Rundveehouderij

Achtergrond 3 reactieslaatste update:23 apr 2019

Bottu is een a-typische Belgisch-Witblauwefokker

De Vlaamse fokker Tim Bottu fokt grote Belgisch Witblauwen en richt zich na een toevallige geboorte meer op natuurlijke geboortes.

Op het eerste gezicht lijkt het dat Tim Bottu zijn Belgisch-Witblauwekoeien inkruist met Holsteiners. Het stierkalf in het voorste strohok toont als een zeer luxe kruisling. Niets is minder waar bezweert de fokker: “Ik ben een a-typische fokker. Mijn koeien passen ook niet op prijskampen omdat ik streef naar grote, zware koeien. Terwijl de Belgische fokkerij zicht juist richt op steeds meer bevleesdheid en bredere dieren. Dat levert volgens mij toch geen extra geld op.”

Lees verder onder de foto.

Tim Bottu (34) houdt samen met zijn ouders op 2 locaties Belgisch Witblawe zoogkoeien. - Foto's: Twan Wiermans
Tim Bottu (34) houdt samen met zijn ouders op 2 locaties Belgisch Witblawe zoogkoeien. - Foto's: Twan Wiermans

Bedrijfsgegevens

300 Belgisch Witblauwen
120 kalvingen per jaar
80 hectare land
50 koeien per jaar naar mesterij

Natuurlijk afkalven

De voor België afwijkende fokdoelen zorgen ervoor dat een deel van Bottu’s koeien een dusdanige bekkenmaat heeft dat natuurlijk afkalven mogelijk is. In principe kalven zijn koeien wel met een keizersnede af. “We wachten wel met het bellen van de dierenarts tot een koe echt aan het kalven is, niet bij de eerste keer dat ze haar staart optilt”, vertelt hij.

Lees verder onder de foto.

Het bedrijf van Tim Bottu.
Het bedrijf van Tim Bottu.

Project van de Universiteit van Gent

Toen een aantal jaar geleden een koe tussen 2 controles zelf kalfde, wekte dat zijn interesse. In 2014 deed Bottu mee aan een project van de Universiteit van Gent waarbij de bekkenmaten van zijn koeien werden gemeten. De uitkomsten waren dusdanig positief dat hij daarna 2 keer iemand van het Nederlandse ‘Bewust Natuurlijk Luxe’-project liet komen. Inmiddels overweegt hij om zelf een meetapparaat aan te schaffen.

Lees verder onder de foto.

Bottu selecteert op moedereigenschappen. Zijn koeien hebben in tegenstelling tot veel andere BWB een goed uier.
Bottu selecteert op moedereigenschappen. Zijn koeien hebben in tegenstelling tot veel andere BWB een goed uier.

Ruime bekkens

Trots van de stal Daldina van het Lindenveld (v. Empire d’Ochain) kalfde twee keer via een keizersnede om vervolgens vijf keer natuurlijk te kalven. De koe werd gemeten op een binnenbekkenhoogte van 22,75 centimeter en 20 centimeter breedte. “Helaas vang ik alleen maar stiertjes van haar. Daarom heb ik haar nu gespoeld in de hoop er wat vaarzen van te krijgen. Het is gewoon een gigantisch mooie koe.”

Lees verder onder de foto.

Bandiet is de bedrijfstrots en weegt 1.500 kilo bij een stokmaat van 1,59 m. Van de 34 nakomelingen kalfde er al 2 natuurlijk, wat ook bij meer mogelijk moet zijn.
Bandiet is de bedrijfstrots en weegt 1.500 kilo bij een stokmaat van 1,59 m. Van de 34 nakomelingen kalfde er al 2 natuurlijk, wat ook bij meer mogelijk moet zijn.

Stier Bandiet

Bottu laat een spreadsheet zien met bekkenmaten van zijn veestapel. Een vaars met een smal bekken zegt volgens Bottu nog niks. “Als je naar deze cijfers kijkt, dan zie je dat ze er echt in groeien”, wijst hij op het laptopscherm.

Het meest trots is de fokker wel op zijn eigen gefokte stier Bandiet (v. Jalon de Martinpre). Het bekken van deze kolos van 1.500 kilo met een stokmaat van 1,59 centimeter mat op 4-jarige leeftijd 19 bij 15,5 centimeter en als 6-jarige 20 op 17 centimeter. “Van deze stier lopen nu 34 vrouwelijke nakomelingen waarvan 2 natuurlijk gekalfd hebben. Toen Bandiet begon te dekken, lette ik nog niet zo op de bekkenmaten, maar nu blijken de nakomelingen opvallend ruim te zijn.”

Niet alleen bekkenmaten maar ook de drachtduur en het geboortegewicht van het kalf zijn van belang. De flink uitgegroeide vaarzen laten zien dat zijn fokbeleid ertoe leidt dat de lichtere kalveren door kunnen groeien naar een goede maat volwassen dier mét goede bevleesdheid.

Lees verder onder de foto.

Koe 1468 is natuurlijk geboren en kalft ook natuurlijk af. Het stierkalf gaat later dit jaar naar de KI als gebruikskruisingstier.
Koe 1468 is natuurlijk geboren en kalft ook natuurlijk af. Het stierkalf gaat later dit jaar naar de KI als gebruikskruisingstier.

Door met natuurlijk kalven

In België is de keizersnede geen issue, onder fokkers al helemaal niet, maar ook politiek is er weinig commentaar. Toch denkt Bottu dat hij zich verder op het natuurlijk afkalven gaat richten. “Alleen is het de grote vraag of het het wachten waard is. Want wat is de meerwaarde van natuurlijk kalven? Alleen de prijs van een keizersnede? Dan is het de gok niet waard. Maar krijgen ze er een hogere fokwaarde door, dan wordt het interessant. Uit bewezen bloedlijnen zijn natuurlijk kalvende dieren wel te verkopen maar ook weer niet veel”, overdenkt hij. Toch ziet de fokker de buitenlandse aandacht voor natuurlijk kalven als een goede ontwikkeling. In Nederland, Denemarken en het Verenigd Koninkrijk wordt goed fokvee met ruime bekkens al beter gewaardeerd.

Vrijwel elke koe brengt haar kalf zelf groot

Selectie op moedereigenschappen

Niet alleen het kalven maar ook de moedereigenschappen zijn een fokdoel waarmee Bottu ver buiten de Belgische lijntjes kleurt. Veel Belgische Witblauw-fokkers voeren de kalveren kunstmelk omdat de koeien te weinig melk geven. Door de inzet op bevleesdheid en vleeskwaliteit is de melkgift sterk verminderd. “Er hangt nauwelijks uier onder, alleen een paar bovenmaatse spenen”, stelt hij en wijst op een koe. Deze heeft een mooi gevuld uier. De veehouder melkt de koeien na de geboorte direct om een kalf zoveel biest te kunnen geven als ze op kunnen zonder te forceren. Daarna pakken 9 van de 10 kalveren het drinken zelf goed op. Hooguit dat we ze een keer helpen het uier te vinden en dat we zeker weten dat ze ook drinken. Vrijwel elke koe brengt haar kalf zelf groot. Zoogt een vaars slecht, dan gaat ze er na het spenen uit.”

Lees verder onder de foto.

Zo ziet Bottu zijn stieren graag: veel karkas waar met gericht voeren uiteindelijk voldoende kilo's aan kunnen groeien.
Zo ziet Bottu zijn stieren graag: veel karkas waar met gericht voeren uiteindelijk voldoende kilo's aan kunnen groeien.

Mager in de verkoop

Ondanks dat Bottu afwijkende fokkerij-ideeën heeft, verkoopt hij jaarlijks stieren en vaarzen voor de fokkerij. Zowel in België als daarbuiten. Negen van de tien verkochte stieren gaan naar vaste afnemers. Dit jaar vonden al tien stieren een nieuwe eigenaar waar ze dit jaar in de dekkerij komen.

Opvallend aan de gehele veestapel is dat de dieren geen gram te veel wegen. Bottu voert bewust alleen gras en mais: “Ze groeien toch wel. Ik verkoop ze mager en met krachtvoer krijgt een afmester ze in drie maanden slachtrijp.” Jaarlijks verkoopt hij rond de 50 koeien voor de mesterij. “Met de huidige prijzen geen vetpot, ze leveren me € 1.300 per maand minder op dan een paar jaar geleden. Zelf mesten kan niet uit. Het gaat gewoon niet goed met onze vleessector.”

Laatste reacties

  • mooi ingestrooid voor de foto,dieren zijn erg vervuild door mest,slechte zaak

  • braak1955

    Janbraak
    Als je wilt reageren zet er dan wel jouw naam erbij. Zeikerd.

  • boerke brabant

    maar hij heeft wel een punt...

Of registreer je om te kunnen reageren.