Home

Achtergrond 1 reactie

Integriteit Wageningen UR & Research ter discussie

Wageningen University & Research laat zich voor het karretje van hun opdrachtgevers spannen.

De voor de opdrachtgever onwenselijke conclusies worden verdraaid of weggelaten uit een onderzoek. Volgens een aantal voormalige meervalkwekers is het LEI-rapport ‘Visteelt in Nederland’ uit 2010 een voorbeeld van het niet-wetenschappelijk handelen van de Wageningse onderzoekers. In de ogen van de meervalkwekers heeft het rapport er mede aan bijgedragen dat ze uiteindelijk failliet zijn gegaan. Daarom troffen woensdag de oud-meervalkwekers en Wageningen University & Research elkaar voor de rechter.

Opboksen tegen gesubsidieerde visteelt

De zaak gaat al terug tot eind jaren 90 van de vorige eeuw. Toen werd met subsidiegeld – in totaal een kleine € 4 miljoen – een tilapiaproject gestart. Na zo’n 2,5 jaar werd echter overgeschakeld van tilapia naar Claresse, volgens de meervalkwekers niet meer of minder dan een meerval met een andere naam. De subsidie was in hun ogen niet bedoeld voor een dergelijke teelt. Het gevolg was dat er een overproductie van meerval ontstond. Volgens de procederende telers zorgde dat voor een prijs- en afzetdaling van meer dan 70%, met als gevolg dat zeker 20 van de 25 meervalkwekers gedwongen waren om hun bedrijf te sluiten. Ze konden niet opboksen tegen de gesubsidieerde visteelt.

Een meerval. Het dier is volgens de oud-meervalkwekers identiek aan Claresse. - Foto: Mark Pasveer
Een meerval. Het dier is volgens de oud-meervalkwekers identiek aan Claresse. - Foto: Mark Pasveer

Beïnvloed door de staat

Tijdens een zitting voor de Rechtbank Gelderland werd duidelijk wat ze de Wageningse onderzoekers verwijten. Advocaat Chantal Joosten, namens de voormalig meervalkwekers, in haar pleitnota: ‘De gedaagden (Wageningen University & Research, red.) hebben zich door de staat laten beïnvloeden en onjuiste conclusies opgenomen in het rapport. Door dit valse en onjuiste rapport is de bestuursrechter misleid en heeft de bestuursrechter dientengevolge geen causaal verband aangenomen tussen de opkomst van de sterk gesubsidieerde Claresse en de omzetteruggang in de meervalmarkt. Daardoor kregen eisers geen nadeelcompensatie of schadevergoeding.”

Blijven procederen

Advocaat Koen Christianen die namens Wageningen University & Research optrad, vroeg zich tijdens de zitting af hoeveel procedures de voormalig meervalkwekers nog willen voeren. “Alle procedures zijn tot nu toe afgewezen. Onder andere het Hof Den Bosch en de Raad van State hebben zich gebogen over deze zaak, iedere keer werden de kwekers in het ongelijk gesteld. De huidige procedure voor de civiele rechtbank zou zich – naar mijn mening – moeten aansluiten bij de uitspraken van de hoogste bestuursrechter.”

‘Nooit sprake van feitelijke beïnvloeding door opdrachtgevers’

Rechter Thomas van Groeningen wilde van General Counsel Frans Pingen van Wageningen University & Research weten welke invloed opdrachtgevers hebben op het uiteindelijke rapport. Volgens Pingen is er nooit sprake van feitelijke beïnvloeding door opdrachtgevers. Van Groeningen: “Maar ik zie dat de definitieve tekst duidelijk afwijkt van een eerdere versie? Is er geen enkele druk uitgeoefend om die tekst aan te passen?” Pingen: “Nee, er is geen beïnvloeding. Teksten worden wel vaker heroverwogen door onderzoekers, maar dat is niet gebeurd op instigatie van het Ministerie.”

Claresse en meerval indentiek

Na afloop van de zitting werd door de voormalig meervalkwekers een koelbox geopend waarin naar hun zeggen een meerval en een Claresse lagen. Op het eerste gezicht 2 identieke vissen. Geen van de aanwezigen durfde het aan te zeggen welke naam bij welke vis hoort. Rechter Van Groeningen neemt 10 weken de tijd om tot een vonnis te komen. Op woensdag 24 april staat de uitspraak gepland.

Eén reactie

Of registreer je om te kunnen reageren.