Home

Achtergrond 3 reacties

Nertsenhouders kunnen geen kant op door regelgeving

Je hele bedrijfstak verboden zien worden is heftig. Maar nu door lage inkomsten en regelgeving een overstap naar een andere activiteit nagenoeg onmogelijk is, zijn nertsenhouders ten einde raad.

Nog ongeveer 4,5 jaar mogen nertsenhouders in Nederland hun bedrijf voortzetten. Op 1 januari 2024 moeten ze allemaal hun activiteiten gestaakt hebben. Daarvoor is in 2013 de Wet verbod pelsdierhouderij ingevoerd. Ruim 6 jaar later heeft de wet al gezorgd voor een kaalslag in de sector. Het aantal nertsenhouders is drastisch teruggelopen en de nog overgebleven ondernemers hebben te maken met regelgeving die het zo goed als onmogelijk maakt over te stappen naar een andere sector.

Productie met 30% gekrompen

Op het moment van het afkondigen van de wet in 2013 waren er ongeveer 220 locaties waar nertsen gehouden werden, van 160 nertsenhouders. Volgens Wim Verhagen, directeur van de Nederlandse Federatie van Edelpelsdierenhouders (NFE), zijn er nu nog rond de 120 en loopt het snel terug. Verhagen: “Ik weet dat er begin dit jaar zeker zo’n 30 nertsenhouders fors hebben afgebouwd, de productie is met 30% gekrompen.”

De nertsenhouderij is door de politiek gemangeld

Verschillende bedrijven die nog actief zijn, zijn dat nog maar heel beperkt. Het aantal dieren is ver teruggeschroefd. “Dat heeft voor een deel te maken hebben met het vertrek van medewerkers die natuurlijk ook geen toekomst meer zien in de nertsenhouderij. Nieuw personeel aantrekken lukt niet en de nertsenhouderij is een arbeidsintensieve sector.”

Uitzichtloze situatie

Een ander probleem is de slechte markt. Al 3 jaar zijn de prijzen voor nertsenvellen laag. Ten tijde van de invoering van de wet waren de prijzen ‘torenhoog’ en werd goed verdiend. Verhagen vraagt zich wel af of destijds rekening is gehouden met de economische wetmatigheid dat er na goede jaren ook altijd weer mindere jaren komen. Juist nu de sector veel geld moet verdienen om de eigen bedrijfsbeëindiging te kunnen financieren, zijn de opbrengsten slecht door wereldwijde overproductie. “Toen het ging over een verbod, misbruikten die linkse Kamerleden de hoge prijzen door te roepen dat de nertsenhouders heel veel geld verdienden”, zegt een nog steeds boze Verhagen. “De nertsenhouderij is door de politiek gemangeld.”

Ondanks de penibele situatie ziet Verhagen op dit moment niets in een nieuwe juridische procedure. “Dat is te vroeg, we kunnen dat pas doen na de overgangstermijn waar we nu middenin zitten.”

‘Als er niets verandert, kan er een bord in de tuin’

Nertsenhouder Lyon Hutten in Nieuw Heeten (Ov.) kan als ondernemer geen kant op. Zijn enige hoop is dat de overheid hem toch nog een helpende hand toesteekt. Hij ziet geen mogelijkheid om over te stappen op een andersoortig bedrijf. Dat de pelsdierhouderij verboden zou worden per 2024, vindt hij nog steeds moeilijk te verteren. “Er is niets mis mee als je het bekijkt vanuit het dierenwelzijn”, zegt hij. “Het is niet anders dan varkens en koeien houden. We zijn altijd goed voor onze dieren, ik heb alle noodzakelijke welzijnscertificaten.”

Koop ons gewoon uit als het niet meer mag in Nederland!

Lees verder onder de foto

Lyon Hutten (42) in NIeuw Heeten in zijn nertsenstal. De stal heeft een capaciteit voor 8.000 nertsen, maar Hutten houdt er nog maar 1.000 aan. Eigenlijk alleen om in aanmerking te blijven komen voor de sloop- en ombouwregeling. - Foto: Ruud Ploeg
Lyon Hutten (42) in NIeuw Heeten in zijn nertsenstal. De stal heeft een capaciteit voor 8.000 nertsen, maar Hutten houdt er nog maar 1.000 aan. Eigenlijk alleen om in aanmerking te blijven komen voor de sloop- en ombouwregeling. - Foto: Ruud Ploeg

€ 36 miljoen voor meer dan 100 bedrijven, terwijl we € 500 miljoen nodig hebben

Helemaal verrast was de ondernemer niet toen het verbod er kwam. Maar wat hem steekt, is dat er geen goede regeling is gekomen voor de ondernemers. Hutten: “Ik heb er in mijn achterhoofd eigenlijk altijd rekening mee gehouden dat ik in deze sector geen 65 zou worden. Maar dat we zo behandeld zouden worden, had ik niet verwacht. Koop ons gewoon uit als het niet meer mag in Nederland! In België is € 10 miljoen uitgetrokken voor de 17 nertsenbedrijven die ze daar hebben en ze noemen het bij de naam: onteigening. Hier heet het ‘regulering’, dat is goedkoper. We hebben als sector moeten smeken om geld voor de ombouw, met als resultaat € 36 miljoen voor meer dan 100 bedrijven, terwijl we € 500 miljoen nodig hebben. En dan praten we nog niet eens over de inkomensderving.”

Opa begon

De Huttens zitten al generaties in de nertsen. De opa van Lyon begon in 1956 met 6 nertsen in Nieuw Heeten. Hij had een slagerij waar mensen restafval kwamen halen voor nertsen, zo kwam hij op het idee om ze zelf te gaan houden. In 1973 waren er al 700 fokteven en kwam de vader van Lyon, Hans, samen met zijn oom, op het bedrijf. Er werd grond buiten het dorp gekocht en uitgebreid naar 1.500 fokteven.

We krijgen nog maar gemiddeld € 20 per vel, in 2013 nog € 50!

In 2000 verhuisde het bedrijf naar Witharen bij Ommen, een 5 keer zo grote locatie. Lyon en zijn neef kwamen ook in het bedrijf. Ze mochten er 8.000 fokteven houden, maar hielden er maximaal 6.000. Ondertussen is Lyon de enige eigenaar. Zijn vader en oom zijn met pensioen. Zijn neef zag het door het aanstaande verbod niet meer zitten en heeft zich laten uitkopen. Nu zijn er nog 1.000 nertsen. “De strategie is om heel kleinschalig door te gaan en te hopen dat de mensen in de politiek door hebben dat dit zo niet kan en de regelgeving wordt aangepast. Als het niet verandert, kan er een bord in de tuin. Als prijzen niet aantrekken heb ik geen keuze. We krijgen nog maar gemiddeld € 20 per vel, dat was in 2013 nog gemiddeld € 50! Geen bank zal je steunen in deze situatie.”

Hopen op regeling

Hutten heeft er al verschillende keren serieus over nagedacht te stoppen. “Maar ik kan niet stoppen, mijn vader krijgt zijn pensioen uit het bedrijf, dat zou hij dan kwijtraken. Maar ik kan ook niet stoppen door de wetgeving, die zegt dat je de laatste 5 jaar dieren moet hebben gehad wil je ook maar een euro subsidie kunnen krijgen voor sloop en ombouw. Ik moet wel door en zit nu met tonnen schuld. Mijn enige hoop is dat er een betere regeling uitkomt in het overleg tussen de NFE en het ministerie.”

Maar zelfs bij een gunstiger regeling is het de vraag of Hutten verder kan. “Stel, we krijgen het voor elkaar om om te bouwen. Waar naartoe? Er ligt geen andere bestemming op de stallen en ik heb geen rechten.”

‘Sloop- en ombouwregeling lachwekkend’

Misschien nog wel een grotere steen des aanstoots dan de wet zelf is voor de nertsenhouders de sloop- en ombouwregeling (officieel: Besluit subsidiëring sloop- en ombouwkosten pelsdierhouderij). Deze regeling zou het nertsenhouders gemakkelijker moeten maken over te stappen op een andere activiteit. Alleen is de regeling zo opgesteld dat bijna niemand er gebruik van kan maken. Nertsenhouders kunnen 50% van de extra kosten vergoed krijgen – met een maximum van € 95.000 – onder voorwaarde dat hun bedrijf de laatste 5 jaar actief in bedrijf is geweest. Daarnaast moeten alle vergunningen er liggen voordat een subsidieaanvraag ingediend kan worden. Bovendien moet de sloop en ombouw binnen een jaar gerealiseerd worden.

Tot nu toe is er 5 keer een beroep op de regeling gedaan; daarvan zijn er 3 gehonoreerd

Verhagen: “Die regeling is lachwekkend, dat werkt niet.” Dat blijkt wel uit het feit dat er tot nu toe maar 5 keer een beroep op de regeling is gedaan. Daarvan zijn er 3 gehonoreerd, de andere 2 werden geweigerd. “De vergoeding is beneden alle peil. Even een simpel voorbeeld. Je hebt een auto van € 15.000, die gaan we slopen, dat kost € 1.000, daarvan krijg je € 500 vergoed en voor de auto krijg je verder niets. Is dat een deal? Lijkt me niet, maar het is wel zoals deze regeling nu werkt.”

Schouten wil overleg met de sector

Ook politiek Den Haag heeft sinds kort in de gaten dat de sloop- en ombouwregeling nauwelijks gebruikt wordt door nertsenhouders. Volgens Jaco Geurts (CDA) en Helma Lodders (VVD) houdt de regeling ook te weinig rekening met de verslechterde financiële situatie van de nertsenhouders. Hierdoor zijn bedrijven onverkoopbaar en een overstap naar een andere sector is financieel en door de moeizame vergunningverlening van provincies en gemeentes vrijwel onmogelijk. In februari erkende minister Carola Schouten de problemen met de sloop- en ombouwregeling. Ze zegde toe met de sector in gesprek te gaan, maar benadrukt wel dat de regeling moet voldoen aan de staatssteunregels.

Het gesprek met Schouten heeft nog niet plaatsgevonden, aldus NFE-voorman Verhagen. Wel heeft hij een aantal weken geleden met een delegatie van het ministerie om tafel gezeten om te praten over de problemen. “Als NFE hebben we een ‘wensenlijstje’ ingediend bij het ministerie. Volgens het ministerie zijn aanpassingen wel mogelijk.”

Lees verder onder de foto

De NFE hoopt dat politiek Den Haag alsnog komt met een versoepeling van de sloop- en ombouwregeling. De huidige regeling werkt niet door veel te rigide eisen. - Foto: ANP
De NFE hoopt dat politiek Den Haag alsnog komt met een versoepeling van de sloop- en ombouwregeling. De huidige regeling werkt niet door veel te rigide eisen. - Foto: ANP

Sloopvergoeding kan naar 100%

De belangrijkste punten voor de NFE zijn dat Den Haag gebruikmaakt van de mogelijkheden die Europa biedt. Dus de sloopvergoeding kan naar 100% in plaats van 50%, volgens Verhagen. Ook het maximum van € 95.000 kan er af, over een maximale vergoeding spreekt Europa helemaal niet.

Daarnaast is de eis van 5 jaar onafgebroken in bedrijf voor het stoppen volgens hem veel te strak. “Tijdelijke stilstand is zo onmogelijk, terwijl dat in de sector best gebruikelijk is als het financieel minder gaat.”

Over het eerste gesprek heeft Verhagen een positief gevoel overgehouden. Zijn grootste ‘vijand’ is de tijd. “Waarschijnlijk wordt het grootste probleem de lengte van de procedure om tot aanpassingen van de regeling te komen.”

Eind april verwacht Verhagen met minister Schouten om tafel te zitten en hoopt hij op een werkbare regeling voor zijn achterban.

Tegenstrijdige juridische uitspraken

De turbulente juridische strijd over de rechtsgeldigheid van de Wet verbod pelsdierhouderij, die in 2014 in werking is getreden, is sinds november 2017 gestreden. Toen liet het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg weten het eens te zijn met de uitspraak van de Nederlandse Hoge Raad dat de Nederlandse overheid gerechtigd is om de pelsdierhouderij te stoppen per 2024.
De pelsdierhouderijsector heeft volgens het Hof tot 2024 voldoende tijd om gemaakte investeringen in de nertsenhouderij terug te verdienen. Een schadeloosstelling is niet nodig. Vanaf 1 januari 2024 moeten Nederlandse pelsdierhouderijen dicht zijn.
Tijdens de juridische strijd zijn er verschillende tegenstrijdige uitspraken geweest. In eerste instantie was de rechtbank Den Haag van oordeel dat de overheid niet een sector kon verbieden zonder daar een vorm van schadeloosstelling tegenover te stellen. Het Hof Den Haag oordeelde anders. in cassatie volgde het advies van de Advocaat-Generaal (A-G) Paul Vlas van de Hoge Raad. De A-G adviseerde de Hoge Raad om de zaak opnieuw te laten behandelen door een lager rechtscollege, omdat ten onrechte was nagelaten te onderzoeken of individuele nertsenhouders wel voldoende gecompenseerd worden door de overgangstermijn van tien jaar. Het Hof Den Haag zou onvoldoende rekening gehouden hebben met de schade die het verbod veroorzaakt voor individuele nertsenhouders.
In de meeste gevallen wordt een advies van de A-G overgenomen, in dit geval koos de Hoge Raad ervoor de uitspraak van het Hof over te nemen. Ook het Europese Hof van Justitie komt tot dat oordeel.

Laatste reacties

  • hdijkstra

    Heel veel sterkte toegewenst voor alle betrokkenen, schandalig hoe BV Nederland met hardwerkende ondernemers omgaat

  • nvanrooij1

    Inderdaad schandalig . Ze moesten van de politici die hiervoor verantwoordelijk zijn de huizen eens afnemen zonder vergoeding en daar immigranten in huisvesten.

  • boerderij12

    helemaal met bovenstaande reacties eens

Of registreer je om te kunnen reageren.