Akkerbouw

Achtergrond 3 reacties

Stet: vakmanschap in pootgoedteelt staat onder druk

De pootgoedbedrijven worden groter, hetgeen een goede ziekteselectie lastiger maakt. Bovendien verschuift de pootgoedproductie van export- naar fritesrassen. Volgens directeur Peter Ton van aardappelveredelingsbedrijf Stet zet dit het vakmanschap in de sector onder druk.

De aardappelverwerking is hard gegroeid in Nederland en België. Daardoor is er steeds meer vraag naar pootgoed voor fritesaardappelen. Het is niet voor niks dat het areaal pootaardappelen in Nederland de laatste 5 jaar boven de 40.000 hectare zit, een niveau dat in zeker 15 jaar niet meer was gezien.

Op het demoveld van Stet zijn op 12 juli de Aardappelen voor de Koning geoogst. Dat gebeurde door Stet-directeur Peter Ton (l), burgemeester Harold Bouman van de Noordoostpolder (m) en asielzoekers uit het AZC in Luttelgeest. Het is sinds 2013 traditie dat de eerste aardappelen uit de vollegrond voor het Koninklijk Huis zijn. - Foto's: Ruud Ploeg
Op het demoveld van Stet zijn op 12 juli de Aardappelen voor de Koning geoogst. Dat gebeurde door Stet-directeur Peter Ton (l), burgemeester Harold Bouman van de Noordoostpolder (m) en asielzoekers uit het AZC in Luttelgeest. Het is sinds 2013 traditie dat de eerste aardappelen uit de vollegrond voor het Koninklijk Huis zijn. - Foto's: Ruud Ploeg

Keerzijde van de groei

Die groei heeft een keerzijde, vindt directeur Peter Ton van pootaardappelbedrijf Stet. “De verwerkers in Nederland en België hebben steeds meer aardappelen nodig en dus ook steeds meer uitgangsmateriaal. De pootgoedtelers richten zich dus ook steeds meer op de fritesrassen. Die rassen zijn gemakkelijker te telen dan de exportrassen, waar strengere eisen voor gelden dan alleen de NAK-normen. Maar de toegevoegde waarde van de pootgoedsector wordt vooral gerealiseerd bij de exportrassen. Ik zie daarom deze trend naar fritesrassen met enige zorg aan. We gebruiken dure schaarse landbouwgrond om steeds meer pootgoed te telen voor een bulkmarkt. Daarmee verliezen we de expertise die Nederland heeft opgebouwd bij de productie van pootgoed voor de overzeese markten.”

Peter Ton is directeur van Stet. Stet is opgericht in 1973 en sinds 1999 onderdeel van de HZPC-holding. Ton: “Stet vaart in de veredeling een eigen koers.”
Peter Ton is directeur van Stet. Stet is opgericht in 1973 en sinds 1999 onderdeel van de HZPC-holding. Ton: “Stet vaart in de veredeling een eigen koers.”

Richten op kwaliteit

Het vakmanschap van pootgoedtelers staat hierdoor onder druk. Dit komt ook door een andere trend die Ton signaleert. “De pootgoedbedrijven worden groter. De telers hebben per hectare minder tijd om alle pootgoed zorgvuldig te selecteren op erwinia en virus. Stet is juist op zoek naar telers die extra aandacht aan de selectie kunnen geven om zo hoge klassen en exportkwaliteit te leveren. Dat mogen dan gerust kleinere percelen zijn.”

Ton constateert dat de pootgoedtelers in Frankrijk zich juist richten op die kwaliteit. “De Franse telers kunnen steeds betere kwaliteit leveren. Ze telen daar 1 op 7 pootaardappelen. In Nederland is dat vaak 1 op 3.”

Vraag naar robuustere rassen

Ton signaleert dat de afnemers van pootaardappelen steeds robuustere rassen vragen. “De aardappel moet onder moeilijke omstandigheden toch een goede opbrengst geven. Het loof moet langer groen blijven als het droog is. Tot nu toe is bij robuustheid vooral gekeken naar de weerbaarheid tegen phytophthora en erwinia. Maar als je kijkt naar de virusaantastingen van de laatste twee jaar, dan denk ik dat we daar meer aandacht aan moeten geven in de veredeling. Rassen die al vroeg in de veredeling gevoelig blijken voor virus, moet je er dan al uitselecteren.”

Verschillende eisen

Stet heeft rassen voor de versmarkt, de frites- en de chipsproducenten. Voor alle nieuwe rassen geldt dat ze een resistentie moeten hebben tegen aardappelmoeheid en een tolerantie tegen phytophthora en virus. Ook mogen ze niet schurftgevoelig zijn. Als kruisingen aan die eisen voldoen, pas dan komen andere eigenschappen aan bod in het veredelingstraject, zegt Ton. “Dan maken we onderscheid per afzetmarkt. Voor de versmarkt in Noord-Afrika en Zuid-Europa telt vooral kilo-opbrengst. Voor de versmarkt in West-Europa geldt vooral dat de aardappel er goed moet uitzien, vanwege de kleinverpakkingen in de supermarkten. Bij chips is een belangrijk criterium dat de aardappel de kleur, de bite en de smaak van chips moet hebben, liefst ook na lange bewaring. Dat is ons heel goed gelukt. Het ras VR808 blijkt haar chipskwaliteit uitstekend door te geven aan haar nakomelingen. Ook bij frites spelen de verwerkingseigenschappen een grote rol. Maar bij frites is de hectareopbrengst ook een belangrijk criterium, want je hebt relatief veel grondstof nodig om frites te maken. Daarom is een hoge hectareopbrengst belangrijk om de fritesproductie rendabel te houden.”

Stet heeft rassen voor de vers-, frites- en chipsmarkt. Nieuwe rassen moeten resistent zijn tegen AM, tolerant zijn tegen phytophthora en virus en mogen niet schurftgevoelig zijn.
Stet heeft rassen voor de vers-, frites- en chipsmarkt. Nieuwe rassen moeten resistent zijn tegen AM, tolerant zijn tegen phytophthora en virus en mogen niet schurftgevoelig zijn.

Aardappelbedrijf Stet

Aardappelbedrijf Stet bestaat sinds 1973. Stet werd in 1998 verkocht aan coöperatie ZPC dat een jaar later fuseerde met Hettema tot het huidige HZPC. Ton benadrukt dat Stet in de veredeling een eigen koers vaart, onafhankelijk van zusterbedrijf HZPC Europe. Beide bedrijven horen tot de HZPC-holding. Ton: “We wisselen wel genetisch materiaal uit. En beide bedrijven laten hun veredeling uitvoeren op het kweekbedrijf in Metslawier. Maar Stet heeft een eigen veredelingsprogramma, dat is afgestemd op de wensen van onze afnemers.”

Stet heeft 34 eigen aardappelrassen. Daarvan zijn 23 bestemd voor de versmarkt, 6 voor de fritessector en 6 voor de verwerking tot chips. Het ras Bricata is geschikt voor de fritesverwerking en de versmarkt. Ton: “Voor de versmarkt hebben we nog te veel rassen. Dat willen we inkrimpen.”

Buitenlandse vestigingen

Stet heeft sinds 2016 vestigingen in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk en sinds 2017 in Rusland. Ook heeft Stet eigen pootgoedproductie in Polen. Buitenlandse vestigingen zijn nodig om te kunnen blijven groeien. Ton: “Groei in Nederland is een uitdaging. Hier is geen ruimte voor nog meer aardappelland. Daarom zie ik een verdere consolidatie ontstaan in de aardappelveredeling in ons land. Voor groei kijken we naast Nederland met name naar Frankrijk. Daar groeien we jaarlijks met dubbele cijfers en zitten we nu op 350 hectare pootaardappelen. Ook wordt de laatste generatie pootgoedvermeerdering steeds vaker als licentieteelt gedaan in het land van bestemming.”

Overname traditionele veredeling KWS Potato

Stet maakte een grote sprong in omvang toen het in 2016 de traditionele veredeling overnam van KWS Potato. Volgens Ton kreeg Stet door de overname uitstekend genetisch materiaal in handen. “Bijvoorbeeld het ras VR808, dat het standaardras is geworden voor de chipsproductie. Daarnaast vulden Stet en KWS elkaar goed aan wat betreft de geografische afzet van pootaardappelen. Stet had vóór de overname 1.000 hectare pootaardappelen alleen in Nederland, nu is dat gegroeid naar 3.000 hectare in vier landen.”

Hybridisering aardappelveredeling

KWS verkocht de traditionele veredeling om zich volledig te richten op de hybride veredeling van aardappelen. Ton verwacht dat de hybridisering van de aardappelveredeling uiteindelijk gaat lukken. “Al kan het nog jaren duren. Met hybrides kun je sneller vooruitgang boeken in de veredeling. Maar ik verwacht niet dat in ons klimaat consumptieaardappelen uit zaad worden geteeld. Het seizoen is te kort. Teelt uit zaad past daarom beter in regio’s dicht bij de evenaar.”

Ton had graag gezien dat de EU toepassing van nieuwe veredelingstechnieken als Crispr-Cas mogelijk zou maken. “Die veredelingstechnieken worden onder andere al gebruikt bij de ontwikkeling van medicijnen en bij de productie van gisten en smaakstoffen. Ik snap niet dat de EU het dan onmogelijk maakt om dat toe te passen in de plantenveredeling.”

Laatste reacties

  • bertwall1

    Lekker naar Frankrijk gaan met je fijne directeurs handschoentjes als je het allemaal zo goed weet

  • bertwall1

    Iedereen werkt hier hard voor z’n geld

  • pinkeltje

    Bij het CDA zitten ze er in navolging van Groen Links niet zo mee. Dat produceren voor export moeten we eigenlijk helemaal niet willen.... Toch?

Of registreer je om te kunnen reageren.