1 reactie

‘De agrarische sector voor beter milieu!’

Vergroot de ondernemersvrijheid voor boer en tuinder door afgevangen broeikasgassen te verkopen.

Terwijl het Europees Parlement stemt over de implementatie van het Klimaatakkoord van Parijs, maakt Donald Trump bekend dat de Verenigde Staten zich zullen terugtrekken uit ditzelfde akkoord. Europa zal er alles aan moeten doen om de doelstellingen alsnog te behalen.

‘De land- en tuinbouwsector heeft nog vaak een slechte naam als het om het milieu gaat. Onterecht.’

Uitstoot 43% verminderen

Volgens het akkoord moeten grote industrieën in 2030 hun uitstoot van broeikasgassen met 43% verminderd hebben ten opzichte van 2005. Voor een aantal sectoren, waaronder bouw, transport en landbouw geldt een andere doelstelling. Zij moeten de uitstoot met 30% verminderen.

In het Parijsakkoord wordt het belang van de agrarische sector voor onze voedselvoorziening erkend. Tegelijkertijd heeft de land- en tuinbouwsector nog vaak een slechte naam als het om het milieu gaat. Onterecht. De agrarische sector heeft de unieke mogelijkheid om, als een van de weinige sectoren, broeikasgassen uit de lucht te binden, om die vervolgens om te zetten naar organische stoffen in de bodem. Een win-win situatie, want naast het verminderen van broeikasgassen, wordt ook de bodemkwaliteit van onze landbouwgronden verbeterd.

Afgevangen broeikasgassen verkopen

Ik streef er al langere tijd naar dat de afgevangen broeikasgassen verrekend mogen worden met de 30% reductiedoelstelling. Dit voorstel wordt door het Europees Parlement gesteund. Het is nu aan de lidstaten om tot een model te komen, waarbij boer en tuinder ook daadwerkelijk beloond worden voor deze bijdrage. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door afgevangen broeikasgassen te mogen verkopen aan collega’s binnen en buiten de sector. Hiermee vergoten we de ondernemersvrijheid van de boer en tuinder.

‘Nederlandse boeren en tuinders verdienen ondernemersruimte’.

Stichting Veldleeuwerik

De sector investeert en innoveert continu. Maar ook door samen te werken als keten, wordt er steeds duurzamer geproduceerd. Stichting Veldleeuwerik is daar een mooi voorbeeld van. Alle aangesloten telers en boeren hanteren een integrale aanpak om duurzaam te produceren en werken hierbij als keten goed samen. Belangrijk onderdeel hierbij is het continu verbeteren van de bodemkwaliteit, wat leidt tot een lagere uitstoot van broeikasgassen per kilogram voedsel. Niet omdat ze gedwongen worden, maar omdat zij het beste product willen leveren.

Nederlandse boeren en tuinders verdienen ondernemersruimte, maar bovenal het vertrouwen van de consument. Anders lopen we het gevaar dat voedsel ergens anders wordt geproduceerd. Maar dan wél met een grotere impact voor milieu en klimaat.

Eén reactie

  • dat betekend ook dat de ruimte daarvoor groter moet zijn dan de huidige 13,4 miljoen ton

Of registreer je om te kunnen reageren.