Home

Achtergrond

‘Fiscale regels pakken niet altijd goed uit voor boer’

Fiscale effecten van regelingen in de landbouw moeten vooraf en beter geregeld worden. Dat voorkomt onnodig juridisch touwtrekken achteraf, volgens fiscalist Bert van den Kerkhof. Een interview.

Invoering van fosfaatrechten, afschaffing van de landbouwregeling en, heel recent, de saneringsregeling voor de varkenshouderij. Ingrijpende veranderingen die boeren direct raken in hun bedrijf. Belastingregels hebben dan ook nog te vaak ongewenste effecten die door overleg vooraf te voorkomen zouden zijn. Dat is de stellige overtuiging van Bert van den Kerkhof.

Bert van den Kerkhof (62) is onder meer Hoofd Vaktechniek Belastingadvies bij Abab Belastingadviseurs en voorzitter van de Vaksectie recht van VLB. Verder is hij onder meer adviseur voor LTO in het Platform Landbouw en lid van de fiscale werkgroep EFAC. - Foto: Peter Roek
Bert van den Kerkhof (62) is onder meer Hoofd Vaktechniek Belastingadvies bij Abab Belastingadviseurs en voorzitter van de Vaksectie recht van VLB. Verder is hij onder meer adviseur voor LTO in het Platform Landbouw en lid van de fiscale werkgroep EFAC. - Foto: Peter Roek

Talloze juridische procedures heeft hij de afgelopen decennia gevoerd als fiscalist voor klanten van Abab Accountants en voor de gezamenlijke klanten van agrarische accountantskantoren binnen de Vereniging van Accountants- en Belastingadviesbureaus (VLB). Zijn fiscale geheugen gaat verder terug dan dat van de belastinginspecteurs. Hij kijkt zelf alweer naar de toekomst: er komt meer fiscale ruimte voor het opvangen van risico’s zoals droogte en dierziekten als het aan Van den Kerkhof ligt. “Het belang van de fiscus is natuurlijk zoveel mogelijk belasting innen”, erkent Van den Kerkhof, “maar dat moet wel fair zijn en voor iedereen gelijk uitpakken.”

Dat gebeurt nu niet?

“De bestaande fiscale spelregels pakken niet altijd goed uit voor boer en tuinder. Droogte en nattigheid, internationale invloeden en dierziekten zorgen voor enorme schommelingen in inkomens. Er zou een soort klimaatreserve moeten komen om schommelingen van het resultaat waar de ondernemer geen grip op heeft te compenseren en de resultaten over de jaren heen te nivelleren.”

Wat al enorm zou helpen, is dat in ieder geval wordt nagedacht over fiscale consequenties

Klimaatreserve? Je kunt toch middelen?

“Ja, je kunt inkomens middelen en er is verliesverrekening, maar dat is altijd achteraf en helpt niet genoeg. Het huidige systeem zorgt er bijvoorbeeld voor dat bij negatieve inkomens je niet in aanmerking komt voor de heffingskorting en arbeidskorting. Bij heel hoge inkomens worden dergelijke kortingen niet meer verleend. Gemiddeld heb je er recht op, maar nu krijg je niets als je een jaar verlies maakt en het volgende jaar een grote winst. Alleen dat kan al gaan om duizenden euro’s op jaarbasis.”

Waarom weer een nieuwe uitzondering voor de landbouw?

“Het kan zorgen voor een evenwichtiger opbouw van de fiscale inkomens in de landbouw. Er is ook ruimte voor binnen het EU-landbouwbeleid. Frankrijk heeft zo’n speciale regeling voor de landbouw, in Denemarken kunnen alle ondernemers reservering toepassen voor zover de winst in het bedrijf blijft aangewend en ook Ierland heeft een fiscale regeling voor schommelende winsten in de landbouw. De vraag is nu, krijg je het ingepast en past het in de EU-regeling? Die EU-trein dendert nu door en daarom moeten we het er nu over hebben. Voor er nieuw beleid is moet je nadenken over de fiscale gevolgen, dat voorkomt een hoop gedoe achteraf.”

Dat vooraf nadenken gebeurt onvoldoende?

“Ja, wat helaas vaak ontbreekt, is een fiscale paragraaf in nieuwe wetgeving. Het is heel simpel. Als er een financieel gevolg is, dan is er voor ondernemers ook een fiscaal gevolg. Dat wordt vaak pas later volledig duidelijk, op voorhand is niet alles in te schatten. Wat al enorm zou helpen, is dat in ieder geval wordt nagedacht over fiscale consequenties en, voor zover mogelijk, al afspraken worden gemaakt. Helaas moet nu maar al te vaak geprocedeerd worden. Uiteindelijk komt er dan toch een afspraak of werkwijze uit voort die ook eerder geregeld had kunnen zijn.”

Er worden veel beperkingen door de overheid opgelegd en daar hameren we al jaren op

Waarom lukt dat niet?

“De herinvesteringsreserve (HIR) is een goed voorbeeld en dat speelt ook bij de saneringsregeling.” Het wordt al snel fiscaal jargon, geeft Van den Kerkhof glimlachend toe. “Heel kort gezegd, winst die je maakt bij het deels of geheel beëindigen van een bedrijf kun je onder voorwaarden afboeken op nieuwe bedrijfsmiddelen. Die stakingswinst ontstaat bijvoorbeeld als je dierrechten verkoopt. Dat levert meestal meer op dan de fiscale boekwaarde. Winst kan ook ontstaan op andere bedrijfsmiddelen, zoals gebouwen. De hoofdregel is nu dat het moet gaan om bedrijfsmiddelen die binnen tien jaar fiscaal worden afgeschreven of anders in ieder geval dezelfde economische functie hebben. Voor onteigening is er al een ruimere regeling, maar dat komt in de praktijk weinig voor. Als VLB vinden we dat de ruimere regeling altijd moet gelden bij het verplaatsen of omvormen van een agrarisch bedrijf.”

Dat kan nu niet?

“Nee, er worden veel beperkingen door de overheid opgelegd en daar hameren we al jaren op. Zo gauw er een regeling is die bedrijven in hun bedrijfsvoering beperkt, gaat menig boer die in de knel komt uiteindelijk toch verplaatsen. Dat kan zijn vanwege natuur, een ander bestemmingsplan, geurcirkels, woningbouw, noem maar op. Veel beslissingen worden overigens sluimerend genomen. Eerst denk je dat iets wel los zal lopen, maar dan komt een ondernemer er jaren later achter dat hij toch knel komt te zitten voor het doorontwikkelen van zijn bedrijf. In dergelijke situaties zou een ruimere regeling moeten gelden. Ook de voorwaarde dat de verplaatsing voor de toepassing van de verruimde HIR binnen drie jaar na invoering van de regeling plaats moet vinden, moet worden aangepast. Het vergt nu te veel van ondernemers om alles te volgen.”

We moeten voorkomen dat we elkaar onnodig aan het werk houden

Zijn er meer van dergelijke knelpunten?

“O ja, en dat wordt voortdurend aangekaart bij de fiscus. Bijvoorbeeld dat varkensbedrijven die meedoen aan de saneringsregeling zonder probleem kunnen investeren in een andere nieuwe tak met toepassing van de HIR. Het gekke is dat het wel kan bij bedrijven met alleen een varkenstak, maar niet bij bedrijven die nu al meerdere takken hebben. Een ondernemer met varkens en melkvee of akkerbouw kan niet een pensionstal voor paarden opzetten en daarvoor de winst van de varkenstak benutten. Dat soort dingen is niet alleen van belang voor de lopende regeling, maar ook voor komende regelingen vanwege de aanpak van de stikstofcrisis. Regel dat nu eens vooraf. Een boer die wel mee wil doen, wordt nu maar al te vaak afgeschrikt door fiscale onzekerheid. Inkomstenbelasting is voor hem een kostenpost en daar wil je een inschatting van kunnen maken voor de afweging.”

Wat gaat goed?

“Een voorbeeld van goed overleg tussen fiscus en VLB zijn de jaarlijkse landbouwnormen die algemeen worden gebruikt voor het opstellen van jaarrekeningen en de berekening van de fiscale winst. Dat scheelt een hoop tijd en dus geld omdat er duidelijkheid is over waardering van vee en voorraden bijvoorbeeld. Een ander voorbeeld is dat er een werkafspraak is gekomen over de fiscale afschrijving van sleuf- en mestsilo’s waarbij een verschil van inzicht is over de reikwijdte van het begrip aanhorigheden. De belastingdienst volgt voorlopig het VLB-standpunt, totdat de Hoge Raad zijn oordeel heeft gegeven. Dat betekent dat er meer op afgeschreven mag worden. Dat was al zo verwerkt in de fiscale jaarrekeningen en op deze wijze kan het boekhoudproces efficiënt verlopen.”

Gelijk in procedure over btw, afwikkeling teruggaaf loopt nog

Van den Kerkhof heeft in 2019 gelijk gekregen in een procedure over de te herziene btw in de aanfokkosten van gebruiksvee. Dat heeft vele maanden werk gekost en vergde jarenlange procedures van rechtbank tot bij de Hoge Raad. Boeren die verplicht in de btw moesten, omdat de landbouwregeling voor de btw werd afgeschaft, hebben nu met terugwerkende kracht alsnog recht op een teruggave van de omzetbelasting, de zogenoemde herziening.

Hebben alle boeren al geld terug?

“Nee, en dat heeft meerdere oorzaken. Daar wordt nu nog over gepraat. Onder meer over ondernemers die nog niets hebben teruggevraagd. Die kunnen dat, als de rechtsgang nog openstaat, ook later nog doen. Daarbuiten resteren nog drie jaren in de herziening waarover in veel gevallen nog een gedeelte kan worden teruggevraagd. Tegelijkertijd is er discussie over de berekeningen. Ik stel een standaardberekening voor, op basis van de al eerder genoemde landbouwnormen die iedereen toe kan passen. Dat wordt nu ineens niet door alle belastinginspecteurs geaccepteerd, terwijl het gaat om de normen die voor de inkomstenbelasting al 28 jaar prima voldoen. We moeten dan voorkomen dat we elkaar onnodig aan het werk houden.”

In het agrarische fiscale landschap kom je altijd weer wat nieuws tegen

De wil om onnodig werk te voorkomen mist u wel eens?

Lachend “Laat ik het zo zeggen, het duurt wel eens lang voor die wil om er uit te komen gaat werken. En ja, het kan ontmoedigend werken als je meer kwijt zou zijn aan proceskosten dan wat je als belastingvoordeel terugkrijgt. Het gaat vaak om lange trajecten ook, voor er definitief duidelijkheid is over principiële kwesties ben je soms vijf jaar verder. Dan moet je wel de gelegenheid hebben en krijgen om dat vol te houden.”

Is het na veertig jaar in het vak nog wel leuk?

“Volmondig ja. Vanuit mijn HAS Tuinbouwachtergrond heb ik altijd voorliefde gehad voor de agrosector. Ik heb in mijn positie bij Abab en VLB altijd ruimte gekregen om fiscale standpunten te verdedigen, tot aan de hoogste rechter aan toe. In het agrarische fiscale landschap kom je altijd weer wat nieuws tegen. Zoals nu de klimaatreserve weer een nieuwe uitdaging is.”

Of registreer je om te kunnen reageren.