Home

Achtergrond 1 reactie

Nieuw-Zeelanders boeren beter zonder subsidies

De EU sleutelt aan het landbouwbeleid. Hoe steunen andere grootmachten hun boeren? De Nieuw-Zeelandse overheid schafte subsidies vrijwel af.

Boeren in Nieuw-Zeeland moeten zonder subsidies concurreren op de internationale markten. Dat doen ze niet zonder succes. De kleine eilandenstaat is mondiaal de twaalfde exporteur op agrarisch gebied en is zelfs wereldleider qua uitvoer van zuivel en schapenvlees. In de export van wol bezet Nieuw-Zeeland de tweede plaats.

Nieuw-Zeeland exporteert 95% van zijn landbouwproducten naar meer dan 100 landen. Het land – dat slechts 4,7 miljoen inwoners heeft – voedt zo 40 miljoen mensen per maand.

Binnen de totale export (waarde: ruim € 31 miljard) was zuivel vorig jaar goed voor € 8,1 miljard. In 2017 nam de zuiveluitvoer bovendien met ruim € 1,6 miljard toe. Nieuw-Zeeland produceert 3.800 zuivelproducten. De vleesexport steeg met ruim € 408 miljoen tot meer dan € 3,8 miljard.

Beleidsmakers over de hele wereld kijken met een zekere bewondering naar de doelmatigheid van de ‘kiwi’s’. De Nieuw-Zeelandse overheid beperkt zich tot bijdragen voor het tegengaan van erosie. Verder geeft die boeren alleen geld bij natuurrampen als droogte, overstromingen of een calamiteit als de mycoplasma-crisis.

Een RMO van Fonterra. Het vlaggenschip van de Nieuw Zeelandse agrosector en een steunpilaar van de economie van het land - Foto: Reuters.
Een RMO van Fonterra. Het vlaggenschip van de Nieuw Zeelandse agrosector en een steunpilaar van de economie van het land - Foto: Reuters.

Werkloosheidsuitkering bij natuurramp

Boeren krijgen bij droogte of overstromingen een soort werkloosheidsuitkering. Maar alleen als ze aantonen dat ze het geld echt nodig hebben. In het geval van de mycoplasma-crisis krijgen boeren ook een bedrag ter vervanging van hun koeien. Wellington, de hoofdstad waar de regering zetelt, besteedt wel het nodige aan zaken als bioveiligheid, research en development.

Nieuw-Zeeland was niet altijd een subsidieloze staat. In de jaren ‘70 en ‘80 pompte de regering enorme bedragen in de agrarische sector om zo de productie te verhogen. Doel was het financiële gat te dichten dat een val van productprijzen, hogere olieprijzen en teruglopende inkomsten uit export naar Groot-Brittannië had veroorzaakt.

‘Overheidsmaatregelen resulteerden uiteindelijk in achteruitgang van Nieuw-Zeelandse concurrentiekracht’

Er waren minimumprijzen, subsidies gebaseerd op aanvoer, belastingvoordelen en speciale leningen met lage rentes. En schulden werden regelmatig op kosten van de staat afgeschreven.

Deze maatregelen resulteerden uiteindelijk in achteruitgang van de concurrentiekracht. Nieuw-Zeelandse boeren hoefden met gegarandeerde prijzen immers niet meer zo goed te letten op signalen uit de internationale markt. Innovatie en doelmatig gebruik van materieel werden minder belangrijk.

Ondertussen ontwikkelden de boeren land dat dankzij de subsidies snel geld opbracht. De prijzen van boerderijen stegen en jonge boeren hadden moeite om land te kopen. De kosten van de overheid stegen explosief. Nieuw-Zeeland kon zich niet handhaven op de internationale markt. Het was duidelijk dat het beleid van overheidsbescherming en subsidies niet werkte.

Nieuw-Zeeland:

Landbouwgrond: 11.390.000 hectare.
Belangrijkste sectoren: zuivel, vlees, wol, tuinbouw.
Belangrijkste exportbestemming: China.
Aantal boerderijen: 52.785 (2016).
Aantal melkveebedrijven: 15.039 (2016).
Aantal melkkoeien: 6,47 miljoen (2017).
Aantal runderen, gefokt voor vlees: 3,61 miljoen (2017).
Aantal schapen: 27,37 miljoen (2017).
Waarde export zuivel: € 58,1 miljard (2017).
Waarde export vlees: € 3,8 miljard (2017).
Waarde export tuinbouw: € 2,92 miljard (2017).

Het roer moest om

In 1984 gooide Wellington het roer om. De regering startte een overgang naar een marktgerichte agrarische economie om de concurrentiepositie van de sector te versterken. Bovendien streefde Nieuw-Zeeland naar eerlijke concurrentieverhoudingen.

Daarbij wees Wellington op de economie als geheel. Waarom zou de agrarische sector – hoe belangrijk ook voor het land – subsidie ontvangen, terwijl andere sectoren het zonder een bijdrage van de overheid moesten stellen?

Sommige economen vreesden voor een grootschalig vertrek van Nieuw-Zeelandse boeren’

Hoewel de afschaffing van agrarische subsidies onafwendbaar leek, was het een dappere stap van de toenmalige Labour-regering. Landbouw was van levensbelang voor de economie van de kiwi’s. Sommige economen vreesden voor een grootschalig vertrek van boeren.

De effecten waren aanvankelijk inderdaad desastreus. Het inkomen van boeren daalde, de landprijzen kwamen in een vrije val terecht en de rente steeg. De omschakeling werd bovendien bemoeilijkt door de lage productprijzen in die tijd. Toch maakte slechts 1% van de boeren gebruik van een vertrekregeling.

‘De productiviteit van de agrarische sector heeft die van de gehele Nieuw-Zeelandse economie inmiddels fors overtroffen’

De boeren in Nieuw-Zeeland zagen zich gedwongen om kosten te sparen, het land efficiënter te gebruiken en nieuwe producten te ontwikkelen. Tegenwoordig zijn er evenveel mensen werkzaam in de agrarische sector als vlak voor de omschakeling naar een subsidieloos bestaan. Maar de productiviteit van de landbouw is verviervoudigd.

De productiviteit van de agrarische sector heeft die van de gehele economie in Nieuw-Zeeland in de afgelopen decennia fors overtroffen. De prijzen van de boerderijen zijn al lang weer op peil.

Melkvee in Nieuw Zeeland. Meer dan een kwart van de export bestaat uit zuivel - Foto: ANP.
Melkvee in Nieuw Zeeland. Meer dan een kwart van de export bestaat uit zuivel - Foto: ANP.

Innovatieve kiwi‘s

Agrarisch afgezant van de overheid Mike Petersen meent dat veel boeren hun mogelijkheden destijds hebben onderschat. “Ze hadden niet verwacht dat ze zo succesvol zouden kunnen zijn zonder steun van de overheid. Uiteindelijk is het goed geweest dat we zo abrupt zijn omgeschakeld. We hebben hierdoor een nieuw gevoel van vindingrijkheid ontwikkeld.”

Bij innovatie horen ook investeringen in agrarische technologie. Wellington draagt daar jaarlijks met enkele tientallen miljoenen dollars een steentje aan bij. Nieuw-Zeelandse entrepreneurs hebben inmiddels een grote bekendheid op het gebied van technische innovatie. Onlangs bracht een delegatie van investeerders uit Silicon Valley nog een bezoek aan Nieuw-Zeeland.

‘Er gaan elders in de wereld steeds meer stemmen op voor een verlaging van landbouwsubsidies’

Ook beleidsmakers wereldwijd kijken met vernieuwde aandacht naar de resultaten die Nieuw-Zeeland op landbouwgebied heeft behaald. Er gaan meer en meer stemmen op voor een verlaging van subsidies om de concurrentieverhoudingen op de internationale markten niet te zeer te verstoren. Ook de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) brak recent een lans voor het verminderen van landbouwsubsidies.

Het Verenigd Koninkrijk kijkt eveneens met belangstelling naar Nieuw-Zeeland. Sinds de jaren ‘70 was dit land lid van de EU en zijn voorgangers. Dat resulteerde in subsidies voor boeren en importtarieven die de concurrentie moesten weghouden.

Oeso: verminder subsidies

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) heeft onlangs berekend dat in 61 landen jaarlijks zo’n € 556 miljard in boerensubsidies wordt gestoken. Volgens de Oeso is er sprake van een verstoring van de productie en handel en moeten de verschillende landen toewerken naar een vermindering van dergelijke subsidies.

De overheden van landen als IJsland, Noorwegen, Zwitserland, Zuid-Korea en Japan betalen nu 40% tot 60% mee aan het inkomen van hun boeren. Daar moet naar de mening van de Oeso verandering in komen. De boeren van Nieuw-Zeeland zouden profiteren van een vermindering van subsidies in andere landen, omdat dit hun concurrentiepositie fors verbetert. In Nieuw-Zeeland ontvangen boeren nog geen procent subsidie.

Keuzes na een Brexit

Bij een Brexit wordt het subsidiebeleid weer een punt van discussie. Kiest Groot-Brittannië voor het EU-model of slaat het de weg in van Nieuw-Zeeland? Veel economen kijken met grote interesse naar de voordelen van de verhoogde marktwerking in het land én naar de sterke agrarische sector die dit Nieuw-Zeeland opleverde.

Andere betrokkenen in Groot-Brittannië zien Nieuw-Zeeland meer als inspiratiebron, niet zozeer als voorbeeld. De kiwi’s hebben weliswaar een indrukwekkend succes geboekt in de zuivel, maar de omstandigheden in Nieuw-Zeeland zijn anders dan die in het Verenigd Koninkrijk, redeneren zij.

‘China is al sinds 2013 de belangrijkste handelspartner van Nieuw-Zeeland’

Nieuw-Zeeland heeft natuurlijk het geluk dat het op een mooie plek ligt. Het land kan vlot aan de snel stijgende vraag naar melkproducten in China en andere Aziatische landen voldoen. China is mede daardoor sinds 2013 de belangrijkste handelspartner van Nieuw-Zeeland.

Bovendien is Nieuw-Zeeland het ideale land voor melkkoeien met zijn dunbevolkte gebieden waar volop groene weides te vinden zijn. En die zijn dankzij het milde klimaat het hele jaar door geschikt voor grazers.

Eén reactie

  • Frederiqe

    Geen subsidie maar vast ook minder geldverslindende regels

Of registreer je om te kunnen reageren.