Rundveehouderij

Achtergrond 1 reactie

Gras maakt plaats voor woestijn en mais lijkt op prei

Gele maisvelden en dorre graslanden bepalen de aanblik van het platteland in de Achterhoek, een van de regio’s die het ergst door droogte is getroffen. Een ramp tekent zich af. Toch blijven boeren opmerkelijk nuchter.

Deze melkvee- en geitenhouders vertellen hoe zij omgaan met de droogte:   
Rogier Lansink (Haaksbergen): grasgroei staat stil 
Arjan Ter Harkel (Eibergen): hakselen nog even uitgesteld  
Dennis Roekevisch (Zelhem): nathouden grasland gaat goed
Frank Bussink (Voorst): laatste regen viel eind mei 
Suzanne Ruesink (Aalten): voorraad ruwvoer biedt uitkomst

Rijdend over een provinciale weg in de Achterhoek is het landschap overwegend geel, zowel het gras als de mais. In de oostelijke delen van het land is het al sinds begin juni droog. Volgens de metingen van het KNMI zijn de neerslagtekorten daar opgelopen tot meer dan 300 millimeter.

Mais en grasland worden her en der beregend, maar de meeste melkveehouders beschikken niet over een haspel. Dus is het dagelijks hoopvol op de smartphone of naar de lucht kijken of er al een flinke bui in aantocht is. Tot nu toe tevergeefs. Plaatselijk zijn er uitschieters, maar hoogst zelden valt ergens 10 millimeter of meer; druppels op de gloeiende plaat.
Lees verder onder de foto‘s

Een ogenschijnlijk dood maisperceel in het Gelderse Hummelo. - Foto's: Hans Prinsen
Een ogenschijnlijk dood maisperceel in het Gelderse Hummelo. - Foto's: Hans Prinsen

Toch zijn melkveehouders hoopvol gestemd. Velen kunnen gebruik maken van de voorraad ruwvoer die over is van vorig jaar of ze proberen op een andere manier de voederwaardes in het rantsoen op peil te houden.


➤ Lansink: grasgroei staat stil

De grasgroei staat bijna overal al weken stil. Wanneer er een paar weken goede regen gaat vallen, komt de kleur weer terug, is de verwachting. Tot die tijd is het afwachten. “We missen zeker 2 snedes dit jaar,” verwacht Rogier Lansink, melkveehouder in Haaksbergen (Overijssel).

Over de beschikbaarheid van ruwvoer maakt hij zich nog geen zorgen. “We hebben 85 melkkoeien op 50 hectare, vrij extensief dus. Ik heb nog voer over van vorig jaar.” Een goede nazomer kan zorgen voor nog 1 of 2 snedes in september en oktober. Als die er komt, is Lansink tevreden.

‘Om aan de beweidingseisen te voldoen, zal ik de koeien wel tot aan oktober naar buiten moeten doen’

De uitdaging voor dit seizoen zit voor Lansink in de weidegang. De relatief kleine huiskavel is snel weer kaalgevreten. De melkveehouder houdt sinds 19 juni de koeien binnen, omdat er geen groene sprieten meer zijn te vinden.

“Als het gaat regenen, duurt het nog wel even voordat er weer wat groeit. Als het meezit kunnen ze in september dan weer naar buiten. Om aan de beweidingseisen te voldoen, zal ik de koeien wel tot aan oktober naar buiten moeten doen.”

Hoger hakselen

Tegenover het bedrijf van Lansink staat het maisperceel er verrassend goed bij. “Hoe het komt, kan ik niet verklaren. Dit is momenteel een van de droogste plekken in Nederland, maar ik denk dat tweederde deel van mijn 10 hectare mais er naar omstandigheden redelijk bij staat. Vorig jaar was dit perceel nog grasland, dus misschien dat de mais nu profiteert van de mineralen en het vocht dat de bodem heeft vastgehouden.”

Tot zijn verbazing treft Rogier Lansink in Haaksbergen nog redelijke kolven aan in de mais.
Tot zijn verbazing treft Rogier Lansink in Haaksbergen nog redelijke kolven aan in de mais.

Niks aan doen en afwachten, is de strategie van Lansink. In het veld pelt hij een kolf af, deze is redelijk aan de maat, lichtgeel van kleur. “Die kan nog wel redelijk afrijpen. Ik denk dat ik de mais straks wat hoger ga hakselen. Dan is het aandeel kolf in de gehele plant groter. Natuurlijk heb je dan minder opbrengst, maar wel meer kwaliteit, een hogere voederwaarde. Daar kies ik dan liever voor.”


➤ Ter Harkel: hakselen nog even uitgesteld

Vanwege de slechte staat van de mais overwegen melkveehouders nu om vroegtijdig te oogsten. Arjan ter Harkel in Eibergen (Gelderland) had de loonwerker al gebeld om de hakselaar begin deze week erin te zetten.

Op het perceel van melkveehouder Arjan ter Harkel in Eibergen is de mais er slecht aan toe. Lang niet alle planten hebben een kolf en de veehouder twijfelt om de hakselaar er eeder in te zetten.
Op het perceel van melkveehouder Arjan ter Harkel in Eibergen is de mais er slecht aan toe. Lang niet alle planten hebben een kolf en de veehouder twijfelt om de hakselaar er eeder in te zetten.

Maandag 30 juli zou het gebeuren op een perceel van 3 hectare. De zandgrond is erg droog, de beste planten zijn een meter of 2 hoog. Aan de rand en op blijkbaar drogere plekken in het perceel komt de mais net hoger dan een meter. De planten zijn nog redelijk groen, maar de groei is er al even uit. Om de koeien toch nog een smakelijk product met voldoende suikers te kunnen bieden, wilde Ter Harkel het gaan oogsten.

‘Gek genoeg staat de mais er toch te goed voor om nu al te hakselen’

Een telefoongesprek met de voeradviseur zette hem aan het denken. “Samen met de adviseur ben ik door het perceel gelopen. Gek genoeg staat het er eigenlijk toch te goed voor om nu al te hakselen.”

Onderin zijn de stengels wat geel of bruin aan het worden, maar verder is de plant nog groen. Een aantal stengels heeft een kolf, ze zijn kleiner dan normaal. “Dat kan nog wel wat worden, dan komt er toch wat meer zetmeel in het product.”

Arjan ter Harkel laat zien dat er nog vocht in de stengel van de mais is te vinden.
Arjan ter Harkel laat zien dat er nog vocht in de stengel van de mais is te vinden.

Het omknakken van een van de stengels leert dat dat plant nog wat vocht vasthoudt. Ter Harkel knijpt erin krijgt zowaar een druppel op de vingers. En dus laat de melkveehouder de mais nog even staan.

“Een week of 2; misschien komt er nog wat regen waardoor de kolven nog groeien. Maar zodra de planten bruin worden, gaat het eraf. Dan gaat de voederwaarde eruit en vinden de koeien er ook niks meer aan.”


➤ Roekevisch: nathouden grasland gaat goed

In het Gelderse Zelhem heeft melkgeitenhouder Dennis Roekevisch naar eigen zeggen ‘10 hectare gras en 23 hectare woestijn’. Het nathouden van het grasland rondom het bedrijf gaat goed. Wie niet beter zou weten, zou denken dat hier stiekem wel een paar goede buien zijn gevallen de laatste weken.

Het is de verdienste van de veehouder. Bijna dagelijks rolt hij de slang met sproeiers uit. “Als het straks weer echt gaat regenen, hoop ik weer snel te kunnen maaien.”

Melkgeitenhouder Dennis Roekevisch weet in Zelhem het gras nog mooi groen te houden.
Melkgeitenhouder Dennis Roekevisch weet in Zelhem het gras nog mooi groen te houden.


➤ Bussink: laatste regen viel eind mei

“Wanneer het hier voor het laatst geregend heeft? Echt geregend? Ik kan het me haast niet meer herinneren, ik denk eind mei ergens.” Aan het woord is melkveehouder Frank Bussink, samen met zijn vader runt hij een bedrijf met 75 melkkoeien in Voorst (Gelderland).

Oude haspel opgeknapt

Toen de regen een paar weken lang uitbleef, heeft hij toch maar de oude haspel uit de schuur gehaald. 20 van de 55 hectare worden beregend, zowel gras als mais. “Volgens mij stond de haspel er nog sinds 1976. Het is een oud ding, maar na wat reparaties en achterstallig onderhoud gaat het prima.”

Een tegenvaller waren de ondergrondse leidingen, die ook rond diezelfde tijd zijn aangelegd. “Die zijn allemaal kapot, waardoor ik alsnog elke keer met buizen moet slepen. Een keer de haspel verzetten is al gauw een half uur werk.”

Frank Bussink gebruikt een  beregeningsinstallatie uit 1976. Beetje opknappen was wel nodig, maar toen ging het prima. Alleen de ondergrondse leidingen zijn kapot. “Daardoor moet ik alsnog elke keer met buizen slepen. Een keer de haspel verzetten is al gauw een half uur werk.”
Frank Bussink gebruikt een beregeningsinstallatie uit 1976. Beetje opknappen was wel nodig, maar toen ging het prima. Alleen de ondergrondse leidingen zijn kapot. “Daardoor moet ik alsnog elke keer met buizen slepen. Een keer de haspel verzetten is al gauw een half uur werk.”

De huiskavel met gras is nog redelijk groen, dankzij de beregening. Groei zit er niet in, voor de koeien is er weinig te vreten. “Ze gaan nog wel naar buiten, maar met de warmte haal ik ze overdag toch naar binnen,” aldus Bussink.

Beregende mais staat er beter voor

In de mais lijkt het beregenen effect te hebben. In totaal heeft het perceel van Bussink nu 60 millimeter kunstmatige neerslag gehad. De bladeren zijn groen en de kolven redelijk aan de maat. Vlak ernaast staat de mais er minder bij. “Dat is van een buurman, die heeft preiplantjes,” grapt Bussink.

Het perceel bouwland is door de markering van een beukenboom verdeeld in een stuk van Bussink en van een naburige boer. De mais van Bussink staat zichtbaar hoger, de bladeren zijn minder opgekruld. Of het ook echt komt door de beregening, durft hij niet met 100% zekerheid te zeggen. “Onze mais is 3 weken eerder gezaaid, het is een vroeger ras. Dat heeft wellicht ook bijgedragen.”

Het beregenen in de mais lijkt effectief bij Bussink. De planten staat er fier bij.
Het beregenen in de mais lijkt effectief bij Bussink. De planten staat er fier bij.

5 weken beregenen heeft Bussink nu al zo’n 4.500 liter diesel gekost. “En dan ook nog een paar duizend euro aan onderdelen. Of dat het waard is, kan ik eind van het jaar pas zeggen. En achteraf is altijd makkelijk praten. Zoals ik er nu tegenaan kijk, had ik ook twee weken eerder moeten beginnen met beregenen. Maar niks doen was voor mij ook geen optie.”


➤ Ruesink: voorraad ruwvoer biedt uitkomst

In het Gelderse Aalten is het gras zo goed als bruin en staat de gelige mais laag, nog geen 2 meter. Melkveehouder Suzanne Ruesink verwacht niet dat dit onoverkomelijke problemen op gaat leveren. “Ik wilde dit jaar eigenlijk minder voer op voorraad hebben, maar ik ben blij dat we nu nog wat hebben liggen,” vertelt ze. Met 85 hectare gras en mais koopt Ruesink bijna altijd wel extra voer aan voor de 170 melkkoeien en bijbehorend jongvee.

Suzanne Ruesink in Aalten besluit binnenkort of ze de hakselaar in de mais gaat zetten.
Suzanne Ruesink in Aalten besluit binnenkort of ze de hakselaar in de mais gaat zetten.

Met krachtvoer goed bijsturen

Aanpassingen in het rantsoen zijn volgens Ruesink zo gemaakt. “Je kunt met krachtvoer goed bijsturen. We voeren nu al extra bierbostel bij. En we hebben recent mooi stro gekocht. Dat kan eventueel ook worden gevoerd. Dan kan het aandeel kuilgras naar beneden. Zo redden we het wel weer.”

‘Deze week besluiten we of de mais er vroegtijdig af gaat’

De punten van de schrale maisplanten worden al bruin. “Deze week besluiten we of de mais er vroegtijdig af gaat. Ik schat dat 8 van de 10 planten een kolf heeft.” Ruesink zoekt een relatief mooie plant uit en pelt de kolf af. In een plant die een halve meter verderop staat, is de kolf de helft kleiner.

80% van de planten bij Ruesink heeft een kolf, met grote verschillen in kwaliteit en omvang.
80% van de planten bij Ruesink heeft een kolf, met grote verschillen in kwaliteit en omvang.

Voor die ene keer geen beregeningsinstallatie kopen

Een beregeningsinstallatie kopen voor dit soort uitzonderlijke situaties gaat voor Ruesink wat te ver. “Als het 1 keer in de 5 jaar zou voorkomen, zou ik het overwegen. Maar voor die ene keer in 40 jaar bedenken we wel wat anders.”

Niemand durft nog te zeggen wanneer het gras weer opkomt en of doorzaaien of misschien zelfs opnieuw inzaaien nodig is. De hoop van melkveehouders is gevestigd op september en oktober.

Eén reactie

  • koestal

    Wat een ellende !

Of registreer je om te kunnen reageren.