Boerenleven

Achtergrond

‘Over het bedrijf zijn we het altijd eens’

Samen wonen en werken op hetzelfde erf, wat doet dat met de relatie tussen man en vrouw? Erik en Linda Peters vertellen wat het voor hen betekent.

Erik

In 1995 ontmoette ik Linda. Ik vond het mooi dat ze dezelfde interesses heeft als ik. We werken samen, maar doen wel allebei ons eigen ding. Natuurlijk hebben we weleens een andere mening over iets. Zo is Linda veel als vrijwilliger op pad en dat doe ik minder. En ik vind reizen leuk, maar zij heeft daar minder mee. Maar we maken wel bewust tijd voor elkaar vrij en als het om het bedrijf gaat, zijn we het altijd eens.

Het was een erg moeilijke beslissing, maar we zijn teruggegaan naar Nederland

In ‘96 kwamen de plannen voor de Betuwelijn, die op 28,5 meter van ons huis zou komen. Procedures en bezwaarschriften volgden. Het huis ging naar Infra Rail voor een marktconforme prijs, het bedrijf en het land verkochten we. Het was te klein om er een toekomst te hebben, daarover waren we het eens.

Aangezien het niet onteigend is, zijn we niet uitgekocht maar vrijwillig vertrokken. Daarop namen we een kijkje in Canada, waar mijn zus woont, en daarna in Nieuw-Zeeland, waar mijn broer woont. We zijn er een jaar oriënterend geweest. Ik werkte op een bedrijf met 500 koeien en we zijn nog bezig geweest met de overname van een bedrijf met 460 koeien, maar ik vond het te grootschalig.

Erik (53) en Linda (49) Peters wonen met hun zes kinderen Emma (18), Sven (16), Nick (14), Chris (13), Evy (10) en Rob (8) op de grens van Wijhe (Ov.) en Lierderholthuis, waar ze een melkveehouderij hebben met 85 melkkoeien en 45 stuks jongvee op 41 hectare. - Foto: Ronald Hissink
Erik (53) en Linda (49) Peters wonen met hun zes kinderen Emma (18), Sven (16), Nick (14), Chris (13), Evy (10) en Rob (8) op de grens van Wijhe (Ov.) en Lierderholthuis, waar ze een melkveehouderij hebben met 85 melkkoeien en 45 stuks jongvee op 41 hectare. - Foto: Ronald Hissink

We hebben een geweldig jaar gehad, dat ik niet had willen missen. Het was een erg moeilijke beslissing, maar we zijn teruggegaan naar Nederland.

Eenmaal weer hier, vonden we dit bedrijf in Wijhe. Alleen de ligboxenstal was goed, de rest was slecht. We vonden het wel een bedrijf met perspectief, dat we in fases konden opbouwen.

In 2006 pakten we de ligboxenstal aan. Daarna bouwden we sleufsilo’s en in 2014 ging het oude huis er af. Er kwam een schuur voor jongvee en machineberging.

We hebben onze verschillen, maar over het bedrijf zijn we het altijd eens

Ook toen Linda en ik in 2009 het huis gingen bouwen, waren we het snel eens: niet alles aflopen voor luxe, maar gewoon praktisch.

Toen Linda een nieuwe schouder kreeg, nam ik veel van haar over. Ik hou van een mooie tuin, maar erin werken, daar heb ik minder mee, dat doet Linda altijd. Ze pakt al veel weer op en doet alweer te veel, vind ik. Waar we samen van genieten? Dat onze zoon Sven heel graag het bedrijf in de toekomst wil overnemen.

Linda

Ik vond het prachtig op ons varkensbedrijf, maar mijn ouders stopten toen ik 12 was. Bij een boer in de buurt kreeg ik een weekendbaantje en via mijn opleiding in Barneveld ging ik werken op een varkensbedrijf, dat ik samen met een collega technisch runde. Ik zei toen al dat ik een boerenjongen moest hebben, die passie moet je met z’n tweeën doen. In 1995 ontmoette ik Erik in het uitgaansleven.

Erik vindt weleens dat ik doorsla, maar ik wil het strak hebben

Toen we naar Nieuw-Zeeland gingen, was Emma al geboren en was ik zwanger van Sven, die daar geboren is. Wij vonden het er geweldig, maar we zagen er voor ons toch geen toekomst. We kwamen er niet voor de romantiek, maar om te boeren en er waren te veel dingen waar we tegenaan liepen.

Erik en ik werken veel samen op het bedrijf. Wij kunnen lezen en schrijven met elkaar, dat is altijd zo geweest.

Ik verzorg het jongvee en als Erik er niet is, hou ik de koeien in de gaten en pak het werk op. Boerderijeducatie en boer-burgerverbinding vind ik belangrijk. Je moet blijven uitleggen wat je doet en als boeren moet je daarin samenwerken.

Of je nu biologisch of regulier bent: hou elkaar op de hoogte en laat zien dat we dezelfde passie hebben.

Erik ziet het nut er van in, maar hij is zakelijker. De stal moet sowiesó om door een ringetje te halen zijn, voorbijgangers moeten zo een kijkje kunnen nemen, vindt hij.

De kinderen hebben verschillende interesses, maar wel allemaal hart voor het boerenleven

Zelf krijg ik een goed gevoel als ik stadskinderen ervan kan overtuigen dat onze dieren het goed hebben. Druk maak ik me nog wel over lesmateriaal op scholen, over hoe wij boeren en onze dieren houden. Dat klopt vaak niet.

Ik ben erg schoon en opgeruimd. Erik vindt weleens dat ik daarin doorsla, maar ik wil het strak hebben.

De zorg voor kinderen is vooral voor mij, al het plannen voor school, sport, muziek en thuis vindt Erik beter aan mij besteed. We vormen met onze zes kinderen één team en helpen elkaar allemaal. De kinderen hebben verschillende interesses, maar wel allemaal hart voor het boerenleven.

Dit artikel is te lezen in Boerderij 45 van dinsdag 6 augustus en is onderdeel van de rubriek Man & Vrouw

Of registreer je om te kunnen reageren.