Mechanisatie

Achtergrond

Old skool: John Deere 7920

Als opvolger van de vierkante 10-serie was de 20-serie van John Deere vooral een design-statement. In 2005 testten wij het toen nieuwe topmodel, de 7920. Nu, ruim 13 jaar later, bekijken we hem als occasion.
Hoe hebben deze Amerikanen zich in hun werkzame leven technisch gehouden? 13 jaar naar de test als nieuwe trekker bekeek TREKKER de JD 7920 opnieuw. - Foto's: Matthijs Verhagen
Hoe hebben deze Amerikanen zich in hun werkzame leven technisch gehouden? 13 jaar naar de test als nieuwe trekker bekeek TREKKER de JD 7920 opnieuw. - Foto's: Matthijs Verhagen

Een rookpluim na het starten, even een rauwe loop, en daarna een merkbaar aanwezige motorroffel. Met een grote motorinhoud en een fors eigen gewicht heeft de 20-serie wat bij te zetten. Hier gebeurt nog wat. De 6-cilinder wordt niet weggedempt door allerlei uitlaatgas-wasstraten, filters of katalysatoren. Wat kan er binnen 15 jaar veel veranderen. Om aan actuele cijfers te komen, toonde John Deere-dealer Wolterink in Beltrum zich bereid om een gebruikte JD 7920 met nét geen 10.000 uur op de klok voor de waterrem te zetten.

Tevreden gebruikers

Van diverse kopers en dealers krijgen we al snel een goed beeld van de reputatie van de 7920, en die is goed. In Nederland zijn ongeveer 50 trekkers nieuw verkocht. Kenmerkend: de 2 gebruikers die destijds aan het woord kwamen, zijn 14 jaar later nog goed te spreken over de trekker. De ene ruilde hem al jaren terug in, na 10.000 uur zonder noemenswaardige problemen. De andere loonwerker draait nog altijd 800 à 1.000 uur per jaar met de 7920 en klokte zo’n 14.500 uur. Saillant detail: de old skool-trekker overleefde hiermee een 7R, die vanwege problemen intussen alweer werd ingeruild.

De 8,1 liter-motor is een Fase II-model. De motoren zijn, op de commonrail-techniek na, nog betrekkelijk eenvoudig. De injectoren wilden wel eens vervuilen of slijten bij matige brandstofkwaliteit. Maar deze motor heeft nog de originele. Kapwerk en spatborden blijken goed bestand tegen de elementen.
De 8,1 liter-motor is een Fase II-model. De motoren zijn, op de commonrail-techniek na, nog betrekkelijk eenvoudig. De injectoren wilden wel eens vervuilen of slijten bij matige brandstofkwaliteit. Maar deze motor heeft nog de originele. Kapwerk en spatborden blijken goed bestand tegen de elementen.

Nu beginnen er wel kleine (elektrische) storingen te komen, aldus de gebruiker. Echter, motor en transmissie zijn nog origineel. Wel is de achterbrug bij 11.000 uur gerepareerd nadat een tandwielborging loskwam. Dat een eigenaar ervoor kiest om zo’n reparatie tóch uit te voeren, zegt wel wat. Op internet staan veel 7920’s te koop met 10.000, 15.000 en incidenteel zelfs meer dan 20.000 uur op de klok.

Old skool: John Deere 7920

TREKKER EN WERKTUIG 204, september 2005

De John Deere 7920 is met zijn 200 pk het vlaggenschip van de 7020-serie. De trekker hoort bij JD in 2005 thuis in het rijtje van de 10 meest verkochte trekkertypen. Hij is, net als z’n voorganger, de 7810, een succesnummer. Cabine, motor en traploze transmissie blijken sterke punten. De trekker oogt, ondanks zijn grote motorkap, slank en welgevormd. Ook is hij veel wendbaarder dan je verwacht; een draaicirkel van 11,8 meter is een waarde voor een 125 pk-model. De 6-cilinder is zuinig en sterk, de bak traploos en probleemloos.

De cabine is gevoelsmatig het sterkste punt. Die is ruim en comfortabel (ook voor de bijrijder). Jammer dat een aantal functies die voorheen handmatig uitvoerbaar waren, nu via een display lopen en daarmee omslachtiger zijn. Slotconclusie in 2005: de 7920 gooit mede door z’n uiterlijk hoge ogen, en laat met een basisprijs van 115 mille geen verkeerde indruk achter.

 

Overbemeten basis

In de basis staat de trekker dan ook bekend als relatief probleemloos. De 8,1 liter-motor was al betrouwbaar. Meer power uit minder liters, soms gepaard met koppakkingsproblemen, dat kwam pas op latere modellen. De commonrail 6-cilinder is weliswaar elektronisch geregeld, maar ontbeert EGR en andere emissietechniek. De eerste generaties injectoren waren gevoelig voor vervuiling en slijtage (in combinatie met laagzwavelige brandstof). Volgens John Deere hing dit sterk af van de brandstofkwaliteit, problemen waren vaak erg lokaal. Later verbeterde zowel de kwaliteit van de diesel als van de injectoren zelf.

De cabine: ruim, goed zicht en een goede klimaatregeling. Het interieur is nog oké. De bekleding van de Command-arm is wat futloos; geen schande na 10.000 uur. Best wat lawaaierig. De verstelbare stuurkolom wil wel eens speling hebben. Een deur rechts was een optie.
De cabine: ruim, goed zicht en een goede klimaatregeling. Het interieur is nog oké. De bekleding van de Command-arm is wat futloos; geen schande na 10.000 uur. Best wat lawaaierig. De verstelbare stuurkolom wil wel eens speling hebben. Een deur rechts was een optie.

Cvt eventueel zelf te repareren

Via een aandrijfasje zet de motor zijn vermogen op de transmissie. Bij veel aftakaswerk en wisselende belastingen kan hier speling op komen. Tijdig vervangen is belangrijk. Een losgeslagen asje kán schade veroorzaken. De transmissie, de AutoPowr, is de eigen John Deere-cvt. Die lag op het laatst ook al in de 7010-serie en was destijds nog in ontwikkeling. Zo kregen de eerste 7920’s al vrij snel een modificatie aan de tandwielen van de hydromodule in de bak.

De geveerde TLS- vooras was een optie. De bouw met 2 staande cilinders zien we tegenwoordig steeds vaker en kent nauwelijks geheimen. Er zijn weinig slijtagepunten en dus weinig smeernippels.
De geveerde TLS- vooras was een optie. De bouw met 2 staande cilinders zien we tegenwoordig steeds vaker en kent nauwelijks geheimen. Er zijn weinig slijtagepunten en dus weinig smeernippels.

De werking van de huidige JD-cvt (los van de Mannheim-trekkers uiteraard, die hebben een ZF-cvt) is technisch gezien nog weer iets anders. Een bewijs dat de bak nadien nog is doorontwikkeld. Toch doet de AutoPowr het in praktijk prima in deze 7920‘s. En in tegenstelling tot de ZF’s of Vario’s kun (en mag) je hier prima zelf aan sleutelen. Met zo’n 40 uur werk en wat losse onderdelen (gewoon te bestellen) ben je al snel goedkoper uit dan bij een (verplichte) ruilbak bij andere transmissie-leveranciers. John Deere levert die overigens ook; dat geeft je dan wel 2 jaar garantie.

No-nonsens voor trekwerk

Optisch blijven de 7920’s goed geconserveerd. Hoewel van kunststof, verkleuren of verweren motorkap en spatborden niet of nauwelijks. De motorkap opent in een geheel. De zijgrille is wel wat gevoelig voor breuk. Mede omdat de opvolgende 7030-serie qua uiterlijk amper wijzigde, ogen de 7920’s nog redelijk bij de tijd. Ook qua bediening is dat het geval. De Command-arm is nog immer vertrouwd. Enkel bij uitgebreide hydrauliekinstellingen merk je dat de trekkers 15 jaar oud zijn.

Check het asje tussen motor en transmissie altijd even op speling. Bereikbaar via de onderzijde. De dealer kan de staat van de transmissie doormeten. Sleutelen is arbeidsintensief bij de Amerikaan. Wel is de basis degelijk en zijn veel onderdelen (ook van de cvt) los te krijgen.
Check het asje tussen motor en transmissie altijd even op speling. Bereikbaar via de onderzijde. De dealer kan de staat van de transmissie doormeten. Sleutelen is arbeidsintensief bij de Amerikaan. Wel is de basis degelijk en zijn veel onderdelen (ook van de cvt) los te krijgen.

Terugkijkend was dit het laatste John Deere-model in de 200 pk-klasse met de 8,1 litermotor. Hiermee is direct het grote verschil met de 7930 (6,8 liter) duidelijk. Liters, degelijk en zwaar. Het Amerikaanse is ook meteen de kracht. Zoek je een wendbare no-nonsensetrekker voor wat steviger trekwerk, met toch het comfort van een cvt, dan komt deze John Deere zeker in de buurt. In praktijk deden ze vaak óók transportwerk, maar zoek je écht verfijnd rijcomfort, kijk dan verder.

De ongereviseerde motor is na 10.000 uur nog goed bij de les, als we deze ingeruilde 7920 bij John Deere-dealer Wolterink in Beltrum testen. Hoe de recent geijkte waterrem echter een enorm koppel van 1.852 Nm klokt, is ook voor monteur Roy Wolters een raadsel.
De ongereviseerde motor is na 10.000 uur nog goed bij de les, als we deze ingeruilde 7920 bij John Deere-dealer Wolterink in Beltrum testen. Hoe de recent geijkte waterrem echter een enorm koppel van 1.852 Nm klokt, is ook voor monteur Roy Wolters een raadsel.

Levensloop van de John Deere 7920

2002 De voorgaande 7010-serie krijgt een commonrailmotor, en AutoPowr als optie.
2003 De 7920 komt. In oktober rollen de eerste van de band.
2003 Op de Agritechnica stelt John Deere de hele 7020-serie voor. De 7720 met 6,8 litermotor, en de 7820 en 7920 met 8,1 literblok.
2006 In april gaat de 7920 uit productie.
2007 De 7030-serie wordt voorgesteld, met de 7630, 7730, 7830 en 7930. De hele serie heeft nu de 6,8 litermotor met gekoelde EGR, vierkleppentechniek en variabele turbo. Het uiterlijk blijft grotendeels gelijk.
2011 De 7R volgt de 7030-serie op. Naast het nieuwe ontwerp is o.a. een af fabriek geïntegreerde fronthef- en -aftakas een noviteit.

 

Er zijn comfortabelere trekkers voor op de weg, maar vanwege z'n sleurcapaciteit en forse gewicht deden veel 7920's in de praktijk (ook) zwaarder transportwerk. Voor de carrier, dumper of tridem-mesttank bijvoorbeeld.
Er zijn comfortabelere trekkers voor op de weg, maar vanwege z'n sleurcapaciteit en forse gewicht deden veel 7920's in de praktijk (ook) zwaarder transportwerk. Voor de carrier, dumper of tridem-mesttank bijvoorbeeld.

Aandachtspunten bij tweedehands

  • Zoek je een gebruikte John Deere 7920, dan is er met name in Duitsland redelijk wat aanbod. Calculeer wel in dat de urenstand gemiddeld genomen hoog is. 
  • De markt is ontzettend overzichtelijk, want de 7920 kent in de basis slechts één uitvoering. 
  • De 8,1 liter-motor was altijd gekoppeld aan de traploze AutoPowr-transmissie en bediening met de Command-armleuning. 
  • Check in de cabine de speling op de (verstelbare) stuurkolom. 
  • Er zijn zowel 40 als 50 km/u-uitvoeringen. Tip: 40 km/u is snel genoeg.
  • Verschillen: wel of geen voorasvering en de active seat (check de werking).
  • Cabinevering was niet leverbaar, check wel de staat van de cabinerubbers. 
  • De bouw van de geveerde vooras is eenvoudig. Speling zit hem meestal in de panhard-arm, check dit. 
  • Sommige trekkers hebben geïntegreerde AutoTrac, destijds een noviteit. 
  • De motor is een open boek. De AutoPowr niet. Een dealer kan de staat van de transmissie meten door drukverschillen tussen smeerdruk en systeemdruk op de verschillende pakketten te meten. 
  • Als leek kun je ook na een proefrit weinig zinnigs zeggen over de staat van de cvt.
  • Een fronthef was niet geïntegreerd af fabriek leverbaar, is altijd achteraf opgebouwd. Vaak van Degenhart.

Of registreer je om te kunnen reageren.