Home

Achtergrond 1 reactie

Zorgen over afhandeling schade Groningen

Na een jaar totale stilstand worden in Groningen met spoed 6.000 oude en 13.000 nieuwe schadegevallen afgehandeld. Over de mate van succes van de afhandeling verschillen de meningen. Boeren hebben er weinig vertrouwen in.

In Groningen wacht menig boer al jaren op een degelijke afhandeling van de schade die door de gaswinning is ontstaan aan boerderij en erf. Recent is er een start gemaakt met de 13.000 schadegevallen bij boer en burger, die geregistreerd zijn na maart 2017. Deze ‘nieuwe’ gevallen vallen onder het snel in elkaar gezette nieuwe protocol en worden sinds half maart afgehandeld door de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen (TCMG) – onder verantwoordelijkheid van de overheid.

Boerenbelangenorganisaties kritisch

Organisaties die boerenbelangen behartigen, zijn kritisch. De Stichting Boerenbelang Mijnbouwschade, opgericht door de boerenvakbonden NMV en NAV, heeft het idee dat er een rookgordijn wordt opgetrokken.

NAV'er Geert Dubben: "Ze hebben het over transparantie maar de mistwolk wordt steeds groter." - Foto: Jan Willem van Vliet
NAV'er Geert Dubben: "Ze hebben het over transparantie maar de mistwolk wordt steeds groter." - Foto: Jan Willem van Vliet

Geert Dubben, bestuurslid akkerbouwvakbond NAV: “Men heeft het over transparantie, maar wij hebben het idee dat de mistwolk steeds groter wordt. We horen mooie woorden, maar de procedures om je schade afgehandeld te krijgen zijn steeds ingewikkelder en moeizamer te doorgronden. Men wijst op snelheid van handelen, maar wij hebben het idee dat er juist vertraagd wordt, ook gezien het feit dat nog veel zaken in de nieuwe opzet niet uitgewerkt zijn, en daar maken we ons zorgen over.” Zo is nog niet duidelijk wat er met de settingschade gaat gebeuren; mijnbouwschade en de gevolgen ervan voor het waterpeil.

Nieuwe regeling niet gunstig

Boerenbelang wil het liefst helemaal van schadeprotocollen af en alle schadeafhandeling gewoon onder het Burgerlijk Wetboek laten vallen. Wie schade veroorzaakt bij een ander, moet dat vergoeden, vinden ze. Dus ook de NAM. Boerenbelang is niet gelukkig met de nieuwe regeling. Omdat het nieuwe protocol onder de overheid valt, hoort het niet meer bij het burgerlijke (civiele) recht maar onder het bestuursrecht, wat inhoudt dat je niet meer naar de gewone rechter kunt stappen maar alleen naar de bestuursrechter. “Dat zou ten voordele van iedereen zijn omdat de gang naar de bestuursrechter simpeler is, maar dat betwijfelen we.” Daarbij is er nu sprake van rechtsongelijkheid tussen de 6.000 oude schadegevallen, die nog door de NAM via het oude systeem afgehandeld worden en wél onder het civiel recht vallen, en de 13.000 nieuwe gevallen. Ook kan het voor de rechtsbijstandverzekering verschil maken of je tegen de staat procedeert.

Mestprotocol

Sinds 2015 wordt aardbevingsschade aan mestkelders met een protocol beoordeeld. Dit protocol is naar aanleiding van 3 pilotstudies en expertsessies door advies- en ingenieursbureau Grontmij aan mestkelders en drainage ontwikkeld in opdracht van LTO Noord en de NAM. Uit de studie bleek dat het aannemelijk is dat er door aardbevingen schade kan ontstaan aan mestkelders.

Geert Dubben wil graag weten wat er in de nieuwe versie van het nieuwe mestprotocol staat. “De NAM is niet bereid het openbaar te maken.” Het oude protocol is naar zijn mening niet afdoende. “Er staat alleen informatie in over problemen met de inhoud van de mestkelder, het geeft geen antwoord op de vraag hoe je een kelder kunt herstellen. Boeren kunnen slechts een schade vergoeding van paar honderd euro’s per jaar krijgen voor het extra moeten uitrijden van (met instroomwater) verdunde mest, maar de expertkosten voor het in kaart brengen van de schade zijn een veelvoud hiervan. De kelder blijft lek, naast instroming kan er ook uitstroming plaatsvinden, met alle gevolgen van dien voor de omgeving van de kelder.” Dubben vindt het onbegrijpelijk dat lekkageproblemen bij mestkelders niet worden opgelost door de mijnbouwschade veroorzakers.

Versterken on hold

Sinds minister Wiebes van Economische Zaken bekendmaakte dat de gaswinning verlaagd wordt, is er veel ‘on hold’ gegaan in Groningen. Zoals de zogenoemde versterkingsoperatie, die bestaande gebouwen aardbevingsbestendig maakt. Dubben: “Wij zijn een abslute voorstander van het doorgaan met versterken en dat wordt nu ook vertraagd.”

De boerderij van Berend Jan Westerdijk in Garsthuizen, voorzitter Boerenblelang Mijnbouwschade, heeft 13 verticale scheuren in de schuur, soms van boven tot in de fundering. Ook het woonhuis heeft scheuren. De buitenmuur is poreus geworden en geeft lekkage. - Foto: Jan Willem van Vliet
De boerderij van Berend Jan Westerdijk in Garsthuizen, voorzitter Boerenblelang Mijnbouwschade, heeft 13 verticale scheuren in de schuur, soms van boven tot in de fundering. Ook het woonhuis heeft scheuren. De buitenmuur is poreus geworden en geeft lekkage. - Foto: Jan Willem van Vliet

Het dichtdraaien van de gaskraan in 2030 leidt tot minder aardbevingen en dus ook tot minder schade, is het uitgangspunt van de beleidsmakers. Daarom zijn veel versterkingsoperaties in de wacht gezet of teruggedraaid. Dubben baseert zich op Manuel Sintubin, professor geologie aan de KU Leuven, die in het regionale dagblad aangaf dat het dichtdraaien van de gaskraan geen enkele garantie biedt op het verminderen van het aantal of de intensiteit van de aardbevingen. Daarbij is aangekondigd dat er bij Pieterzijl gestart wordt met gaswinning via omstreden ‘fracking’ methode. Onbegrijpelijk, meent Dubben. De Stichting Boerenbelang Mijnbouwschade stuurde op 8 mei een zienswijze over de afhandeling van de schade naar de minister.

Tot slot hebben de vakbonden twijfels over de onafhankelijkheid van de voorzitter van de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen.

‘Waarom hebben 100 jaar oude boerderijen sinds 2012 schade?’

Civiel ingenieur Willem Meiborg (66) staat een aantal argrarisch ondernemers bij. “Ik kijk wat ik voor ze kan doen en let daarbij op de technische kant van de schade.”

De ingenieur Willem Meiborg voor de afbeelding van zijn grootvader, Willem 'Beton' Meiborg, die in 1963 als allereerste voor de gevolgen van de gaswinning waarschuwde. Hier spreekt Meiborg op een bijeenkomst van gedupeerde boeren in Delfzijl, in januari. - Foto:ANP
De ingenieur Willem Meiborg voor de afbeelding van zijn grootvader, Willem 'Beton' Meiborg, die in 1963 als allereerste voor de gevolgen van de gaswinning waarschuwde. Hier spreekt Meiborg op een bijeenkomst van gedupeerde boeren in Delfzijl, in januari. - Foto:ANP

Bij het afhandelen van de schade is in eerste instantie het discussiepunt steeds geweest of de schade aan een gebouw tot aardbevingsschade gerekend kon worden. Daarbij werd een contourlijn gehanteerd: binnen de lijn was ‘aardbevingsgebied’ en daarbuiten ‘buitengebied’. Meiborg: “De NAM nam de omtrek van het gasveld en trok daar een cirkel van 5 kilometer omheen. Dat was het aardbevingsgebied. De cirkel liep dwars door de dorpen heen. Wie aan de ene kant van de straat woont, kon aardbevingsschade hebben, en wie aan de andere kant woont, niet.”

Bewijslast omgedraaid

In 2017 is de bewijslast omgedraaid en moet de NAM aantonen dat schade niet door de gaswinning komt. Bij de ‘complexe gevallen’ die nu worden afgehandeld zitten veel gedupeerden uit het buitengebied. De kans op aardbevingsschade werd bepaald aan de hand van de trillingsrichtlijn SBR-A, die bedoeld was om de kans schades aan gebouwen door trillingen van onder andere heimachines te beoordelen. Door Arcadis en later Witteveen & Bos werd deze SBR-A bij aardbevingen in het buitengebied verkeerd toegepast, zo ontdekte Meiborg. Volgens het rapport betekende de richtlijn dat de kans op aardbevingsschade in dit buitengebied kleiner is dan 1%.

1.600 afgewezen gevallen

In 2016 schoot TU Delft dit onderzoek af: er was een te klein aantal huizen onderzocht voor een dergelijke conclusie. Daarop verscheen een rapport van Witteveen & Bos in opdracht van de NAM, waaruit bleek dat schademeldingen op 1.600 adressen in het buitengebied allemaal waren afgewezen. Vooral de mededeling dat schade aan huizen in het buitengebied op vrijwel geen enkele wijze aan de gaswinning of aardbevingen is te koppelen, zorgde voor onvrede bij inwoners van dat buitengebied.

Slappe klei

In augustus 2017 schoffelden Meiborg en het gespecialiseerde advocatenkantoor VanNiekerkCieremans uit Rotterdam het rapport onderuit. Meiborg concludeerde dat het op basis van de SBR-A richtlijn niet mogelijk was om aardbevingen als oorzaak van schade uit te sluiten. “De vraag is niet ‘komt de schade door slappe klei’ maar: hoe kan het dat huizen en boerderijen al 100 jaar probleemloos op slappe klei staan en na 2012, na de zwaarste beving tot nu toe in Huizinge, opeens schade krijgen? Die vraag is na de omkering van de bewijslast heel belangrijk geworden.”

De NAM moet aantonen dat er na 2012 schade is, en dat die een oorzaak heeft. Er staan 200.000 gebouwen in het aardbevingsgebied. Als minder dan een procent kans op schade heeft, moet de NAM dus aantonen dat als iemand zich meldt met schade, dit niet hoort tot de 2.000 schadegevallen.” Willem Meiborg is overigens de kleinzoon is van civiel ingenieur Willem ‘Beton’ Meiborg die in 1963 in het Nieuwsblad van het Noorden op de gevaren van de gaswinning wees. Hij voorspelde een bodemdaling van een meter en problemen met de waterhuishouding.

Boeren wachten al jaren

De afhandeling van de schade van de oude gevallen is volgens minister Wiebes een succesverhaal. Hij geeft aan dat 900 van de liggende ‘oude’ schadeclaims een aanbod heeft gekregen, dat door 95% is aangenomen. Willem Meiborg van Energeo BV uit Woerden trekt de mate van succes van de afhandeling in twijfel.

Eerder dit voorjaar bezocht premier Mark Rutte een zwaar beschadigde boerderij in Garrelsweer. Door de aardbevingen in het is het niet meer veilig wonen in de boerderij uit 1883 die een rijksmonument is. - Foto: ANP
Eerder dit voorjaar bezocht premier Mark Rutte een zwaar beschadigde boerderij in Garrelsweer. Door de aardbevingen in het is het niet meer veilig wonen in de boerderij uit 1883 die een rijksmonument is. - Foto: ANP

Aardbevingsschade aan gebouwen werd tot en met maart 2017 beoordeeld aan de hand van inmiddels weerlegde rapporten die door adviesbureau Witteveen & Bos waren opgesteld. Voor 1 juli moeten de 6.000 nog af te handelen schadegevallen een ‘ruimhartig’ aanbod van de NAM hebben gehad. De deadline voor de afhandeling is 1 juli 2018. Binnen de 6.000 gevallen bevinden zich veel zogenaamde complexe gevallen, waaronder veel agrarisch ondernemers. Groningen is immers voor 80% agrarisch.

Geert Dubben, bestuurslid NAV: “Ik heb veel boeren in het veld gesproken. Sommigen hebben een aanbod gehad, maar velen hebben zelfs nog niks gehoord. Sommigen wachten al 2 jaar.” Willem Meiborg schreef vorige week een brief aan de Tweede Kamer over de schadeafhandeling. In de brief wijst hij er op dat veel mensen klagen over een te laag aanbod. Ook zeggen ze gebukt te gaan onder tijdsdruk.

Geen feiten

Meiborg: ‘De berichten van de minister dat deze afwikkeling nu goed loopt, zijn volgens mijn waarneming niet op feiten gebaseerd, maar kennelijk alleen op basis van informatie van de NAM, waaraan zeer getwijfeld kan worden.’

Meiborg staat daarin niet alleen. “Gehaast en onzorgvuldig,” schrijft onafhankelijk raadsman Leendert Klaassen in een brief aan directeur van de NAM. Volgens Klaassen, zo valt te lezen op RTV Noord, zitten er ‘fouten, weglatingen en andere slordigheden in het aanbod dat mensen krijgen. Data kloppen niet en er worden schades en complete schadedossiers vergeten.’

De meeste calculaties van de schade in opdracht van de NAM worden gemaakt door de bureaus JBG en Huls Bouwmanagement, aldus Meiborg. “Ze komen niet kijken bij de gebouwen maar baseren zich op de oude rapporten die gemaakt zijn op basis van het Witteveen & Bos-formulier. Voor die inspecties keken de inspecteurs niet beneden het maaiveld en ook niet boven zichtsveld, ze gingen niet op een ladder staan.”

Het is niet mogelijk om een betrouwbare calculatie te maken, aldus Meiborg, zonder zelf ter plaatse te zijn geweest. “Het is in mijn ogen een ideaal recept om van de NAM aanbiedingen te krijgen, die niet zijn gebaseerd op de realiteit. En die met ruimhartigheid al helemaal niets te maken hebben.”

Schadeafhandeling serieus genomen

Maarten van Zwanenburg van Bedrijfsburo JBG meent dat de schadeafhandeling door de NAM serieus genomen wordt. Hij geeft aan dat veel gevallen aan de hand van de bestaande informatie beoordeeld wordt, maar dat bij complexe gevallen de locatie ook wel bezocht wordt. Van Zwanenburg bevestigt dat zich onder de complexe gevallen veel agrarisch ondernemers bevinden. “Argrarische gebouwen zijn omvangrijk en hebben vaak ingewikkelde constructies. Het is daardoor lastig om te bepalen of de schade door aardbevingen is ontstaan.” Van Zwanenburg benadrukt dat er ook veel mensen wél tevreden zijn over hun aanbod en dat de afhandeling “wel degelijk ruimhartig” is.

Tijdsdruk

Een tweede bezwaar van Meiborg is de termijn die mensen hebben die een geschil hebben over de compensatie voor de schade, en die naar de Arbiter Bodembeweging willen voor een oordeel. De gedupeerden die dat willen, krijgen 6 weken om zelf met een betrouwbare tegenbeoordeling te komen. Dat is volgens Meiborg niet haalbaar. “In de praktijk duurt het 3,5 maand voordat je een degelijke tegenbeoordeling hebt.”

Hij doet een dringend beroep op de Tweede Kamer om ervoor te zorgen dat die termijn wordt verlengd. “Het is onwerkbaar en niet haalbaar.” Ook Tweede Kamerleden van SP, PvdA en Groenlinks hebben gevraagd om verlenging van de termijn waarbinnen gedupeerden van oude schades bij de Arbiter Bodembeweging kunnen melden. Ze willen tevens onafhankelijk onderzoek naar de tevredenheid van mensen bij wie oude aardbevingsschade is afgehandeld. De Kamerleden willen graag dat er een onafhankelijk meldpunt komt waar gedupeerden hun klachten met de afhandeling van schade kunnen melden.

Eén reactie

  • Mtswie

    Wij hebben een brief ontvangen dat op grond van een of ander artikel de beoordelingstermijn worden opgerekt.
    Oude aanvragen tot maximaal 10 mnd. en nieuwe aanvragen tot maximaal 15 mnd.
    Misschien zijn er meer die deze brief hebben ontvangen.

Of registreer je om te kunnen reageren.