Rundveehouderij

Achtergrond

‘Kansen voor GMO-vrije zuivel’

Cono Kaasmakers gaat GMO-vrije kaas produceren voor de Duitse markt. Het gaat in eerste instantie om een pilot. Deelnemende veehouders ontvangen als vergoeding voor gemaakte voerkosten een cent per kilo melk extra.

Cono Kaasmakers wil inspelen op de toenemende vraag naar GMO-vrije zuivelproducten in Duitsland. Een handvol leden-melkveehouders is gestart met het drie maanden durende omschakeltraject naar de zogenoemde Vlog-standaard. Zuivel die aan deze standaard voldoet, bevat geen sporen van genetisch gemodificeerde grondstoffen.

Matthieu Koning is de eerste melkveehouder van Cono die deze week Vlog-gecertificeerd voer voor zijn melkkoeien heeft ontvangen. Koning houdt samen met zijn ouders honderd melk- en kalfkoeien, vijftig stuks jongvee op 56 hectare in het Noord-Hollandse Stompetoren.

Matthieu Koning. - Foto: Wick Natzijl
Matthieu Koning. - Foto: Wick Natzijl

Waarom doe je mee aan deze pilot?

“We hebben besloten aan deze pilot mee te doen na een oproep vanuit de coöperatie. Het is trouwens niet voor het eerst dat dit onderwerp op de agenda stond. Jaren terug werd er binnen Cono al over deze optie nagedacht. Nu de vraag in Duitsland verder toeneemt, lijkt het ons goed om deze kans te pakken.”

Wat vind je eigenlijk van het fenomeen ‘GMO-vrije zuivel’?

“Ik denk dat er zowel op het vlak van voedselveiligheid als economie wat valt te winnen. Door het gebruik van in Europa geproduceerd voer heb je beter zicht op waar je grondstoffen vandaan komen. En een extra melkstroom biedt weer nieuwe mogelijkheden om zuivelproducten te vermarkten.”

Wat moet je concreet doen en laten om te voldoen aan de Vlog-eisen?

“Het is zaak om voor de melkkoeien geen voer, strooisel of medicijnen te gebruiken waarin genetisch gemodificeerde grondstoffen zijn verwerkt. In de praktijk is het vooral het rantsoen dat moet worden aangepast. Wat betreft strooisel en medicijnen hoeven we onze bedrijfsvoering niet aan te passen.”

Het jongvee hoeft niet apart te worden gevoerd?

“Nee, het gaat echt om de melkkoeien. Het jongvee kan tot zes/zeven maanden ‘normaal’ worden gevoerd.”

Hoe is het rantsoen aangepast?

“Het was vooral soja waar een oplossing voor gevonden moest worden, aangezien het aanbod Europese soja beperkt is. Dat is gelukt door te kiezen voor GMO-vrije grondstoffen met dezelfde voederwaarde. Het gaat dan mede om raapschroot en lupine. Daarbij ben ik wat eerder gaan maaien om zodoende het eiwitgehalte in het eigen gras wat te verhogen.”

Wat zijn de risico’s?

“Ik verwacht niet dat de aanpassing van het rantsoen grote gevolgen gaat hebben voor de productie en gezondheid van de koeien. Wel bestaat de kans dat we wat meer drijfmest moeten afvoeren vanwege een hogere fosfaataanvoer via het raapschroot. Dat is zeker iets om in de gaten te houden.”

Na levering van het eerste GMO-vrije krachtvoer ontvang je een cent per kilo melk extra als vergoeding voor gemaakte kosten. Is dat voldoende?

“Er is van tevoren overleg geweest tussen Cono en de verschillende veevoerfabrikanten, dus daar ga ik wel vanuit.”

Of registreer je om te kunnen reageren.