Nederlandse boer ontsnapt aan aftopping - Boerderij.nl
Home

Achtergrond

Nederlandse boer ontsnapt aan aftopping

Ontvangers van grote sommen geld aan Europese subsidies worden gekort. In Nederland worden hooguit enkele tientallen bedrijven getroffen.

Klimaat en milieu. Dat zijn de woorden die blijven hangen na de presentatie van de voorstellen voor een nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Een modern en eenvoudig beleid, waarin lidstaten een grotere verantwoordelijkheid krijgen; een beleid dat moet leiden tot een veerkrachtiger agrarische sector in Europa, verwoordde Europees landbouwcommissaris Phil Hogan zijn ambities. Kern van het verhaal: de boer moet zijn verantwoordelijkheid voor klimaat en milieu nemen, maar krijgt daar geen hogere subsidies voor terug, integendeel, die gaan omlaag.

Artikel gaat verder onder de tweet.

€ 4,4 miljard directe inkomenssteun

De bijdrage aan Nederland zal uitkomen op € 4,8 miljard voor 7 jaar, waarvan € 4,4 miljard voor directe inkomenssteun – een korting van een kleine 10% op de huidige begroting – als zet de Europese Commissie allerlei kanttekeningen bij de vergelijking tussen de directe steun onder het huidige GLB (2014-2020) en dat voor de komende 7 jaar. Hogan houdt het er op dat het budget met niet meer dan 5% wordt verminderd.

Gevolgen voor boeren

Boeren die grote bedragen opstrijken aan Europees geld, zullen fors moeten inleveren. Dat beeld blijft hangen na de bekendmaking van de voorstellen van de Europese Commissie voor het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid (2021-2027). Maar hoe diep snijdt de Europese Commissie?

De cijfers achter de voorstellen geven een ander beeld, zeker voor de Nederlandse boeren, zo blijkt uit een eerste analyse.

Europees landbouwcommissaris Phil Hogan maakte begin juni zijn voorstellen openbaar voor het nieuwe landbouwbeleid. Een van de elementen van zijn voorstellen is dat boeren die meer directe inkomenssteun krijgen dan € 60.000 zullen worden gekort op het bedrag dat daarboven ligt. De maximale subsidie bedraagt € 100.000.

Maatschappelijke weerstand

Met het noemen van die bedragen komt Hogan op zijn minst tegemoet aan de maatschappelijke weerstand tegen het ‘opstrijken van tienduizenden euro’s aan hectarepremies, alleen vanwege het bezit van grond’.

De maatregelen die op het oog misschien wel de meeste impact heeft, blijkt in de praktijk – althans in Nederland – zeer beperkte gevolgen te hebben op het boerenerf. Ten eerste zijn er in Nederland betrekkelijk weinig bedrijven die zeer hoge directe subsidies ontvangen. Een globale berekening van Boerderij op basis van de ontvangen van de steun over het aanvraagjaar 2016 laat zien dat niet meer dan 1.100 bedrijven waren die meer steun ontvingen dan € 60.000, en daarvan ontvingen minder dan 300 bedrijven een bedrag boven de € 100.000.

Wetsteksten achter de voorstellen

In wetsteksten achter de voorstellen van Hogan worden nog wat kanttekeningen gezet, waardoor de effecten minder ingrijpend zijn dan ze op het eerste gezicht lijken. Zo staat in de regels dat de subsidiebedragen verminderd mogen worden met de arbeidskosten (inclusief bijbehorende belastingen en premies), voordat de aftopping plaatsheeft. Onder de definitie van arbeidskosten vallen ook de uren van meewerkende partners of kinderen, die geen arbeidsinkomen hebben ontvangen, maar wel degelijk meewerken op het bedrijf.

Artikel gaat verder onder de foto.

Door het wegvallen van specifieke zetmeelsteun daalt op veel zetmeelaardappelbedrijven de ontvangen inkomenssteun tussen 2014 en 2019, de huidige GLB periode. - Foto: Mark Pasveer
Door het wegvallen van specifieke zetmeelsteun daalt op veel zetmeelaardappelbedrijven de ontvangen inkomenssteun tussen 2014 en 2019, de huidige GLB periode. - Foto: Mark Pasveer

Aftopping EU-steun

De Europese Commissie heeft per lidstaat een statistische doorrekening gemaakt van de effecten. In Nederland is de omvang van het afgetopte bedrag niet eens uit te drukken in tienden van procenten van de totale bijdrage in de vorm van directe inkomenssteun. Ongeveer 0,1 procent van de Nederlandse boeren die steun aanvragen zal, naar de inschattingen in Brussel, te maken krijgen met een aftopping van de directe steun boven de € 60.000. Dat zijn hooguit enkele tientallen bedrijven, ondernemingen die nu fors meer dan € 100.000 ontvangen en daarbij relatief weinig arbeidskosten hebben.

Gevolgen andere landen

In andere landen kan dat heel anders uitpakken. In de voormalige Oostblok-staat Roemenië, waar enkele grote voormalige staatsbedrijven in particuliere handen zijn gekomen, zullen 0,2% van de boeren te maken krijgen met kortingen – maar dat betreft dan wel 8% van de directe betalingen. In Zweden gaat het om 0,4% van de boeren en 1% van het budget, in Duitsland om 0,3% van de boeren en 0,3% van het budget.

Afgetopt bedrag blijft in lidstaat

Over heel Europa gaat het om 0,2% van de boeren die te maken krijgen met aftopping van de directe betalingen. Tezamen zullen de kortingen 1,1% van het budget uitmaken is de inschatting van de Europese Commissie. De Europese Commissie stelt voor dat de bedragen die worden afgetopt binnen de lidstaat blijven waar ze worden afgetopt. Dat geld kan onder andere gebruikt worden om meer inzet te plegen op de stimulansen voor jonge ondernemers en voor de verhoging van de directe steun aan kleine en middelgrote bedrijven.

Steun jonge boeren

Steun aan jonge boeren maakt deel uit van de 9 economische, sociale en milieu-doelstellingen waaraan de lidstaten moeten voldoen bij de strategische plannen die ze indienen. Welke maatregelen daar in staan, en op welke manieren boeren daarvan kunnen profiteren, is nu niet duidelijk. De lidstaten maken de plannen, de Europese Commissie zet daar vervolgens wel of geen goedkeuringsstempel op. Geen stempel: geen geld. Aan de andere kant – lidstaten krijgen veel vrijheden – zoveel vrijheid dat Hogan wel zegt dat er beleid moet zijn om jonge boeren te ondersteunen, maar daarbij geen enkele kwantificeerbare doelstelling formuleert.

Hogan wil stimuleren en belonen bij bereikte resultaten

Niet tot op meter vastleggen

De Europese Commissie is niet van plan om lidstaten tot op de meter nauwkeurig vast te leggen op doelen op gebied van bijvoorbeeld klimaat, milieu en biodiversiteit. Hogan zegt dat de nadruk niet langer ligt op straffen en korten bij niet-naleven van de regels. Hij wil stimuleren en belonen bij bereikte resultaten. De Europese Commissie rekent straks niet meer af bij de boer, maar bij de lidstaat.

Duidelijk is dat boeren moeten rekenen op meer verplichtingen op gebied van klimaat en milieu, als tegenprestatie voor de directe inkomenssteun. Op welke manier is echter nog verre van uitgekristalliseerd.

Klimaatverandering

De lidstaten krijgen grote vrijheid in de manier waarop ze hun strategische plannen opstellen. Voorwaarde is dat er elementen in moeten zitten die voldoen aan 9 geformuleerde doelstellingen. En dat 40% van het budget voor de directe betalingen moet bijdragen aan maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan. Daarnaast moet 30% van het geld voor plattelandsontwikkeling specifiek worden toegerekend naar milieu- en klimaatmaatregelen. Op die manier, zegt Hogan, komt Europa zijn verplichtingen na, die zijn afgesproken bij het klimaatakkoord van Parijs.

De voorstellen van Hogan maken deel uit van het meerjarig financieel kader (de totale Europese begroting) van de Europese Commissie. De plannen voor het nieuwe GLB kunnen pas worden afgehamerd als er een akkoord is over de totale begroting.

Grootste daling bij fabrieksaardappelen en kalverhouderij

Op bedrijven met fabrieksaardappelen en vleeskalveren is het aandeel van toeslagen in het bedrijfsinkomen fors gedaald. Dat komt door de overgang naar een gelijke hectarepremie in 2019 in het huidige GLB systeem voor 2014-2020. Op vleeskalverbedrijven op contractbasis daalde het aandeel van toeslagen en subsidies in het bedrijfsinkomen van 80% in 2014 naar 43% in 2017. Op zetmeelaardappelbedrijven daalde het aandeel van toeslagen van 88% in 2014 naar 70% in 2017. Gemiddeld € 52.000 aan toeslagen en subsidies ontvingen vleeskalverbedrijven gemiddeld in 2014, in 2017 was dat gedaald naar € 27.600. Het grootste deel van deze post betreft betalingsrechten.

Artikel gaat verder onder de grafiek.

Bij kalverbedrijven op contractbasis daalde het aandeel inkomenstoeslagen en subsidies van 80% in 2014 naar 43% in 2017.

Minder steun op akkerbouw- en melkveebedrijf

Op alle akkerbouwbedrijven daalde de post toeslagen gemiddeld van ruim € 30.000 in 2014 naar € 27.600 in 2017. Melkveebedrijven zagen de toeslagen en subsidies dalen van gemiddeld € 27.900 naar € 25.500 in 2017. Op intensieve melkveebedrijven is de daling groter, daar was de waarde van de betalingsrechten per hectare in 2014 veel hoger dan gemiddeld.

Klik op de tabbladen voor overzicht toeslagen per sector.

Hogan waarschuwt voor gevolgen Brexit

Als het Europees Parlement en de 27 lidstaten geen haast maken, kan er volgend jaar opeens een gat vallen in de Europese begroting.

Die waarschuwing geeft landbouwcommissaris Phil Hogan af. Hij is ongerust over de uitkomst van de onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk over de Brexit.

Het kan zomaar dat de Britse bijdrage aan de Europese Unie wegvalt, zonder dat er een akkoord is over de nieuwe begroting. In dat geval moet de Europese Commissie de tering naar de nering zetten. Dat betekent, zegt Hogan, dat noodgedwongen zal worden gekort de steun aan de boeren.

De Europese begroting moet door alle 27 lidstaten worden goedgekeurd. De onderhandelingen daarover zijn al begonnen. Uiteindelijk kan het Europees parlement alleen ja of nee zeggen. Hogan zegt dat hij het nieuwe GLB ingevoerd wil hebben voor het einde van zijn termijn en voor de Europese verkiezingen (juni 2019). De goedkeuring van het huidige GLB nam ruim anderhalf jaar in beslag, van oktober 2011 tot juni 2013.

Korting op budget oogst kritiek

De inkt van de voorstellen voor het nieuwe landbouwbeleid was nog niet droog, toen uit het Europees Parlement al klonk dat er geen cent mag worden bezuinigd op het landbouwbeleid. De Nederlandse christendemocraat Annie Schreijer-Pierik is hartstochtelijk aanhanger van dat standpunt. Verlaging van het budget is een ondermijning van de sector, zegt zij. Met dat standpunt distantieert zij zich van de opvatting van het kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie.

Artikel gaat verder onder de tweet.

Vernieuwing

D66 en VVD vinden dat de voorstellen nog te veel gericht zijn op inkomenssteun en te weinig op vernieuwing. Dat laatste zou de koppositie van de Nederlandse boer versterken, vindt Jan Huitema (VVD).

Artikel gaat verder onder de tweet.

LTO Nederland

Schrijer-Pierik sluit naadloos aan bij de opvattingen van de boerenorganisaties. Voorzitter Marc Calon van LTO Nederland zegt, in navolging van de voorman van de Europese koepel van landbouworganisaties, dat het huidige budget behouden met blijven, en dus geen bezuiniging van 5%, zoals Hogan bepleit.

Het Nederlandse kabinet daarentegen is voor een vermindering van de landbouwbegroting, al was dat niet hetgeen waar landbouwminister Carola Schouten in haar reactie de nadruk op legde. Zij vindt dat Nederland niet de rekening mag betalen voor het vertrek van de Britten uit de EU. Schouten ziet het budget voor de directe inkomenssteun in Nederland met 3,9% dalen, en het budget voor plattelandsbeleid met 15%. Een substantiële daling, oordeelt Schouten, die toejuicht dat lidstaten meer ruimte krijgen voor eigen invulling van het beleid.

Of registreer je om te kunnen reageren.