Akkerbouw

Foto & video

Buitjes halen de scherpe kantjes weg

De start van groeiseizoen 2020 was gemiddeld genomen ondermaats. Zeker waar niet kon worden beregend, is er veel tweewassigheid. Nu al staat vast dat veel opbrengsten gaan achterblijven bij normaal.

In de Paspolder, net buiten Sluis in het westen van Zeeuws-Vlaanderen, laat een perceel pootgoed van Bert de Bruijckere goed zien waarvan in meer of mindere mate de akkerbouw in heel Nederland last heeft: tweewassigheid. Waar de klei zwaar is, staan de aardappelen er beroerd bij, of zitten nog onder de grond. De poters hebben op eigen kracht kiemen gevormd, maar wortels ontbreken. Op de gedeelten met lichtere klei, waar de grond beter aansluit bij de poter, staan de aardappelen redelijk tot goed. De verwachting is dat het gewas met de langste dag zeker dicht is. “Die hebben kunnen profiteren van het beetje water dat is gevallen. Ik schat dat er daar nu tien of meer knolletjes onder zitten.”

Lees verder onder foto

Bert de Bruijckere toont poters op zware klei; wel gekiemd maar geen wortel. De slechte structuur en daarna de droogte hebben dramatisch uitgepakt op met name de zwaardere gronden. "Richting de zeedijk is het nog erger." - Foto: Peter Roek
Bert de Bruijckere toont poters op zware klei; wel gekiemd maar geen wortel. De slechte structuur en daarna de droogte hebben dramatisch uitgepakt op met name de zwaardere gronden. "Richting de zeedijk is het nog erger." - Foto: Peter Roek

Kluiten hard als beton

De start van het voorjaar wat overal op de klei slecht, door een natte winter en zeer natte februari en toen een periode van scherp drogend weer. Ondanks intensieve bewerkingen, bleven de kluiten hard als beton en droog. “Twee keer in het seizoen tanden van de kopeg vervangen en dan aan het eind nog met versleten spul zittten”, klinkt op de rivierklei in de Achterhoek. Beregeningsinstallaties waren niet aan te slepen.

In de uienteelt van 2020 stapelen de problemen zich op. Op lichtere plekken – zoals het Brabantse zand, Noord-Limburg, Drenthe, Goeree-Overflakkee en de Noordoostpolder staan de uien gemiddeld genomen wel goed; beter dan uien op zwaardere grond. De stand van de uien rondom de langste dag is: op echt goede percelen hebben planten netjes vijf à zes pijpen, maar veel percelen blijven hangen op twee of drie pijpen. Vaak zijn er door droogte en wegval te weinig planten per vierkante meter. “Wij worden dagelijks gebeld met vragen”, zegt Jaap Jonker van Groot & Slot. “Over de uienmineervlieg die in Zuidelijk Flevoland actief is, de uienvlieg die in de Noordoostpolder volop aanwezig is, en vanuit het hele land over uien die niet willen groeien.”

Lees verder onder foto

Neerslagkaartje van het KNMI met de hoeveelheden die tot nu toe in juni vielen. Na een extreem droge periode is In het hele land is weer water gevallen zodat de gewassen weer even vooruit kunnen. Het blijft echter droog. Het landelijk neerslagtekort ligt op 18 juni nog op 164 millimeter. Dat is ongeveer het niveau van het recorddroge jaar 1976 en is dus hoger dan het tekort in 2018 en 2019.
Neerslagkaartje van het KNMI met de hoeveelheden die tot nu toe in juni vielen. Na een extreem droge periode is In het hele land is weer water gevallen zodat de gewassen weer even vooruit kunnen. Het blijft echter droog. Het landelijk neerslagtekort ligt op 18 juni nog op 164 millimeter. Dat is ongeveer het niveau van het recorddroge jaar 1976 en is dus hoger dan het tekort in 2018 en 2019.

Scherpe kantjes eraf

De buien en buitjes van de laatste weken halen er op veel plaatsen de scherpe kantjes wat vanaf, maar nog steeds worden uienpercelen uitgereden, omdat er geen hoop is op een fatsoenlijke opbrengst. Dat speelt vooral in het Zuidwesten, waar veel uien te laat kiemden om nog te gaan bollen. Uien zijn daglengtegevoelig; een mei-ui is een prei-ui.

Anders dan de aardappelen op zware klei staan in het Noordoosten de zetmeelaardappelen er alleszins redelijk tot goed bij; dat geldt ook voor fritesaardappen op het zand in het zuidoosten. Die van Henk Bakker in Borgercompagnie (Gr.) kwamen op de lichte grond vlot boven en de regen in juni kwam mooi op tijd om het gewas goed te laten doorgroeien. Een paar flinke nachtvorsten half mei zetten de vroegste percelen weer een eind terug. De zetmeelaardappelen hebben voor de langste dag de grond dicht.

Lees verder onder foto

Zetmeelaardappelteler Henk Bakker in Borgercompagnie (Gr.) is tevreden over de stand van zijn gewassen. De zetmeelaardappelen hebben op de langste dag het veld dicht en voor de knolzetting viel er net op tijd regen. Net voor de voorspelde regen heeft Bakker samen met zijn medewerker Richard Weijer alle aardappelen en het grootste deel van de suikerbieten aangeaard. - Foto: Mark Pasveer
Zetmeelaardappelteler Henk Bakker in Borgercompagnie (Gr.) is tevreden over de stand van zijn gewassen. De zetmeelaardappelen hebben op de langste dag het veld dicht en voor de knolzetting viel er net op tijd regen. Net voor de voorspelde regen heeft Bakker samen met zijn medewerker Richard Weijer alle aardappelen en het grootste deel van de suikerbieten aangeaard. - Foto: Mark Pasveer

Beregenen geen garantie

Verschillende telers in de Veenkoloniën en ook elders moesten zomergerst beregenen om het aan de gang te krijgen. De stand van de zomergranen is overal erg matig. De wintergranen staan er beter voor. Maar zelfs in het Oldambt op de zware kleigrond heeft de wintertarwe te lijden van de droogte. Geen 10 ton plus-opbrengsten dit jaar. Ook in het Oldambt is veel beregend om de voorjaarsgewassen boven te krijgen.

Beregenen is echter niet altijd garantie voor succes, zegt akkerbouwer Bert Hanse in Marknesse (Fl.). Hij teelt op slempgevoelige grond en daar is beregenen voor opkomst kiezen tussen twee kwaden. Te droog of een korst die vochtig gehouden moet worden om de kiemplantjes kans te geven er door te breken. In de 42 jaar dat hij boer is, heeft hij nog nooit meegemaakt dat hij bieten moest beregenen om ze boven te krijgen. Maar door de combinatie van slechte structuur en droogte was beregenen nu voor het eerst noodzakelijk. Eenmaal op gang zoeken de wortels het vocht wel op.

Lees verder onder foto

Bert Hanse in Marknesse (Fl.) kijkt of het laatste peenzaad nog door de korst komt. Hanse had er op gerekend dat er nog wel een buitje zou vallen om de korst zachter te maken. Maar dat duurde langer dan verwacht. Voor het ruggentrekken is het perceel beregend en na het zaaien nog een keer. De zavelgrond is zeer gevoelig voor korstvorming, daarom is de teler terughoudend met beregenen voor opkomst. Op plekken met de slechtste structuur zaaide Hanse al een deel over omdat het te hol stond. Nu lijkt het met de plantenaantallen wel goed te komen. - Foto: Sytze Bakker
Bert Hanse in Marknesse (Fl.) kijkt of het laatste peenzaad nog door de korst komt. Hanse had er op gerekend dat er nog wel een buitje zou vallen om de korst zachter te maken. Maar dat duurde langer dan verwacht. Voor het ruggentrekken is het perceel beregend en na het zaaien nog een keer. De zavelgrond is zeer gevoelig voor korstvorming, daarom is de teler terughoudend met beregenen voor opkomst. Op plekken met de slechtste structuur zaaide Hanse al een deel over omdat het te hol stond. Nu lijkt het met de plantenaantallen wel goed te komen. - Foto: Sytze Bakker

Terug naar de Paspolder. Weet Bert de Bruijckere al wat hij met de slechte perceelsgedeelten gaat doen? “Geen idee, ik ga zien wat er van komt, straks maar gewoon rooien. Ervaring met een voorjaar als dit heb ik niet.” Ook vader Walter (62) heeft het niet eerder zo extreem meegemaakt als nu.

Mede-auteur: Leo Tholhuijsen

Dit artikel kwam tot stand m.m.v. Guus Queisen

Lees verder onder foto

Tjeerd Polstra (46) heeft in Oudebildtzijl (Fr.) een akkerbouwbedrijf. Hij teelt onder andere 90 hectare pootaardappelen. - Foto: Mark Pasveer
Tjeerd Polstra (46) heeft in Oudebildtzijl (Fr.) een akkerbouwbedrijf. Hij teelt onder andere 90 hectare pootaardappelen. - Foto: Mark Pasveer

Op tijd regen voor de pootaardappelen

Tjeerd Polstra is wel tevreden over de stand van zijn pootaardappelen. Op de wat zwaardere perceelsgedeelten kwamen de aardappelen wat later op gang maar halen die achterstand na de regen van vorig weekend wel weer in.
Alleen voor het laatste perceel aardappelen dat Polstra moest poten, was de grond te droog geworden. Ze zijn daarom gestopt en na een buitje van 5 millimeter weer verder gegaan. Die 5 millimeter maakt nu echt het verschil. De voor de regen gepote aardappelen staan erg onregelmatig en moeten soms nog boven komen, terwijl de later gepote aardappelen zich nu egaal en snel ontwikkelen. De teler is al bezig met de eerste selectieronde. Zoals hij al verwachtte na de hoge virusdruk vorig jaar staan er wat meer bonte planten in dan normaal. Maar ze tonen zich goed, Polstra verwacht daarom dan ook geen problemen met de keuring. Ook over de knolzetting maakt de teler zich geen zorgen, de ruggen zijn door de regen van de afgelopen weken mooi vochtig en de eerste aanzet lijkt voldoende.
Voor de suikerbietenpercelen van Polstra geldt dat hoe vroeger ze zijn gezaaid, hoe beter ze er bij staan. Een paar percelen heeft hij ook beregend om het zaad te laten kiemen. Mede door de regen die vorige week viel lijkt het er op dat de meeste planten wel komen. De onkruidbestrijding vroeg wel extra aandacht. Door het verschil in ontwikkeling vroeg ieder perceel een andere strategie.
De zomertarwe staat volgens Polstra beroerd: vlekkerig en een holle stand. Dat komt ook niet meer goed. De teler heeft er voor gekozen het graan niet te beregenen omdat de meeropbrengst niet opweegt tegen de kosten.

Lees verder onder foto

Marc van Vooren (60), is akkerbouwer in Sluis (Zld.) en landbouwkundige bij DSV Zaden Nederland. - Foto: Peter Roek
Marc van Vooren (60), is akkerbouwer in Sluis (Zld.) en landbouwkundige bij DSV Zaden Nederland. - Foto: Peter Roek

Drie keer water geven voor een zekere start knolselderij

Marc van Vooren is dit voorjaar flink met water bezig geweest om zijn knolserderij een goede start te geven. Om de grond egaal te bevochtigen, en daardoor bewerkbaar te maken, heeft hij er eerst met een sleepslangbemester 20 millimeter water opgebracht.
Na het maken van het plantbed, maar vóór het planten met de injecteur nog eens 20 millimeter. Na een dag of twee is de knolselderij geplant. “De grond was fijn genoeg en liet zich door het laatste water goed rond de plantjes aandrukken. Dat was met Pinksteren. Daarna hebben we nog een keer 30 à 40 millimeter beregend. Alles bij elkaar kostten de bevloeiing en beregening meer dan € 1.000 per hectare. Maar het resultaat is dat de planten goed zijn aangeslagen. Ze staan nu, ze gaan het zeker redden.“
Een zekere en gelijkmatige opkomst, vertelt Van Vooren, is belangrijk om straks een uniforme sortering knollen te kunnen leveren.
De zomergranen, en ook andere voorjaarsteelten zoals bieten en uien en vlas in het westen van Zeeuws-Vlaanderen, staan gemiddeld volgens de akkerbouwer ‘onvoorstelbaar slecht’. “Er zijn percelen zomergraan die de oogstkosten niet gaan goedmaken. Laat gezaaide wintertarwe is enigszins beter, maar wel dun met amper stro. Daartegenover kan tijdig in oktober gezaaide wintertarwe 9 à 10 ton halen. In september gezaaide wintergerst staat ook goed.”

Lees verder onder foto

Johan Geraats is aardappelteler in Baexem (L). - Foto: Bert Jansen
Johan Geraats is aardappelteler in Baexem (L). - Foto: Bert Jansen

Ondanks droogte goede start aardappelen

Johan Geraats (52) teelt met zijn broer Bert rond Baexem (L.) circa 550 hectare fritesaardappelen op voornamelijk zandgrond. Op circa 35 hectare telen ze eigen pootgoed.
“Tot nu toe kunnen we spreken van een redelijk groeiseizoen voor onze aardappelen. In tegenstelling tot zaadgewassen, zoals uien, wortelen en mais, bevatten de poters voldoende vocht om zich bij de start goed te kunnen ontwikkelen. Bovendien beschikte het merendeel van onze percelen over voldoende vocht bij het poten. Door de natte wintermaanden was de grondwaterstand aan het begin van de lente weer bijna op het niveau van vóór 2018. De aardappelen staan er nu prima bij. Wel hebben we al wat percelen beregend, maar minder dan afgelopen jaar om deze tijd”, vat Johan Geraats samen.
De gebroeders Geraats beschikken over elf beregeningshaspels en als de nood aan de man is kunnen ze er nog zes huren. Of ze de komende weken moeten gaan beregenen is nog maar de vraag. “De regen in de afgelopen tien dagen, met plaatselijk in totaal tot donderdagavond zo’n 65 mm, maakt het beregenen hopelijk voorlopig overbodig.” Geraats ervaart dat steeds kritischer wordt gekeken naar het beregenen van percelen. “Bij de grondwaterdiscussie ligt de focus bijna geheel op de landbouw.”

Lees verder onder foto

Akkerbouwer Sjaak Grooten uit Heerlen (L.) is deels tevreden over de stand van zijn suikerbieten. Op een perceel koos hij voor het KWS-ras Smart Jitka. Een ras dat slechts twee onkruidbestrijdingen benodigd. De bieten hebben volop bladeren en ook de wortels hebben zich al goed ontwikkeld. Op een ander perceel teelt hij bieten van het ras Kinga. „Deze staan er minder goed bij. Drie bespuitingen minder zorgt ervoor dat de planten minder vaak een terugslag krijgen.” - Foto: Guus Queijsen
Akkerbouwer Sjaak Grooten uit Heerlen (L.) is deels tevreden over de stand van zijn suikerbieten. Op een perceel koos hij voor het KWS-ras Smart Jitka. Een ras dat slechts twee onkruidbestrijdingen benodigd. De bieten hebben volop bladeren en ook de wortels hebben zich al goed ontwikkeld. Op een ander perceel teelt hij bieten van het ras Kinga. „Deze staan er minder goed bij. Drie bespuitingen minder zorgt ervoor dat de planten minder vaak een terugslag krijgen.” - Foto: Guus Queijsen

Suiker Unie verwacht 13 ton suiker per hectare

De eerste opbrengstverwachting van Suiker Unie voor seizoen 2020 komt uit op 13 ton suiker per hectare. Dat is onder het meerjarig gemiddelde van ruim 14 ton.
Suiker Unie verwacht op veel percelen een flink lagere opbrengst. Er zijn enorme verschillen tussen de percelen en regio’s. Vooral in Zeeland, maar ook in andere gebieden met zware klei, staan op weinig percelen voldoende planten. Door de droogte kiemde het zaaizaad moeilijk of verdroogde daarna. Op de kleigronden is de slechte structuur – natte winter, daarna droogte – een groot probleem.
Ook op de lichte grond kampen telers met de gevolgen van droogte, stuiven en nachtvorst.
De nu verwachte pakweg 13 ton suiker per hectare is nog onzeker, door de grote verschillen en de bijzondere omstandigheden in de teelt.
Vrijwel in de gehele EU zijn door het droge voorjaar de opbrengstverwachtingen getemperd. Bijna alle landen verwachten een ondergemiddelde suikeropbrengst per hectare. Samen met de areaalkrimp van 3% is de verwachting van de EU-suikerproductie dus aanzienlijk lager dan normaal.

Meer impressies van de stand van de gewassen


  • Louis Verstraten in Middenmeer (N.-H.) bekijkt zijn Hytech-zaaiuien. Als gevolg van de droogte en slechte structuur zijn ze onregelmatig opgekomen en zijn er planten weggevallen. Om de kleigrond zaaiklaar te krijgen, moest Verstraten er drie keer met de kopeg en twee keer met een rol over om verder uitdrogen tegen te gaan. Na het zaaien zijn de uien een keer beregend, desondanks valt de opkomst tegen. - Foto: Sytze Bakker

    Louis Verstraten in Middenmeer (N.-H.) bekijkt zijn Hytech-zaaiuien. Als gevolg van de droogte en slechte structuur zijn ze onregelmatig opgekomen en zijn er planten weggevallen. Om de kleigrond zaaiklaar te krijgen, moest Verstraten er drie keer met de kopeg en twee keer met een rol over om verder uitdrogen tegen te gaan. Na het zaaien zijn de uien een keer beregend, desondanks valt de opkomst tegen. - Foto: Sytze Bakker

  • De wintertarwe van Boelo in Nieuw Beerta (Gr.) staat er redelijk bij. Een topopbrengst gaat het dit jaar volgens hem, na drie maanden zonder regen, niet worden. Het gewas heeft zich ook op de zware Oldambster klei niet optimaal kunnen ontwikkelen. Inmiddels is er 26 millimeter water gevallen, een mooie zachte regen. De wintertarwe is nu op z’n zwaarst en daardoor gevoelig voor de combinatie van veel regen en harde wind. Dat is tot nu toe uitgebleven. - Foto: Mark Pasveer

    De wintertarwe van Boelo in Nieuw Beerta (Gr.) staat er redelijk bij. Een topopbrengst gaat het dit jaar volgens hem, na drie maanden zonder regen, niet worden. Het gewas heeft zich ook op de zware Oldambster klei niet optimaal kunnen ontwikkelen. Inmiddels is er 26 millimeter water gevallen, een mooie zachte regen. De wintertarwe is nu op z’n zwaarst en daardoor gevoelig voor de combinatie van veel regen en harde wind. Dat is tot nu toe uitgebleven. - Foto: Mark Pasveer

  • De plantuien van René Haaijer in Veelerveen (Gr.) lopen qua groei wel ongeveer op schema. De regen die de afgelopen weken viel en het groeizamere weer zorgden ervoor dat de uien zich enorm snel ontwikkelden. “Je ziet ze per dag groeien.” Alles bij elkaar viel er zo’n 45 millimeter regen. Daarmee kunnen de uien weer even vooruit. - Foto: Mark Pasveer

    De plantuien van René Haaijer in Veelerveen (Gr.) lopen qua groei wel ongeveer op schema. De regen die de afgelopen weken viel en het groeizamere weer zorgden ervoor dat de uien zich enorm snel ontwikkelden. “Je ziet ze per dag groeien.” Alles bij elkaar viel er zo’n 45 millimeter regen. Daarmee kunnen de uien weer even vooruit. - Foto: Mark Pasveer

  • De niet-beregende suikerbieten op proefboerderij Westmaas kwamen in twee keer op. De tweede serie na een buitje van 20 mm. Groot en klein staan naast elkaar in de rij. - Foto: Peter Roek

    De niet-beregende suikerbieten op proefboerderij Westmaas kwamen in twee keer op. De tweede serie na een buitje van 20 mm. Groot en klein staan naast elkaar in de rij. - Foto: Peter Roek

  • Net buiten 's Heerenhoek (Zld.) gaat Johan Priem met de kappenspuit met Roundup door een perceel cichorei van een collega. De stand van het gewas is te dun oordeelt hij. "90.000 planten per hectare is onvoldoende, dat hadden er 160.000 moeten zijn." De ondermaatse opkomst is een combinatie van droog liggend zaad en korstvorming na een bui van 25 millimeter regen. - Foto: Peter Roek

    Net buiten 's Heerenhoek (Zld.) gaat Johan Priem met de kappenspuit met Roundup door een perceel cichorei van een collega. De stand van het gewas is te dun oordeelt hij. "90.000 planten per hectare is onvoldoende, dat hadden er 160.000 moeten zijn." De ondermaatse opkomst is een combinatie van droog liggend zaad en korstvorming na een bui van 25 millimeter regen. - Foto: Peter Roek

  • Tunnis Wierenga (r.) en Wilfried IJzereef van Hulshoff Landbouw selecteren Agria-pootgoed in Achter-Drempt (Gld.). Het gewas, uitgepoot als SE en verschillende keren gespoten tegen luis, doet het goed, zeker op de lichtere gedeeltes. Weinig virusziek en een enkele bacteriezieke plant. Kunstmatig en natuurlijk viel op de lichte tot zware rivierklei meer dan 100 mm water. Op de langste dag staat het dicht. - Foto: Leo Tholhuijsen

    Tunnis Wierenga (r.) en Wilfried IJzereef van Hulshoff Landbouw selecteren Agria-pootgoed in Achter-Drempt (Gld.). Het gewas, uitgepoot als SE en verschillende keren gespoten tegen luis, doet het goed, zeker op de lichtere gedeeltes. Weinig virusziek en een enkele bacteriezieke plant. Kunstmatig en natuurlijk viel op de lichte tot zware rivierklei meer dan 100 mm water. Op de langste dag staat het dicht. - Foto: Leo Tholhuijsen

  • Wintertarwe bij Harry Schreuder in Swifterbant (Fl.). Na een eerste stikstofgift half maart viel er pas eind april 20 mm regen op. "Het gewas heeft wat schraal gestaan, maar is goed bijgetrokken. Nog te vroeg om definitief te zeggen, maar opbrengst kan worden zoals die in de afgelopen 3 jaar." - Foto: Sytze Bakker

    Wintertarwe bij Harry Schreuder in Swifterbant (Fl.). Na een eerste stikstofgift half maart viel er pas eind april 20 mm regen op. "Het gewas heeft wat schraal gestaan, maar is goed bijgetrokken. Nog te vroeg om definitief te zeggen, maar opbrengst kan worden zoals die in de afgelopen 3 jaar." - Foto: Sytze Bakker

Of registreer je om te kunnen reageren.