Akkerbouw

Achtergrond laatste update:13 sep 2017

‘Kleine fouten kunnen groot effect hebben op emissie’

Er komt nog te veel chemisch middel in de sloten. Als dat niet minder wordt, zal dat gevolgen hebben voor de beschikbaarheid van middelen.

Het kan ook leiden tot strengere maatregelen, zoals bredere teeltvrije zones. Dat was de boodschap van gewasbeschermingsmiddelenproducent Bayer op de bijeenkomsten ‘Tour de Farm’ van Farm Frites en Bayer.

Individuele bijdrage leveren

Bayer houdt telers voor dat zij individueel een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het behouden van het middelenpakket, door te voorkomen dat er gewasbeschermingsmiddelen in het milieu komen. “Zorg dat je geen sporen achterlaat. Kleine foutjes kunnen een groot effect hebben op de emissie van middelen.” Albert van Kooten, duurzaamheidsspecialist van Bayer, noemt als voorbeeld een afsluitseal van een verpakking. “Komt deze per ongeluk in de sloot terecht, dan is 10 kilometer verderop het middel nog in het water te vinden.”

Uit een inventarisatie blijkt dat 50% van de emissie van gewasbeschermingsmiddelen van het erf komt, 35% uit het land en 15% komt van drift. Zo is er een puntbelasting van Sencor in het oppervlaktewater gemeten in oktober, terwijl dit middel in het voorjaar toegepast wordt. De oorzaak lag bij een teler die zijn veldspuit op het erf schoon had gespoten.

Groene middelen van natuurlijke oorsprong

Een van de mogelijkheden om emissie van chemische middelen naar het water terug te dringen is het gebruik van zogenoemde groene middelen van natuurlijke oorsprong. Volgens Jolanda Wijsmuller van Bayer is er behoefte aan in de markt. “Op ieder nieuw chemisch middel dat toegelaten wordt, verdwijnen er drie.” Met het ontwikkelen van groene middelen wil Bayer oplossingen blijven bieden. Groene middelen hebben naast hun minimale milieubelasting het voordeel dat ze door de vele aangrijpingspunten breed werken. Daarnaast geldt er geen veiligheidstermijn.

Bacteriën tegen rhizoctonia

Bayer is bezig met de registratie van een middel op basis van bacteriën tegen rhizoctonia in aardappelen. De bacteriën koloniseren de wortels en groeien mee. Daar vormen ze met hun fermentatieproducten een barriere tegen belagers vanuit de grond, zoals rhizoctonia. De werking is met 30 tot 50% minder goed dan van een chemisch middel. Wel staat er een opbrengstverhoging van 3 tot 5% tegenover. Uit proeven blijkt dat het gewas meer biomassa vormt en de bladeren meer chlorofyl bevatten.

Of registreer je om te kunnen reageren.