Akkerbouw

Achtergrond

Danespo ziet trend naar vroege aardappelrassen

Het Deense aardappelveredelingsbedrijf Danespo vermarkt zo’n 30 rassen. Directeur Peter van Eerdt van Danespo Holland ziet dat telers wereldwijd steeds meer kiezen voor vroege rassen. “Dan vermijden ze oogstrisico’s en drukken ze de teeltkosten.”

Het is 2 juli als Boerderij een bezoek brengt aan het kweekveld in Emmeloord van veredelingsbedrijf Danespo. Directeur Peter van Eerdt van Danespo Holland graaft een aardappelplant uit. Er komen 8 mooie ronde knollen uit de rug, zo glad als een ei.

Directeur Peter van Eerdt van Danespo Holland heeft een aardappelplant uitgegraven op het kweekveld in Emmeloord. Begin juli zit er al een mooie partij aardappelen onder. “Vroege rassen beperken de oogstrisico’s voor de teler en drukken de teeltkosten.” - Foto's: Ruud Ploeg
Directeur Peter van Eerdt van Danespo Holland heeft een aardappelplant uitgegraven op het kweekveld in Emmeloord. Begin juli zit er al een mooie partij aardappelen onder. “Vroege rassen beperken de oogstrisico’s voor de teler en drukken de teeltkosten.” - Foto's: Ruud Ploeg

Van Eerdt: “Dit is het vroege ras Solist. Deze aardappel ligt al een dag of 10 in de supermarkt. Je ziet dat aardappeltelers wereldwijd steeds meer richting de vroege rassen gaan om oogstrisico’s te vermijden en teeltkosten te drukken. De hele vroege rassen zijn bijna volgroeid voordat het droog en heet wordt. De oogstzekerheid is een belangrijk criterium geworden voor telers en afnemers. Akkerbouwers moeten veel investeren in de teelt en de afnemers willen zeker zijn van voldoende aanvoer. Daar passen vroegere rassen in. Het importseizoen wordt steeds korter door de hele vroege rassen, maar ook door de steeds langere bewaring van de oude oogst.”

Landen buiten Europa

In de afzet van pootaardappelen naar landen buiten Europa ziet Van Eerdt de vraag naar vroege rassen toenemen. “Veel landen in Azië en Afrika hebben een kort groeiseizoen. Die telen graag vroege rassen. In Bangladesh bijvoorbeeld moeten de aardappelen binnen 100 dagen na het poten worden gerooid. Anders wordt het te heet. Maar om het hele jaar voldoende aardappelen te hebben, moeten ze ook goed bewaarbaar zijn en geschikt zijn voor de verwerking.”

Danespo

Areaal: ruim 300 hectare eigen rassen in Nederland en België
Afzet: naar 52 landen, vooral in Europa en Noord-Afrika
Omzet: 90.000 ton pootaardappelen, waarvan 60.000 ton in Nederland en Denemarken

Boeiend werk

Het zijn dit soort diverse wensen van afnemers die de aardappelveredeling zo boeiend maken, vindt Van Eerdt. “Een kweker moet met heel veel verschillende aspecten rekening houden, zoals vroegheid, opbrengst, resistenties, smaak, bewaarbaarheid, bakkwaliteit, vorm en specifieke wensen van afnemers. Het duurt 12 tot 15 jaar voor een kruising leidt tot een nieuw ras. Veredeling is een soort casino: veel inzetten met een minimale kans op de jackpot.”

12.000 potentiële rassen

Om de kans op succes zo groot mogelijk te maken, voert Danespo veel kruisingen uit. Op het kweekveld in Emmeloord van 1,5 hectare staan zo’n 12.000 potentiële rassen, zegt Van Eerdt. “In de eerste 3 jaar vermeerderen we de rassen en selecteren we vooral op uiterlijke kenmerken en op resistenties tegen nematoden en wratziekte. In de jaren daarna selecteren we de rassen ook op teelt- en gebruikskenmerken. We testen de rassen op wel 40 tot 50 eigenschappen. Al dit selectiewerk leidt tot 1 à 2 nieuwe rassen per jaar. De aardappelveredeling is één grote afvalrace. De veredeling kost veel geld. Maar het is erg boeiend. Ieder jaar heb je weer nieuwe kansen op een ras dat een klapper kan worden.”

Top van wat fysiologisch mogelijk is

Toch verschijnen er weinig nieuwe aardappelrassen op de markt. Dat komt volgens Van Eerdt omdat de aardappelrassen al tegen de top zitten van wat fysiologisch mogelijk is. “Het gaat erom dat nieuwe rassen in de praktijk goed bevallen.”

In Denemarken gaat het vooral om rassen voor de tafelaardappelmarkt, de chipsmarkt en de zetmeelindustrie. In Nederland gaat het vooral om rassen voor de fritesindustrie, de versmarkt en de export

Hoofdkeuzes gemaakt in Denemarken

Danespo is eigendom van de Deense coöperatie DLF en het Franse veredelingsbedrijf Florimond Desprez. Het hoofdkantoor van Danespo staat in Denemarken. Daar worden de hoofdkeuzes gemaakt voor de veredeling, zegt Van Eerdt. “In Denemarken gaat het vooral om rassen voor de tafelaardappelmarkt, de chipsmarkt en de zetmeelindustrie. In Nederland gaat het vooral om rassen voor de fritesindustrie, de versmarkt en de export. In Denemarken testen we de aardappelen op zandgrond, hier in Nederland op kleigrond. Hierdoor heeft Danespo een grote variatie aan rassen voor verschillende doeleinden.”

Zo zag het kweekveld van Danespo er begin juli uit. De veredelaar voert veel kruisingen uit. Op het kweekveld van 1,5 hectare stonden zo’n 12.000 potentiële rassen.
Zo zag het kweekveld van Danespo er begin juli uit. De veredelaar voert veel kruisingen uit. Op het kweekveld van 1,5 hectare stonden zo’n 12.000 potentiële rassen.

90.000 ton pootaardappelen per jaar

Danespo vermarkt zo’n 30 rassen. Het areaal pootgoed van de eigen rassen beslaat ruim 300 hectare in Nederland en België. Totaal verhandelt Danespo zo’n 90.000 ton pootaardappelen per jaar, die worden geteeld in Nederland, Denemarken, Duitsland en Frankrijk. Het pootgoed wordt afgezet naar 52 landen. Het grootste ras is Royal, bestemd voor de verwerking tot frites. Het ras Folva is groot in Nederland en bestemd voor de versmarkt en de verwerking.

Diploïde rassen

Veredelingsbedrijven als Aardevo en Solynta richten zich op de hybride veredeling van diploïde aardappelen (2 paar chromosomen in plaats van de gebruikelijke 4). Dat zou het inkruisen van gewenste eigenschappen gemakkelijker maken. Danespo stak in de jaren 90 ook veel energie in diploïde veredeling, zegt Van Eerdt. “Danespo heeft de diploïde veredeling weer teruggeschroefd. We werken samen met onderzoeksinstituten en universiteiten. Voor het institutionele onderzoek is hybride veredeling van diploïde rassen interessant. Maar in de praktijk leidt dat nog niet tot bruikbare rassen. De aardappel is een ratjetoe van genen. Veel eigenschappen worden bepaald door meerdere genen. Bovendien is het niet alleen het ras die de teelt tot een succes maakt, ook de teeltomstandigheden, grondsoort en klimaat zijn van groot belang.”

Danespo-directeur Peter van Eerdt vindt de aardappelveredeling een soort casino. “Je moet veel inzetten en je hebt een minimale kans op de jackpot.”
Danespo-directeur Peter van Eerdt vindt de aardappelveredeling een soort casino. “Je moet veel inzetten en je hebt een minimale kans op de jackpot.”

Aardappelveredeling technischer

De aardappelveredeling is de laatste decennia technischer geworden. Veredelingsbedrijven maken gebruik van merkers om snel vast te stellen of nakomelingen gewenste eigenschappen bezitten. Met de komst van nieuwe technieken als CRISPR-Cas en fenotypering wordt veredeling meer een zaak van technici. Van Eerdt: “Kwekers staan hier voor moeilijke en kostbare keuzes, zonder de garantie op succes.”

‘Kweekwerk blijft mensenwerk’

Maar Van Eerdt verwacht dat het kweekwerk desondanks vooral mensenwerk blijft. “Veredeling is niet alleen wetenschap. Je moet passie en gevoel hebben voor aardappelen. En je moet kunnen inschatten hoe de afzetmarkten zich de komende 15 jaar ontwikkelen. Want zo lang duurt het voor een kruising een ras kan worden in de traditionele veredeling. De hybride technieken met zaad als uitgangspunt zijn sneller. Maar het eerste commerciële ras is er bij mijn weten nog niet.”

Lees ook: TPC: Nederlandse pootgoedteelt is erg intensief

Of registreer je om te kunnen reageren.