Akkerbouw

Nieuws

Drama in tulpen na 20% lagere oogst

Lagere opbrengsten leiden tot grote tekorten en financiële klappen in de tulpensector. In lelies bederft overproductie juist de markt.

Door diverse weersextremen is de tulpenbollenoogst 2018 gemiddeld 20% lager dan normaal. Broeierijen krijgen minder aanvoer, de export kan niet aanbieden wat is beloofd en het areaal voor het nieuwe seizoen moet krimpen. Dat zegt André Hoogendijk, adjunct-directeur van bloembollenbond KAVB. “Dit kost zeker 2.000 hectare tulpenbollen. Enorm veel. Een drama voor veel telers en ook voor andere schakels in de keten.”

Areaal moet fors krimpen

De tulpenteelt had in seizoen 2017-’18 een recordareaal van ruim 13.000 hectare gevestigd. Een gevolg van de goede marktsituatie. Door flinke tekorten moet het areaal in het nieuwe seizoen fors krimpen, weet Hoogendijk. “Minder leverbare bloembollen betekent ook minder plantgoed.”

Tulpen worden in het najaar geplant en dat was erg nat. Schimmels konden volop toeslaan. Daaroverheen kwam flinke vorst en daarna zonnebrand door de hitte afgelopen voorjaar.

Op kleigronden (zoals in West-Friesland, Noordoostpolder en Zuid-Hollandse eilanden) hadden tulpen daar het meest van te lijden. “Dat scheelt zo 10% met zandgronden.” En juist vanuit die kleigebieden worden de broeierijen bediend, legt Hoogendijk uit. “Bollen uitwisselen gaat ook niet, omdat telers op klei en zand andere soorten telen. Telers op zandgrond produceren vaker voor de droogverkoop.”

Tekorten leiden op korte termijn amper tot marktwerking, omdat vaak met voorverkoop wordt gewerkt. “Er wordt niet veel verdiend dit jaar. Sortering is een probleem. Telers proberen de schade te beperken door te overleggen met afnemers over de eisen.”

Ook drama in lelie

In de lelies is het financieel net zo beroerd, maar om een andere reden: overproductie. “Daar verliep het groeiseizoen, dat in het voorjaar begint, prima. Het is echter bekend dat het areaal in dit segment te groot is voor de afzet.”

Daar kwam afgelopen jaar de arrestatie van 3 grote Chinese leliebollenimporteurs nog eens bij. De waar, die toen al onderweg was, moest elders worden vermarkt en dat kost altijd geld. Een miljoenenschade voor de keten.

Hoogendijk: “Tijdens het beregenen wisten telers al dat ze niets zouden verdienen dit jaar. Minder telen doen ze niet, ‘dat doet de buurman maar’, dus zal marktverbetering uit de afzet moeten komen. Dit jaar zijn al een paar lelietelers failliet gegaan.”

Of registreer je om te kunnen reageren.