Home

Achtergrond laatste update:4 mrt 2019

‘Ik zie wel mogelijkheden voor de intensieve sector’

Sinds 2019 kent Groningen de strengste regelgeving voor intensieve veehouderijen. Gedeputeerde Henk Staghouwer is verantwoordelijk voor de uitvoering van het landbouwbeleid.

Vanaf dit jaar is nieuwvestiging en uitbreiding van bestaande intensieve veehouderijen niet meer toegestaan in Groningen. De afgelopen 6 jaar werkte Henk Staghouwer (ChristenUnie) als bestuurder aan het door de provincie uitgezette landbouwdossier. Voor de komende provinciale verkiezingen is Staghouwer lijsttrekker voor zijn partij. Of hij opnieuw zou kiezen voor de landbouwportefeuille is iets waar hij zich nu nog niet over wil en kan uitspreken.

Henk Staghouwer. - Foto: Jan Willem van Vliet
Henk Staghouwer. - Foto: Jan Willem van Vliet

Hoe kijkt u aan tegen de ontwikkeling van de veehouderij in Groningen?

“Ik werk met veel plezier aan dit dossier. In het coalitieakkoord hebben we destijds een ambitieuze landbouwparagraaf neergezet, met meer aandacht voor biologische landbouw en andere vormen en mogelijkheden van landbouw. Dat kan ook haast niet anders want als je kijkt naar de ruimtelijke ordeningseffecten, heeft de landbouw met ruim 75% een behoorlijk ruimtebeslag in onze provincie. We hebben de laatste jaren dan ook stevig ingezet op stimuleringsprogramma’s voor de landbouw.”

U zegt dat landbouw een fors ruimtebeslag legt op de provinciale grond. Dat doet de intensieve veehouderij nu juist niet, toch is die sector in 2019 op slot gezet.

“Nu ga je gelijk naar de intensieve sector toe. Ik maak de cirkel eerst even rond. Ik loop al een tijdje mee, ben sinds 2003 Statenlid. De schaalgrootte in de landbouw is altijd een controverse in de Staten van Groningen geweest. Of dat nu intensieve veehouderij of melkveehouderij is. Partijen wisten elkaar daar niet altijd goed in te vinden. Mijn voorganger – Wiebe van der Ploeg van GroenLinks – is ook gestruikeld over de komst van ‘megastallen’. Er waren toen 10 bedrijven die groter wilden worden, daar zijn er nu nog 2 van over.”

“Ik heb toen gezegd dat ik het stokje wel wilde overnemen, maar alleen als er afspraken te maken waren. Er is toen een motie gekomen van CDA en ChristenUnie die opriep tot een verdienmodel voor de melkveehouderij. Het Groninger verdienmodel. Onder strikte voorwaarden was schaalvergroting daarin toegestaan.”

En de intensieve veehouderij?

“Ook ten aanzien van de de intensieve veehouderij moesten er stappen gezet worden. Dat heeft geleid tot een passage in het coalitieakkoord, waarin een standstill-situatie is afgesproken. Er is in Groningen politiek geen ruimte voor uitbreiding van de intensieve veehouderij, daar heb ik mijn handtekening onder gezet. In de provinciale omgevingsvisie is daarom 2 jaar geleden de begrenzing van de intensieve veehouderij opgenomen en die is in 2019 ingegaan.”

Afgelopen jaren hebben we duurzaamheidsmaatregelen kunnen doorvoeren, maar dat bleek niet voldoende om van een slot af te zien

“Er is in de periode daaraan vooraf wel met de sector gesproken om te kijken of we geen duurzaamheidsmaatregelen konden nemen om de intensieve veehouderij zo te transformeren dat er alsnog een brede steun in de Staten zou ontstaan, met als doel om dat geplande ‘slot’ niet te effectueren. Afgelopen jaren hebben we deze duurzaamheidsmaatregelen kunnen doorvoeren, maar dat bleek niet voldoende om van een slot af te zien.”

De Groningse aanpak van de intensieve veehouderij door de jaren heen lijkt voor een buitenstaander wel gedreven door angst. Waar komt die angst vandaan?

“Dat vindt zijn oorsprong 15 jaar geleden. We zagen toen een beginnende populatie intensieve veehouders vanuit Brabant naar Groningen komen. Als provincie waren we immers aantrekkelijk door de ruimte en verschillende beschikbare bedrijven die gemakkelijk over te nemen waren. Uiteindelijk is het niet zover gekomen, op een paar grote varkensboeren in Oldambt na. Die angst was gerechtvaardigd. Ik moet er niet aan denken dat we nu in Groningen dezelfde situatie als in Brabant zouden hebben. De maatregelen bleken in die zin dus effectief.”

Het is nu 2019, is dat een ‘point of no return’? Gaat dat slot er ooit nog af?

“Dat is een politieke afweging. Als u me dit vraagt als partijleider, zal ik zeggen dat ik ga kijken wat de mogelijkheden zijn onder de voorwaarden van verduurzaming. Ik zou het mooi vinden als er voor de intensieve veehouderij ook een Groninger verdienmodel à la melkveehouderij zou komen. Om zo onder stevige voorwaarden – het is niet alleen maar vrijgeven – toch mogelijkheden te creëren.”

Ik zie mogelijkheden want de intensieve veehouderij wil echt wel verduurzamen

“Ik denk dan niet aan het houden van heel veel meer dieren maar aan staloppervlakken en misschien een financieel instrument om toch te ontwikkelen. Maar dat kan alleen als het draagvlak hiervoor net zo groot is als destijds voor het Groninger verdienmodel voor de melkveehouderij. Ik zie mogelijkheden want de intensieve veehouderij wil echt wel verduurzamen.”

Maar verduurzamen in een standstill-situatie en tegelijkertijd een goed verdienmodel overeind houden is toch niet mogelijk?

“Daar ben ik het niet helemaal mee eens. Er wordt te snel een verbinding gelegd tussen het ophogen van het aantal dieren en de verwaarding ervan. Mijn stelling is dat dat niet hoeft. Je kunt ook een product in de markt zetten. Kijk naar Annechien ten Have, die probeert met haar 2-sterrenlabel een markt aan te boren waarin de toegevoegde waarde van het product kan leiden tot het completeren van het businessmodel, daar moet je als ondernemer naar op zoek.”

Meerwaardecreatie kan ook in een model waarbij er geen groeimogelijkheden zijn?

“Op het moment dat we het hebben over biologische landbouw zijn er geen beperkingen. Dus een intensieve veehouderij die overschakelt heeft geen beperkingen, die mag gewoon uitbreiden. Alles wat niet gekwalificeerd is, heeft beperkingen. Je moet naar een systeem toe waarin je mogelijkheden verkent die wel haalbaar zijn om een goed renderend bedrijf te krijgen dat daarnaast ook maatschappelijk geaccepteerd wordt. Die zoektocht moet je verkennen.”

Je moet als boer om geld te kunnen verdienen wel een maatschappelijk draagvlak hebben

“Boeren zeggen dat ze meer dieren nodig hebben om hun businessmodel rond te krijgen. Maar zo zwart-wit is het volgens mij niet. Er is wel flexibiliteit als het aan mij ligt als ChristenUnie-voorman. Toch moet je als boer om geld te kunnen verdienen wel een maatschappelijk draagvlak hebben. Mijn boodschap zou dan ook zijn: ga op zoek naar wat er wel kan.”

Wat gebeurt er bij het wegvallen van een bestaande intensieve veehouderij? Kunnen die dieren worden overgenomen door een ander bedrijf?

“Volgens de nu geldende regels kan het vee wel worden opgekocht door een andere intensieve veehouderij in de provincie. Maar de dieren overhevelen naar het eigen bedrijf zal lastig worden, aangezien de stalvloeroppervlakte van het overnemende bedrijf niet mag worden vergroot volgens de huidige regels. Wel bestaat natuurlijk de mogelijkheid dat een bestaand bedrijf wordt overgenomen en de bedrijfsvoering door de nieuwe eigenaar ter plekke wordt voortgezet.”

Hebben jullie ooit het ‘Brabantse model’ overwogen? Daar zit een slot op het totale aantal dieren, maar individuele bedrijven kunnen onder strikte voorwaarden wel uitbreiden.

“Dat is een voorbeeld dat ik wil onderzoeken. Het aantal dieren in de provincie op het huidige aantal houden en dieren van een bedrijf dat aan het eind van zijn cyclus is op een andere manier goed en duurzaam verder houden. Ik zeg dat als voorman van mijn partij. Als gedeputeerde ben ik loyaal aan de afspraken die we gemaakt hebben. Maar het kan sowieso niet een op een doorgaan. Ik zie te veel bedrijven aan het eind van hun cyclus zitten. Daar moet echt iets gebeuren. In die zin is er in deze provincie op landbouwgebied nog genoeg te doen en te ontwikkelen.”

Geen extra maatregelen Groningse geitenhouderijen

Het strenge huidige beleid voor de intensieve veehouderij heeft in Groningen niet geleid tot een vergelijkbare aanpak van de geitenhouderij. Waar 8 provincies een standstill hebben afgekondigd naar aanleiding van een RIVM-rapport over mogelijke risico’s voor de volksgezondheid heeft Groningen dat niet gedaan. Staghouwer: “Er zijn geen aanwijzingen die nu ingrijpen vereisen. We hebben alleen maar kleinschalige geitenhouderijen in de provincie, voornamelijk biologisch. We hebben geen reden aan te nemen dat grootschalig wordt omgeschakeld op geiten. Bovendien bevat het RIVM-rapport geen schokkende resultaten die ingrijpen noodzakelijk maken.”

Of registreer je om te kunnen reageren.