Rundveehouderij

Achtergrond 2 reacties

Dit jaar geen kampioen voor Knetemann

Vleesveehouder Marnix Knetemann is vaste deelnemer aan de Nationale Vleesvee Manifestatie. Mede door zijn economische kijk op fokkerij zit een kampioen niet direct in het verschiet.

De twee vaarskalveren zijn al geschoren, de twee andere dieren krijgen deze week hun was- en scheerbeurt voor de Nationale Vleesvee Manifestatie aanstaande zaterdag in Zwolle. De vier dieren die Marnix Knetemann uit Wijdewormer meeneemt, zijn stuk voor stuk mooi ontwikkelde Verbeterd Roodbonten.

Marnix Knetemann heeft een zoogkoeienbedrijf met paardenfokkerij en -pensionstal in Wijdewormer (N.-H.). - Foto's: Henk Riswick
Marnix Knetemann heeft een zoogkoeienbedrijf met paardenfokkerij en -pensionstal in Wijdewormer (N.-H.). - Foto's: Henk Riswick

Geen kampioenslint

Toch is de Noord-Hollandse fokker nuchter: “Ik kom niet met een kampioenslint naar huis. Die stier van ons is een beste, maar gaat het niet redden bij van die van Theo Veerman. Da’s echt een heel imponerende.” Asterix Fan de Schermer Dyke (v. Lautinus van de Jacobushoeve uit een Tom van het Veerhuis-moeder met een karkasgewicht van 596 kilo) staat er duidelijk in zijn werkpak, niks te mager maar ook duidelijk niet extra gevoerd. Toch heeft hij al een goede, brede en vlakke rug waar het karakteristieke gootje op de rugwervel al duidelijk aanwezig is.

Asterix toont nu al een brede rug met het gootje. De stier groeide in het jaar op stal van 475 naar krap 900 kilo.
Asterix toont nu al een brede rug met het gootje. De stier groeide in het jaar op stal van 475 naar krap 900 kilo.

Fokmateriaal voor de toekomst

De drie vaarskalveren vormen met een stierkalf bij Aalt van de Bunt een afstammelingengroep van Knedo Xinderella (v. Gigant van Vredenburg). Knetemann verkocht de koe aan Van de Bunt voor de mest, maar wilde daarvoor nog een aantal embryo’s hebben: “De laatste jaren heb ik een aantal oude bloedlijnen gespoeld. Uiteindelijk kwamen er twee bruikbare vrouwelijke nakomelingen uit, waarvan de een goed was en bij nummer twee wel wat opmerkingen zijn. Van die eerste hebben we nu weer fokmateriaal voor de toekomst.” De vaarskalveren gaan ook in de stier-afstammelingengroep van Van de Bunt mee. Zo snijdt het mes aan twee kanten.

De vaarskalveren uit de embryo's van Knedo's Xinderella van juni en september tonen nu al een mooie lengte.
De vaarskalveren uit de embryo's van Knedo's Xinderella van juni en september tonen nu al een mooie lengte.

Economisch plaatje voorop

Knetemann hoopt wel een beetje op een goede plaatsing bij de rubriek ‘slachttypisch dier’. Want daar gaat het volgens hem uiteindelijk over de functionaliteit en niet alleen de mooiheid en de bespiering. Daarom hoopt hij dat deze prijs ook naar een koe en stier uit een kampioensrubriek gaat. Dan klopt het fokdoel zoals het stamboek dat nastreeft ook met wat de eindafnemer, de slager, graag ziet. De koeien gaan op een gewicht van 500 tot 600 kilo naar de slagers in de buurt. De meeste gaan echter mager weg naar Van de Bunt, die ze afmest en vervolgens afzet naar onder andere Herman ter Weele. De opbrengstprijs ligt rond de € 5 per kilo.

De rode Belgisch WItblauwe Leonardus moet voor meer lengte bij de wat kleinere koeien gaan zorgen.
De rode Belgisch WItblauwe Leonardus moet voor meer lengte bij de wat kleinere koeien gaan zorgen.

Een maatje meer

In de fokkerij zoekt Marnix naar dat maatje meer: “Aan een centimeter meer lengte kan 10 kilo vlees extra.” De afgelopen jaar naar het buitenland verkochte stier Us Heit was daar een goed voorbeeld van. Veel hoogte en lengte wat hij naliet aan zijn nakomelingen. Ze zijn volgens de fokker ook 100 kilo zwaarder dan leeftijdsgenoten van andere stieren. Een stiertje van juli 2018 staat naast een half jaar oudere soortgenoot, maar is vrijwel net zo groot. Over de verkoop van Us Heit is Knetemann duidelijk: “Er is een zeer goede prijs betaald, maar daarvan gingen de kosten voor transport, bloedtappen en alles nog af. Toch bracht hij meer op dan wanneer hij in Nederland bleef.”

Experimenteren met huisverkoop

Omdat er uit de omgeving, en na zijn deelname aan Boer zoekt Vrouw ook van verder weg, vraag is experimenteert Knetemann nu met huisverkoop. Dit zou een mooie tweede tak naast de koeienfokkerij kunnen opleveren. “Het is net of nu alle puzzelstukjes bij elkaar komen voor het bedrijf. Mijn zus werkt in de zorg en zij en haar echtgenoot doen aan crossfit-trainingen. Dat zijn mensen die bewuster met eten bezig zijn en rechtstreeks bij de boer willen kopen. Daar zit zeker potentie in”, grijnst hij.

Doordat er in het verleden veel gekruisd is zijn veel zuivere Roodbonten nu te wit om mee naar een keuring te kunnen.
Doordat er in het verleden veel gekruisd is zijn veel zuivere Roodbonten nu te wit om mee naar een keuring te kunnen.

Weinig raszuivere dieren

De kleine keuringscollectie heeft er ook mee te maken dat de raszuivere Verbeterd Roodbonte-populatie klein is. Omdat zijn opa en vader vroeger experimenteerden met inkruisen van Blonde d’Aquitaines en Charolais op Verbeterd Roodbonten en Belgische Witblauwen, lopen er nog altijd kruislingen rond. Marnix zelf heeft nu een aantal dieren met minstens 12,5% Belgisch Witblauw lopen, plus een tweetal zuivere Belgisch Witblauwe fokstieren. Roodbonten, dat dan weer wel. De rode Belgisch Witblauwe stier Leonardus is met zijn 2 jaar gigantisch. Een zwaar bespierd lang dier. Zo’n stier fokt als het goed is bij wat kleinere koeien meer lengte in.

Knetemann probeert elk dier in de afstammelingenregistratie te krijgen om zo gerichter te kunnen fokken met de nauwe Verbeter Roodbont-bloedlijnen.
Knetemann probeert elk dier in de afstammelingenregistratie te krijgen om zo gerichter te kunnen fokken met de nauwe Verbeter Roodbont-bloedlijnen.

Afstammelingenregistratie

Ondanks dat de meeste dieren niet raszuiver zijn, probeert Knetemann al zijn dieren wel in de afstammelingenregistratie te krijgen: “Zo kun je altijd wat nafok van een koe of stier laten zien en het maakt het selecteren wel een stuk makkelijker want de bloedlijnen bij Roodbont zijn wel nauw.” Een aantal goed ontwikkelde jonge koeien zou niet misstaan in de keuringsring, toch mogen ze niet mee. “Te veel wit. Voor Verbeterd Roodbont zien ze graag grote rode platen in plaats van die kleine vlekjes zoals die pink daar”, wijst hij. Aan de andere kant staat wel een mooie dieprode koe, Leijenhorst 173 uit een Tom van het Veerhuis dus 100% Verbeterd Roodbont. “Mooi dier, maar het karakter is minder. Dus die gaat voor de mesterij.”

Laatste reacties

Of registreer je om te kunnen reageren.