Redactieblog

‘Sociale staat van het platteland’

De nieuwe minister moet zich niet alleen met landbouw, maar ook met het plattelandsbeleid bemoeien.

Iedereen kijkt reikhalzend uit naar het nieuwe kabinet, met daarin weer een echte minister van landbouw. We hebben op de afdeling al een pooltje opgezet over wie het wordt. Voor een sector die, een beetje ruim berekend, zo’n 10% van ’s lands economie omvat, is een eigen minister eigenlijk wel wat royaal. Maar ik neem aan dat er naast landbouw en agro-industrie nog wel wat meer onder zal vallen. Een van de logische onderwerpen is dan het plattelandsbeleid, want dat was in het verleden ook zo. U heeft er wellicht niet zoveel van gemerkt, maar ik wel.

De coördinerende minister voor Platteland heeft er namelijk in 2004 voor gezorgd dat er een langlopend onderzoeksprogramma gestart is, ‘De sociale staat van het platteland’. Het programma is uitgevoerd door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), en wordt dit jaar afgerond. Dat onderzoeksprogramma was bedoeld om meer zicht te krijgen op hoe het Nederlandse platteland in elkaar zit, niet economisch, maar sociaal.

Modern en leefbaar platteland

Daartoe heeft het SCP in de afgelopen jaren grote aantallen enquêtes en interviews gehouden. Uit de verschillende rapporten die erover zijn verschenen komt het beeld naar voren van een modern en leefbaar platteland. Een platteland waar men niet meer naar de buren gluurt, maar wel voor ze zorgt als dat nodig is. Een platteland ook waar men niet meer automatisch lid is van een club omdat het zo hoort, maar waar burgers bewust kiezen tussen waar ze wel en niet bij betrokken willen zijn. En ondanks dat, neemt het percentage vrijwilligerswerk als totaal niet af.

Ook weten we nu dat het bestuur van verenigingen voor dorpsbelangen nog steeds vooral uit mannen bestaat, ook al is dat in mijn eigen dorp niet zo. Eexterzandvoort is zijn tijd wel vaker vooruit. En we hebben geleerd dat clubs die zich met natuur en ecologie in de eigen omgeving bezighouden, vooral bevolkt worden door mensen die niet op die plek geboren zijn, maar er later zijn komen wonen. Voor de goede orde, dat geeft hen zeker niet minder rechten.

We weten uit de SCP-data ook dat de sluiting van de school of zelfs het dorpshuis niet meteen leidt tot minder leefbaarheid. We weten nog niet hoe dat precies komt, maar waarschijnlijk omdat school en dorpshuis vaak maar door een deel van de dorpsbevolking gebruikt wordt.

Langlopend onderzoek

Dit weten we allemaal, omdat het onderzoeksprogramma voor lange tijd gezekerd was. En dat betekent dat de resultaten ‘niet zo maar een mening van een wetenschapper’ zijn, maar hard bewijs. Daar kunnen gemeentes en organisaties niet omheen. De nieuwe minister zal op zijn tijd onderzoek moeten financieren. Laat het dan vooral langlopend zijn. Dat scheelt voor de minister ook veel gedoe en onderhandelen. Dan houdt hij of zij meteen meer tijd over voor de landbouwsector zelf.

Of registreer je om te kunnen reageren.