Home

Nieuws

Daling antibioticagebruik geen invloed op productieresultaten en exportpositie

De daling van het antibioticagebruik in de zeugen- en vleeskuikenhouderij heeft niet geleid tot een negatief effect van productie- en economische resultaten.

Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen Economic Research. Dierenartsen verkochten over de periode van 2009 tot 2017 in totaal 63% minder antibiotica aan Nederlandse veehouders. De vleeskuikensector realiseerde over deze periode een reductie van 74% en de varkenssector 58%. Zij realiseerden hiermee de hoogste antibioticareductie van de Nederlandse veehouderijsectoren.

Angst voor negatief effect

Belanghebbenden vreesden dat een vermindering van antibiotica in de veehouderij zou leiden tot een negatief effect op de productieresultaten en de economische prestaties op landbouwbedrijven. Op verzoek van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit werd hierop het onderzoek uitgevoerd op 74 zeugenbedrijven en 36 vleeskuikenbedrijven over de periode 2005 tot 2017.

Reductie van antibiotica door zeugenhouders werd gerealiseerd door niet meer routinematig antibiotica toe te dienen

De onderzoekers concludeerden dat sinds de inzet van het terugdringen van de antibioticagebruik, dit geen invloed heeft op de productieresultaten en gezinsinkomen. Daarnaast heeft deze reductie ook geen belemmeringen opgeleverd voor de internationale concurrentiepositie van de Nederlandse varkens- en vleeskuikenhouderij. Hierbij werden de productiekosten in Nederland vergeleken met de drie concurrenten in de EU: Denemarken dat gemiddeld een laag antibioticaverbruik heeft, Duitsland met een gemiddeld antibioticaverbruik en voor Nederland een belangrijke exportmarkt is voor vleeskuikens, varkens en varkensvlees en als laatste met Spanje dat een relatief hoog gemiddeld antibioticaverbruik kent.

Varkenshouderij

Ondanks dat er geen relatie is gevonden met de antibioticareductie en de concurrentiepositie in de varkenshouderij, zijn de productiekosten sinds 2013 ten opzichte van de andere drie EU-landen verslechterd. Onderzoekers geven aan dat naast toenemende kosten voor milieu- en welzijnsmaatregelen, de achterblijvende productieresultaten in de zeugenhouderij een van de oorzaken hiervan is. Het aantal afgeleverde biggen per zeug steeg van 23,5 in 2005 naar 29,2 in 2017. Deze extra kosten zijn echter niet gerelateerd aan diergezondheid en antibioticagebruik.

De reductie van antibiotica door zeugenhouders werd gerealiseerd door niet meer routinematig antibiotica toe te dienen, meer preventief te vaccineren, gebruik te maken van pijnbestrijding en meer hygiënemaatregelen en inzet van ongediertebestrijding.

Vleeskuikenhouderij

In de vleeskuikenhouderij is er geen verlies van concurrentiepositie geconstateerd. Een groot gedeelte van de antibioticareductie is toe te schrijven aan de overgang naar een traaggroeiend vleeskuikenras. In 2018 bestond ongeveer een derde van de Nederlandse vleeskuikenproductie uit deze traaggroeiende dieren. De gemiddelde dierdagdosering bij de productie van traaggroeiende vleeskuikens is een derde van die van conventionele slachtkuikens. De brutomarge per vierkante meter per jaar is ongeveer gelijk.

Of registreer je om te kunnen reageren.