Home

Achtergrond 7 reacties

Minder fosfaatruimte door nieuwe norm in 2021

Vanaf 2021 wordt de fosfaatruimte op percelen gebaseerd op twee metingen. Op bedrijfsniveau kan dat de fosfaatruimte flink beperken.

De ruimte voor fosfaatbemesting kan flink dalen vanaf 1 januari 2021. Voor een deel van de akkerbouwbedrijven op zeeklei kan dat uitkomen op honderden kilo’s minder fosfaatruimte. Op een deel van de bedrijven kan het ook meer fosfaatruimte opleveren. Dat komt door de andere bepaling van fosfaattoestand van percelen. Vanaf 1 januari 2021 wordt de gebruiksruimte fosfaat van grasland en bouwland gebaseerd op twee indicatoren:

  • het P-AL getal (totale hoeveelheid fosfaat in de bodem);
  • het P-CaCl2 getal (fosfaat beschikbaar voor de plant), ook wel het PAE getal genoemd.
Bemesten van gewassen op zeeklei wordt een stuk lastiger in 2021 door een nieuwe bepaling van de fosfaattoestand. - Foto: Peter Roek
Bemesten van gewassen op zeeklei wordt een stuk lastiger in 2021 door een nieuwe bepaling van de fosfaattoestand. - Foto: Peter Roek

Daarmee vervalt de huidige methode die voor grasland is gebaseerd op alleen het P-AL-getal en voor bouwland op het Pw-getal. De fosfaattoestand van een perceel bepaalt hoeveel fosfaat bemest mag worden via de bijbehorende fosfaatgebruiksnorm. Die normen blijven wel verschillen tussen grasland en bouwland. De normen zoals die gaan gelden in 2021 staan in onderstaande tabel.

Minder fosfaatruimte door nieuwe norm in 2021

Gegevens over de fosfaattoestand moeten wel doorgegeven worden aan RVO.nl. Gebeurt dat niet dan geldt automatisch fosfaattoestand hoog, met de bijbehorende laagste gebruiksnorm. In 2019 is voor 700.000 hectare landbouwgrond geen fosfaattoestand doorgegeven.

Fosfaatruimte kleiner op klei

Op 80% van de akkerbouwbedrijven op zeeklei gaat de fosfaatruimte omlaag door de nieuwe fosfaatklassen. Dat is de inschatting van Hans Moggré, adviseur akkerbouw bij Delphy. Op circa 15% van de bedrijven verandert het weinig en op 5% van de bedrijven wordt de fosfaatruimte iets groter. Hij baseert zich op de bemestingstingsplannen die hij en zijn collega’s hebben gemaakt voor het jaar 2020. Daarbij is ook de situatie in 2021 doorgerekend op basis van het areaal in 2020. “De gevolgen kunnen per gebied sterk verschillen”, benadrukt Moggré.

De gevolgen kunnen per gebied sterk verschillen

Hans Moggré, adviseur akkerbouw bij Delphy

Vooral op kalkhoudende kleigronden, zoals de meeste zeekleigebieden, is de bodemvoorraad fosfaat (het zogenoemde PAL-getal) hoog. Tegelijkertijd is de hoeveelheid fosfaat, beschikbaar voor de plant, wel laag. Die beschikbare hoeveelheid wordt vanaf 2021 uitgedrukt in het P-CACL2-getal (of P-PAE). Een laag P-CACL2 betekent in principe dat de gebruiksnorm fosfaat hoger uitpakt, maar omdat ook de hoge PAL meetelt in de bepaling van de fosfaattoestand kom je toch uit op een lagere fosfaatgebruiksnorm.

Moggré heeft de indruk dat vooral bedrijven die nu percelen met een lage PW-waarde hebben (de huidige fosfaatindicator voor bouwland) er op achteruit gaan. En dat tikt behoorlijk aan. De grootste daling in fosfaatruimte die Moggré is tegengekomen komt uit op 33%. Dit bedrijf heeft veel percelen met fosfaattoestand arm (120 kilo fosfaat). In 2021 gaan veel van deze percelen naar fosfaattoestand laag of zelfs neutraal. In de bemestingsplannen die hij heeft doorgerekend voor klanten komt de daling uit op gemiddeld 4 tot 10 kilo fosfaat per hectare, dat scheelt al gauw honderden kilo’s per jaar.

Jeroen van Sabben (43) in Oudelande (Zld) heeft samen met zijn vader een bedrijf met 70 ha zeeklei met aardappelen, zaaiuien, suikerbieten, bruine bonen en graszaad. - Foto: Peter Roek
Jeroen van Sabben (43) in Oudelande (Zld) heeft samen met zijn vader een bedrijf met 70 ha zeeklei met aardappelen, zaaiuien, suikerbieten, bruine bonen en graszaad. - Foto: Peter Roek

‘Bemesten wordt door de andere normen in 2021 een lastig verhaal’

10 kilo fosfaat minder bemestingsruimte per hectare in 2021, ruim 700 kilo minder in totaal. Dat was wel even schrikken voor akkerbouwer Jeroen van Sabben in het Zeeuwse Oudelande.

In het bemestingsplan voor 2020 van Delphy zijn ook de effecten van de zogenoemde gecombineerde indicator voor 2021 doorgerekend. Uitkomst op basis van 70 hectare zeeklei: 4.738 kilo fosfaatruimte in 2020 en 4.035 kilo in 2021. Daarbij is al rekening gehouden met het gebruik van vaste mest, op grond met fosfaattoestand hoog mag dan 5 kilo meer fosfaat gebruikt worden.

Het bedrijf heeft een typisch Zeeuws bouwplan met ongeveer een kwart aardappelen, 8 hectare zaaiuien, ongeveer 18 hectare wintertarwe en verder suikerbieten, bruine bonen en graszaad. Volgens Jeroen wordt bemesten met de nieuwe normen in 2021 een lastig verhaal. “Het was de laatste jaren al schipperen door de steeds lagere bemestingsnormen vooral voor fosfaat”, aldus Jeroen.

Tot nu toe werd met name op de percelen voor aardappelen in het voorjaar nog wat varkensdrijfmest gebruikt, dat wordt steeds lastiger in te passen. En op tal van percelen werd al compost gebruikt om het gehalte organische stof omhoog te krijgen. “Organische stof is op onze zeeklei steeds belangrijker om de bodemkwaliteit op peil te houden en minder droogte gevoelig te worden. Daar maken we ons wel zorgen over”, vertelt Jeroen, “Interen op fosfaat kan niet doorgaan, gewassen hebben het nodig om te groeien; vooral aardappelen, uien en andere rooigewassen. Dat zijn juist de gewassen die normaal gesproken het saldo moeten maken. Ik vind het slecht beleid als ik zie hoe die nieuwe norm uitpakt op mijn bedrijf.”

De afgelopen jaren heeft Van Sabben champost gebruikt na de oogst op percelen waar tarwe werd geteeld. Dat is inmiddels al duurder geworden. “Je merkt dat champost lastiger verkrijgbaar wordt en geld toekrijgen is hier niet meer aan de orde. Als je 30 tot 40 ton op een hectare strooit scheelt ben ik nu ongeveer € 60 per hectare meer kwijt.” Ook extra kunstmest ter compensatie van minder drijfmest is duurder.

Meer fosfaatruimte niet altijd benutbaar

Op zandgronden zal het effect van de nieuwe gecombineerde indicator voor fosfaattoestand eveneens verschillen per bedrijf. De extra fosfaatklasse en aanpassingen van de normen dit jaar heeft op proefbedrijf De Marke in Hengelo (Gld.) weinig invloed gehad volgens onderzoeker Gerjan Hilhorst. Per saldo daalt dit jaar de gemiddelde norm van 78 kilo fosfaat per hectare naar 77 kilo per hectare op de Marke.

Op basis van de gecombineerde norm voor 2021 zou de gemiddelde fosfaatgebruiksnorm uitkomen op 84 kilo per hectare. Iets meer ruimte dus. “Op De Marke hebben we wel veel percelen met een hoge P-AL maar ook veel percelen met een lage P-PAE. En juist die percelen krijgen een hogere P-norm. De daling van de P-PAE zien we al een aantal jaren en ik denk dat meerdere zandbedrijven dit zien.”

Maar voor de bemesting heeft dat in beide jaren niet veel gevolgen volgens Hilhorst. De gebruiksnorm voor stikstof uit dierlijke mest is voor de meeste veebedrijven beperkend en dat geldt ook voor De Marke. Vanwege de stikstof moet er op de intensievere bedrijven mest afgevoerd worden en daarmee verdwijnt ook het fosfaat. Dat geldt ook op andere grondsoorten. Op derogatiebedrijven is een eventuele aanvulling met fosfaatkunstmest niet toegestaan.

Fosfaattoestand van 700.000 hectare in 2019 ‘onbekend’

In 2019 hebben boeren voor ruim 700.000 hectare geen fosfaattoestand doorgegeven in de gecombineerde opgave. Dat betekent dat geen PAL-getal (grasland) of PW-getal voor bouwland is opgegeven. De fosfaattoestand van die percelen is daarom aangemerkt als ‘hoog’. Het gaat om 39% van het totale areaal in 2019 volgens gegevens van RVO.nl die zijn bewerkt door het CBS. In 2016 was van 800.00 hectare geen fosfaattoestand doorgegeven, 44% van het toenmalige landbouwareaal.

In 2019 is voor 53% van het bouwland geen fosfaattoestand doorgegeven, bij grasland was dat 37%. Van bouwland op zand en löss is voor 66 en 71% van het areaal geen PW-getal doorgegeven, bij bouwland op klei gaat het altijd nog om 42% (178.000 hectare). Voor grasland op zand is van 42% geen PAL-getal opgegeven en bij gras op klei is dat op 33% van de percelen het geval.


RVO.nl registreert meer grond met fosfaattoestand hoog dan op basis van grondmonsters te verwachten is. Een perceel zonder PW- of PAL getal krijgt altijd fosfaattoestand hoog.Het areaal met fosfaattoestand ‘hoog’ is in ieder geval veel lager dan blijkt uit de cijfers van RVO.nl. Dat is een bekend gegeven en verwerkt in adviezen over de totale plaatsingsruimte voor fosfaat. Daarbij wordt onder meer gebruik gemaakt van gegevens van Eurofins Agro.

De verschillen zijn fors. Op basis van gegevens van RVO heeft in 2019 60% van het areaal fosfaattoestand hoog, 49% is op basis van geen doorgegeven Pal- of PW-getal (zie grafiek). Volgens gegevens van Eurofins Agro heeft 38% van het areaal zandgrond fosfaattoestand hoog. Een verschil van 22% en dat zou neerkomen op ruim 170.000 hectare zandgrond dat nu als hoog is aangemerkt maar volgens grondmonsters een lagere fosfaattoestand zou hebben.

Neutraal effect landelijk

De gecombineerde indicator die ingaat in 2021 is een van de aanpassingen in de zogenoemde Uitvoeringsregeling Meststoffenwet (URM) die eind 2019 zijn gepubliceerd.

Dit jaar is op basis van die aanpassingen het aantal fosfaatklassen uitgebreid naar vijf en zijn de bijbehorende normen aangepast. De fosfaatklasse neutraal is gesplitst in een klasse neutraal en een klasse ‘ruim voldoende’. De gebruiksnorm op percelen met fosfaattoestand hoog is verlaagd en op percelen met fosfaattoestand laag en neutraal is iets verhoogd. De normen gelden op bedrijfsniveau en verschillen tussen grasland en bouwland. Landelijk gezien zou de aanpassing een neutraal effect moeten hebben op de totale fosfaatruimte van Nederlandse landbouwgrond. Dat is onder meer gebaseerd op adviezen van het College Deskundigen Meststoffenwet (CDM).

Toepassing van compost op bouwland kan een hogere fosfaatgebruiksnorm opleveren op grond met fosfaattoestand hoog. - Foto: Koos Groenewold
Toepassing van compost op bouwland kan een hogere fosfaatgebruiksnorm opleveren op grond met fosfaattoestand hoog. - Foto: Koos Groenewold

Voor de gecombineerde indicator was het streven van het Ministerie van LNV eveneens een neutraal effect op landelijk niveau. Op basis daarvan zijn de uiteindelijke fosfaatklassen samengesteld zoals in de tabel ‘Fosfaattoestand bepalen met gecombineerde indicator’ op de vorige pagina. Daarbij is door het CDM geen uitspraak gedaan over de veranderingen in plaatsingsruimte op bedrijfsniveau of regionale effecten. Het advies is uitgebracht in 2019 en toen was informatie over het P-CACl2 getal niet beschikbaar. Het CDM sluit in het advies dan ook niet uit dat veranderingen voor individuele bedrijven groot kunnen zijn.

Minder fosfaatruimte door nieuwe norm in 2021

Aanpassingen in mestbeleid

De aanpassingen in 2021 geven in feite uitvoering aan het Zesde Actieprogramma Nitraatrichtlijn (AP6). Dat actieprogramma bevat de hoofdlijnen van het mestbeleid voor de periode 2018-2021 en is in 2017 vastgesteld en goedgekeurd door Brussel. De aanpassingen die in het AP6 zijn opgenomen zijn in de afgelopen jaren stuk voor stuk verwerkt in de mestregelgeving. Voorbeelden zijn eerdere aanscherpingen van mestnormen en tal van maatregelen om de uitspoeling van meststoffen te beperken zoals vanggewassen. De invoering van de gecombineerde indicator voor fosfaat is een van de laatste aanpassingen in dit actieprogramma die nog doorgevoerd wordt.

Laatste reacties

  • Schrauwen Landbouw

    Op ons akkerbouwbedrijf stort de fosfaatbemestingsruimte met 25% naar beneden door deze nieuwe normen, terwijl de aanvoeruimte nu al te laag is om de grond in conditie te houden.
    Er ontstaat minder ruimte voor organische mest en we zullen meer kunstmest gaan gebruiken, dat kan toch niet de bedoeling zijn.

  • deB.


    Alles is en gaat nog verder kapot!!!
    Er is niet fatsoenlijk meer mee te werken

  • diekmann

    Kunstmest en compost aanvoeren is de toekomst. Drijfmest met organische stof wordt steeds minder. Hoe lang accepteren we dit nog. De bom staat op knappen.

  • info196

    en dan las ik gisteravond dat de CO2 normen voor het vliegverkeer in de EU versoepeld gaan worden...……….
    blijkbaar hebben zij een beter lobby-apparaat

  • Sjefo

    Het moet kapot, verder geen commentaar, het hele zootje met Schouten voorop is mij te min om nog op te reageren !!

  • Gat

    De druk op de mestmarkt verhogen. En dan volgend jaar roepen, we blijven met een mestoverschot zitten. Daarbij die compost dat daar meer op mag. Dat is de rommel van de overheid. Hier in de buurt, zit grote composteerder. Had 8000 ton waar ie vanaf moest. Gratis en voor niks thuis gebracht

  • ghsmale

    Voor een flatgebouw of neptuur maakt het niet uit als de grond is uitgemergeld.
    Het gaat de verkeerde kant op, van exportland naar importland.

Laad alle reacties (3)

Of registreer je om te kunnen reageren.