Akkerbouw

Achtergrond 2 reacties

Opnieuw opkomstprobleem in aardappel

Net als in voorjaar 2016 zijn er opkomstproblemen in consumptieaardappelen. Het lijkt wel iets minder erg dan toen, maar wel meer dan in voorjaar 2017.

Er zijn dit voorjaar meer opkomstproblemen in consumptieaardappelen dan vorig jaar. Voorzitter Tom van der Meer van de Grondstoffencommissie van de Vavi (vereniging van aardappelverwerkers), tevens werkzaam bij aardappelverwerker Lamb Weston/Meijer, stelt dat de opkomstproblematiek tussen die van 2016 en 2017 in zit. “Bij Lamb Weston/Meijer (LWM) kregen we in voorjaar 2016 totaal 128 klachten na opkomst. Dat waren er vorig jaar 52 en tot nu toe hebben we 92 klachten over slecht opgekomen aardappelen. Wat opvalt is dat het aantal klachten bij aflevering van het pootgoed veel groter is dan anders. Bij LWM zijn 45 vrachten pootgoed alsnog afgekeurd bij de levering. Dat is nog nooit zo hoog geweest. Normaal zit dat tussen de 12 en 18. Alle Vavi-leden samen hebben dit voorjaar 150 partijen pootgoed afgekeurd bij levering. Dat waren er vorig jaar rond de 60 en in 2016 rond de 70. Dat is echt extreem dit jaar.

Door wateroverlast kiemden de aardappelen slecht op sommige plekken. - Foto: Peter Roek
Door wateroverlast kiemden de aardappelen slecht op sommige plekken. - Foto: Peter Roek

Natte oogst

De oorzaak is de natte oogst vorig najaar van pootaardappelen, stelt Van der Meer. “Dat was vergelijkbaar met die van herfst 2015. Daarom waren er in het voorjaar van 2016 ook zoveel problemen met de opkomst van consumptieaardappelen.”

Van der Meer pleit voor een nauwere maatsortering in de uitbetaling van pootgoed. “Een pootgoedteler krijgt nu net zo veel geld voor de maat 45-50 mm als voor 35-40. De laatste maat is veel meer waard voor de consumptieteler, maar de pootgoedteler wordt zo gestimuleerd zo veel mogelijk kilo’s te oogsten.”

Verandering in de keuring

Van der Meer pleit ook voor een verandering in de keuring. “Keuring voor de fritesindustrie of voor de export moeten gescheiden worden met eigen normen. Een pokje, kiempje of groeischeurtje is belangrijk voor de export, maar de fritesteler wil zoveel mogelijk stengels per hectare. Ik hoop dat het Ketenproject Verbetering Pootgoedkwaliteit zaken boven water kan halen hoe we dit kunnen verbeteren.”

Moeizame start

Handelshuis HZPC heeft klachten ontvangen over de opkomst, zegt directeur Gerard Backx. “De oorzaak zijn de oogstomstandigheden van vorig jaar. Diverse partijen hebben lang in de grond gezeten. Daarnaast had het pootseizoen een moeizame start op een aantal plaatsen door hevige buien. In volume zijn de klachten vergelijkbaar met vorig jaar, maar wel veel minder dan in het voorjaar van 2016.”

Slechte opkomst van aardappelen in 2016. - Foto: Peter Roek
Slechte opkomst van aardappelen in 2016. - Foto: Peter Roek

Handelshuis Agrico signaleert meer opkomstproblemen dan vorig jaar, zegt directeur Jan van Hoogen. “Duidelijk is dat niet iedere klacht door de pootgoedkwaliteit komt, maar ook door extreme buien. De zeer slechte herfst is een oorzaak van de problemen. Aardappelen zijn vaak onder zeer moeilijke omstandigheden gerooid, waardoor al vroeg slijtage optrad. De aardappelen waren fysiologisch oud en als het dan tegen zit krijg je opkomstproblemen.”

Natte rooiomstandigheden en droog voorjaar

Ook voorzitter Adrie Bossers van de LTO-werkgroep Consumptieaardappelen ziet meer dan gemiddeld opkomstproblemen in de consumptieteelt. “Dat is erg gestimuleerd door de natte rooiomstandigheden. Het is vergelijkbaar met voorjaar 2016. We hopen met het ketenproject een beter zicht te krijgen op het verband tussen pootgoedkwaliteit en opkomst.”

Bossers denkt dat het droge voorjaar ook een rol speelt. “De plant haalt dan minder uit de bodem en meer uit de moederknol. Als die knol latent besmet is met bacterieziek dan komt dat in zo’n extreme situatie eerder tot uiting dan wanneer de plant volop kan profiteren van goede groeiomstandigheden. De consumptieteler krijgt de waarde van het pootgoed vergoed, maar zijn werkelijke schade is veel groter.”

Adviseur Paul Hooijman van adviesbureau Delphy ziet in Flevoland een vergelijkbare opkomst als in andere jaren. “Veel aardappelen staan er goed bij dankzij de warmte in het voorjaar. In enkele percelen zie je gaten. Door hevige regenval is er meer verstikking. Dat geeft ook meer uitval van poters. Ook trekken de planten door het droge en warme weer harder aan de moederknol. Dan komen problemen meer naar boven.”

Verschillen per regio

Aardappelteler Chris Breukers uit Ell in Limburg bij Weert ziet in zijn omgeving veel aardappelpercelen met een slechte opkomst. “Ik teel zelf ruim 100 hectare consumptieaardappelen. Op veel percelen mist 10% van de knollen, op sommige loopt dat op naar 25 tot 30%. Dat gaat veel geld kosten. Dat komt niet door de regen, het heeft hier nauwelijks geregend sinds half april. De handelshuizen moeten daar eens wat aan doen. Ik kan geen slechte aardappelen leveren aan mijn afnemer, daar krijg ik niks voor.”

In Noord-Friesland ziet de opkomst er wel goed uit, zegt voorzitter Teun de Jong van de Nederlandse Akkerbouw Vakbond. Hij heeft een akkerbouwbedrijf in Sint Annaparochie. “Ik zie maar een enkel perceeltje waar wat mis is.”

Verschillende oorzaken

Directeur Wim van de Ree van aardappelcoöperatie Nedato meldt opkomstproblemen in het zuidwesten. Dat ligt volgens hem voor een deel aan de vele regen die daar is gevallen. Maar er zijn ook aardappelpercelen waar de slechte opkomst is toe te schrijven aan het pootgoed, zegt Van de Ree. “Er zijn percelen met een slechte opkomst waar geen wateroverlast is geweest. Of het zo erg is als in voorjaar 2016 kan ik nog niet zeggen. We zijn bezig met de inventarisatie.

Ook in de zetmeelaardappelen zijn opkomstproblemen, meldt coöperatie Avebe in de nieuwsbrief. “Het aantal percelen met opkomstproblemen is dit jaar in verhouding groter dan in voorgaande jaren. Fusarium is veelal een van de redenen. Mede door de slechte oogstomstandigheden van het pootgoed in 2017 is er meer beschadiging ontstaan wat een invalspoort is voor de fusariumschimmel. Als gevolg van de hoge bodemtemperatuur in combinatie met een fusariumbesmetting heeft de schimmel zich in sommige gevallen razendsnel kunnen vermeerderen en de gehele knol kunnen aantasten. Dit kan zorgen voor opkomstproblemen.”

Laatste reacties

  • agratax(1)

    Als uit bovenstaande opkomst problemen naar voren komt dat de vermoedelijke oorzaak van slechte opkomst gezocht moet worden bij oogst problemen (natte omstandigheden, late oogst etc.) dan zal de pootgoedteelt hieruit zijn lering moeten trekken. Ze kunnen denken aan uitbetaling per poot bare knol en niet per kilo, hiermee vervalt de druk om zo laat mogelijk loofdoding toe te passen. Ook de steeds groter wordende pootgoed arealen met bijbehorende "altijd" goed schonende rooiers doen geen goed aan de kwaliteit van het geoogst product.

  • Alex63

    Misschien moeten we ipv wijzen naar elkaar terug naar kwaliteit ipv kwantiteit en dat geldt voor beide partijen. Dus terug in arealen zodat we meer aandacht aan de teelten kunnen besteden en misschien ook terug naar de doodspuitdatum van pootaardappelen?

Of registreer je om te kunnen reageren.