Commentaar

‘Terechte zorg over vogelgriep’

In België waart een lichte vorm van vogelgriep rond.

Een laagpathogene versie van het virus (type H3N1) is al op zo’n 40 bedrijven vastgesteld. Het is familie van de gevreesde H5- en H7-varianten van het AI-virus, maar minder gevaarlijk.

Staatssteun

Omdat in tegenstelling tot laagpathogene H5 en H7-virussen dit type, voor zover bekend, niet muteert tot een hoogpathogene vorm, is melding niet verplicht, evenmin als bestrijding. Toch is er op de getroffen bedrijven flinke impact in de vorm van verhoogde sterfte en zieke dieren.

De Belgische overheid worstelt met de situatie. Ruimen met een vergoeding mag niet van Europa, want dat wordt gezien als staatssteun. Ieder moment wordt een pakket alternatieve maatregelen verwacht. Zorgwekkend is dat de informatievoorziening nog niet op orde is. Er is geen goed zicht op de dierbewegingen.

Een ongeluk zit in een klein hoekje

Diergezondheidsfonds

Intussen knijpen de Nederlandse pluimveehouders hem. Terecht. Iedereen is uiteraard waakzaam en de bioveiligheid staat voorop. Maar een ongeluk zit in een klein hoekje. Een onverhoopte uitbraak wordt een testcase voor de periode na 2021, als ook laagpathogene H5 en H7 niet meer standaard geruimd wordt. Bedoeling is dan met andere maatregelen het gevaar in te dammen. Dit betekent een bezuiniging op de fondsen en de heffingen. Vraag is uiteraard of die besparing gaat opwegen tegen de kosten van een onverhoopte uitbraak die niet tijdig ingedamd wordt.

Lees ook: LTO/NOP: alles aan doen om LPAI niet te krijgen

Of registreer je om te kunnen reageren.