Rundveehouderij

Achtergrond 25 reacties

‘Afvoer fosfor via melk onderschat’

In de fosfaatexcretie moeten voerverliezen en fosforuitscheiding via melk nader beschouwd worden. Via melk is de fosforafvoer hoger dan waar nu mee gerekend wordt, ziet Jan Dijkstra, universitair hoofddocent rundveevoeding van Wageningen University & Research.

Een koe die 8.000 kilo melk per jaar geeft, heeft in Nederland een fosfaatexcretie van 40,6 kilo per jaar, maar in Vlaanderen is dat 36,0 kilo per jaar. Hoe kan dat? Jan Dijkstra, universitair hoofddocent rundveevoeding van Wageningen University & Research vroeg zich dat ook af en bestudeerde openbare rapporten en vulde deze waar nodig aan met eigen ‘expert opinion’.

Lees verder onder de foto.

Jan Dijkstra (54) is universitair hoofddocent rundveevoeding, verbonden aan Wageningen University & Research. Hij zet vraagtekens bij de juistheid van enkele onderdelen in de huidige berekeningen die leiden tot de nu vastgestelde fosfaatexcretie van melkkoeien. - Foto: Koos Groenewold
Jan Dijkstra (54) is universitair hoofddocent rundveevoeding, verbonden aan Wageningen University & Research. Hij zet vraagtekens bij de juistheid van enkele onderdelen in de huidige berekeningen die leiden tot de nu vastgestelde fosfaatexcretie van melkkoeien. - Foto: Koos Groenewold

Wat bent u tegengekomen?

“In Vlaanderen zijn de huidige fosfaatnormen vastgesteld in 2007 en gebaseerd op representatieve rantsoenen uit 2006. De huidige Nederlandse normen zijn vastgesteld in 2014 en gebaseerd op het gemiddelde van rantsoenen in de jaren 2010, 2011 en 2012. In beide landen zijn tabellen beschikbaar met de fosfaatexcretie bij verschillende melkproductieniveaus. In deze tabellen zijn de verschillen in excretie bij 8.000 kilo melk per koe per jaar makkelijk te zien.”

Is de berekeningssystematiek wel gelijk?

“Ja, beide landen berekenen excretie uit het verschil tussen opname via voer, minus vastlegging in dierlijk product. Om de voeropname van een gemiddelde koe te berekenen, gebruikt zowel Vlaanderen als Nederland het VEM- en DVE-systeem. En beide landen bepalen met dezelfde rekenregel de behoefte aan VEM en DVE, en berekenen zo de voeropname, via een gemiddeld rantsoen met daarin een bepaald gehalte aan VEM en DVE per kilo droge stof. De fosforopname uit voer is dan de voeropname maal het fosforgehalte in voer. Van deze fosforopname wordt de fosfor die in de melk komt, en die nodig is voor kalf en ‘jeugdgroei’ ofwel de gewichtstoename van vaars naar volwassen koe, afgetrokken. Het verschil is de fosfaatexcretie. Al met al een identieke benadering dus.”

Een hogere DVE-opname gaat gepaard met een hogere fosforopname met voer

Er wordt door sommigen verwezen naar verschillen in de voeding?

“Ik lees ook in diverse reacties dat het grotere aandeel snijmais in rantsoen in Vlaanderen vergeleken met Nederland wellicht oorzaak is van lagere fosfaatexcretie bij een Vlaamse koe. Snijmais heeft ruwweg de helft minder fosfor per kilo droge stof dan gras of graskuil. Het klopt dat een gemiddeld rantsoen in Vlaanderen meer snijmais bevat. En het Vlaamse rantsoen bevat meer perspulp, met daarin slechts 1 gram fosfor per kilo droge stof. Verder neemt Vlaanderen aan dat er evenveel fosfor in vers gras zit als in graskuil. Nederland gaat uit van een ruwweg 5% hoger fosforgehalte in gras dan in graskuil. Toch verschilt het fosforgehalte van het totale normrantsoen weinig, vooral omdat het krachtvoer in Vlaanderen gemiddeld wat meer fosfor bevat. Dit hogere gehalte compenseert het lagere eiwit- en DVE-gehalte van snijmais. Vaak zijn eiwitrijke ingrediënten in krachtvoer ook hoog in fosfor. Uiteindelijk lijken de gemiddelde normrantsoenen weinig te verschillen in fosforgehalte.”

Lees verder onder de foto.

Foto: Herbert Wiggerman
Foto: Herbert Wiggerman

U bent ook verschillen in voerverliezen tegengekomen?

“Omdat koeien nooit helemaal perfect op de norm gevoerd kunnen worden, is er een soort van ‘veiligheidsmarge’. Nederland gaat uit van een behoefte aan VEM die 2% hoger is dan de norm. In Vlaanderen gaat men uit van een behoefte aan DVE van 5% boven de norm. Praktisch betekent dit, bij gemiddelde rantsoenen in beide landen, een licht hogere voeropname in Vlaanderen. Maar van duidelijk groter belang is hoe wordt omgegaan met voerverliezen. Nederland rekent met 2% voerverliezen voor krachtvoer tot 5% voor geconserveerd ruwvoer; in Vlaanderen in het geheel niet. Aangenomen wordt dat alle fosfor in deze voerverliezen in de mest terechtkomt, en dus is dit onderdeel van de fosfaatexcretie. Ofwel: de voeropname in Nederlandse rekenregels is, inclusief voerresten, gemiddeld 3 tot 4% hoger dan in Vlaanderen. Dat maakt ook de fosfaatexcretie een stuk hoger.”

Waaruit ontstaat het verschil in excretie nog meer?

“De melkgift is de belangrijkste factor die bepaalt hoeveel voer de koe nodig heeft. Hoe hoger de vet- en eiwitgehalten, hoe meer voer er nodig is. De Vlaamse normkoe heeft 4,20% vet en 3,30% eiwit. De Nederlandse normkoe heeft hogere gehalten: 4,41% vet en 3,52% eiwit. De behoefte aan VEM en DVE is daarom (bij 8.000 kilo melk/jaar) ongeveer 2% en 7% hoger voor een Nederlandse koe. Ik gaf al aan dat een hogere DVE-opname gepaard gaat met een hogere fosforopname met voer. Samen met de voerverliezen betekent dit een kleine 10% hogere fosforopname van de Nederlandse normkoe, en zo in potentie ook een stuk hogere fosfaatuitscheiding mest.”

Met hogere gehalten scheidt de koe ook meer fosfor uit via melk?

“De belangrijkste vastlegging van fosfor door een koe, en wat dus niet in de mest komt, gaat via melk. Vlaanderen rekent met 1,00 g/kilo melk; Nederland met 0,97 g/kilo melk. Consequentie daarvan is een geringere fosfaatuitscheiding in mest van een Vlaamse koe. In eigen WUR-onderzoek van circa 5 jaar geleden toonden we al aan dat het fosforgehalte in melk hoger is als het eiwitgehalte hoger is. Bij het gerealiseerde melkeiwitgehalte van 3.52% in Nederland is het werkelijke fosforgehalte van melk boven 1 g/kilo melk. Dus zou het fosforgehalte van melk in Nederland hoger zijn dan dat van Vlaanderen, maar in de berekeningen is het juist omgekeerd. Met als gevolg dat de fosfaatuitscheiding in mest ook hoger is in Nederland.”

Conclusies verschil excretie Nederland en Vlaanderen:

  • Er is geen verschil in basale methode om excretie te berekenen tussen beide landen;
  • Fosforgehalte normrantsoenen in beide landen verschilt niet of nauwelijks;
  • Nederland rekent met voerverliezen, Vlaanderen niet;
  • Hogere voeropname in Nederland door hogere gehalten vet en eiwit in melk;
  • Lager fosforgehalte melk in Nederland is niet correct;
  • Normen gebaseerd op meer recente normkoeien verlagen fosfaatexcretie in Vlaanderen, maar nauwelijks in Nederland.

Vraagt dit niet om actualisatie van de excreties?

“In 2018 heeft Ilvo de referentiesituatie opnieuw bekeken en representatieve rantsoenen voor Vlaanderen anno 2017 vastgesteld. Belangrijkste verschillen met de huidige Vlaamse normrantsoenen, uit 2006, zijn een groter aandeel ‘winterrantsoen’ en een lager fosforgehalte van krachtvoer. Voor een normkoe van 8.000 kilo melk per jaar heeft de ‘2017-koe’ een fosfaatexcretie van 33,5 kilo/jaar. Dat is 7% minder dan de huidige forfaitaire excretie. Het is nog niet bekend of de Vlaamse overheid deze lagere excretie in de nabije toekomst overneemt in de forfaits.”

Nederland rekent met te lage fosforuitscheiding via melk. Dat zou moeten wijzigen

En in Nederland?

“Nederland baseert de fosfaatexcretie op de jaren 2010, 2011 en 2012, berekend en gerapporteerd door het CBS. Als je de fosfaatexcretie op de CBS-cijfers van de laatst bekende 3 jaren (2015, 2016 en 2017) baseert, wijzigt de fosfaatexcretie maar weinig. De gemiddelde fosfaatexcretie in 2015 tot 2017 was 41,5 kilo per jaar bij een melkproductie van ruim 8.400 kilo per jaar. Gebruikmakend van dezelfde uitgangspunten als in het huidige forfait betekent dit voor een normkoe van 8.000 kilo melk per jaar een fosfaatexcretie van circa 40,2 kilo per jaar. Een lichte daling dus ten opzichte van de huidige norm van 40,6 kilo per jaar.”

Is het reëel om in de toekomst voerverliezen niet als excretie te zien en rekening te houden met een hogere fosforafvoer via melk?

“Dat er voerresten in de mestput verdwijnen, lijkt mij op zich plausibel. Of het ook 2 tot 5% is, dat weet ik niet. De Vlamingen onderschatten hier wel enigszins door dit helemaal niet op te nemen. Het merkwaardigste is dat Nederland wel hogere gehaltes vet en eiwit meeneemt in berekening voor fosforopname (correct), maar de daaraan gekoppelde hogere fosforuitscheiding via melk niet (incorrect). Dat zou naar mijn mening moeten wijzigen. Samen met het verminderen van voerverliezen kan dat zomaar een verlaging van de excretie betekenen van circa 2 kilo fosfaat per koe. Aan de andere kant zijn de forfaits op basis van productie afgetopt op 10.624 kilo melk. Als je iedereen eerlijk en gelijk wilt afrekenen, moet je ook de forfaitaire tabel met hogere productieklassen uitbreiden.”

Laatste reacties

  • GCK

    Voor een schoolopdracht maken deze verschillen niet veel uit. Het gaat dan om het idee. Voor de uitvoering van de mestwet en fostaatrechtenregelgeving, praat je over grote financiële en technische gevolgen voor de veeboer. Dan kun je niet toe met aannames en verouderde getallen. Het is dus een grote schande, dat het een en ander gebaseerd is op drijfzand van aannames.

  • j.verstraten1

    Voor de fosfaatrechten maakt het dus niet zoveel uit. Het plafond is met de Nederlandse methode vastgesteld en de individuele referentie ook. Alleen als je nu de systematiek zou veranderen en de exretie naar beneden word bijgesteld kun je meer koeien melken maar dan moet je de referenties daar niet met terugwerkende kracht op aanpassen.

  • Goed dat er eens naar de verschillen gekeken wordt! Het blijft een abracadabera en zoals j verstraten al aangeeft, het plafond verandert er niet door. Wellicht kunnen we (in de toekomst) bij een lagere excretie wel meer koeien houden... via bex /kringloopwijzer of generiek via lagere forfaitaire normen.
    Voerresten verdwijnen hier niet in de put, wel op de mestvaalt....

  • Flirt

    Gaat dit over geleverde liters melk? Vraag me af hoe er met niet geleverde melk Word omgegaan in de berekening.

  • Henk.visscher

    J.verstraten je zegt Voor de fosfaatrechten maakt het dus niet zoveel uit, tuurlijk wel In 2015 in bovenstaand stuk staat dit voor een normkoe van 8.000 kilo melk per jaar een fosfaatexcretie van circa 40,2 kilo per jaar. Een lichte daling dus ten opzichte van de huidige norm van 40,6 kilo per jaar.” dus die 0,4 scheelt het zowiezo al, daarboven op komt nog de fosforuitscheiding via melk en voerresten is maar een aaname. We zij belazerd.

  • Alco

    Is het plafond berekend met deze forfaitaire kentallen. Van welk jaar dan.
    Van 2007 kan niet!

  • Henk.visscher

    J.verstraten je zegt Voor de fosfaatrechten maakt het dus niet zoveel uit, tuurlijk wel in bovenstaand stuk staat het volgende ,, dit voor een normkoe van 8.000 kilo melk per jaar een fosfaatexcretie van circa 40,2 kilo per jaar. Een lichte daling dus ten opzichte van de huidige norm van 40,6 kilo per jaar.” dus die 0,4 scheelt het zowiezo al, daarboven op komt nog de fosforuitscheiding via melk en de voerresten is maar een aaname. We zij belazerd.

  • sjakie

    @j.verstraten1
    Wanneer de op 2 juli 2015 verkregen referentie wordt aangepast aan een lager forfait heeft dit inderdaad geen enkele invloed op het aantal koeien waar rechten voor is verkregen. Wèl heeft het invloed op de totale fosfaatproductie in Nederland. Een lagere productie geeft een lagere (of zelfs geen) overschrijding van het fosfaatplafond in 2015. Hiermee kan de 8,3% korting voor niet-grondgebonden melkveehouders terug gedraaid worden. Ook voor minister Schouten zou dit een mooie escape zijn: er worden dan uiteindelijk toch minder rechten uitgegeven dan het plafond hoog is. Hiermee is het staatssteundossier mooi ontweken. Kortom, zowel overheid als sector hebben belang bij aanpassing van de excretieforfaits met terugwerkende kracht. Aan de slag ermee!

    Jack Rijlaarsdam

  • mtseshuis

    @Jack: Precies! "Probleem" opgelost!

  • Hollands

    Deelnemers van De Mineralencheck van de GD hebben gemiddeld 1,14 gram fosfor per liter melk. Friesland Campina rekent met 0,99 gram per liter melk, dit is 0,96 gram per kg melk.

  • bas123

    Ja alles terug draaien fosfaat probleem opgelost.
    Geen knelgevallen meer. Deze kunnen ook hun fosfaatrechten krijgen,
    tevens blijven alle melkveehouders onder het fosfaatplafond.

  • tinusje

    ja terugdraaien zodat we meer kunnen melken en melkprijs weer zakt ...

  • koestal

    wat een gereken,wie heeft het nu verkeerd gedaan ?

  • JC Vogelaar

    Hmm was dus toch niet zo een gek idee om hier eens wat scherper naar te kijken dank Jan Dijkstra er zijn gelukkig ook heel veel mensen binnen WUR die naar de feiten kijken en niet naar de religie uit de vorige eeuw nu de boerenbestuurders nog uit hun karrenspoor zien te krijgen

  • 112

    ja henk
    joske is niet zo slim wederom steken ze de kop weer in het zand
    maar ja jos had zijn schaapjes toch op het drogen. de leden interesseert ze niet
    <>

  • hendruk

    Dat is helaas LTO eigen; zich haasten om het bestaande beleid overeind te houden. Want de minister tegen de haren instrijken is not done. Nu blijkt dus feitelijk, wanneer LTO zn werk gedaan had - opkomen voor hun leden! - dat er wellicht geen generieke korting zou zijn geweest. Of iig een veel lagere. Maar nee. LTO is vooral druk om bij Schouten op schoot te kruipen voor een aai over de bol

  • E-Link

    Hollands zegt: "Deelnemers van De Mineralencheck van de GD hebben gemiddeld 1,14 gram fosfor per liter melk." En dat is ook nog is een gemiddelde. Door een onafhankelijke instantie onderzocht.
    Ik hoop dat Dhr Dijkstra dit ook leest en dat hij GD belt om informatie. Kunnen ze misschien samen de boel is FLINK wakker schudden.

  • j.verstraten1

    Sjakie, ligt eraan tot hoever je terugwerkende kracht ziet. De fosfaatplafonds zijn in 2006 vastgesteld op waarschijnlijk dezelfde excretie bepaling. Dus ja in theorie kun je jezelf rijker rekenen door op verschillende manieren te rekenen. Ik weet wel dat we in het omgekeerde geval zouden stijgeren en eisen dat de referenties uit het verleden ook herberekend zouden worden, maar dat komt nu even niet uit.
    In België hebben ze de forfaits dus al 10 jaar gelijk gehouden. Wat mij verder opvalt op mijn eigen bedrijf is dat volgens Qlip het fosforgehalte rond de 100 schommelt en bij GD zit het rond de 110 waar ik het ook laat onderzoeken. Das op zich al een afwijking van 10% waar ik graag een verklaring voor heb.

  • beeldman

    Waar hier nog wat te winnen is blijft het jongvee: als de berekende fosfaatexcretie van melkkoeien foutief blijkt te zijn als gevolg van de melkproductie en de fosfaatreferentie van 2-7-2015 zouden we dientengevolge ook aan moeten passen, dan hebben melkveehouders met veel jongvee op de peildatum hier wel gemak van. Immers; voor het aantal minder te houden jongvee kunnen meer melkkoeien gehouden worden. Elke kilo helpt.

  • Alco

    @beeldman. Dat gaat toch ook in verhouding tot elkaar. Of is de jongvee norm ook verschillend met het buitenland?

  • 200113528

    wij zitten gemiddeld op 98 gram mogen we zeker 16 procent groeien

  • schuurkerck

    Vanuit de berekening van Dijkstra redenerend. De Nederlandse koe heeft door de (werkelijk) hogere gehalten een 7 % hogere DVE behoefte en daaraan gerelateerd een ongeveer 7 % hogere fosfaat opname (?). Dat lijkt misschien niet veel maar dit gaat over de volledige opname (dus 36,0 kg excretie + 8000 kg * 1 g/kg * 63/31 (omrekening fosfor-> fosfaat) + groei = 52 kg + groei). Stel de fosfaatopname is 55 kg; dan is de extra opname door de hogere gehalten (55 kg * 7 %=) 3,9 kg fosfaat. Trek daar de extra vastlegging in melk door de hogere gehalten vanaf dan kom je aan (3,9 kg -(8000 * 1 g *63/31 * 7 %=)) 3,8 kg hoger fosfaatexcretie in NL dan in B puur door hogere vet en eiwitgehalten in de melk.
    Dus: Belgie: 36,0
    Nederland: 39,8 (i.p.v. 40,6)

    Bovenstaande is gebaseerd op enkele aannames. Maar dus met dezelfde rekenmethodiek en hetzelfde rantsoen. Of zit ik fout?
    Groet, Jean-Pierre

  • schuurkerck

    Dat de forfaitaire excretie wellicht aan de hoge kant was, was tot 2 juli 2015 geen probleem omdat deze normen alleen voor de mestboekhouding dienden. Als boer mochten we ervan afwijken via BEX. De overheid berekende de landelijke fosfaatexcretie ook niet met de forfaitaire normen; maar ook via een berekening.
    Relatief hoge forfaitaire normen zorgen bovendien voor veel animo voor bedrijfsspecifieke verantwoording, waarbij wij als boer vrijwillig de bewijslast op ons nemen.

  • sjakie

    @j.verstraten1

    Je gaat voorbij aan het feit dat de toenmalige bestuurders in 2006 bewust aangestuurd hebben op een fosfaatplafond om de veehouderij te begrenzen in plaats van simpel staarten tellen. Dit was met de insteek om later eventueel groeiruimte te kunnen creëren door de fosfaatefficiëntie te verbeteren. Dijkstra geeft aan dat deze efficiëntie er momenteel inderdaad is, maar nu is de huidige generatie bestuurders vergeten of weigert domweg deze ruimte te claimen. Dat is opmerkelijk.

  • j.verstraten1

    Nee zeker niet vergeten of weigeren. De laatste actualisatie is de tabel vastgesteld 2015 t/m 2017, met de excretie van 10 11 en 12. Bij actualisatie van de normen in 18 zou het jaar 14 erbij gekomen zijn. In 14 was de excretie hóger dan het forfait, dat zou hebben betekend in 18 méér krimpen.
    Het feit dat qlip per 1 jan. jl de fosfaat meet op tankniveua is wel aan de inzet van de sector te danken om onderbouwd de discussie te kunnen voeren over de forfaitaire excretie/kg melk zoals die al sinds 2005 gehanteerd word.

Laad alle reacties (21)

Of registreer je om te kunnen reageren.