Akkerbouw

Nieuws 1 reactie

Specifieke aanpak nodig bij aardappelcrisis

Er zijn specifieke maatregelen nodig voor de aardappelcrisis. Dat is de uitkomst van een crisisberaad met de overheid.

De Brancheorganisatie Akkerbouw (BO) had maandag 23 maart crisisberaad met het ministerie van Landbouw (LNV). Er blijven zo’n 1 miljoen ton fritesaardappelen liggen in de schuur. De BO Akkerbouw schat de schade alleen voor de aardappeltelers op minimaal € 160 miljoen. Want de vrije aardappelprijzen vóór de coronacrisis lagen tussen 15 en 20 cent per kilo.

3 oplossingsrichtingen

In het crisisberaad zijn 3 oplossingsrichtingen besproken. Allereerst is bekeken in hoeverre de aardappeltelers gebruik kunnen maken van de algemene maatregelen om getroffen ondernemers bij te staan. Dat betreft onder andere een ruimere uitkering bij arbeidstijdverkorting, uitstel van belastingbetaling of goedkope leningen via een borgstellingsfonds. Deze maatregelen volstaan niet in de aardappelcrisis, stelt directeur André Hoogendijk van de BO Akkerbouw. “Want er dreigt juist een tekort aan personeel in plaats van een overschot. Bij de andere financiële maatregelen moet het geld uiteindelijk toch betaald of terug betaald worden. Bij de aardappeltelers gaat vers product verloren, waar ze nooit geld voor krijgen, net als in de sierteelt.”

Het landbouwministerie onderkent de urgentie van de problematiek

De tweede route betreft maatregelen vanuit de Europese Unie. Ook dat biedt geen soelaas, verwacht Hoogendijk. “Er is nooit een marktordening geweest voor aardappelen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld suiker of graan. Brusselse maatregelen opstellen voor aardappelen kost te veel tijd en de uitkomst is onzeker. Terwijl een urgente situatie is ontstaan bij de telers. De aardappelen moeten de schuur uit. Bovendien speelt de aardappelcrisis in een beperkt aantal lidstaten.”

Nationaal ingrijpen

De derde route lijkt het meest perspectiefvol. Hoogendijk: “Dat is nationaal ingrijpen door de overheid met specifieke maatregelen. De volgende stap is dat we een duidelijke vraag gaan neerleggen bij de overheid, samen met andere sectoren die ook vers product hebben dat je niet kunt bewaren en waar geen markt voor is. Je kunt denken aan een soort opkoopregeling met een compensatie voor de schade. We roepen politiek Den Haag op om deze lijn te volgen.”

Hoogendijk vond het een constructief overleg met het landbouwministerie. “Het ministerie onderkent de urgentie van de problematiek. Het overleg was met ambtenaren. Het is uiteraard aan de minister en het kabinet om beslissingen te nemen.”

Lees verder onder foto

André Hoogendijk, directeur Brancheorganisatie Akkerbouw. - Foto: Roel Dijksra
André Hoogendijk, directeur Brancheorganisatie Akkerbouw. - Foto: Roel Dijksra

Maatwerk nodig voor telers

Hoogendijk benadrukt dat alleen gesproken is over de schade voor de aardappeltelers. “Ook de handel en de verwerkers lijden enorme schade. Maar die kunnen wel gebruikmaken van algemene financiële maatregelen van het kabinet. Voor de telers is maatwerk nodig. Het is een unieke situatie. De laatste keer dat de aardappelsector steun zocht bij de overheid in een noodsituatie was in de kletsnatte herfst van 1974. Toen is het leger ingezet om de aardappeloogst te redden.”

Lees alles over het coronavirus in dit dossier.

Eén reactie

  • Kuno

    1998 is er ook geholpen door de overheid.
    100 tot 140 mm regen in 24 uur!

Of registreer je om te kunnen reageren.