Rundveehouderij

Achtergrond 3 reacties

Meer gras met verdunde drijfmest

Uitrijden van met water verdunde drijfmest verlaagt de ammoniakemissie en levert meer gras op. Het is wel oppassen of de extra kosten gedekt worden.

Het uitrijden van verdunde mest met een sleepvoetbemester op veen- en kleigrond vermindert de ammoniakemissie met 21 tot 50%, afhankelijk van de verdunning. Bij een verdunning van 1 deel mest op 0,5 deel water is de gemiddelde reductie 45%, blijkt uit Wagenings onderzoek.

Ook zorgt verdunde mest bij aanwenden in de zomer voor een duidelijk verbeterde grasopbrengst en stikstofbenutting in de snede na aanwenden. De vraag is hoe veehouders deze voordelen kostenefficiënt kunnen benutten, want het transporteren van water brengt extra kosten met zich mee.

Lees verder onder de foto.

Tijdens de bemesting water toevoegen, is een optie om mest te verdunnen. De meest goedkope methode is aanwending van verdunde mest met sleepslangen in combinatie met een sleepvoet- of zodenbemester. - Foto: Jan Willem van Vliet
Tijdens de bemesting water toevoegen, is een optie om mest te verdunnen. De meest goedkope methode is aanwending van verdunde mest met sleepslangen in combinatie met een sleepvoet- of zodenbemester. - Foto: Jan Willem van Vliet

Verlagen ammoniakemissie

“Er is veel onderzoek gedaan naar mest verdunnen met water en het effect hiervan op de ammoniakemissie bij uitrijden met een sleepvoetbemester”, zegt Herman van Schooten van Wageningen University & Research (WUR). Bij verdunnen van mest daalt de ammoniakemissie fors, blijkt uit resultaten van proeven in 2013 tot en met 2017. Hoe meer water erbij, hoe groter de emissiereductie.

Minder ammoniakemissie zorgt voor meer ammoniakstikstof in de bodem, waardoor gras meer stikstof kan opnemen en dat kan leiden tot grotere grasopbrengsten en meer eiwit in het gras. De emissiebeperking is te danken aan een lagere NH3-concentratie in de verdunde mest en omdat verdunde mest sneller infiltreert in de bodem. Hiermee gaat de stikstofrecovery van de mest omhoog ofwel er wordt meer van de stikstof die met dierlijke mest is aangewend, geoogst met het gras.

Hogere N-benutting en meer gras

“Veel veehouders verdunnen hun drijfmest met water en geven aan dat hiermee de grasopbrengst toeneemt. De wetenschappelijke onderbouwing bij toepassing met een zodebemester ontbreekt nog, want er is weinig onderzoek gedaan naar effecten van verdunde mest op stikstofbenutting van gras en grasopbrengst”, zegt Van Schooten. In juni 2014 is een oriënterend onderzoek uitgevoerd met een zodebemester op grasland. Na de tweede snede is eenmalig mest aangewend in 2 verschillende verdunningen. Dat gaf 7 tot 12% meer grasopbrengst bij 1 deel mest op 0,5 deel water en 20 tot 25% meer bij 1 deel mest op 1 deel water in vergelijking met onverdunde mest.

Lees verder onder de tabel.

 

1) In de tabel staan de cumulatieve ammoniakemissies op verschillende proefvelden op klei en veen over de gemeten periode na uitrijden van mest als % van de opgebrachte ammoniakstikstof NH4-N bij onverdund en verdunningen.

In 2016 is dit onderzoek voortgezet in een jaarrondproef met de sleepvoetbemester op veen- en kleigrond. Alleen in de hoogste verdunning (1 deel mest op 1 deel water) op kleigrond nam de opbrengst met 10% toe. “Bij verdunde mest is de gemeten extra stikstofopname door het gras groter in vergelijking met onverdunde mest en neemt toe bij verdere verdunning”, zegt Van Schooten. Op basis van beide onderzoeken lijkt het voor verbetering van de grasopbrengst alleen interessant om verdunde mest aan te wenden onder droge weers- en bodemomstandigheden.

Verbeter N-benutting gras

  • Rijd drijfmest uit bij donker of liefst regenachtig weer.
  • Voeg water toe aan de drijfmest en rijd drijfmest zelf uit.
  • Werk met een sleepslang, waardoor mest verdunnen met water minder duur is.<
  • Mix de drijfmest (en toegevoegd water) goed.
  • Gebruik een mesttoevoegmiddel om stikstof te binden.
  • Scheid de mest en rijd de dunne fractie uit.

Mest met extra water

Gras kan stikstof in mest beter benutten bij verdunde mest, omdat dan de ammoniakemissie kleiner is en er meer stikstof in de bodem achterblijft. Met verdunde mest is een efficiëntere graslandbemesting mogelijk. Maar welke methodes zijn rendabel om verdunning te realiseren? Het meest goedkoop is om voorafgaand aan regen en bij donker weer mest uit te rijden. Dan droogt de mest minder snel in en het regenwater verdunt de mest, waardoor het beter in de bodem trekt zonder koekvorming in de sleuven.

Regenwater is erg effectief voor een betere stikstofbenutting van grasland door verdunning van de opgebrachte mest. Een andere methode is mest inregenen door na het mestrijden met de giertank water over het bemeste perceel te brengen of om het perceel te beregenen. “Deze methodes zijn erg bewerkelijk en duur en worden bijna niet meer toegepast. De meeste veehouders brengen extra water in de mestput, mixen het met de mest en verdunnen op die manier de mest”, vertelt Van Schooten.

‘Verdunde drijfmest verhoogt RE-gehalte gras’

Maatschap Dekker gebruikt sinds 4 jaar verdunde drijfmest voor de bemesting van het grasland. De grasopbrengst is groot en het eiwitgehalte neemt toe.

Maatschap Johan (55) en Carla Dekker (51) in Zeewolde (Fl.) houdt 185 melkkoeien en 80 stuks jongvee. - Foto: Ton Kastermans
Maatschap Johan (55) en Carla Dekker (51) in Zeewolde (Fl.) houdt 185 melkkoeien en 80 stuks jongvee. - Foto: Ton Kastermans

Bedrijfsgegevens

  • 185 melkkoeien
  • 80 stuks jongvee
  • 8.600 kilo melk per koe
  • 4,60% vet
  • 3,50% eiwit

Johan Dekker haalt in normale ruwvoerjaren gemiddeld 17 ton droge stof van een hectare grasland. Hij doet als Koeien&Kansen-deelnemer mee aan het BES-proefproject, waarin wordt gestreefd naar fosfaatevenwichtsbemesting met dierlijke mest. “We kunnen de fosfaatonttrekking op grasland onvoldoende afdekken met de bemestingsnormen binnen de huidige derogatie”, zegt Dekker, die daarom een ontheffing heeft voor extra plaatsingsruimte voor dierlijke mest om toch een fosfaatevenwichtsbemesting te realiseren. Hij heeft daarvoor wel 55 kilo kunstmest per hectare moeten inleveren.

Om efficiënter te bemesten, begon Dekker 4 jaar geleden met aanwending van verdunde drijfmest op zijn grasland. “Dat verlaagt de ammoniakemissie en het verhoogt de stikstofefficiëntie.” De loonwerker gebruikt een sleepslang met mestinjecteur. “We pompen water bij de mest, dat deels uit spoelwater bestaat, en werken toe naar een water-mestverhouding van 50:50. Door de beperkte capaciteit van de pomp komt er nu circa 30% water bij de mest.” Het effect van een efficiëntere N-bemesting is een oplopend RE-gehalte van de graskuilen in de laatste 4 jaar.

“In de polder zie je in het algemeen door grotere grasopbrengsten lagere gehaltes in graskuilen. Wij zien nu in het voorjaar een RE van 170, in de zomer 150 en in de najaarskuilen een RE-gehalte van 200. Dat is hoger dan 4 jaar geleden. De grasopbrengst is redelijk stabiel. In droge zomers, zoals afgelopen jaar, zorgt meer water toevoegen aan drijfmest waarschijnlijk ook voor extra opbrengst.” In de toekomst overweegt Dekker om erfwater op te vangen en een grotere wateropslagcapaciteit te realiseren, waardoor hij dat water kan gebruiken om drijfmest nog verder te verdunnen. “Daardoor daalt de ammoniakemissie bij mest uitrijden nog verder en stijgt de N-benutting van de mest door het gras. Ik speel daarmee ook in op toekomstige wetgeving om de kwaliteit van het oppervlaktewater te borgen, waarbij melkveehouders het erfwater moeten opvangen.”

Zelf de verdunde mest uitrijden, is goedkoper dan dit in loonwerk laten doen, vanwege het transport van het water. Daarnaast scheidt een groot aantal veehouders de mest in dikke en dunne fractie, waarbij ze de dikke fractie als boxstrooisel toepassen. De dunne fractie infiltreert sneller wat emissiewinst oplevert, maar een hogere NH3-concentratie geeft netto mogelijk meer emissie.

Tijdens de bemesting water toevoegen, is ook een optie. De meest toegepaste en goedkoopste methode is aanwenden van verdunde mest in combinatie met sleepslangen. Op veen- en kleigrond gebeurt dat vaak samen met een sleepvoetbemester, maar een combinatie met een zodenbemester is ook mogelijk. Hierbij is verdunning met water gangbaar om het verpompen van de mest mogelijk te maken.

Al sinds oktober 2012 dreigt er een verbod op gebruik van de sleepvoetbemester op klei- en veengrond. Die zou vanaf 1 januari 2019 ingaan, maar op 19 december 2018 werd bekend dat dit verbod wordt uitgesteld naar 1 januari 2021.

De Green Duo verspreidt in 1 werkgang mest en water. Het verlaagt de ammoniakemissie, maar het systeem is duur door transport van te veel water. - Foto: Mark Pasveer
De Green Duo verspreidt in 1 werkgang mest en water. Het verlaagt de ammoniakemissie, maar het systeem is duur door transport van te veel water. - Foto: Mark Pasveer

2 andere systemen die zijn ontwikkeld om water toe te voegen tijdens mest uitrijden zijn de Green Duo en de Triplespray. Voor toepassing door veehouders zijn ze te duur door transport van het vele water.

Sleepvoet alleen nog met verdunde mest

De sleepvoetbemester mag vanaf 1 januari 2019 alleen nog gebruikt worden als de mest is verdund met water. Dat blijkt uit een brief van 19 december 2018 van Carola Schouten aan de Tweede Kamer. “Dat is goed nieuws voor circa 300 loonwerkers met een sleepslangcombinatie”, stelt Cumela. Op zand- en lössgrond geldt al sinds 2010 een sleepvoetverbod door aangescherpte regelgeving voor uitrijden van drijfmest vanwege Programma Aanpak Stikstof (PAS). Aanwending van drijfmest op de grond leidt namelijk tot een te hoge ammoniakemissie. Dat geldt niet voor verdunde drijfmest die met een sleepvoetbemester in strookjes van 5 centimeter breed tussen het gras op de grond is gebracht. Hiermee neemt de ammoniakemissie voldoende af. De sleepvoetbemester op klei- en veengrond is tot 1 januari 2021 toegestaan, mits de drijfmest minimaal voor 33% is verdund met water. In 2019 en 2020 moet de boer, bij controle, aannemelijk maken dat hij bij aanwending van drijfmest een verdunning van minimaal 1 deel water op 2 delen mest toepast.

Het sleepvoetverbod is weer uitgesteld omdat alternatieve technieken ontbreken. Op dit moment wordt geen technische borging van de verdunning geëist, want dit hangt samen met de Versterkte Handhavingsstrategie Mest. De minister streeft hierin naar verplichte installatie van digitale apparatuur voor verantwoording en monitoring op alle mestaanwendapparatuur per 1 januari 2021. De minister stelt in 2019 de eisen op voor de technische borging. Daarna kunnen mechanisatiebedrijven borgingssystemen ontwikkelen om per 1 januari 2021 te voldoen aan de eisen.

Laatste reacties

  • farmerbn

    Gewoon zelf de drijfmest uitrijden met de ketsplaat tijdens een regenbui of regendag.


  • Dirk
    Ri-di-cuul, om boeren op, zo,n belachelijke manier te belasten met nog meer verplichtingen ,t,zijn straks alleen de loonwerkers die de goedgekeurde systemen kunnen betalen en de boer mag op de weiland dam met de portemonne in de hand toekijken ,Hoe een ander zijn werk doet

  • Alco

    Dat is het allerbeste farmerbn.

Of registreer je om te kunnen reageren.