Boerenleven

Achtergrond 1 reactie

1958: hooi inschuren met het kanon

Hooien was vroeger een van de meest arbeidsintensieve klussen op een boerenbedrijf

Er waren veel handelingen en bewerkingen bij nodig en nog meer handen om dat allemaal gedaan te krijgen. Per streek waren er verschillende manieren om te hooien. De een droogde op het veld, de ander gebruikte ruiters. De een verzamelde het hooi met een trekbalk, de ander stak het meteen vanaf de wiers op de transportwagen, de een gebruikte een paard, de ander 2 en weer een ander had al een trekker. Zoveel boeren zoveel werkwijzen maar de overeenkomst was dat het bij allemaal allemaal veel tijd kostte.

Sneller automatiseren en mechaniseren

Na de oorlog was het niet altijd even makkelijk om aan genoeg arbeidskrachten te komen. Nogal wat jonge mannen waren naar de steden getrokken. In fabrieken konden ze immers met minder uren meer verdienen. Het was een stimulans voor de agrarische sector om nog sneller te automatiseren en te mechaniseren. De hooiblazer op de foto is hier een voorbeeld van.

Een hooiblazer met aanzuigbuis versnelde het hooi inschuren met 60%. Nadeel was het kabaal en het vele stof. Ook was een pittig elektriciteitsnet nodig voor de motor die soms ‘tot wel 10 pk’ vroeg. - Foto: Misset
Een hooiblazer met aanzuigbuis versnelde het hooi inschuren met 60%. Nadeel was het kabaal en het vele stof. Ook was een pittig elektriciteitsnet nodig voor de motor die soms ‘tot wel 10 pk’ vroeg. - Foto: Misset

Een grote ventilator blies hooi door een buis snel in de hooiopslag en omdat de transportbuizen vaak uit te breiden waren met elleboogstukken, kon het gedroogde gras in elke gewenste hoek geblazen worden. Boeren noemden de blazer al snel ‘het hooikanon’. Het inschuren werd een fluitje van een cent, een arbeidsstudie uit die tijd kwam op een reductie van gemiddeld 60% aan manuren vergeleken met handmatig vork voor vork omhoog steken.

Dit artikel is te lezen in Boerderij 18 van dinsdag 29 januari en is onderdeel van de rubriek Zo ging het toen

Eén reactie

  • Er is verschil tussen een hooiblazer en een hooikanon.
    Bij een hooikanon werd het hooi rechtstreeks via het schoepenhuis omhoog geblazen, werkt als een roterende pomp.
    Bij een hooiblazer (o.a. Mullos) werd het hooi in een trechter gegooid, door het gewicht van het hooi gleed het hooi tussen twee deurtjes door, waardoor het in het transport kanaal terechtkwam. Achter dit kanaal zat het schoepenhuis , dat een sterke luchtstroom produceerde; door de luchtdruk klapten de deurtjes dicht, druk werd opgebouwd en het hooi werd als het ware door die druk omhoog gedrukt via de buizen. Eigenlijk wel hetzelfde transportsysteem, maar bij de hooiblazer ging het hooi niet via het schoepen huis en bij het kanon wel.
    jan Tsjerk vd Meulen

Of registreer je om te kunnen reageren.