Akkerbouw

Achtergrond

Veel verbetering bij bieten

De nieuwe rassenlijst voor suikerbieten toont veel verbeteringen in het rhizoctoniasegment en aanvullende rhizomanieresistentie. Achter de schermen wordt gewerkt aan methoden om bladschimmelgevoeligheid van rassen aan te tonen, een grote wens vanuit de praktijk.

Met opnieuw acht nieuwe rassen op de rassenlijst suikerbieten voor de teelt van 2018 laten suikerbietenveredelaars zien dat zij hun bijdrage leveren aan de teeltambitie van 18% suiker en 90 ton bieten per hectare van Suiker Unie. Jaarlijks wordt een fors deel van het rassenaanbod ververst en dat kan alleen als er significante verbeteringen worden geregistreerd door de Commissie Samenstelling Aanbevelende Rassenlijst (CSAR), waarin Brancheorganisatie Akkerbouw, Plantum en LTO-Nederland samenwerken.

Nieuwkomers

Van de nieuwkomers zijn er vijf door KWS geleverd, twee door Betaseed en één door SESVanderHave. De nieuwkomers blinken niet zozeer uit in verhoogde financiële opbrengst, ziet Noud van Swaaij van bieteninstituut IRS. “Behalve in het rhizoctoniasegment, daar is duidelijk een rendementsverbetering en verbreding gerealiseerd. Dat is een stap vooruit voor telers op zandgrond waar rhizoctonia vaak optreedt, bijvoorbeeld in bouwplannen waarin vaak mais is opgenomen. Maar ook een enkele teler op kleigrond kan er baat bij hebben, want daar komt ook wel eens rhizoctonia voor. Het speelt vooral in het Zuid- en Noordoosten.” In dit segment (zie tabel hieronder) was Isabella KWS vorig jaar het meest gezaaide ras. Dit ras, dat nu als beperkt aanbevolen op de lijst staat, heeft nu de laagste financiële opbrengst en is daarmee door vijf concurrenten ingehaald.

Tabel

Overzicht van eigenschappen bij rhizoctoniaresistente suikerbietenrassen (bepaald op proefvelden met een risico op rhizoctoniabesmetting ¹) )

Neena scoort hoogst op financiële opbrengst

BTS 7105 RHC was er vorig jaar ook al en er is nu meer zaad van beschikbaar. De BTS 4540 RHC en de KWS-rassen Neena en Natassia komen erbij. Neena KWS scoort het hoogst op financiële opbrengst: 104. Natassia KWS valt op door aanvullende rhizomanieresistentie, een waarde die ook is toegevoegd aan het nieuwe ras Urselina KWS, beide met hoge financiële opbrengst.

Rhizomanieresistentie

Op de lijst voor rhizomanieresistente rassen (zie tabel hieronder) prijkt ‘slechts’ één nieuw aanbevolen ras: Shanina KWS. Deze heeft tevens aanvullende rhizomanieresistentie. Van Swaaij geeft aan dat de beperkt aanbevolen aaltjesresistente (te zien aan bcaR achter de naam) BTS 2345 N ook nieuw is, hij is opgenomen als nieuw aanbevolen bij het segment bietencysteaaltjes resistent (zie tabel onderaan dit artikel). Bij de rhizomanierassen blijft de financiële opbrengst achter. “Blijkbaar scoort hij onder besmette omstandigheden beter dan onder niet-besmette omstandigheden”, concludeert Van Swaaij.

Tabel

Overzicht van eigenschappen bij rhizomanieresistente suikerbietenrassen voor de teelt op percelen zonder rhizoctonia en zonder bietencysteaaltjes (bepaald op proefvelden zonder rhizoctonia en zonder bietencysteaaltjes). Voor het eerst zijn in deze tabel ook rassen opgenomen met resistentie tegen bietencysteaaltjes, aangeduid met bcaR. De eigenschappen van deze resistente rassen op percelen met bietencysteaaltjes staan vermeld in de laatste tabel onderaan dit artikel.

Hoge zaadprijs

De hoogste financiële opbrengst in het rhizomaniesegment staat op naam van BTS 5270 N. Gezien de aaltjes-resistentie moet wel rekening worden gehouden met een hoge zaadprijs. In alle segmenten staan rassen met aanvullende rhizomanieresistentie. “Het gebruik van die rassen neemt toe, omdat de doorbraak van rhizomanie doorzet. De opbrengsten van die rassen verbeteren.”

De veredeling geeft goed gehoor aan vraag uit de praktijk. Telers willen echter ook graag meer duidelijkheid over bladschimmels: hoe reageren rassen erop, zijn ze weerbaar? Van Swaaij: “Dat is zeker een onderwerp dat in de werkgroep rassenonderzoek steeds aan bod komt. De wens is duidelijk, maar we hebben nog geen goede methodes om dat te onderzoeken. Methodieken om bladschimmelgevoeligheid te meten, zijn in ontwikkeling.”

‘Van 3 kilo bietenzaad naar 92 ton bieten in 7 maanden’

KWS trots op positie

De opbrengst van de rassen ligt dit jaar zeer hoog, waarschijnlijk een record in Nederland. Dat zegt Marcel Arts van KWS over zijn inbreng voor de Aanbevelende Rassenlijst voor 2018. “Van 3 kilo bietenzaad naar 92 ton bieten in 7 maanden… dat blijft bijzonder”, schetst hij. Arts is trots op de positie van zijn bedrijf op de Nederlandse bietenzaadmarkt. “KWS is al jaren de grootste leverancier van rassen voor de Nederlandse markt. Ook nu is het ons weer gelukt om vijf rassen op de lijst te krijgen.”

Bietencystenaaltjessegment

Het bietencystenaaltjessegment (bca) is de laatste jaren flink gegroeid, ziet Arts. “In tegenstelling tot de afgelopen jaren, kunnen deze rassen nu rechtstreeks worden vergeleken met de ‘normale’ rhizomanierassen. De bca-rassen doen onder niet-besmette omstandigheden niets onder voor de standaard rhizomanierassen. Sterker nog, de beste twee rassen in dit segment zijn de bca-rassen BTS 5270 N en Leonella KWS. Dit verkleint weliswaar het traditionele rhizomaniesegment, maar rassen als Annelaura KWS of Elisabeta KWS verdwijnen nog niet. Dat komt doordat rhizomanie de basis is voor het kweekwerk. Bovendien is in teeltgebieden zonder aaltjes (nog) geen behoefte aan een duurder bietencysteaaltjesras.”

Isabella KWS als B-ras op de lijst

Arts benoemt de beweging in het rhizoctoniasegment. “Sinds de introductie van het ras Isabella KWS is er bijna 100.000 hectare van gezaaid. Ook in 2018 zal dit ras nog veel worden verbouwd. De nieuwe rassen Neena KWS en Natassia KWS scoren met respectievelijke financiële opbrengst van 104 en 102 substantieel beter. Voor wat betreft rhizoctoniaresistentie zitten deze rassen echter 0,2 punten lager. Vandaar dat Isabella KWS als B-ras op de rassenlijst blijft met een sterkere resistentie van 3,0.”

Tabel

Overzicht van eigenschappen van suikerbietenrassen met resistentie tegen bietencysteaaltjes (bepaald op proefvelden met bietencysteaaltjes ¹) ).

Tripleras

Ook haalt Arts de snelle ontwikkeling aan van het drievoudige resistentiesegment. “Bij de introductie van deze triplerassen werd aangenomen dat dit segment pas kon groeien op het moment dat de financiële opbrengst van een tripleras gelijk of beter was dan een standaard rhizoctoniaras”, vertelt hij. “Urselina KWS wordt opgenomen in de rassenlijst 2018 met een financiële opbrengst van 100. Hierdoor is het voor veel telers interessant geworden om te kiezen voor de zekerheid van dit drievoudig resistente ras. Voor percelen met enkel bietencysteaaltjes, zoals in Flevoland, scoort dit ras echter slechts 93 punten voor financiële opbrengst.”

Cultivent Farm-service

KWS gaat in 2018 meer aandacht geven aan service, geeft Arts aan. “We introduceren vanuit Duitsland de Cultivent Farm-service. Hierin is de Beet Seed service opgenomen bij overzaai in 2018. Na registratie krijgt een teler 50% van de zaadkosten vergoed als overzaai noodzakelijk is, bijvoorbeeld door vorst- of stuifschade. KWS wil op deze manier een extra bijdrage leveren aan een geslaagde bietenteelt.”

Betaseed: meer resistenties

Bram Maarsingh, salesmanager bij Betaseed, looft de nieuwkomers BTS 2345 N (bescherming tegen aaltjes en aanvullende rhizomanieresistentie) en BTS 4540 RHC (bescherming tegen rhizoctonia en een mooie combinatie van financiële opbrengst met hoog suikergehalte). Hij neemt de verschuiving waar van rhizomanieresistente rassen naar rassen met rhizomanie en aaltjesresistentie. “Een mooi voorbeeld hiervan is de BTS 5270 N, die qua financiële opbrengst hoog staat aangeschreven op de lijst van rassen zonder aaltjesbesmetting. De algemeen aanbevolen BTS 7105 RHC heeft een hoge financiële opbrengst in combinatie met goede rhizoctoniaresistentie.” De focus voor de toekomst ligt bij dubbelresistente rassen, zegt Maarsingh. “Vooral aaltjes en aanvullende rhizomanieresistentie. Ook zien wij positieve signalen voor het rhizoctoniasegment, waarbij nieuwe kandidaten klaar staan voor de rassenlijst voor volgend jaar.”

‘Uitdaging om een volledige resistentie te verkrijgen tegen bladschimmels’

Bladschimmels

Ook Maarsingh ziet dat de druk van bladschimmels toeneemt. “We merken dat er veel naar de kwekers wordt gekeken voor oplossingen. Wij investeren een groot deel van ons budget in onderzoek, waarbij we rekening houden met de wensen van de markt. Het blijft voor kwekers een uitdaging om een volledige resistentie te verkrijgen tegen bladschimmels. Partiële resistentie is mogelijk, maar dat gaat gepaard met opbrengstverlies.”

SESVanderHave: sterkere biet

SESVanderHave komt met nieuwkomer Nandi, een bca-resistent ras, in de rubriek beperkt aanbevolen op de lijst. “Het ras blinkt uit op suikergehalte en is bij uitstek geschikt voor de vroege levering”, zegt Leendert Hanse, salesmanager Nederland. “Kwaliteit wordt betaald door bieten met een hoog suikergehalte en hoge winbaarheid. Nandi is zeker een kwaliteitsbiet.” De financiële opbrengst van Nandi blijft enkele punten achter bij de rest.

Robuust bladgestel

Ook introduceert SESVanderHave in het bca-segment het ras Kinga. Hanse: “Een ras met een hoog suikergehalte, robuust bladgestel en meer wortelopbrengst. Daarom is Kinga vooral geschikt voor vroege en latere levering. Het ras is na twee jaar onderzoek beperkt beschikbaar.” SESVanderHave richt zich op een optimale balans tussen kiemkracht en kiemenergie, stelt Hanse, wat resulteert in hoge plantaantallen. “Dat leidt tot een mooi egaal veld met suikerbieten. Een goed begin is het halve werk.” Ook hij haalt de bladschimmeldruk aan. “Een bedreiging van het steeds stijgende opbrengstpotentieel. Daarom sleutelen we aan de ‘sterkere’ biet. We kunnen onderscheid maken in de weerstand tegen cercospora. Voor gebieden met een hoge cercospora-druk ontwikkelen we rassen met dubbele weerstand; weerstand van zowel de mannelijke als de vrouwelijke ouder. ”

Strube: snelle grondbedekking

Met het ras Hannibal heeft Strube zijn plek op de rassenlijst behouden, in de rubriek beperkt aanbevolen. Het valt directeur Bart van der Weijden op dat er slechts één nieuw ras is opgenomen op de lijst van rhizomanierassen. “Dat betekent dat de overige negen rassen zich weten te handhaven.” Waaronder ‘zijn’ Hannibal, een ras dat tegemoetkomt aan specifieke wensen van telers. De financiële opbrengst is de laagste, maar de vroegheid van de grondbedekking absoluut zijn troef. Van der Weijden: “Vooral op de lichtere gronden in het noorden en oosten heeft dat meerwaarde. Een betere onkruidonderdrukking kan een bespuiting schelen en voorkomen dat onkruiden als meldes de kop op blijven steken.” Het hoge suikergehalte maakt Hannibal heel geschikt voor de vroege levering, stelt Van der Weijden. “Het leidt tot de maximale uitbetalingsprijs per kilo suiker. Voor 2018 is er wederom goede vraag naar dit ras.”

Stemphylium

Ook bij Strube is er volop aandacht voor de bladschimmelbestrijding. “We zien vooral de laatste jaren de druk van stemphylium en cercospora toenemen. Zeker in het midden en noorden van het land. Met de huidige bestrijdingsmiddelen op basis van strobulinen en triazolen is dit, ondanks meerdere bespuitingen en betere intervallen, moeilijk te beheersen. In combinatie met de vraag naar duurzamere teelten, moeten we rasverschillen onder de loep nemen. ”

Verder werkt Strube aan rassen met resistentie tegen het vergelingsvirus. Dit met het oog op de discussie omtrent neonicotinoïden.

Of registreer je om te kunnen reageren.