‘Producentenorganisatie of alleen coöperatie?’

Aangesloten boeren van een Producenten Organisatie (PO) in de landbouwsector hebben geen leveringsplicht. Dat biedt de ruimte om de PO naar eigen wens vorm te geven. Maria Litjens hoopt dat die ruimte behouden blijft.

Al vaker is de vraag gesteld naar de meerwaarde van een Producenten Organisatie (PO) ten opzichte van een coöperatie. Deze vraag is weer actueel, omdat een groot deel van de Producenten Organisaties in de sector groenten en fruit geen subsidie meer heeft aangevraagd, terwijl juist dat de reden is om een PO te zijn. De meeste organisaties hebben in 2019 geen subsidie meer aangevraagd, omdat de regels te ingewikkeld zijn. Een aantal organisaties is dit jaar wel als PO verdergegaan, maar juist een ander deel heeft ook de erkenning laten vallen en blijft een coöperatie.

Verschil tussen landbouw en groenten en fruit

Al of niet erkenning als PO maakt in de verdere werkwijze betreffende afzetactiviteiten van de organisatie in de sector groenten en fruit niet uit. In de landbouw kunnen PO’s al geen subsidie aanvragen en toch is de situatie hier anders. Dit hangt samen met het verschil tussen PO’s in de landbouw en in de sector groenten en fruit. Alleen voor de sector groenten en fruit geldt de aanvullende regel van de leveringsverplichting. In deze sector moeten leden hun producten aan de Producenten Organisatie leveren. De PO bepaalt de prijs en brengt de producten op de markt.

Nut van een leveringsplicht

Producenten in de sector groenten en fruit onderkennen zeker het nut van een leveringsplicht. Gezamenlijke afzet is efficiënter. Een PO kan experts inhuren of men kan betreffende afzetactiviteiten van elkaars expertise gebruik maken. Een teler is immers niet meer in staat alle deskundigheid zelf in huis te hebben. Als er weinig afnemers zijn is alleen onderhandelingsmacht te creëren door samenwerking.

Een PO in de sector groenten en fruit moet op grond van de Europese verordening de leveringsplicht aan de leden opleggen. Zonder leveringsplicht is geen erkenning mogelijk. Alle PO’s in de sector groenten en fruit hebben gekozen voor de rechtspersoon van coöperatie, omdat hierin de leveringsplicht eenvoudig te realiseren is. Een coöperatie legt in haar statuten de leveringsplicht vast.

Geen verschil

De PO’s in de sector groenten en fruit die geen subsidie meer hebben aangevraagd, zijn of doorgegaan als PO of zijn nu alleen een coöperatie. Zij gaan allemaal door met hun afzetactiviteiten. De rechtspersoon is hetzelfde, namelijk een coöperatie. Allen hebben een leveringsplicht voor de leden. De organisatie verzorgt de verkoop. Zo verschilt een PO in niets van een coöperatie.

Duaal karakter

Een coöperatie is immers een organisatie en een bedrijf en heeft zodoende een duaal karakter. De organisatie heeft regels voor de leden en het bedrijf handelt op de markt. Een coöperatie mag als organisatie van zelfstandige ondernemers hun producten op de markt afzetten zonder in conflict te komen met het kartelverbod. Dit heeft het HvJ EU in 1995 in een zaak aangaande een Nederlandse zuivelcoöperatie bepaald. De rechter heeft aangegeven dat de coöperatie dan ook aan de leden bepaalde verplichtingen mag opleggen. De rechter acht dit gedrag toelaatbaar, omdat de coöperatie bijdraagt aan efficiënt ondernemen en ook mededinging juist kan vergroten. Hierdoor heeft een coöperatie dus al de ruimte voor samenwerking rond de afzet, die een PO via erkenning verkrijgt.

Andere sectoren

Als producenten alleen gezamenlijk de afzet willen bundelen, dan is er in de sector groenten en fruit geen verschil tussen een PO en een coöperatie. Voor andere sectoren ligt dit anders. Dit komt door het ontbreken van de leveringsplicht. Hierdoor is er in andere sectoren veel meer ruimte om naar eigen wens een PO vorm te geven.

Vereniging

Dit is het best te illustreren door naast de vorm van coöperatie, de vorm van vereniging te zetten. Binnen een vereniging kunnen leden gezamenlijk afspraken maken die een leidraad vormen voor de verkoop door de leden zelf. Deze afspraken kunnen gaan over hoeveelheid, een minimum- of vaste prijs en dergelijke. De verkoop blijft in handen van de leden zelf. De regels voor Producenten Organisaties bieden voor andere sectoren ruimte voor eigen vormgeving van de organisatie.

Nu is de hoop dat voor de PO’s in de Nederlandse landbouw deze ruimte behouden blijft

Het HvJ EU heeft in 2017 deze ruimte bekrachtigd en daarbij geoordeeld dat PO’s buiten de werking van het kartelverbod vallen als de activiteiten strikt noodzakelijk zijn om de doelstellingen te realiseren. De minister van LNV heeft een wetsvoorstel met een nadere invulling van de Europese regels voor de zomer toegezegd. Nu is de hoop dat daarin voor de PO’s in de Nederlandse landbouw deze ruimte behouden blijft.

Of registreer je om te kunnen reageren.