HSK400906_18

Fosfaatrechten en prijs fosfaatrechten

Lees in het dossier alles over de veelbesproken onderwerpen fosfaat, fosfaatreductie, derogatie en fosfaatrechten.

Terug naar dossier
Rundveehouderij

Achtergrond 1 reactie

Ruimte voor nieuw mestbeleid beperkt

Het mestbeleid moet op de schop. Alle opties staan open. De ruimte om fors te veranderen is te klein.

Het huidige mestbeleid is ondanks de roep om aanpassing wél effectief. Zo is de waterkwaliteit aanzienlijk verbeterd. In veel regio’s wordt de milieunorm van 50 milligram nitraat per liter in het bovenste grondwater gehaald.

Die norm hoort bij de Europese nitraatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water. Maar er zijn ook nog gebieden, met name in de zuidelijke zandregio, waar de normen niet overal worden gehaald.

Aanwending van groene weidemeststof. Deze geconcentreerde meststof met mineralen uit varkensmest mag worden gebruikt in plaats van kunstmest in het proefproject Kunstmestvrije Achterhoek - foto: Hans Prinsen.
Aanwending van groene weidemeststof. Deze geconcentreerde meststof met mineralen uit varkensmest mag worden gebruikt in plaats van kunstmest in het proefproject Kunstmestvrije Achterhoek - foto: Hans Prinsen.

Herbezinning mestbeleid

In december 2017 kondigde landbouwminister Carola Schouten een fundamentele herbezinning van het mestbeleid aan. Ze wil een serieuze poging doen om het mestbeleid eenvoudiger te maken.

Schouten is daarvoor in gesprek gegaan met boeren, landbouworganisaties, de watersector, milieubewegingen, overheidsinstellingen en wetenschappers. Ze wil naar een beleid dat stuurt op mestproductie en mestgebruik, minder administratiedruk en de fraude uitbannen.

De herbezinning op het mestbeleid is nu in volle gang. In december vorig jaar werd de aftrap gedaan met vertegenwoordigers vanuit alle partijen die betrokken zijn bij het mestbeleid.

Dat zijn veehouders en akkerbouwers, natuur- en milieuorganisaties, overheden, loonwerkers, mesthandelaren en controle-instanties. Voor Schouten zijn alle opties open, van aanpassen op onderdelen in het huidige beleid tot volledig nieuw beleid.

4 thema‘s

Op 4 regionale bijeenkomsten is gesproken over de 4 thema’s:

  • kringlooplandbouw
  • mestmarkt
  • bodem
  • technologie

De meningen bleken sterk verdeeld en volgen bekende opvattingen.

Op de sessie over kringlooplandbouw blijkt dat veel boeren graag de kringloop meer willen sluiten. Maar over de vraag op welke schaal dit het beste kan, verschillen de opvattingen sterk.

Agrariërs willen meer gebruik maken van dierlijke mest, om zo het kunstmestgebruik te verminderen. Het toestaan van meer dierlijke mest zou meteen de prikkel om te frauderen met mest verminderen. Vereenvoudiging van de regelgeving doet dit volgens de ondernemers ook, omdat volgens hen veel fouten bij de uitvoering worden aangemerkt als fraude.

Op bouwland met fosfaattoestand laag gaat in 2020 de fosfaatgebruiksnorm met 5 kilo omhoog, bij fosfaattoestand hoog wordt de norm 10 kilo lager - foto: Henk Riswick.
Op bouwland met fosfaattoestand laag gaat in 2020 de fosfaatgebruiksnorm met 5 kilo omhoog, bij fosfaattoestand hoog wordt de norm 10 kilo lager - foto: Henk Riswick.

Veel tegenstellingen

Tijdens de bijeenkomst over de mestmarkt blijkt dat boeren en ketenpartijen de omvang van de veestapel willen bewaren en kijken naar technische oplossingen. Anderen zoals milieuorganisaties zien krimp van de veestapel als een belangrijk of onmisbaar onderdeel van een beter nieuw mestbeleid.

Bij mestexport blijkt dezelfde tegenstelling. De een vindt mestexport prima als het naar gebieden gaat waar behoefte is aan mest, anderen redeneren dat mestexport alleen maar een symptoom is van te veel vee in Nederland. Dit zou haaks staan op de kringloopgedachte.

Half mei gaat het ministerie – zoals dat heet – ‘het net met ideeën ophalen’. In de zomer wordt dan duidelijk welke ideeën verder onderzocht worden.

Aanscherping fosfaatnorm en mogelijk generieke korting

Aanpassing van fosfaatklassen en -gebruiksnormen is onderdeel van het huidige zesde actieprogramma en wordt doorgevoerd in 2020. Ook komen dan de sectorplafonds voor de productie van stikstof en fosfaat in dierlijke mest van melkvee, varkens en pluimvee in de Meststoffenwet.

De sectorplafonds zijn net als het nationale plafond gebaseerd op de mestproductie in 2002. De aanpassingen staan in een wetsvoorstel dat dit jaar behandeld wordt in de Eerste en Tweede Kamer.

In september en oktober 2018 heeft het voorstel ter inzage gelegen, maar het is nog niet duidelijk wanneer de verdere behandeling is. De belangrijkste aanpassingen volgens het voorstel zijn:

  • invoering sectorplafonds voor stikstof en fosfaat van melkvee, varkens en pluimvee
  • mogelijkheid van een generieke korting als die sectorplafonds worden overschreden. De korting wordt doorgevoerd in het tweede jaar na het jaar van overschrijden, ook als er in het tussenliggende jaar geen overschrijding is
  • aanpassing in de fosfaatklassen van grond op basis van de fosfaattoestand. De huidige klasse neutraal wordt gesplitst in neutraal en ruim voldoende
  • aanpassingen fosfaatgebruiksnormen met onder meer een verlaging van de gebruiksnorm voor fosfaatklasse ‘hoog’. Die gaan op bouwland naar 40 kilo (was 50 kilo) fosfaat en op grasland naar 75 kilo (nu 80 kilo) fosfaat per jaar. In enkele andere klassen gaat de norm licht omhoog.

Zevende actieprogramma

Schouten wil de uitkomsten van de herbezinning van het mestbeleid doorvoeren in het zevende actieprogramma nitraatlichtlijn, dat in 2022 ingaat en tot en met 2025 duurt.

Mocht de herbezinning tot structureel ander mestbeleid leiden, dan is niet te verwachten dat dit ook al in 2022 gebeurt. Het duurt 1,5 tot 2 jaar voor zo’n wet in de beide Kamers is aangenomen. Een compleet nieuw mestbeleid in 2022 is dus sowieso niet haalbaar.

LNV heeft inmiddels in de communicatie de verwachtingen al wat afgezwakt. Schouten verwacht dit najaar de ‘contouren van een toekomstig mestbeleid’ te presenteren. Dat klinkt al heel wat minder concreet dan een ‘voorstel’.

Het ministerie zegt bovendien dat het doel niet is ‘veranderen om te veranderen’. LNV kijkt of er mogelijkheden zijn voor een ander stelsel waarmee de huidige knelpunten worden verbeterd.

In haar toekomstvisie heeft Schouten aangegeven naar kringlooplandbouw te willen en het gebruik van kunstmest terug te willen dringen - foto: Roel Dijkstra.
In haar toekomstvisie heeft Schouten aangegeven naar kringlooplandbouw te willen en het gebruik van kunstmest terug te willen dringen - foto: Roel Dijkstra.

Beperkte speelruimte

Hoewel de wens groot is om het mestbeleid compleet te veranderen, zijn de mogelijkheden hiervoor beperkt. De randvoorwaarden waaraan het beleid moet voldoen zijn strikt. “Maar dat wil niet zeggen dat er geen wijzigingen mogelijk zijn. Er kan bijvoorbeeld ook naar andere lidstaten worden gekeken.”

In de toekomstvisie heeft Schouten aangegeven naar kringlooplandbouw te willen en het gebruik van kunstmest terug te willen dringen. Dat zou meteen ook goed zijn voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen.

Tegelijkertijd is er in Brussel nog steeds geen goedkeuring voor het gebruik van mineralenconcentraat uit dierlijke mest bovenop de gebruiksnorm voor dierlijke mest. Die gebruiksnorm is standaard 170 kilo stikstof per hectare volgens de nitraatrichtlijn. Aan een stelsel van gebruiksnormen is dus niet te ontkomen.

Sleepvoetverbod en andere aanpassingen mestregels 2019

Het sleepvoetverbod op grasland op klei en veen is een van de wijzigingen in het mestbeleid die in 2019 zijn ingegaan. Alleen met verdunde mest mag het onder strikte voorwaarden nog toegepast worden.

Bemesten van gras op klei en veen mag ook met het zogenoemde pulse-tracksysteem (mest in kuiltjes). Andere maatregelen die per 1 januari 2019 zijn ingegaan, zijn onder meer:

  • lagere stikstofgebruiksnormen voor groenbemesters na uitspoelingsgevoelig gewas
  • uitrijperiode van drijfmest op bouwland is verschoven en is dit jaar van 16 februari tot en met 15 september
  • strengere eisen aan vanggewas na mais op zand en löss
  • vrijstelling scheuren grasland bij vraat en extreem weer vervalt
  • korting op stikstofgebruiksnorm bij scheuren grasland op zand en löss op derogatiebedrijven
  • diverse wijzigingen in de regels voor wegen en monsteren van mest
  • het vervoersbewijs dierlijke mest blijft verplicht, maar de gegevens kunnen sinds 1 april 2019 alleen nog digitaal ingestuurd worden

Fraudebestrijding

Met de wens om het stelsel eenvoudiger te maken, geeft dit meteen een beperking aan de beschikbare ruimte om maatwerk te leveren. Het huidige beleid is zeer gedetailleerd en ingewikkeld.

Dat is zo gegroeid vanuit de wens om maatwerk te leveren en om gaten in de wet dicht te stoppen. Bovendien is het verleidelijk om te frauderen met mest. Een robuust systeem moet deze fraudeprikkel verkleinen.

De Europese Commissie is kritisch op de aanpak van mestfraude in Nederland. Nederland moet snel maatregelen nemen. Die spelen dit jaar al een rol bij de verlenging van de derogatie voor 2020 tot en met 2021.

Veel speelruimte voor een ander en soepeler mestbeleid is er al met al niet. Mede omdat de Europese Commissie moet instemmen moet het nieuwe beleid. Dat die scherp meekijkt, blijkt ook uit de aanscherpingen die België en Duitsland moeten doen. Die aanscherpingen hebben daar recent voor veel onrust gezorgd.

Fosfaatrechten en aanpassingen in 2020

De invoering van het fosfaatrechtenstelsel naast dierrechten is onderdeel van het mestbeleid. Deze stelsels zullen de komende jaren nog niet opgegeven worden. Het ammoniakbeleid geeft ook niet veel speelruimte.

In het kader van Programma Aanpak Stikstof (PAS) zijn extra maatregelen opgelegd. Bedoeld om de ammoniakemissie te verminderen bij het uitrijden van mest en uit de opslag van mest in stallen.

Een veehouder rijdt mest uit op zijn land - foto: Ton Kastermans Fotografie.
Een veehouder rijdt mest uit op zijn land - foto: Ton Kastermans Fotografie.

Nieuwe aanpassingen staan op stapel voor 2020. Zoals de invoering van sectorplafonds in de wet en de mogelijkheid van een generieke korting op fosfaatrechten en dierrechten voor varkens en kippen. Ook worden de fosfaatklassen van grond en de fosfaatnormen volgend jaar aangepast.

Eerst verlenging derogatie

Al met al bieden de huidige regels en randvoorwaarden weinig ruimte voor verandering. Wijzigingen in het beleid zullen naar verwachting langzaam en geleidelijk gaan. De eerste kleine stappen zullen dan in 2022 merkbaar worden voor de boer.

Tijdens de verbouwing is de winkel gewoon open. De huidige derogatie loopt dit jaar af en LNV onderhandelt in Brussel over de verlenging hiervan met 2 jaar. Of dit lukt, hangt mede af van de aanpak van de mestfraude en of Nederland in 2018 onder de stikstof- en fosfaatplafonds blijft. Eind dit jaar wordt duidelijk of Brussel instemt met de verlenging.

Strenger mestbeleid in België en Duitsland

Zowel in België (Vlaanderen) als in Duitsland wordt dit jaar het mestbeleid aangescherpt. Dat leidde in beide landen tot protesten van boeren. In Vlaanderen ligt het nieuwe mestactieplan (MAP 6) in het Vlaamse parlement ter goedkeuring. Het wachten is op een advies van de Raad van State en dan is het spannend of het parlement het MAP nog goedkeurt voor de verkiezingen eind mei.

Inmiddels is een nieuwe derogatie voor Vlaanderen voor de periode 2019-2020 goedgekeurd door Brussel. Inwerkingtreding is afhankelijk van de goedkeuring van het MAP. De derogatie omvat ruim 94.000 hectare op een totaal landbouwareaal van circa 620.000 hectare in Vlaanderen. Het betreft graasdiermest en verwerkte mest met weinig fosfaat en stikstof.

De verhoogde norm is 250 kilo stikstof op grasland en mais met grasonderzaai en combinaties van mais en gras of snijrogge. 200 kilo stiktof mag op percelen met wintertarwe en triticale gevolgd door vanggewas en op suiker- en voederbieten.

Duitsland scherpte eind 2017 het mestbeleid aan, maar de EU heeft begin dit jaar aanvullende eisen gesteld. De aanscherpingen waren niet voldoende. De extra maatregelen omvatten scherpere eisen in de gebieden waar de grondwaternorm van 50 milligram nitraat per liter niet gehaald wordt.

In bepaalde situaties mag niet meer dan 80% van de gewasbehoefte bemest worden. Duitse boeren en hun organisaties vrezen de gevolgen van de aanscherpingen en hebben bovendien scherpe kritiek op de aanwijzing van de gebieden waar dergelijke scherpere eisen gaan gelden.

Medeauteur: Wim Esselink

Of registreer je om te kunnen reageren.