Mechanisatie

Achtergrond

Kamps de Wild 100 jaar en nog niet klaar

Kamps de Wild bestaat 100 jaar. Dat viert het bedrijf deze week en in november met een show. Directeur Dick Melessen ziet nog steeds volop kansen voor het bedrijf.

Kamps de Wild, importeur van Claas en Amazone en distributeur van Kaweco, bestaat dit jaar 100 jaar. Het bedrijf begon in 1919 als lokale smid in Arnhem en is inmiddels gegroeid naar een bedrijf met activiteiten in Nederland, Canada en Kazachstan. Het is een dochterbedrijf van Royal Reesink. Directeur Dick Melessen is trots op het jubileum, maar ziet ook nog veel ontwikkelmogelijkheden: “We zijn nog lang niet klaar. Er kan nog minimaal 200 jaar bij”.

Een Claas trekker met een Amazone spuit. Importeur van deze machines, Kamps de Wild, bestaat 100 jaar. - Foto: Michel Velderman
Een Claas trekker met een Amazone spuit. Importeur van deze machines, Kamps de Wild, bestaat 100 jaar. - Foto: Michel Velderman

De merken Claas, Amazone en Kaweco zijn de 3 merken die na 100 jaar bestaan zijn overgebleven bij Kamps de Wild. Hoe is dit zo gekomen?

“Door de jaren heen zijn er merken bij gekomen, maar ook weer afgevallen (waaronder McCormick, McHale, Krone, red.). De algemene ontwikkeling is dat we naar steeds minder merken zijn gegaan. Toch hebben we vorig jaar de hoogste omzet in 100 jaar gehad, wat aantoont dat meer merken niet altijd beter is. Sommige merken vielen gewoonweg af omdat ze ophielden te bestaan. Claas is in al die jaren bij ons gebleven. Het was ook een beetje kwestie van geluk, dat dat een merk was dat we aan ons gebonden hebben en sterk bleek te zijn.”

Dick Melessen is directeur bij Kamps de Wild. Hij ziet nog volop mogelijkheden voor het bedrijf. - Foto: Kamps de Wild
Dick Melessen is directeur bij Kamps de Wild. Hij ziet nog volop mogelijkheden voor het bedrijf. - Foto: Kamps de Wild

Bent u nooit bang dat Claas op een gegeven moment zegt, net zoals John Deere in 2011 deed: ‘we hebben geen importeur meer nodig, we gaan het zelf doen’?

“Nee, ik ben er 100% zeker van dat dat niet gebeurt. De fabrikanten zien ons als collega’s en waarderen het dat we ze als het ware ‘ontzorgen’. We hebben aangetoond dat we net zo goed, of zelfs beter kunnen zijn dan een fabrieksvestiging. We hebben 5 jaar geleden de merken uit elkaar getrokken, waardoor de focus niet meer op verkoop of marketing lag, maar op elk merk afzonderlijk. Dat heeft goed uitgepakt.”

Het aantal boeren in Nederland neemt al jaren af. Hoe ziet u deze ontwikkeling met de boer als eindgebruiker van de producten die u levert?

“Ik ben in 1991 vertegenwoordiger geworden in de landbouw. Toen zei m’n vader al: ‘zou je dat wel doen, het aantal boeren neemt af’. Er komen inderdaad steeds minder agrarische bedrijven, maar onze omzet stijgt nog steeds. Dat komt deels door een groeiend marktaandeel in Nederland en deels door omzetgroei in het buitenland. Met uitbreiding in het buitenland zijn we nog niet klaar. We kunnen wat leren van de kritische Nederlandse gebruiker, die altijd op zoek is naar innovatie, heel goed uitrollen in andere landen.”

Door de boer en loonwerker zijn we groot geworden, maar in de niet-agrarische sector zoals het grondverzet en bij gemeentes bijvoorbeeld, liggen nog veel kansen

Waar in Nederland zitten nog groeimogelijkheden?

“Er zit bij de trekkers nog ruimte om te groeien. Daarnaast zijn we in de niet-agrarische markt nog niet sterk genoeg. Door de boer en loonwerker zijn we groot geworden, maar in de niet-agrarische sector zoals het grondverzet en bij gemeentes bijvoorbeeld, liggen nog veel kansen. Dat is waar we dan ook op inzetten de komende tijd.”

Hoe besteden jullie aandacht aan het 100-jarig jubileum?

“Deze week vieren we het met partners en openen we tevens ons nieuwe pand. Dat pand ondersteunt onze nieuwe rol als importeur: met voldoende trainingsfaciliteiten om alle technische ins en outs van onze producten over te dragen. Helemaal klaar voor de toekomst. In november hebben we een 3-daagse show voor al onze klanten, waar iedereen kan komen kijken.”

Of registreer je om te kunnen reageren.