Boerenleven

Achtergrond

Boerin Sabine springt bij als er handen te kort zijn

Sabine trouwde, zoals haar oma al voorspelde, met een boer. Haar eigen baan hield ze aan maar als ze thuis is, helpt ze graag mee.

Haar oma had het eerder gezien dan zijzelf: Sabine zou later met een boer trouwen. “Ik was altijd erg met beestjes bezig en in mijn vrije tijd paste ik op de kinderen van een gezin met een melkveebedrijf. Ik vond het er geweldig.”

Oma’s voorspelling kwam uit, want op een tentfeest leerde ze Pieter kennen, een boer. Na 5 jaar verkering trouwden ze en gingen vlakbij de boerderij wonen. Sinds een halfjaar wonen ze op de boerderij zelf.

‘Ik weet vooraf nooit wanneer ik er wel en niet ben om te helpen’

Het boerenleven heeft ze nooit geromantiseerd. “Ik ben nuchter, ik weet dat het hard werken is en dat het geen baan van 9 tot 5 is.” Zelf werkt ze ook op onregelmatige tijden. Dat maakt standaard meewerken op het bedrijf lastig. “Ik weet vooraf nooit wanneer ik er wel en niet ben om te helpen. Verder wil ik mijn schoonvader het werk niet afnemen. Hij is hier veel en doet nog van alles. Hij en mijn man zijn een mooi team. Maar als er handen te kort zijn en ik ben thuis, dan spring ik uiteraard graag bij.”
Artikel gaat verder onder interactieve foto. Beweeg over de iconen voor meer informatie

Foto: Van Assendelft Fotografie

Eigen baan

Haar eigen baan opgeven, is nooit echt een optie geweest, ook niet toen de kinderen geboren werden. “Toen ze klein waren, gingen ze veel met Pieter mee naar de boerderij of ze waren bij mijn schoonouders. Daardoor kon ik blijven werken.” Zij en haar man bespraken weleens of ze zou stoppen, maar de keuze viel steeds op ‘doorgaan.’

“Het komt er eigenlijk op neer dat ik mijn werk gewoon veel te leuk vind. Ik heb leuke collega’s en een leuke groep mensen om voor te zorgen. Dat ik een vast en stabiel inkomen meebreng, is natuurlijk ook mooi meegenomen.”

Ze grinnikt als ze denkt aan de salarisstrookjes die ze elke maand per post krijgt. “Ik kijk er nooit naar en Pieter is daar weleens verbaasd over. Maak je die niet open, vraagt hij dan. Maar het bedrag is elke maand hetzelfde dus waarom zou ik? Voor hem is dat anders, hij weet nooit precies hoeveel er binnenkomt dus hij maakt zulke enveloppen altijd wel open.”

‘Ik heb een zorghart, daar ligt mijn kracht’

Met de boekhouding van de boerderij bemoeit Sabine zich verder niet. “Het ligt me niet zo en ik heb de kennis er niet van.” In het verlengde daarvan past ook de keuze om niet juridisch in het bedrijf te willen. “Ik heb me nog niet verdiept in wat dat precies inhoudt maar ik voel er gewoon niet voor. Het bedrijf is van Pieter, ik heb mijn eigen baan. Ik ben een mensen-mens, ik heb een zorghart, daar ligt mijn kracht.”

Alopecia

Ze lacht veel en is uiterst opgewekt. Haar ogen twinkelen. Het is die twinkeling die maakt dat het kale hoofd minder opvalt. “Ik heb alopecia, in de volksmond wordt het pleksgewijze kaalheidsziekte genoemd. Mijn immuunsysteem valt mijn haarwortels aan en door de ontstekingsreactie valt mijn haar uit. Op sommige plekken groeit het weer aan, maar het kan ook zomaar weer uitvallen. Natuurlijk ben ik boos en verdrietig geweest dat mij dit moest overkomen. Ik heb ook wel een haarwerk opgehad maar na een halfuur had ik al uitslag op mijn hoofd. Toen zei ik: dit doe ik niet meer.”

Ze vroeg de plaatselijke kapper of er nog wat te maken viel van de laatste plukjes haar. Toen dat niet het geval bleek, zei ze: scheer alles er dan maar af. “Pieter schrok wel even, maar hij stond meteen achter mijn keuze, net als de meeste andere mensen.”

‘Wie moeite heeft met mijn kale hoofd, kijkt de andere kant maar op’

Inmiddels is afscheren niet meer nodig, haar hoofdhaar zal nooit meer terugkomen. “Mensen staren weleens, dat is soms vervelend. Van kinderen kan ik het trouwens wel hebben. In de supermarkt vragen ze soms: waar zijn jouw haartjes? En dan: vraag aan sinterklaas maar nieuwe.” Ze lacht er hartelijk om. “Waarom niet? Het is zoals het is, ik kan er wel 100 mee worden en als er mensen zijn die er moeite mee hebben, dan kijken ze maar een andere kant op. Ik zeg altijd maar zo: ik ben niet alopecia, ik ben Sabine.”

Voorrecht

Buiten zijn de honden aan het stoeien en botsen daarbij bijna tegen een scheef geparkeerde skelter. Sabine zegt lachend: “Het is zo’n voorrecht dat de kinderen hier opgroeien, met die vrijheid en de ruimte. Dat het werk nooit ophoudt, daar zitten ze niet mee. Zelf vond ik het vroeger lastig dat een afspraak zomaar niet door kon gaan omdat er ineens een koe moest kalven of dat we moesten inkuilen. Dat heb ik losgelaten, ik ben flexibeler geworden. Op een flatje in de stad zou ik denk ik niet gelukkig zijn geworden, hier ben ik dat wel. Ik wil hier nooit meer weg.”

Of registreer je om te kunnen reageren.