Home

Achtergrond 5 reacties

Om deze redenen neemt het aantal bedrijven snel af

Fosfaatrechten, stoppersregelingen voor melkvee en varkens zorgen tijdelijk voor een extra daling van het aantal bedrijven. Ook onvrede en onzekerheid over regels spelen een rol bij besluiten om te stoppen met het bedrijf.

Deze stoppersregelingen zijn er 
Hier moet je op letten als je stopt met je bedrijf 
Waarom deze melkveehouder stopt

Stoppen met een boerenbedrijf is ingrijpend, maar van alle tijden. De redenen zijn divers: vanwege de leeftijd terwijl er geen opvolger is, of omdat het bedrijf te klein is voor voldoende inkomen.

Steeds vaker zijn ingewikkelde en knellende regels een factor om het bedrijf af te bouwen of volledig te verkopen. Dan is verkoop van fosfaatrechten of meedoen aan een stoppersregeling een aanjager om de knoop door te hakken. Ook grotere bedrijven stoppen, geheel of gedeeltelijk.

Het lijkt hard te gaan. Rabobank gaat ervan uit dat er in 2030 10.000 melkveehouders en 1.000 varkenshouders zijn. Dat is fors minder dan nu, maar tegelijkertijd het gevolg van een ontwikkeling die al jaren bezig is.
Lees verder onder de grafieken, kaders en foto‘s

Het aantal varkensbedrijven is volgens de landbouwtellingen het hardst gedaald. De stijging bij akkerbouw in 2015 komt deels door meer kleine bedrijven met akkerbouw die zijn gestopt met een andere tak.

Aantal akkerbouwbedrijven daalt minder snel

De afname van akkerbouwbedrijven is duidelijk geringer geweest en het aantal bedrijven is zelfs gestegen in sommige jaren. Dat heeft overigens ook te maken met de manier waarop bedrijven worden vastgelegd in de CBS-cijfers. Als een bedrijf met meerdere takken stopt met bijvoorbeeld de veetak en nog wel gewassen verbouwd zoals mais, wordt het aangemerkt als akkerbouwbedrijf.

Uit een rondgang van Boerderij bij banken en adviseurs blijkt dat er meer stoppers zijn dan anders. Daarbij is echter sprake van een inhaalslag, onder meer omdat boeren hebben gewacht op de invoering van fosfaatrechten.

3 factoren

Volgens Marijn Dekkers, sectorspecialist melkveehouderij van Rabobank, zijn er 3 factoren die spelen bij bedrijfsbeëindiging: 

  • Vergrijzing
  • Regeldruk
  • Prijsschommelingen

Vergrijzing is onder meer een gevolg van het feit dat niet op alle bedrijven een opvolger klaarstaat. Dat heeft meerdere oorzaken en is van alle tijden. Ook stoppen bedrijven vaker na een periode van lage prijzen.

Dekkers ziet geen grote stoppersgolf, wel een versnelling van het percentage stoppers, vooral in de melkveehouderij en varkenshouderij. “Het percentage bedrijven dat om allerlei redenen stopt lag gemiddeld tussen 3% en 4% en dat ligt deze jaren een paar procent hoger”, aldus Dekkers.

“Oorzaken komen vanuit de regeldruk, zoals de aangescherpte regels in Brabant, de invoering van fosfaatrechten en de stoppersregelingen in melkveehouderij en varkenshouderij.”

Ze zeggen soms dat ze de trein van het melkquotum voorbij hebben laten gaan en dat willen ze bij de fosfaatrechten niet nog een keer laten gebeuren

Ook ABN Amro ziet een tijdelijk versnelling van het aantal stoppers in de veehouderij. Volgens Erie Vriese, agrarisch specialist vermogensplanning, is het lastig om aantallen te noemen. Hij ziet wel een duidelijke stijging van het aantal kleinere melkveehouders dat de knoop doorhakt. “Die zeggen soms dat ze de trein van het melkquotum voorbij hebben laten gaan en dat willen ze bij de fosfaatrechten niet nog een keer laten gebeuren”, vertelt Vriese. “Het zijn dikwijls bedrijven zonder opvolger die de fosfaatrechten verkopen maar de grond vaak nog wel houden.”

Bij varkensbedrijven is het volgens Vriese doorgaans financieel lastiger. Varkensrechten hebben een veel lagere opbrengst en mogelijkheden om wat met de gebouwen te doen zijn beperkt, zeker omdat de mogelijkheden via de zogenoemde rood-voor-roodregelingen in de praktijk beperkt zijn geworden.

Lees ook: Verkoop varkensbedrijf om legio redenen

Fosfaatrechten als aanjager

Wim Schipper, fiscaal adviseur van Countus in Zwolle, spreekt van een roerige tijd in de varkenshouderij: “Niet echt rooskleurig, in verband met benodigde investeringen in stallen en het risico dat je die niet terugverdient. In de melkveehouderij hebben veel bedrijven de fosfaatrechten afgewacht om te kunnen verkopen. We zien een tendens dat mensen hun fosfaatrecht verkopen en grond aanhouden of hierover een samenwerkingsverband aangaan. Dus niet bedrijfsbeëindiging, maar wel fosfaatrechtengeld eruit halen.”

Schipper heeft de indruk dat tegenover normaal 3 à 4% stoppers dat nu oploopt naar 5% tot 6%. De akkerbouw heeft de laatste jaren meestal goed gedraaid, volgens Schipper. Het aantal stoppers is lager dan in de melkveehouderij, het is ook makkelijker te combineren met iets anders.

In 2000 waren er nog ruim 33.000 melkveebedrijven, in 2018 nog ruim 17.000. Voor 2030 gaat Rabobank uit van 10.000.

Opvallend: grote bedrijven stoppen

Jan Breembroek, directeur Agro advies van Flynth, herkent de signalen over aantallen stoppers, maar vindt het lastig om het in getallen uit te drukken. Wat hem opvalt is dat her en der ook grotere bedrijven stoppen en dat heeft volgens Breembroek steeds vaker te maken met de toegenomen regeldruk.

“Sommige boeren hebben het gevoel dat het moeilijk ondernemen is met alle beperkingen die erbij zijn gekomen. Dat gaat bijvoorbeeld om fosfaatrechten die beperkend werken en bij de huidige prijzen tegelijk een grote factor zijn om de knoop door te hakken.”

Meer gesprekken over stoppen

Bij Abab Accountants is het aantal stoppers eind 2018 niet groter dan anders, is de indruk van marktmanager Ineke Couwenberg. Wel zijn er meer gesprekken geweest met ondernemers over bedrijfsbeëindiging.

Couwenberg benadrukt dat het geen beslissingen zijn die je graag neemt als boer. “Je wilt dan in ieder geval zeker weten dat je de juiste beslissing neemt. Er is nu nog veel onduidelijk voor veehouders. Bijvoorbeeld over de regels voor veehouders in de provincie Brabant, de stoppersregeling voor varkenshouders en ook wat de prijzen gaan doen.”

In 2000 waren er nog 14.500 varkensbedrijven, in 2017 was dat aantal gedaald naar 4.160. Rabobank voorspelt dat het aantal verder daalt naar 1.000 bedrijven in 2030.

Voorheen was stoppen geen optie. Punt. Nu is het vaak juist wel bespreekbaar

Stoppen na conflict

Sjoerd Commijs van Van Benthem en Gratama advocaten en voorzitter van de vereniging agrarische advocaten ziet een duidelijke trend dat boeren meer nadenken over stoppen en dat ook bespreken.

“Mensen komen meestal met een advocaat in aanraking als er een probleem is. Denk aan echtscheiding of een samenwerkingsverband dat stukloopt. Dan moet overlegd worden hoe verder. Voorheen”, zo signaleert Commijs, “was stoppen geen optie. Punt. Nu is het vaak juist wel bespreekbaar.” Hij vindt het lastig in aantallen uit te drukken, maar spreekt over een verdubbeling.

Deze stoppersregelingen zijn er

Stoppersregelingen zorgen voor een versnelde daling van het aantal bedrijven. Belangrijke regelingen zijn:

  • Beëindigingsregeling melkveehouderij 2017. Circa 500 melkveehouders hebben deelgenomen aan deze regeling als onderdeel van het fosfaatreductieplan. In 2017 zijn ze gestopt met melken. Dit jaar hebben ze in principe wel fosfaatrechten gekregen.
  • Stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij. Naar schatting tot 1.500 varkenshouders hebben deelgenomen aan deze regeling waarmee ze nog tot 1 januari 2020 een gereduceerd aantal varkens mogen houden zonder volledig te voldoen aan de geldende emissie-eisen.
  • Over de Stalderingsregeling in de provincie Noord-Brabant lopen nog juridische procedures. Stalderen houdt in dat een veehouder die wil uitbreiden een bestaande stal in de omgeving zal moeten slopen. Hierbij moet ten minste 110% van het aangevraagde bouwoppervlak gesloopt worden.
  • Via de Regeling Omgevingskwaliteit (ROK) hebben 27 varkensbedrijven geld gekregen voor hun varkensrechten van locaties in gebieden met onvoldoende ontwikkelingsmogelijkheden.
  • Warme sanering varkenshouderij. Er is € 120 miljoen beschikbaar voor sanering van varkensbedrijven via het uit de markt halen van varkensrechten vanaf 2019 en beëindigen van bedrijven die overlast veroorzaken voor hun omgeving. De uitwerking is nog bezig.

Varkensstallen met woningen in de buurt van een bebouwde kom konden onder voorwaarden meedoen aan beëidigingsregelingen. - Foto: Hans Prinsen
Varkensstallen met woningen in de buurt van een bebouwde kom konden onder voorwaarden meedoen aan beëidigingsregelingen. - Foto: Hans Prinsen

Hier moet je op letten als je stopt met je bedrijf

Stoppen met een bedrijf is voor veel ondernemers een eenmalige beslissing. Stoppen is maatwerk is dan ook het eerste wat adviseurs zeggen. Een kleine greep uit belangrijke onderwerpen:

  • Begin op tijd met voorbereiden als stoppen in beeld komt. Het lijkt vanzelfsprekend, maar alleen op die manier zijn nare verrassingen zoveel mogelijk te voorkomen.
  • In hoeverre zijn nog aanpassingen nodig en mogelijk van het bedrijf? Zijn gebouwen alternatief te gebruiken? Lees meer over succesvol slopen, sloopregelingen en creatief gebruik oude boerderijen.
  • Kijk naar mogelijkheden voor samenwerking met andere boeren, bijvoorbeeld jongveeopfok. Breng dat in kaart of doe dat samen met anderen, bijvoorbeeld een adviseur.
Opfok van jongvee is een mogelijkheid voor gestopte melkveehouders om grond en een deel van de fosfdaatrechten te benutten. - Foto: Koos Groenewold
Opfok van jongvee is een mogelijkheid voor gestopte melkveehouders om grond en een deel van de fosfdaatrechten te benutten. - Foto: Koos Groenewold
  • Welke regelingen zijn van toepassing om oude gebouwen aan te pakken? Denk aan asbestsanering.
  • Breng de financiële en fiscale gevolgen in beeld. Een belangrijk onderwerp is de mogelijkheid om belasting uit te stellen bijvoorbeeld via stakingslijfrentes. Grond en de fiscale gevolgen van verhuur verdient speciale aandacht.
  • Bij de financiële afwegingen hoort ook de check of er in voorgaande jaren investeringen zijn gedaan die fiscaal anders uit gaan pakken bij staking. Bijvoorbeeld aankoop van grond met vrijstelling van overdrachtsbelasting.
  • Welke afspraken zijn gemaakt bij de overname van het bedrijf, bijvoorbeeld over aanspraken van andere familieleden.

Melkveehouder: ‘Stoppersregeling was dat ene zetje’

Net als 500 andere melkveehouders schreef Frank Timmerman zich in 2017 in voor de stoppersregeling in het fosfaatreductieplan.

“Het was net dat ene zetje dat je nodig hebt om de knoop door te hakken. Dankzij dat voorschot en de verkoop van de fosfaatrechten heb ik nu een eigen bedrijf”, zegt Timmerman.

Frank Timmerman (30) is in mei 2017 gestopt met zijn melkveebedrijf in Dalfsen (Overijssel) in het kader van het fosfaatreductieplan. Hij had 51 hectare pachtgrond, 80 melkkoeien die 700.000 kilo melk per jaar gaven. - Foto: Ruud Ploeg
Frank Timmerman (30) is in mei 2017 gestopt met zijn melkveebedrijf in Dalfsen (Overijssel) in het kader van het fosfaatreductieplan. Hij had 51 hectare pachtgrond, 80 melkkoeien die 700.000 kilo melk per jaar gaven. - Foto: Ruud Ploeg

Gedachte om te stoppen speelde al langer

De gedachte om toch maar te stoppen met de melkveehouderij, die hij in maatschap met zijn ouders runde, speelde al even. “Mijn droom was vroeger altijd om melkveehouder te worden en mijn vader steunde me daarin. Het bedrijf draaide in principe goed, we hadden 80 koeien, 51 hectare grond en een productie van 700.000 kilo per jaar. Niks om over te klagen verder.”

“Op onze huidige locatie, een landgoed in Dalfsen, zag ik niet echt toekomst. Al het land was gepacht, net als de grond waarop het bedrijf stond. Ik was aan het informeren bij boeren in de buurt of ik hun bedrijf niet op den duur kon overnemen, om zo ergens anders verder te boeren.”

We dachten eerst: we wachten die fosfaatrechten wel af, maar het voorschot van € 1.200 per koe was toch wel erg mooi

En toen kwam de aankondiging van de stoppersregeling. “We dachten eerst: we wachten die fosfaatrechten wel af, maar het voorschot van € 1.200 per koe was toch wel erg mooi. Zo gingen in mei uiteindelijk de koeien van het erf. Begin dit jaar hebben we ook de fosfaatrechten verkocht. Wel nog even de prijzen en wat fiscale handigheidjes afgewacht, maar ik heb er een mooi bedrag aan over gehouden.”

Verdienen met akkerbouwgewassen

Het pachtcontract van de landbouwgrond liep nog, dus in het laatste groeiseizoen heeft Timmerman ingezet op akkerbouwgewassen. “Aardappels, bieten en wat ruwvoer. Daar heb ik nog wat mee kunnen verdienen, want de pacht moest gewoon betaald worden.”

Dankzij de opbrengsten van de stoppersregeling heeft Timmerman nu een nieuwe stek en een goedlopend bedrijf: koebad.nl, waarvoor hij nog veel bij boeren op het erf komt. “We hadden nog wel even kunnen doormelken, maar ik ben blij hoe het is gelopen en sta nog steeds helemaal achter mijn keuze.”

Mede-auteurs: Johan Oppewal en Lydia van Rooijen

Laatste reacties

  • deB.

    Gelijk hebben ze, er is in het kort geen ruk meer aan! Met handen en voeten gebonden, tegen kostprijzen, en als je alles telt, kom je er aan te kort. Maar boeren zijn koning in zichzelf voor de gek te houden

    Hier hangt alles aan elkaar met minderen van dat klote fosfaat... duitsland gooit fosfaat in de vis zeeen, wegens gebrek aan fosfaat in het water. Stop eens met dat hypocriete gelul vanuit de overheid

  • Alco

    "Toekomstperspectief".
    Het nieuwe woord.

  • piet p

    Ja je bent ergens gek als je nog door boert.
    Onzinnige kostprijsverhogende regelgeving en geen stuiver om je kont te krabben.
    Terwijl de meesten miljonair zijn als ze de koeien wegdoen.

  • veldzicht

    Als ik het zo bekijk krijgt Thieme en consorten toch haar zin,alle veehouderij de wereld uit te beginnen in Nederland.( En allemaal aan de soyaburger van de vegetarische slager.)

  • massy

    Nog een paar jaar en dan is heel nederland een natuurgebied met overal wilde dieren net als in Afrika dan hoeft de rest van nederland daar niet meer na toe te vliegen om olifanten ,leeuwen,wolven,gieren en noem maar op te gaan bekijken want die lopen gewoon in je tuin.

Laad alle reacties (1)

Of registreer je om te kunnen reageren.