Mechanisatie

Achtergrond

Claas Xerion 3300: kaf en koren gescheiden

Een ijzersterke troef. Zo noemden we de Xerion in 2005. Niet onterecht, blijkt nu we de trekker opnieuw onder de loep nemen. Met 1 kanttekening, want de alledaagse praktijk was voor sommige Xerions wel erg hard. Voorzien van een tankopbouw zijn alle technische grenzen opgezocht. Deze trekkers, met vaak overbelaste assen, vormen het kaf onder het koren op de gebruiktmarkt. Toch blijft de Xerion een uniek ding, en er staan heus ook mooie exemplaren te koop. We zetten de zaken op een rij.

Al in 1979 – bijna 40 jaar geleden – testte Claas een trekker die heel veel leek op de Xerion die we nu kennen. Vier even grote wielen, vierwielbesturing en een draaibare cabine. De ontwikkeling stopte in datzelfde jaar alweer, toen de Amerikaanse transmissieleverancier de productie stopte. In de 10 jaar die volgden, ontwikkelde Claas een eigen traploze transmissie, de HM-8. Het bleek een grote vergissing. Toen in 1995 de eerste Xerions met deze transmissie op de markt kwamen, bleef die simpelweg niet heel.

Toch zette eigenaar Helmut Claas door. En in 2004, dus 25 jaar na het eerste prototype, was daar dan de Xerion 3300. De aanhouder wint. ZF ontwikkelde er destijds speciaal de Eccom 3.5-cvt voor, en de motor kwam van Caterpillar. In 2005 konden wij de Xerion 3300 testen. Die was toen nog voorzien van de oudere Jaguar-cabine, maar kreeg eind dat jaar al de Vista-cabine zoals we die vandaag de dag nog kennen.

Foto's: Matthijs Verhagen
Foto's: Matthijs Verhagen

Claas Xerion

1979: Eerste prototype met Amerikaanse transmissie
1993: Xerion 2000 met Claas HM-8-cvt
2004: Komst van de Xerion 3300 met ZF-cvt
2005: Nieuwe Vista-cabine voor de Xerion 3300
2007: Xerion 3800 als nieuw topmodel
2007: Intrede Isobus, kopakkermanagement en gps
2009: Komst van Xerion 4500 en 5000
2012: Xerion 3300 uit productie

Volop handel in Xerions

Op internet staan Xerion 3300’s te koop in diverse prijsklassen. De ondergrens zit op zo’n € 40.000, maar jonge machines met weinig uren kosten een veelvoud daarvan (nieuw was hij ongeveer € 200.000). Van de 3000-serie – de 3300 en later de sterkere 3800 – bouwde Claas zo’n 1.000 stuks. Handel in gebruikt is er volop. Sinds de introductie kwamen verschillende andere merken, maar ook Claas zelf, met conventionele trekkers in deze pk-klasse. Als je de voordelen van het Trac-concept niet echt gebruikt, kan dat een reden zijn om in te ruilen. Ook kwam Claas met de Xerion 4000 en 5000. Hun Mercedes-motor is zuiniger. Zeker als je jaarlijks veel uren maakt, kan inruil aantrekkelijk zijn.


  • Akkerbouwer Sam de Visser in Dronten demonstreert de VC-functie van zijn Xerion 3300. De trekker staat te koop bij Bart Agro Mechanisatie. Visser schakelt over op biologisch, gaat ondiep ploegen, en heeft de power van z'n Xerion dus niet meer nodig.

    Akkerbouwer Sam de Visser in Dronten demonstreert de VC-functie van zijn Xerion 3300. De trekker staat te koop bij Bart Agro Mechanisatie. Visser schakelt over op biologisch, gaat ondiep ploegen, en heeft de power van z'n Xerion dus niet meer nodig.

  • De Caterpillar-motor hoor je van verre aankomen. Het brandstofverbruik van de Mercedes in de nieuwere Xerions is wel fors gunstiger.

    De Caterpillar-motor hoor je van verre aankomen. Het brandstofverbruik van de Mercedes in de nieuwere Xerions is wel fors gunstiger.

Het aanbod aan Xerions concentreert zich met name op de thuismarkt Duitsland en verder oostwaarts. Slechts af en toe staat er eentje bij een handelaar in Nederland. De Xerion op de foto’s is van een akkerbouwer in de Flevopolder en staat te koop bij een Claas-dealer.

Cabine omkeren nog altijd uniek

De Xerion 3300 is er in 3 varianten. Als Trac, als Trac VC en als Saddle Trac. De Trac heeft de cabine vast opgebouwd in het midden. De VC-uitvoering heeft een draaibare cabine. Vanuit de middenpositie kun je de cabine dan hydraulisch optillen, roteren en binnen een minuut op de achterbrug zetten. Nieuw kostte deze optie € 12.000. Met name deze mogelijkheid maakt de Xerion ook vandaag nog tot een unieke trekker. Want de gedraaide cabine geeft goed zicht op de machine in de achterhef, zoals bijvoorbeeld een maisschuif. Of de invoer van een versnipperaar, die je met het hoge aftakasvermogen prima kunt aandrijven.

De Vista-cabine. Het is een klim, maar dan heb je ook goed uitzicht. De beenruimte in de oudere generatie cabines was beperkt. Claas gebruikte de Viste maar kort op de Xerion, dus gebruikt kom je ze ook niet vaak tegen.
De Vista-cabine. Het is een klim, maar dan heb je ook goed uitzicht. De beenruimte in de oudere generatie cabines was beperkt. Claas gebruikte de Viste maar kort op de Xerion, dus gebruikt kom je ze ook niet vaak tegen.

Wat niet breed bekend is, is dat Claas nog steeds ombouwkits levert. Zo kun je een Xerion met vaste cabine ombouwen naar een VC-model. Dat is goed te doen, maar niet goedkoop en arbeidsintentief.

De Saddle Trac tot slot heeft een vaste cabine die op de neus is gebouwd. Deze versie is bedacht voor een grote opbouwtank of opleggertanks.

IJzersterke troef

De Xerion is geen trekker in de normale zin van het woord. Het begrip Trac schiet eveneens tekort. Met 335 pk, een traploze transmissie en een gewicht van 13 ton is deze Claas een indrukwekkende werktuigendrager. Je moet wel veel uren kunnen maken om de hoge prijs van de Xerion weg te werken. De Xerion oogt imposant en dat is hij ook. Met 4 stuks 710/70 R42-banden weet hij de kracht goed op de grond te zetten en dankzij vierwielbesturing is de draaicirkel wonderbaarlijk klein. De aandrijflijn kent wel een verlies van 17,3%. Het verbruik is bovengemiddeld. De aftakas kent alleen 1.000 toeren en een frontaftakas is niet leverbaar. Tegen de doorgaande hefkracht van 10,4 ton mag je U zeggen. Het zicht naar achteren valt wel tegen en het geluidsniveau is bovengemiddeld.

Ken de geschiedenis van een Xerion

In de praktijk zie je ook Xerions met middencabine en een opleggertank rijden. Die laatste koppel je dan aan een kogeltrekhaak achter de cabine. In de beginjaren was juist de Trac VC populair als werktuigendrager. Claas promootte deze ook met een tankopbouw, om dienst te doen als zelfrijder in de mest. Ook in ons land liepen er enkele. Feitelijk rijd je dan altijd achteruit; voor de transmissie geen probleem. De cabine staat op de achterbrug, de tankopbouw lag over de motorkap; en achterin, dus feitelijk in de fronthef, hing de bemester.


  • Een Xerion Trac VC met cabine boven de achterbrug, bemester in de fronthef en tankopbouw boven de motor. Gepromoot als zelfrijder, maar te gek in de aslasten. Bij zulke extreme belastingen kunnen de Rába-assen wel zorgenkindjes worden.

    Een Xerion Trac VC met cabine boven de achterbrug, bemester in de fronthef en tankopbouw boven de motor. Gepromoot als zelfrijder, maar te gek in de aslasten. Bij zulke extreme belastingen kunnen de Rába-assen wel zorgenkindjes worden.

  • De meeste Xerions zijn voorzien van een fronthef. Die tilt een lieve 6,6 ton, maar een aftakas ontbreekt altijd.

    De meeste Xerions zijn voorzien van een fronthef. Die tilt een lieve 6,6 ton, maar een aftakas ontbreekt altijd.

  • Enorme banden kunnen onder de Xerion, en dan nog is de trekker wendbaar dankzij de vierwielbesturing.

    Enorme banden kunnen onder de Xerion, en dan nog is de trekker wendbaar dankzij de vierwielbesturing.

Met motor, tank en een zware bemester aan een zijde van de Xerion liepen de aslasten echter (veel) te hoog op, en dat zorgde voor problemen. Lekke keerringen en slijtage. En de fronthef kan weliswaar 6,6 ton tillen, maar was evenmin berekend op de enorme krachten van een brede bemester. Om deze reden is het juist bij een Xerion erg belangrijk om te weten wat de geschiedenis is van het exemplaar dat je op het oog hebt. Bij bijvoorbeeld een tankoplegger is het gewicht al veel beter verdeeld, omdat de bemester in de hef van de oplegger hangt. Op internet staan exemplaren te koop waarbij is vermeld dat de assen verzwaard zijn.

Tweedehands Xerion kopen: check de historie

De historie zegt alles bij aankoop van een Xerion. Probeer hier zo veel mogelijk over te achterhalen. Zoals we reeds noemden:
vermijd de exemplaren met een zware opbouw.
wees kritisch op de staat van de assen en aandrijfassen, zeker wanneer de Xerion voor een bosbouwfrees heeft gestaan of anderszins zwaar aftakaswerk heeft verricht.
de eerste versies hebben de Cebis II-terminal van de Lexions. Die moeten het stellen zonder kopakkermanagement en hectareteller. Pas later kwamen de Isobus-terminals. In de loop der tijd kwamen er versterkte assen onder de Xerions, met ook een andere eindvertraging. Let erop of de aanwezige schermen, computers en elektronica volledig en naar behoren functioneren.

Claas Xerion 3300: kaf en koren gescheiden

Of registreer je om te kunnen reageren.