Pluimveehouderij

Achtergrond 1 reactie

‘In drie jaar naar zes keer zoveel hennen’

Het Litouwse Mažeikių Rugelis heeft nu nog 130.000 hennen en wil snel groeien naar 800.000. De afzet verschuift dan van eiproducten naar tafeleieren voor de West-Europese retail.

Het Litouwse pluimveebedrijf Mažeikių Rugelis telt nu nog 130.000 leghennen die in drie-etagekooien zijn gehuisvest. Minder dan 5% van de eieren wordt via een dorpswinkeltje als tafelei afgezet, het gros van de eieren verwerkt het bedrijf zelf tot eiproducten voor de West-Europese markt. “Dat gaat snel veranderen”, stelt directeur Arturas Pakuastas. “We gaan naar 800.000 leghennen met bijbehorende opfok en naar afzet van tafeleieren. Daarvoor zijn al contracten afgesloten met Duitse retailers.”

Dan praat je over een grote investering!

“Jazeker. De totale investering is ongeveer € 16 miljoen. We bouwen naast elkaar vijf nieuwe volièrestallen van elk 160.000 hennen. Daarvoor is drie maanden geleden deze voormalige kolchoz gekocht; een pluimveebedrijf, een voerfabriekje op 500 meter van de stallen en een winkeltje bij die voerfabriek. De huidige stallen zijn op. Maar het bedrijf had één sterk punt: aan de andere kant van de weg is vergunning voor de bouw van vijf nieuwe volièrestallen. De eerste twee stallen zijn nu uitgegraven en zullen voor de zomer van 2018 volop in productie zijn.”

Arturas Pakuastas wil naar zes keer zoveel hennen met de helft minder personeel. "Het Westeuropese systeem met allround-medewerkers is beter, daar groeien wij langzaam naartoe." - Foto: Henk Riswick
Arturas Pakuastas wil naar zes keer zoveel hennen met de helft minder personeel. "Het Westeuropese systeem met allround-medewerkers is beter, daar groeien wij langzaam naartoe." - Foto: Henk Riswick

Een vergunning als sterk punt? Is vergunningverlening dan zo lastig in dit dunbevolkte gebied?

“Ja. Het krijgen van vergunningen neemt minstens twee jaar in beslag, bij vergroting van bestaande bedrijven. Nieuwvestiging is nagenoeg onmogelijk. Mensen in de dorpen en steden zijn bang voor geuroverlast van pluimvee en varkens, en komen erg snel massaal tegen aanvragen in opstand. We wilden niet wachten met investeren, de vooruitzichten voor de pluimveesector zijn erg goed. Daarom kochten we een locatie met groeikansen.”`

Hoe financiert u deze grote stap?

“Het bedrijf is eigendom van een rijke familie. Er is geen bankfinanciering nodig voor de geplande stappen.”

‘We doen alles in eigen beheer, dat is een erfenis uit het communistische verleden’

Het bedrijf ligt in een afgelegen gebied. Zijn er voldoende gekwalificeerde mensen beschikbaar?

“Ja. De resultaten liggen nu al nagenoeg op hetzelfde niveau als in Nederland en Duitsland. We hebben wel te veel mensen in dienst. Van de 32 medewerkers werken er drie in de stallen, drie in de verwerking van eiproducten en drie mensen bemannen het winkeltje. Daarnaast werken er vijf mensen in de mengvoerproductie. Alle anderen hebben ondersteunende functies: boekhouding, bouwvakkers, chauffeurs en bewakers. Als je de aan- en afvoer niet scherp controleert en vastlegt, wordt je arm gestolen. We doen alles in eigen beheer. Dat is een erfenis uit het communistische verleden. We verwachten dat we straks met de helft minder mensen toekunnen. Het West-Europese systeem met allround-medewerkers is beter, daar groeien wij langzaam naartoe. Bedenk wel dat het gemiddelde maandloon zo’n € 600 is, de totale loonkosten zijn nu dus niet hoog.”

Wanneer zal het nieuwe bedrijf helemaal in productie zijn?

“We gaan uit van medio 2020. Elk jaar zetten we er een of twee stallen bij. Dat is ook onze langetermijnhorizon; drie jaar. Daarna zien we wel weer verder.”

Eén reactie

Of registreer je om te kunnen reageren.