Home

Nieuws laatste update:25 feb 2020

Eerste EU-begrotingstop mislukt

De eerste echte top over de meerjarenbegroting van de Europese Unie is uitgelopen op een mislukking. Een nieuwe datum is er nog niet.

Voorstellen van de nog verse voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel, zijn van tafel geveegd. Het gaat om de begroting van de EU voor de periode 2021-'27. Michel heeft een bedrag van bijna € 1.100 miljard voorgesteld. In dit stadium gaat het in de eerste plaats nog om de totaalbedragen. Hoeveel draagt een land af en hoeveel vloeit uit de Brusselse begroting terug naar de lidstaten? Het is een strijd tussen netto-betalers zoals Nederland, die per saldo geld afdragen, en de netto-ontvangers zoals Polen, die per saldo geld ontvangen.

Nederland onderdeel ‘vrekkige vier’

Nederland en drie andere landen (Oostenrijk, Denemarken en Zweden) zien de begroting van de EU liever krimpen dan groeien. Dat zijn allemaal netto-betalers en staan te boek als de ‘vrekkige vier’. Daar tegenover staan vijftien vooral Oost- en Zuid-Europese landen die meer geld willen en dus voor een veel grotere begroting van de EU zijn. Tussen de beide uitersten zitten de grote landen Duitsland en Frankrijk, beide netto-betaler. Duitsland wil eigenlijk ook wel de uitgaven beteugelen, terwijl Frankrijk zich in ieder geval sterk maakt voor behoud van de landbouwsubsidies.

Brexit zorgt voor gat in begroting

Door het uitreden van het Verenigd Koninkrijk, een jarenlange netto-betaler, ontstaat een flink gat in de begroting. Dat, en de sterk uiteenlopende wensen van lidstaten, maken het extra ingewikkeld. De vorige meerjarenbegroting is in grote lijn beslist in februari 2013 tijdens de gebruikelijke marathonzitting van regeringsleiders. Het duurde toen nog maanden voordat ook het Europees Parlement instemde. Het EP wil nu opnieuw fors meer geld dan in de voorstellen van Michel staat en koerst op ruim € 1.300 miljard.

Of registreer je om te kunnen reageren.