Pluimveehouderij

Achtergrond 1 reactie

'Boeren moeten stinkende best doen op hygiëne'

Viroloog Ron Fouchier noemt biosecurity de belangrijkste tool die de pluimveesector heeft om het virus buiten de deur te houden.

Hygiëne en biosecurity, daar hamert viroloog Ron Fouchier (Erasmus MC) op nu het H5N8-vogelgriepvirus als een donkere wolk boven de pluimveehouderij hangt. “De prevalentie van het virus bij wilde vogels is behoorlijk hoog, dus de kans dat je nu iets insleept is vele malen groter dan in 2014. Bovendien zie je dat nu een redelijk aantal bedrijven besmet is, wat inhoudt dat er ook binnen de sector kans is op verspreiding”.

De overheid, de pluimveesector: iedereen zit er bovenop. Toch zijn er afgelopen week meerdere nieuwe uitbraken geweest. Zijn er nog extra tools beschikbaar om grip op de situatie te krijgen?

“Ik denk dat er maar één woord is, en dat gaan we heel vaak herhalen: biosecurity. Boeren moeten zorgen dat hun hygiënemaatregelen op orde zijn. Dat geldt zowel voor insleep vanuit de natuur, als voor insleep via andere bedrijven. Ik denk het de enige manier is om een situatie zoals in 2003 te voorkomen. We weten dat dit soort virussen super besmettelijk zijn, en weten dat zelfs de meest goed doordachte biosecurity-maatregelen misschien niet altijd genoeg zijn. Het enige wat je kan doen is je stinkende best om de hygiënemaatregelen op orde te hebben.”

In Duitsland is een grootouderdierenbedrijf besmet geraakt, in Nederland deze week een vermeerderingsbedrijf. Bedrijven met een hoge hygiënestatus. In Abbega zou het virus voor het eerst gedetecteerd zijn in het middelste stalcompartiment. Kan de virusdruk in het wild zo hoog oplopen dat het virus via de lucht in de stallen komt?

“We weten meer niet dan wel, dat is heel moeilijk uit te zoeken. We hebben een groep smienten gevonden waarvan meer dan 10% besmet was. En we weten dat in één vogelpoepje tot wel tien miljoen virusdeeltjes kunnen zitten. Hoeveel nodig is om in de lucht terecht te komen en in de stal te geraken; ik vind het heel moeilijk in te schatten. Maar het is zeker zo dat de hoeveelheid virus in wilde vogels vrij groot is. Ik denk nog steeds dat verspreiding via de lucht met name een issue is tussen pluimveehouderijen onderling, als die dicht op elkaar staan. Voor verspreiding door de lucht vanuit wilde vogels is geen bewijs. Wij als wetenschappers zijn geneigd ons bij de feiten te houden. Uitsluiten kan ik niets, maar de belangrijkste verspreidingsroute is via direct contact met wilde vogels.

Viroloog Ron Fouchier. Foto: Roel Dijkstra
Viroloog Ron Fouchier. Foto: Roel Dijkstra

Ik ken de specifieke situaties niet. Een grootouderstal is inderdaad in de regel vrij hygiënisch. Maar ook in Nederland hebben we in het verleden gezien dat bedrijven die in principe hun best doen op hygiëne af en toe een foutje maken. Die foutjes kunnen fataal zijn. Ik heb pluimveehouderijen gezien waar pal naast de luchtinvoer vogelnesten zaten, en dus de poep van vogels zo de ventilatiesystemen inloopt. Dat is niet zo handig. Ik heb ook wel eens pluimveehouderijen gezien waar op dat moment een ratten- of muizenplaag was. Normaal is dat niet zo prettig, maar kun je als boer nog denken: dat doe ik over 1 of 2 maanden. Op dit moment moet je daar heel voorzichtig mee zijn.”

Past het instellen van de 10-kilometerzones nog bij de huidige situatie? Is het zinvol om die gebieden 30 dagen op slot te zetten als er geen versleping heeft plaatsgevonden?

“Maatregelen worden genomen door het ministerie van Economische Zaken. EZ moet afwegingen maken met adviezen die zij krijgen van wetenschappers, maar heeft aan de andere kant ook te maken met economische issues, en soms zelfs persoonlijke issues. Als wetenschapper is het heel makkelijk om te zeggen dat we alle contacten tussen pluimveehouderijen tijdelijk moeten stopzetten. Het staat vast dat één van de meest effectieve maatregelen is om verspreiding te voorkomen. Het ministerie moet daarna een afweging maken tussen economische, maatschappelijke en wetenschappelijke belangen. Dat is polderen.”

Is het goed dat er gepolderd wordt als zo’n besmettelijk virus rondwaart?

“Natuurlijk. Als wetenschappers is het heel gemakkelijk om te zeggen dat alles gewoon dicht moet, er nul contact mag zijn tussen pluimveehouders in Nederland, en dat boeren niet eerst door een weiland mogen lopen en daarna in hun stal. Het gaat ook om de praktische haalbaarheid. Daar moeten passende oplossingen voor komen, en dat doe je met alle betrokkenen bij elkaar.”

Eén reactie

  • Broederijbrok

    Kirsten en Ron, super goed artikel.
    Goed voor iedere pluimveehouder om toch even te lezen (de komende dagen)
    Pluimveehouder kan heel veel zelf uitsluiten, kijk nog eens een keer naar de kritische punten. Waar is mijn scheiding tussen vuil/besmet buiten en pluimveestal.
    Let op echt goed scheiden. Dit ook elke keer opnieuw, ja ook tijdens de laatste controleronde met de kerstdagen.
    Juiste die ene keer kan fataal worden.
    Oja, vergeet de muizen en ratten niet, dat zijn de grootste overbrengers van alle ziekten.
    Toch allen Prettige Kerstdagen gewenst.

Of registreer je om te kunnen reageren.