Pluimveehouderij

Partner

Hoe gaat de vleeskuikenhouder om met kritieke periode?

Veel vleeskuikenhouders zien in week 3 en 4 een groeidip bij hun vleeskuikens. Op veel bedrijven is het zelfs een terugkerend probleem. Waarom is dat en hoe kun je daar als pluimveehouder op inspelen?

Pluimveedierenarts Geert Van Den Abeele van Dierenkliniek Venhei in Kasterlee (België) noemt week 3 en 4 bij vleeskuikens een interessante, maar ook een moeilijke periode. “Een aantal omstandigheden komt dan samen die ervoor zorgen dat de darmgezondheid onder druk komt te staan. Daarbij gaat het om de entreactie op een Gumboro-vaccinatie, voerwisselingen, de sterke ontwikkeling van het karkas en een piek in de coccidiosedruk.”

Instabiele darmgezondheid

“Coccidiose maakt de darmgezondheid instabiel en dan steekt ook vaak clostridium de kop op. Dat zie je terug in de stal aan het nattere strooisel. Je merkt het al eerder aan een dip in de water- en voeropname. In plaats van een geleidelijk stijgende lijn blijft de opname gelijk of daalt zelfs tijdelijk. Dit kost groei en in ernstige gevallen is het nodig om met antibiotica te behandelen. 60 tot 70% van alle behandelingen bij vleeskuikens is gericht op het onderdrukken van darmgezondheidsproblemen.”

Tekst gaat verder onder de foto.


  • Dierenarts Geert Van den Abeele (links) loopt met pluimveehouder Peter Wolfs door de stal met vleeskuikens. Van Den Abeele adviseert de pluimveehouder om het coccidioseprogramma vol te houden tot het einde van de ronde. - Foto: Elanco

    Dierenarts Geert Van den Abeele (links) loopt met pluimveehouder Peter Wolfs door de stal met vleeskuikens. Van Den Abeele adviseert de pluimveehouder om het coccidioseprogramma vol te houden tot het einde van de ronde. - Foto: Elanco

Problemen voorkomen

De insteek van de pluimveedierenarts is: beter voorkomen dan genezen en te zorgen voor een goede darmgezondheid rond deze tijd. “Soms betekent dat het bijmengen van zuren of extra vitamines. In de meeste gevallen betekent het ook een kritische blik naar het anti-coccidiose programma. De oorzaak van darmgezondheidsproblemen bij vleeskuikens is vaak een combinatie van coccidiose met een clostridium-infectie. Als dit uit sectie of door middel van mestonderzoek en OPG-meting (oöcysten per gram mest) blijkt, dan sturen we aan op een betere bescherming tegen coccidiose. Het is belangrijk om de kuikens tot en met de kritieke periode van 3 tot 4 weken optimaal te beschermen. Na 25 tot 28 dagen hebben de kuikens zelf weerstand opgebouwd en zijn ze wat minder gevoelig. Dan kun je de overstap maken van bijvoorbeeld Maxiban® naar Monteban®.”

Groeiverlies voorkomen

Van Den Abeele adviseert het coccidioseprogramma vol te houden tot het einde van de ronde. “De darmregulerende werking zorgt ervoor dat de kuikens tot het eind goed blijven dooreten en groeien. Een dag verlies aan het einde van de ronde kost je zo 100 gram per kuiken. Daarnaast verminder je het aantal oöcysten in de mest waardoor je de volgende ronde met een lagere coccidiosedruk van start gaat.”

Maxiban® is een gepotentieede ionofoor

Maxiban® bewijst zich al decennia als een effectief en betrouwbaar coccidiostaticum om vleeskuikens te beschermen tegen coccidiose. Het middel is zo effectief omdat het een gepotentieerde ionofoor is: een combinatie van een ionofoor (narasin) en een chemisch middel (nicarbazine). Kenmerkend voor dit combinatieproduct is dat er een synergetisch effect optreedt tussen de beide afzonderlijke moleculen. Dit houdt in dat de combinatie krachtiger is dan de som van de afzonderlijke producten. Daarbij komt dat het werkingsmechanisme op de oöcysten in complexiteit toeneemt. Het maakt het voor de oöcyst nog lastiger om zich aan het effect van coccidiostatica te onttrekken. Dit verhoogt de effectiviteit en vermindert het risico op resistentievorming. Dit maakt het mogelijk dat vleeskuikenbedrijven jaren achtereen elke ronde Maxiban® in kunnen zetten.

Luister naar de ervaringen van pluimveedierenarts Geert Van Den Abeele.

Lees meer over het beschermen van darmgezondheid bij vleeskuikens