Home

Achtergrond

‘Nog veel mogelijkheden voor groei in Nederland’

Ondanks een krimpende Nederlandse markt, ziet ABZ Diervoeding niets in uitbreiden naar het buitenland. Die focus is een recept voor succes, aldus directeur Marcel Roordink.

Coöperatie ABZ Diervoeding viert dit jaar het 100-jarig jubileum. Dat het bedrijf na een eeuw nog steeds succesvol is, komt volgens algemeen directeur Marcel Roordink door de duidelijke focus die het bedrijf heeft. Waar andere veevoerbedrijven zich richten op het buitenland, heeft ABZ Diervoeding die ambitie niet. “Als we naar het buitenland rijden, rijden we in Nederland nog veel potentiële klanten voorbij”, aldus Roordink.

Groei ledenaantal

Ondanks een krimpende markt in Nederland, breidt het ledenaantal van de coöperatie zich nog altijd uit. Vorig jaar kwamen er 113 nieuwe leden bij, wat het totale ledenaantal op 1.748 veehouders bracht. Vooral sinds het ontstaan van ABZ Diervoeding door de fusie van Arkervaart Diervoeding en Brameco-Zon voeders in 2013 is het aantal leden sterk gestegen. In 2014 werd Sikma Veevoeders overgenomen. Nieuwe fusies of overnames sluit Roordink niet uit. “Een deel van mijn rol is om iedereen in deze wereld te kennen, met iedereen te spreken en te onderzoeken welke mogelijkheden er liggen. We zijn ons erg bewust van de veranderende omgeving en zien de consolidatie in de sector als een instrument, geen doel, om iets goeds te behouden.”

We denken niet in tonnen

Vorig jaar zette de coöperatie een hoeveelheid van bijna 620.000 ton voer af, iets minder dan het jaar ervoor. Roordink: “Wij denken niet zozeer in tonnen. Het belangrijkste is om nieuwe klanten aan je te binden. De vraag is echter of dat hard genoeg gaat om de veranderingen in de wereld voor te blijven.”

Lees verder onder de foto.

Marcel Roordink (44) is sinds 1999 werkzaam bij (de voorgangers) van ABZ Diervoeding. Sinds 2013 is hij algemeen directeur van de coöperatie. Ook is Roordink lid van de Raad van Toezicht van SecureFeed en bestuurslid van de stichting Bevordering Studie Diervoeding. - Foto: Koos Groenewold
Marcel Roordink (44) is sinds 1999 werkzaam bij (de voorgangers) van ABZ Diervoeding. Sinds 2013 is hij algemeen directeur van de coöperatie. Ook is Roordink lid van de Raad van Toezicht van SecureFeed en bestuurslid van de stichting Bevordering Studie Diervoeding. - Foto: Koos Groenewold

Wat maakt dat het aantal leden bij ABZ Diervoeding blijft stijgen, ondanks een krimpende markt?

“We hebben een heel duidelijke focus binnen ons bedrijf. We focussen ons op diervoeding, in alle diercategorieën, en op Nederland. Als je veel in het buitenland doet of veel nevenactiviteiten hebt, wordt het moeilijker om uit te leggen wat het voordeel hiervan is voor de leden van de coöperatie. We komen in de grensstreek van België en Duitsland, maar leveren daar wel volgens Nederlandse condities. We hebben een marktaandeel van 5 tot 6%, dus we hebben nog veel mogelijkheden om te groeien, nog veel veehouders die we aan ons kunnen binden. We hebben hier in Nederland nog genoeg te doen.

De eerder genoemde focus die we hebben, merken boeren ook. Boeren voelen aan dat we alleen maar bezig zijn met het goed voeren van dieren en het ontzorgen van boeren. Er zit geen ander motief achter. Boeren kunnen daardoor goede resultaten draaien en dat leidt weer tot mond-tot-mondreclame.”

Is het een doel op zich om groter te worden?

“Nee. We hebben als doel de beste partner voor de Nederlandse veehouder te zijn. Daarvoor is voldoende expertise nodig. Die kun je alleen opbouwen als je in elke sector groot genoeg bent. Met het afnemende aantal veebedrijven is het belangrijk om te blijven groeien in ledenaantal.”

Lees verder onder het kader.

Recordomzet voor ABZ Diervoeding in 2018

ABZ Diervoeding maakte in 2018 een recordomzet van € 210 miljoen en een resultaat van € 2,3 miljoen. Er werd in totaal bijna 720.000 ton aan diervoeders afgezet, inclusief mengvoeders, productie voor derden, grondstoffen en ruwvoeders. Het grootste deel van de mengvoeders gaat naar herkauwers. De productie voor derden steeg afgelopen jaar met bijna 2.500 ton. Dat betrof vooral de productie van Vlog-gecertificeerde geiten- en melkveevoeders voor andere diervoederproducenten. De afzet van biologische voeders bedroeg ruim 6.300 ton, een stijging van 20% ten opzichte van het jaar ervoor.

Is ABZ Diervoeding ook niet erg kwetsbaar door die duidelijke focus?

“We zijn actief in alle diercategorieën en in heel Nederland. Deze spreiding is belangrijk. Als we in een bepaalde, kleinere regio actief waren geweest en maar in 1 sector, zouden we veel kwetsbaarder zijn. Ik heb sinds ik hier werk verschillende uitbraken van dierziektes meegemaakt en ook incidenten met vervuilde grondstoffen. Op zulke momenten is het goed, dat in het geval Nederland wordt opgedeeld in compartimenten waartussen niet vervoerd mag worden, het bedrijf door kan blijven gaan.”

Er is een trend gaande dat boeren meer losse grondstoffen als voer kopen

Het aantal leden is gestegen, maar het voervolume is de afgelopen jaren redelijk constant gebleven. Hoe komt dit?

“We zijn inderdaad harder gegroeid in leden dan in voervolume. Er is al een aantal jaren een trend gaande dat boeren meer losse grondstoffen als voer kopen. Dat zijn bijvoorbeeld granen en natte of droge bijproducten. Als een veehouder daarmee zijn kostprijs kan verlagen of zijn dieren beter kan voeren, kunnen we dat als coöperatie alleen maar toejuichen. Dat betekent wel dat het volume dat uit onze fabriek komt, kleiner is. We hebben nu meer dieren die voer van ons krijgen dan 5 jaar terug, maar we verkopen ongeveer evenveel voer.”

Neemt die vraag naar reststromen als veevoeder toe?

“We zien in Nederland de schaalgrootte van veebedrijven toenemen. Niet omdat veehouders nu per se groter willen worden, maar omdat de kleinere bedrijven stoppen. Als je meer dieren op je bedrijf hebt, is het economisch ook interessanter om te investeren in een eigen voerinstallatie, die ook die reststromen kan ontvangen en verwerken. In Nederland is veel nutritionele kennis, dus we weten ook precies welke reststroom welke nutritionele waarde heeft en bij welke diercategorie die het beste past. Zo kunnen we reststromen optimaal benutten.”

We doen aan alle denkbare kwaliteitsprogramma’s mee

Welke invloed heeft de opkomst van de vele verschillende soorten afzetstromen, zoals Vlog-melk, op ABZ Diervoeding?

“Toen in 2014 het huidige ABZ Diervoeding ontstond, hadden we nooit voorzien dat de ontwikkeling van de verschillende stromen zo snel zou gaan. We hebben nu 5 fabrieken en we kunnen die verschillende stromen zelf goed opvangen. We doen aan alle denkbare kwaliteitsprogramma’s mee. Alleen biologisch voer produceren we niet zelf, daarvoor hebben we een samenwerking met coöperatie De Eendracht. We verwachten dat de ontwikkeling van verschillende stromen de komende jaren doorgaat. Het is bij ons overigens nooit een discussie of we een veehouder helpen die aangeeft een aanpassing in het voer te moeten hebben voor zijn afzet. We zullen daarop altijd ja zeggen. Wij zijn als coöperatie tenslotte het verlengstuk van het boerenerf. Als de behoefte van de boer verandert, is het aan ons om ons aan te passen.”

Lees verder onder het Facebookbericht.

Hoe past de coöperatie zich aan aan de veranderende marktomstandigheden, zoals de vele verschillende afzetstromen?

“Twintig jaar geleden heeft het bedrijf ingezet op maatwerk in plaats van bulkproductie. Elke boer krijgt zijn eigen voer. We zijn dus gewend aanpassingen te doen om voer op maat te maken, dat maakt de productie van verschillende stromen niet zo’n probleem. De fabrieken die we nu hebben zijn hiervoor voldoende voor nu, maar we blijven ze continu aanpassen om ze nog flexibeler te maken door bijvoorbeeld meer gescheiden productielijnen.”

Fusie is een logisch instrument om klant te kunnen blijven bedienen

Het aantal mengvoerbedrijven neemt af. Hoe gaat deze ontwikkeling verder de komende jaren?

“De grote 3 (ForFarmers, De Heus en Agrifirm, red.) willen hun positie in Nederland graag behouden maar zijn tegelijkertijd bezig met internationalisatie. Dat is logisch wanneer je al internationaal actief bent en je thuismarkt een krimpmarkt is. Voor ons is dat geen logische stap op dit moment. Daarom moeten we deels groeien op eigen kracht, dus met nieuwe klanten, en deels zal dat door overnames en fusies gaan. De consolidatie gaat door. Je kunt niet voorspellen hoe dat gaat, maar natuurlijk staan wij daarvoor open. Onze hele geschiedenis bestaat uit fusies en overnames. Het zou raar zijn als dat vanaf nu nooit meer op ons pad zou komen. Het aantal voercoöperaties zal daarmee nog verder afnemen. Enerzijds is dat jammer omdat je het lokale karakter en de identiteit van de bedrijven kwijtraakt. Aan de andere kant is een boer ook een ondernemer en wil hij dat zijn coöperatie verder professionaliseert. Fusie is een heel logisch instrument om de klant te kunnen blijven bedienen.”

Of registreer je om te kunnen reageren.