Akkerbouw

Achtergrond

Bietenras kiezen steeds ingewikkelder

De Aanbevelende Rassenlijst 2020 biedt voor het nieuwe seizoen keuze uit 24 bietenrassen, waarvan maar liefst 9 nieuwkomers.

De rassenlijst voor suikerbieten voor 2020 telt niet alleen veel nieuwe rassen, de rassen zijn ook breder beoordeeld. Dit resulteert in een nieuwe kolom ‘bladgezondheid cercospora’ op de rassenlijst. Uit de praktijk kwam al langer de vraag naar meer inzicht in de gevoeligheid van de verschillende rassen voor bladschimmels. Onderzoek- en adviesbureau Delphy doet daarom al jaren onderzoek naar bladgezondheid.

“De druk neemt toe met de verschraling van het middelenpakket”, zegt Marcel Arts van zaadleverancier KWS. “Meer en meer fungiciden om de bieten mee te beschermen, verdwijnen. Fijn dat Delphy het onderzoek heeft aangewakkerd en IRS het nu ook meeneemt. We zien dat cercospora om zich heen grijpt. Intussen selecteren we op sterkere rassen. Dat zie je nu op de rassenlijst.”

Zie onderaan dit artikel de 3 tabellen die horen bij de Aanbevelende Rassenlijst 2020.

Reducering opbrengstvermindering

De waardering biedt telers de mogelijkheid om de beste uitgangspositie te creëren tegen cercospora, aldus Bart van der Weijden van Strube. Opbrengstvermindering reduceren tegen een zo laag mogelijke kostprijs. “Elke bestrijding kost alleen aan fungicide al minimaal € 30 per hectare per toepassing.”

Rassen weerbaar tegen droogte snel introduceren

SESVanderHave werkt volgens Leendert Hanse aan ‘de sterkere biet’, door rassen te selecteren met dubbele weerstand tegen de bladschimmel; vanuit zowel de vrouwelijke als mannelijke ouder. Het ras Auckland is dit jaar getest en bleek vooral in het Noordoosten meerwaarde te bewijzen. “Dit soort robuuste bietenrassen, die ook weerbaar zijn tegen stressfactoren als droogte, willen we versneld introduceren”, aldus Hanse.

Stemphylium

Het IRS onderzocht op 2 proefvelden in het noordoosten en het zuidoosten van het land van alle rassen die vanaf het tweede jaar in het rassenonderzoek liggen, de gevoeligheid voor cercospora en stemphylium. Deze proefvelden zijn aangelegd in gebieden met een hoge infectiedruk waarop niet tegen bladschimmels is gespoten. In de droge en warme zomers van 2018 en 2019 is er volgens IRS-onderzoeker Martijn Leijdekkers nauwelijks stemphylium gevonden. De gevoeligheid voor deze schimmel kon daardoor niet bepaald worden.

Rasverschillen

Cercospora-aantastingen traden wel op en er zijn ook duidelijke rasverschillen gevonden. Het verschil in bladschimmelgevoeligheid loopt door alle resistentiecategorieën en rassen van kweekbedrijven heen. Telers kunnen deze waardering meenemen in hun uiteindelijke rassenkeuze. Minder gevoelige rassen worden wel aangetast, maar in mindere mate. Wellicht hebben ze een fungicidebehandeling minder nodig, maar tijdige bestrijding met het juiste middel blijft bij deze rassen evenzeer nodig.

Lees verder onder de foto.

Loonbedrijf Fuchs uit Born rooit deze week bieten in het Limburgse Roosteren. - Foto: Twan Wiermans
Loonbedrijf Fuchs uit Born rooit deze week bieten in het Limburgse Roosteren. - Foto: Twan Wiermans

Keuze ingewikkelder

Deze ontwikkeling in de veredeling geeft aan dat een ras anno 2020 veel meer kwaliteiten moet hebben dan de goede financiële opbrengst en winbaarheid, benadrukt Arts. “Het is net als met auto‘s. Waar vroeger een eenvoudige auto met tweewielaandrijving voldeed, hebben we tegenwoordig een vernuftige mobiel met allerlei accessoires nodig voor een goed rendement.”

De rassen worden onderverdeeld in 4 resistentiesegmenten;

  1. rhizomanie
  2. aaltjes
  3. rhizoctonia
  4. drievoudig

“Steeds meer keuze voor de teler, maar ook een complexer verhaal”, merkt Arts. “Goed dat Suiker Unie sinds 1,5 jaar een digitaal portaal heeft met resistentiekeuzeadvies. Dat is een goede hulp hierbij. Telers in de Achterhoek krijgen een heel andere lijst te zien dan hun collega’s in Flevoland.”

Herbicideresistente rassen

Conviso Smart-rassen (herbicideresistente rassen) zijn nog niet op de lijst gekomen, omdat de financiële opbrengst onder de maat was. Diverse veredelaars werken aan verbetering. Ook is nog niet uitgekristalliseerd hoe het concept met koppelverkoop van herbiciden het beste in de markt kan worden gezet. In de praktijk wordt volop geëxperimenteerd met dit systeem van rassen met tolerantie tegen ALS-herbiciden, zodat de onkruidbestrijding vele malen makkelijker wordt.

Vooruitgang op rhizoctonia

Op de rassenlijst voor bietenteelt 2020 wordt de grootste financiële vooruitgang geboekt in het segment van rassen voor percelen met het risico op rhizoctoniabesmetting. Het nieuwe ras Edonia KWS scoort met een financiële opbrengst van 103. Dat is 3 % hoger dan de ‘oude’ rassen BTS 7105 RHC en BTS 4190 RHC. Edonia KWS heeft daarnaast als sterk punt dat het een zeer goede aanvullende rhizomanieresistentie heeft. Ook heeft het nog een resistentie tegen bietencysteaaltjes. Het tweede nieuwe ras in dit segment is Annemonika KWS, dit valt vooral op door de hoge score voor bladgezondheid.

Bietencysteaaltjes

In de categorie met resistentie tegen bietencysteaaltjes is het ras Maroon nieuw op de lijst gekomen. Deze blijft met een score van 100 voor financiële opbrengst steken op het gemiddelde van de oude rassen. Het hoogst scorende ras in deze categorie is Tessilia KWS met een financiële opbrengst van 103. Telers die te maken hebben met aaltjes en een aanvullende rhizomanieresistentie nodig hebben, zijn aangewezen op BTS 2345 N. Dit is een ras uit de B-categorie met een opbrengst van 99. Als alternatief staan ook nog de rhizoctoniarassen Urselina KWS en Edonia KWS op de lijst, maar deze scoren met een financiële opbrengst van respectievelijk 92 en 89 beduidend lager dan BTS 2345 N.

Rhizomanie voorkomen

Bij de rassen voor de teelt op percelen zonder rhizoctonia en zonder bietencysteaaltjes zit de vooruitgang in rassen met een aanvullende rhizomanieresistentie. Drie van de zes nieuwe rassen beschikken over zo’n aanvullende resistentie. De nieuwe rassen BTS 2165 N en BTS 2510 N scoren met een financiële opbrengst van 103 net zo hoog als het beste oude ras Tessilia KWS.

Bram Maarsingh van Betaseed is trots op ‘zijn’ 4 nieuwkomers in het rhizomaniesegment. “BTS 2510 N scoort ook nog redelijk op percelen met aaltjes en heeft aanvullende rhizomanie resistentie”, benadrukt hij. “Voor rhizoctoniaresistentie komt er een nieuw ras aan: BTS 2225 RHC. Deze heeft een zeer goede resistentie en is nu beperkt verkrijgbaar.”

Betaseed heeft verder 2 Conviso Smart-rassen in onderzoek. “Deze gaan nog een jaar door in onderzoek. Voor toekomstige rassen kijken we naar bladgezondheid en resistentie tegen het vergelingsvirus.”

Juist door grillig klimaat verstandig om robuust ras te kiezen

Hannibal: hoge score op bladgezondheid

Het ras Hannibal van kweekbedrijf Strube is ondanks een financiële opbrengst van 96 op de rassenlijst blijven staan. Normaal vallen rassen die minder dan 98 scoren van de lijst, maar voor voldoende genetische variatie in de lijst mag van elk kweekbedrijf een ras op de lijst blijven staan. Hannibal scoort hoog op bladgezondheid, goed op vroegheid bodembedekking en suikergehalte. “Teeltseizoen 2019 heeft net als seizoen 2018 bewezen dat het klimaat ook in Nederland grillig is met zowel extreme droogte als neerslag”, zegt Van der Weijden. “Juist dan is het verstandig een robuust ras te kiezen dat zoveel mogelijk bedrijfszekerheid biedt; rassen die zich al langer succesvol zijn in de praktijk.” Hij voegt toe dat de voordelige zaadprijs van rhizomanierassen ook interessant is voor bietentelers. “Naar verwachting zijn we ruim € 40 per eenheid goedkoper ten opzichte van het segment bietencysteaaltjes. Hannibal heeft voor 2020 een zeer sterk concurrerende zaaizaadprijs.”

In de pijplijn heeft Strube de rhizomanierassen Fender (deels bca-resistent), Eskil en Cajal (AYPR-resistent). Van alle drie is zeer beperkt zaad beschikbaar.

Lees verder onder de foto.

Flinke aantasting van vergelingsziekte in een bietenperceel in Flevoland dit najaar. Veredelaars zoeken een remedie. - Foto: Mark Pasveer
Flinke aantasting van vergelingsziekte in een bietenperceel in Flevoland dit najaar. Veredelaars zoeken een remedie. - Foto: Mark Pasveer

Antwoord op vergelingsziekte

De Strube-veredeling focust zich volgens Van der Weijden op bladgezondheid, hoog suikergehalte en resistentie tegen vergelingsvirus. Rassen in de laatste categorie worden naar verwachting over een jaar of vijf geïntroduceerd.

Ook KWS speurt naar een antwoord op vergelingsziekte, aangedreven door het verbod op neonicotinoïden. Arts: “In Groot-Brittannie heeft KWS rassen in onderzoek, omdat daar de druk altijd al hoog is. In Nederland worden in 2020 ook rassen onderzocht, wat betekent dat de marktintroductie nog enkele jaren op zich laat wachten.”

Hanse geeft aan dat de veredeling op weerbaarheid tegen vergelingsziekte nog maar net is begonnen. “Zolang resistente bietenrassen er nog niet zijn, kunnen bietentelers andere maatregelen nemen om schade te voorkomen; zo vroeg mogelijk te zaaien, goed controleren of de insecticide heeft gewerkt om resistentie bij luizen te monitoren en goed bemesting met voldoende stikstof om schade te beperken.”

Hoge wortelopbrengst

Nieuw op de rassenlijst heeft SESVanderHave het ras Balder in het rhizomaniesegment. “Verder doen Simba, een zwaar type met hoge wortelopbrengst, en Dushi met aanvullende rhizomanieresistentie hun intrede. Beide zijn na 2 jaar onderzoek beperkt beschikbaar.”

Maroon is de nieuwkomer in het bca-segment, met hoog suikergehalte en hoge score op bladgezondheid. “Daarnaast bieden we ook het aaltjesbestendige ras Yukon met aanvullende rhizomanieresistentie – beperkt – aan na 2 jaar onderzoek. Kuma is drie jaar onderzocht en bieden we aan vanwege de goede grondbedekking en de zwaarte van de biet.”

Conviso Smart in praktijk

Conviso Smart bieten worden al uitvoerig getest in de Nederlandse praktijk, bij telers dus. Arts: “Smart Blanca KWS scoort met 89 op financiële opbrengst veel te laag om een plek op de rassenlijst te bemachtigen. We wachten nog zeker een jaar voor we de techniek breed introduceren. We hebben een nieuw veelbelovend ras dat voor het derde jaar in onderzoek gaat en beschikbaar komt voor de teelt van 2021: Smart Jitka KWS, met aaltjesresistentie. Dit ras kan het opbrengst-gat verkleinen, zodat we tot een verdienmodel met milieuwinst kunnen komen. De milieubelasting gaat namelijk drastisch naar beneden met slechts 2 bespuitingen, volgens berekeningen van het CLM. De vraag is groot.”

Wilde bieten

Nederland is het 18e land dat Conviso Smart gaat toepassen in Europa, weet Arts. In andere landen ontwikkelt zich dit sneller, omdat daar meer problemen zijn met onkruid. Zoals wilde bieten in Oost-Europa. Daar is het systeem eerder rendabel. “Wij zien het voor Nederland ook helemaal zitten, maar het is nog net te vroeg om de techniek succesvol te introduceren. We gaan niet over 1 nacht ijs.”

Bietenras voor zware grond

Wel heeft KWS voor volgend jaar 3 nieuwkomers op de lijst staan. In het rhizomaniesegment is dat Queena KWS, een ras voor de zware grond, laag in tarra, met hoge kop en goede suikerproductie. Annemonika KWS is een nieuw rhizoctoniaresistent ras. “Een opvolger voor Isabella KWS, het grootste ras van de afgelopen 10 jaar met meer dan 100.000 hectare”, zegt Arts. “Annemonika heeft een betere financiële opbrengst, goede resistentie en gezond blad. Hopelijk gaat dit ras dezelfde weg volgen.”

Suikerprijzen

Drievoudig resistent is Edonia KWS. “Deze scoort beter dan de rhizoctoniarassen en combineert zo een maximale bescherming met een maximale opbrengst van 103.”

Arts benoemt de bijzondere positie van Nederland als suikerproducent. “De sector zit in een dip en dat is jammer. De relatief lage suikerprijzen geven geen beste stemming en we zien de teelt afnemen in andere landen. Bietenfabrieken sluiten. In Nederland hebben we het echter goed geregeld met een vangnet van LLB’s en een sterke coöperatie waarbij andere werkmaatschappijen bijdragen aan de bietenprijs. De toewijzing is hier zelfs toegenomen, dus een areaaldaling ligt niet in de lijn der verwachting. Zo kan de areaalkrimp in het buitenland een kans zijn voor de Nederlandse bietenteelt.”

Uitleg tabellen Aanbevelende Rassenlijst van suikerbieten voor 2020

Hoge cijfers betekenen een gunstige waardering van de betrokken eigenschappen, behalve voor K + NA en animoN. Klik onderaan dit artikel op de bijlagen voor een grotere weergave van onderstaande tabellen.

Tabel 1.
Tabel 1.

1) De cijfers in deze tabel zijn niet vergelijkbaar met de cijfers in de rhizomanietabel. De genoemde rassen zijn onderzocht op proefvelden waar een risico is op rhizoctoniabesmetting. De resistentie tegen rhizoctonia is partieel, dat wil zeggen dat bij ernstige rhizoctoniabesmetting ook bij deze rassen rotte bieten kunnen optreden.

2) Rubricering in de Rassenlijst: A = algemeen aanbevolen ras; N = nieuw aanbevolen ras; B = beperkt aanbevolen ras.

3) De verhoudingsgetallen (100 =) zijn gebaseerd op het gemiddelde van de rhizoctoniaresistente A- en N-rassen van rassenlijst 2019.

4) Kophoogte: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog boven de grond.

5) Meegeleverde grond: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog percentage.

6) Bladgezondheid cercospora: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog.

7) Voor de berekening van de financiële opbrengst zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: wortelopbrengst 85 ton/ha; suikergehalte 17%; aminoN 10 mmol/kg biet; K + Na 40 mmol/kg biet en meegeleverde grond 6%.

8) Resistentieniveau: ++ = zeer goed; + = goed; +/- = matig.

9) Rhizoctonia klasseindeling: ≤ 2,7 = zeer goed; 2,8 – 3,0 = goed; ≥ 3,1 = matig.

10) Aanvullende resistentie tegen de AYPR- of een andere nieuwe variant van het rhizomanievirus.

11) +/- = matig, zie tabel met eigenschappen bietencysteaaltjesresistente rassen voor meer informatie.

Tabel 2.
Tabel 2.

1) De resistentie tegen bietencysteaaltjes is partieel, wat wil zeggen dat bij gebruik van deze rassen er nog wel een vermeerdering van bietencysteaaltjes kan optreden.

2) Rubricering in de Rassenlijst: A = algemeen aanbevolen ras; N = nieuw aanbevolen ras; B = beperkt aanbevolen ras.

3) De verhoudingsgetallen (100 =) zijn gebaseerd op het gemiddelde van de A- en N-rassen van rassenlijst 2019.

4) Kophoogte: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog boven de grond.

5) Meegeleverde grond: L = weinig, M = gemiddeld en H = veel.

6) Bladgezondheid cercospora: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog.

7) Voor de berekening van de financiële opbrengst zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: wortelopbrengst 85 ton/ha; suikergehalte 17%; aminoN 10 mmol/kg biet; K + Na 40 mmol/kg biet en meegeleverde grond 6%.

8) Aanvullende resistentie tegen de AYPR- of een andere nieuwe variant van het rhizomanievirus. Resistentie niveau: ++ = zeer goed; + = goed; +/- = matig.

Tabel 3.
Tabel 3.

1) Rubricering in de Rassenlijst: A = algemeen aanbevolen ras; N = nieuw aanbevolen ras; B = beperkt aanbevolen ras.

2) De verhoudingsgetallen (100 =) zijn gebaseerd op het gemiddelde van de A- en N-rassen van rassenlijst 2019.

3) Kophoogte: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog boven de grond.

4) Meegeleverde grond: L = weinig, M = gemiddeld en H = veel.

5) Bladgezondheid cercospora: L = laag, M = gemiddeld en H = hoog.

6) Voor de berekening van de financiële opbrengst zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: wortelopbrengst 85 ton/ha; suikergehalte 17%; aminoN 10 mmol/kg biet; K + Na 40 mmol/kg biet en meegeleverde grond 6%.

7) Aanvullende resistentie tegen de AYPR- of een andere nieuwe variant van het rhizomanievirus. Resistentieniveau: ++= zeer goed; + = goed; +/- = matig.

Medeauteur: Luuk Meijering

Of registreer je om te kunnen reageren.