Akkerbouw

Achtergrond

Landbouwraad: Argentinië is streng vanwege ringrot

Op zo’n 50 Nederlandse ambassades werken landbouwraden. Creëren van markttoegang is een van hun hoofdtaken. Boerderij spreekt met een aantal van hen. In dit artikel: Léontine Crisson, landbouwraad in Argentinië.

In juli 2017 werden de handtekeningen gezet: Nederland mag miniknollen en in-vitro-vermeerderde aardappelplantjes naar Argentinië exporteren. Voor pootgoed zit de grens nog op slot, maar uitgangsmateriaal mogen de handelshuizen weer leveren. Dat gebeurt ook.

Volgens landbouwraad Léontine Crisson, werkzaam op de Nederlandse ambassade in Buenos Aires, is de bereikte markttoegang niet alleen van belang voor de Nederlandse aardappelsector, maar ook voor Argentinië. “De genetische diversiteit in de aardappelteelt is in dit land beperkt. Verwerkende bedrijven hier schreeuwen om nieuwe rassen die passen bij de lokale teeltomstandigheden. En ze hebben behoefte aan echte smaakaardappelen.”
Artikel gaat verder onder de foto‘s

Léontine Crisson. - Foto: Crisson
Léontine Crisson. - Foto: Crisson

Waarom ging de grens dicht?

Crisson: “Er werd ringrot aangetroffen in een perceel. Het pootgoed kwam uit Nederland. Ook al is er nooit hard bewijs geleverd dat de ziekte uit Nederland kwam, Argentinië deed de grens dicht. Vervelend voor leveranciers uit Nederland, want hier worden veel aardappelen geteeld en er is grote behoefte aan uitgangsmateriaal.”

Er is 2 jaar onderhandeld over markttoegang. Wat was uw rol?

“Als landbouwraad ben ik de schakel tussen de Nederlandse en Argentijnse autoriteiten. Dat betekent langsgaan, overleggen en afstemmen met Nederland. Het is ons uiteindelijk gelukt om besprekingen te starten over miniknollen en in-vitro-materiaal. Dat wordt onder laboratoriumomstandigheden geproduceerd, er komt geen grond aan te pas.”

Miniknollen mogen sinds 2017 Argentinië binnen, net als in-vitro vermeerderde aardappelplantjes. Pootgoed niet. - Foto: Dennis Beek
Miniknollen mogen sinds 2017 Argentinië binnen, net als in-vitro vermeerderde aardappelplantjes. Pootgoed niet. - Foto: Dennis Beek

“Mijn kernvraag aan de autoriteiten hier is steeds: wat kunnen wij doen om jullie gerust te stellen? Dan gaat het over de fytosanitaire randvoorwaarden. Logisch dat de Argentijnen zekerheid willen, maar de eisen moeten voor Nederlandse producenten wel haalbaar zijn. Anders levert markttoegang geen handel op. De Argentijnen zijn streng en dat is gezien hun ervaringen met ringrot ook wel logisch.”

Voor pootgoed is de grens nog dicht.

“De Argentijnen willen eerst zeker weten dat het nu goed gaat met uitgangsmateriaal uit Nederland. Het is daarom niet slim om nu al te beginnen over pootaardappelen. Dit land wil de veredeling op termijn zelf oppakken. Daar is goed uitgangsmateriaal voor nodig. Dat kan Nederland nu leveren. En dat gebeurt ook, Nederlandse producenten van miniknollen leveren al.”

Wat zit er nog meer voor Nederland in het vat?

“We zijn onder meer in overleg over varkenssperma en fruitboomonderstammen uit Nederland. Beide sectoren bieden kansen voor Nederland en zijn volop in ontwikkeling. Nederland heeft veel te bieden. Het gaat om de details, maar er zit voortgang in beide dossiers. Ik heb goede hoop dat we er snel uit zijn.”

Of registreer je om te kunnen reageren.