Varkenshouderij

Nieuws 3727 x bekeken 5 reacties

Minimumprijs voor biggen in wroetstalconcept

Na een minimumprijs voor de afgeleverde vleesvarkens krijgen deelnemers binnen het wroetvarkenconcept ook een minimumprijs voor de biggen. Dat vertelt Jan Broenink, initiatiefnemer van het concept.

Met de eigen notering moet worden voorkomen dat onder de kostprijs wordt gewerkt wordt. Ook kan op die manier de meeropbrengst van het vlees evenredig worden verdeeld tussen vleesvarkenshouder en vermeerderaar.

De systematiek achter de notering is gelijk aan de notering zoals het LEI die hanteert met het zogenaamde biggenprijzenschema. Om tot een eerlijke verdeling tussen vleesvarkenshouder en vermeerderaar te komen is een schema opgesteld. Wat de hoogte van de notering is, wil Broenink niet zeggen, alleen dat deze hoger staat dan de Duitse Nord-West die momenteel €51 noteert.

Voorwaarden

Vermeerderaars die biggen willen produceren voor het concept moeten aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet er verplicht met de Topigs-50 zeug gewerkt worden. De keten heeft voor die zeug gekozen vanwege de vleeskwaliteit van de nakomelingen. “Het vlees bevat iets meer intramusculair vet”, zo vertelt Broenink. “De zeug werpt iets minder, maar wel vitale biggen. Op die manier blijven we de discussie rondom uitval ook voor.” Het voer voor de varkens wordt allemaal bij CAV-den Ham gemaakt. Qua huisvesting moeten zeugenhouders voldoen aan de 1-ster-eisen van de Dierenbescherming.

Binnen het wroetvarkenconcept worden zo’n 1.000 vleesvarkens per week geslacht bij Gosschalk in Epe. Daarmee groeit het concept gestaag; er zijn nu zo'n tien bedrijven betrokken bij het concept. Volgens Broenink is er ruimte voor een paar extra varkensbedrijven omdat er aan de afzetkant ook nieuwe afnemers bijkomen. Broenink ziet steeds meer interesse voor ‘vlees met een verhaal’.

Onderscheindend blijven

Om onderscheidend te blijven is het volgens Broenink erg belangrijk om continu stappen te zetten. De wroetvarkenketen doet dat onder andere door steeds verder integratie, door met vaste biggenleveranciers te werken en één fokbedrijf die de gelten levert.

Laatste reacties

  • John*

    de bulk gaat de klappen van de markt opvangen, het marktrisico wordt over minder varkens verdeeld waardoor de pieken en dalen in dit segment groter gaan worden. Bedrijven die hiervoor blijven produceren zullen echt sterk in de schoenen moeten staan.

  • Hogman1

    Ja je bent een geketende ondernemer.
    Net zoiets als in loondienst bij een baas , daar hoef je dan niet borg te staan met je stal als onderpand.
    Dhr Jan B zal wel goed bevriend zijn met de topigs50 leverancier en de meelboer.
    Kan weleens eng zijn

  • John*

    het is allebei eng.. zolang je maar weet waar je mee bezig bent en blijft rekenen. Al is het voor de komende 2 jaar wel te roepen dat ze minimaal de kostprijs uitbetalen. over 4 jaar zullen we weten of t uitkomt als we in t volgende dal duiken.

  • Theo11

    natuurlijk de Topigs 50!! Zie ook de reportage in de Boerderij van deze week over de Topigs 50

  • wienbemelmans

    ze rekenen weer voor hoeveel je wel niet verdiend met de wroetvarkens stal.
    ik denk als je van alle soorten welzijn stallen het vlees als het gebraden is naast
    elkaar legt niemand verschil proeft ik vind het allemaal gelul.ze willen allemaal
    geld verdienen en de genen met de mooiste verhalen het meest.

Laad alle reacties (1)

Of registreer je om te kunnen reageren.