering al op 3 weken na 1 vaccinatie beschermd en knutten kunnen het vaccinvirus niet verspreiden. Op termijn kan het wellicht goedkoper worden geproduceerd dan de huidige vaccins.

Farmaceuten zijn vooralsnog terughoudend om dit soort nieuwe vaccins te registreren en in productie te nemen. Bij de ontwikkeling van het DISA-vaccin is, door genetische informatie te verwijderen, een eiwit uit het virus verwijderd. Deze werkwijze ligt binnen Europa gevoelig. De veiligheidsvoorschriften voor de productie van dergelijke vaccins zijn streng en gaan gepaard met hoge opstartkosten voor de verdere ontwikkeling en de registratie. Volgens Van Rijn reden voor farmaceuten om nog niet in te stappen. Voorlopig zijn veehouders die willen vaccineren dus nog aangewezen op bestaande vaccins.

Of registreer je om te kunnen reageren.