Home

Achtergrond 2971 x bekeken 1 reactielaatste update:14 feb 2018

Veehouderij bij rechter om beëindigen POR

Het beëindigen van de POR-regeling wordt uitgevochten bij de rechter. Donderdag 15 februari is de zitting van het kort geding dat de pluimvee- en varkenssector samen hebben aangespannen tegen de overheid.

Volstrekt onacceptabel, vinden pluimveeorganisaties LTO/NOP, NVP, mestafzetcoöperatie DEP en Producentenorganisatie Varkenshouderij (POV) het niet-verlengen van de ontheffingen in het kader van de Regeling ontheffing productierechten Meststoffenwet (POR-regeling). Vanaf 1 januari 2018 zijn de sectoren samen voor 1,6 miljoen kilo fosfaat aan productieruimte kwijtgeraakt. De overheid besloot ontheffingen voor productierechten die in 2015 werden verleend niet te verlengen, vanwege het overschrijden van sectorplafonds voor fosfaat door zowel de pluimvee- als varkenshouderij. Dit in het licht van het behoud van de derogatie.

121.622 varkens- en 1.200.000 pluimvee-eenheden

Het gaat om ontheffingen voor in totaal 121.622 varkenseenheden en 1.200.000 pluimvee-eenheden. De belangenorganisaties van de pluimvee- en varkenshouderij vechten het besluit aan bij de rechter. Donderdag 15 februari om 10.00 uur behandelt de rechtbank Den Haag de zaak. Advocaat Franca Damen (Kneppelhout & Korthals advocaten) staat de organisaties bij. Ze noemt de twee belangrijke gronden waarop ze het beëindigen van de POR-regeling willen aanvechten en waarom de staat onrechtmatig zou handelen.

“Het besluit is in strijd met het vertrouwensbeginsel doordat aanvankelijk de duur van de ontheffing is gekoppeld aan stelsel van dierrechten,” aldus Damen. In de regeling uit 2015 staat vermeld dat op basis van de evaluatie van de Meststoffenwet in 2016 zal worden besloten of het stelsel van pluimvee- en varkensrechten per 1 januari 2018 kan komen te vervallen, en dat om die reden gekozen is voor een duur van de ontheffing tot 31 december 2017. Indien die koppeling destijds niet was gemaakt en veehouders hadden geweten dat zij op een later moment alsnog pluimvee- of varkensrechten zouden moeten aanschaffen, hadden zij mogelijk andere keuzes gemaakt bij het investeren, betoogd Damen.

‘Als veehouders toen hadden geweten dat ze nu alsnog dierrechten moesten aanschaffen, hadden ze toen andere investeringen gedaan’

Franca Damen, advocaat

Volgens de advocaat heeft de Staat daarnaast de belangen van de veehouders die ontheffingen hebben gekregen niet goed afgewogen. De POR-regeling is beëindigd zodat de sectorale fosfaatplafonds niet worden overschreden, maar de maximale omvang van de ontheffingen is destijds zodanig vastgesteld dat de fosfaatplafonds niet overschreden zouden worden, voert ze aan. Damen: “Dat betekent dat het overschrijden van de fosfaatplafonds niet de ontheffinghouders in de schoenen kan worden geschoven. Zij zitten nu met flinke investeringskosten. De prijzen van dierrechten zijn ten opzichte van 2015 ongeveer verdubbeld. Als ze toen hadden geweten dat ze nu alsnog dierrechten moesten aanschaffen, hadden ze toen andere investeringen gedaan.”

Eén reactie

  • groot boerdam

    Het gaat niet om 1.2 miljoen rechten maar om 2.2 miljoen rechten por 1 en 2

Of registreer je om te kunnen reageren.