Akkerbouw

Achtergrond

‘Overname KWS Potato unieke kans voor Stet Holland’

Stet Holland kocht de conventionele aardappelactiviteiten van KWS Potato. Directeur Peter Ton van Stet Holland: “Het is een unieke kans om te groeien.”

Op de rassenshow van Stet Holland begin november, was al te zien dat het pootgoedhandelshuis per 1 juli de aardappelveredeling van KWS Potato heeft overgenomen. Naast de eigen rassen, stonden er ook bakjes met Bricata, Leonata, Levinata en Bonnata, bekende aardappelrassen van KWS Potato.

KWS is bekend als veredelaar van mais, bieten en koolzaad. In 2008 begon het Duitse veredelingsbedrijf een samenwerking met het kweekbedrijf Van Rijn. In 2011 werd KWS volledig eigenaar en was daarmee een nieuwkomer op de pootaardappelmarkt. Maar het avontuur van KWS in de aardappelveredeling blijkt van korte duur. KWS verkocht de conventionele aardappelveredeling per 1 juli dit jaar aan Stet Holland en richt zich alleen nog op de hybrideveredeling van aardappelen. Voor Stet Holland is de overname een unieke kans, zegt directeur Peter Ton.

Peter Ton, directeur van Stet Holland. - Foto: Ruud Ploeg
Peter Ton, directeur van Stet Holland. - Foto: Ruud Ploeg

Waarom heeft Stet Holland de conventionele aardappelveredeling overgenomen van KWS Potato?

“Stet Holland wil groeien. Autonome groei is moeilijk in de pootgoedsector. Het komt eigenlijk nooit voor in de aardappelsector dat er een compleet veredelingspakket te koop komt, inclusief alle rassen, de genetica die eraan ten grondslag ligt en het distributienetwerk voor de pootaardappelen. Het was een unieke gelegenheid om te groeien. De pootaardappelsector heeft een traditioneel karakter. Telers en afnemers stappen niet zomaar over naar een ander bedrijf. Als je succesvol bent met een ras, gaat dat vaak vooral ten koste van een ander ras van jou. Je verdringt niet gemakkelijk een concurrent van de markt. Door de overname van KWS Potato konden we in één keer een grote stap maken.”

Hoe groot is die stap als we kijken naar de omzet?

“Stet Holland verhandelt op jaarbasis ongeveer 42.500 ton pootaardappelen. Na de overname groeit dat naar 110.000 ton, waarvan 20.000 ton buiten Nederland. Daarnaast ontvangen we nu ook licentie-inkomsten voor zo’n 30.000 ton pootgoed dat in het buitenland wordt geteeld. De omzet van Stet Holland groeit door de overname van €20 miljoen naar ongeveer €50 miljoen per jaar.”

'Stet Holland kan gebruikmaken van de kennis en ervaring van HZPC-Holding'

Dat is meer dan een verdubbeling. Vertilt Stet Holland zich niet aan de overname?

“Stet Holland is onderdeel van HZPC-Holding. Daar is kennis en ervaring met het leiden van een groot bedrijf. Daar kan Stet Holland gebruik van maken. Maar als Stet Holland een zelfstandig bedrijf was geweest, hadden we deze stap ook genomen. De aardappeltak van KWS is van oorsprong een familiebedrijf en past bij de bedrijfscultuur van Stet Holland. De bedrijven zijn niet te groot, de lijnen zijn kort en we zijn flexibel. Daarnaast vullen de bedrijven elkaar aan. KWS Potato is sterk in rassen voor de verwerking tot chips en frites en de versmarkt. Stet Holland richt zich op de rassen voor de landen rond de Middellandse Zee en het Midden-Oosten. Ook geografisch vullen Stet Holland en KWS Potato elkaar aan. Stet Holland verkoopt vooral in Tunesië, Marokko en Oost-Afrika. KWS heeft vooral afzet in Egypte en West-Afrika. En KWS Potato ontving ook licenties voor rassen die wereldwijd worden geteeld. Dat is nieuw voor Stet Holland en betekent een extra inkomstenbron.”

KWS Potato voert als reden voor de verkoop aan dat het zich volledig wil richten op de hybride aardappelveredeling. Daar ziet het meer toekomst in dan in de conventionele veredeling. Hoe voelt het om iets te kopen waar de verkoper geen toekomst in ziet?

“Ik denk dat het nog jaren gaat duren voor de hybride aardappelveredeling praktijkrijp is. Vooral consumptieaardappelen telen uit zaad is een grote stap. KWS is groot in mais, bieten en koolzaad, maar heeft zich verkeken op de groeimogelijkheden in de aardappelveredeling. Het Duitse bedrijf is vooral productgericht en minder marktgericht. Dat kan wel in de markt voor bietenzaad, want er zijn maar een paar suikerproducenten. In de aardappelmarkt moet je met je gezicht naar de klant staan. Dat heeft KWS niet goed genoeg begrepen.”

'We willen vanaf de oogst van 2017 één poolcontract voor de pootgoedtelers'

Verandert Stet Holland door de overname?

“Vanaf dag één hadden we Stet 2.0 voor ogen. We hebben direct alle functies herzien en de werkzaamheden opnieuw verdeeld. Daar stond druk op, want we wilden als één bedrijf afzetseizoen 2016/2017 in gaan. Ook willen we vanaf de oogst van 2017 één poolcontract voor de pootgoedtelers. Dat moest dus in september 2016 af zijn. Er is nu één poolcontract, dat overigens weinig afwijkt van wat de Stet- en de KWS-telers al kennen. In Nederland is de integratie van beide bedrijven afgerond. In het buitenland zijn we nog niet helemaal zo ver.”

Wat vindt u verbeterpunten voor de nieuwe combinatie?

“Stet Holland legt sterk de nadruk op een uitmuntende kwaliteit. We hanteren eigen kwaliteitsnormen voor alle bestemmingen, bovenop die van de keuringsdienst NAK. KWS liet de kwaliteitsnormen afhangen van de bestemming van het pootgoed. Daarnaast laten wij geen pootaardappelen telen op gronden die minder geschikt zijn. KWS Potato deed dat wel, omdat het bedrijf marktaandeel moest opbouwen. Dat willen wij veranderen. Ook zien we dat KWS voor sommige rassen te weinig uitgangsmateriaal beschikbaar had. Dat willen we verbeteren. Stet Holland zoekt goede stammentelers om dit te realiseren.”

Gaat Stet Holland door de overname niet te veel lijken op HZPC? Dan lijkt het mij logisch om de bedrijven samen te voegen.

“Stet Holland en HZPC verschillen van elkaar. HZPC bestrijkt de hele keten vanaf het kweekbedrijf tot en met de consument. Stet Holland is een Business-to-Business bedrijf. Bij ons draait het puur om pootaardappelen. Het is aan onze afnemers om waarde toe te voegen verderop in de keten. Stet Holland is dus een gespecialiseerd bedrijf binnen de HZPC-Holding.”

'Stet Holland wil ook lid worden van Europatat, de Europese organisatie van aardappelhandelsbedrijven'

Stet Holland werd in november lid van Breeders Trust, de organisatie van pootgoedbedrijven voor licentierechten, en nam gelijk een aandeel van 10%. HZPC was al lid. Maakt Stet Holland zich los van HZPC?

“Nee, dat is niet de reden. De aanleiding is dat HZPC dit jaar de organisatiestructuur heeft gewijzigd. Stet Holland was een dochterbedrijf van HZPC Europa. Er is nu een holding opgericht, waar zowel HZPC Europe als Stet Holland onder vallen. We zijn nu zusterbedrijven. Stet Holland wil ook lid worden van Europatat, de Europese organisatie van aardappelhandelsbedrijven.”

Hoe past de overname van KWS Potato in de ontwikkelingen in de pootgoedsector?

“Sinds begin deze eeuw profileren de pootgoedbedrijven zich steeds meer op de afzetmarkten. Die zijn diverser geworden. Met miniknollen of in-vitro planten kun je afzetmarkten opbouwen die vroeger onbereikbaar waren. Ook kun je in andere landen eigen rassen in licentie laten telen, om de afzetmarkten te bedienen. KWS had daar veel meer ervaring mee dan Stet Holland. Daarnaast is de verwerkende industrie hard gegroeid. De aardappelsector is professioneler en zakelijker geworden. Dat maakt het complexer. Veel landen stellen strenge importeisen. Dat vergroot het risico, want het kost veel geld als een partij bij binnenkomst wordt afgekeurd. Het vereist dat je als kweekbedrijf en pootgoedleverancier goed moet luisteren naar je klanten, en dat je schaalgrootte moet hebben.”

Hoe is de aardappelveredeling zelf veranderd?

“Het DNA van de aardappel is in kaart gebracht. Er zijn nieuwe veredelingstechnieken, waardoor sneller nieuwe rassen worden gekweekt. Maar de aardappelveredeling wordt ook complexer en vereist meer kapitaal en kennis. Er blijft maar een beperkt aantal kweekbedrijven over. Ik verwacht dat de aardappelveredeling verder consolideert, doordat het kweken van rassen steeds meer geld kost.”

'Ik zou graag overstappen naar een vast bedrag per hectare, waarbij de teler het gewas na maximaal 80 tot 90 groeidagen dood moet maken'

Wat zou u graag anders zien in de pootgoedsector?

“Ik zou graag zien dat nog meer nadruk komt te liggen op kwaliteit. Telers zijn geneigd de pootaardappelen zo lang mogelijk te laten groeien om meer kilo’s te oogsten. Dat is begrijpelijk, maar nadelig voor de kwaliteit. Ik zou graag overstappen naar een vast bedrag per hectare, waarbij de teler het gewas na maximaal 80 tot 90 groeidagen dood moet maken. Het is goed voor de kwaliteit en je voorkomt dat bovenmaats pootgoed de consumptiemarkt verstoort. Maar dan moeten de afnemers wel 25% meer voor het pootgoed willen betalen. Ik zie het daarom voorlopig niet gebeuren. Maar het zou de kwaliteit van de Nederlandse pootaardappel ten goede komen.”

Of registreer je om te kunnen reageren.