Varkenshouderij

Foto & video 1809 x bekeken

Nieuwe Vlaamse zeugenstal

Familie van Dijck bouwt in het Belgische Loenhout een nieuwe stal voor 520 zeugen.

Foto

  • Herman (55), Rit (51, niet op de foto) en zoon Maarten (23) van Dijck leggen in Loenhout (B.) de laatste hand aan een nieuwe zeugenstal.

    Tekst & foto's: Matthijs Verhagen

  • De nieuwe stal met dubbele nok en twee centrale gangen meet 67 x 52 meter. De diergroepen zijn strikt gescheiden. De stal heeft 520 zeugenplaatsen, 2.400 biggenplaatsen en een quarantainestal voor 120 opfokgelten.

  • De stal wordt nieuw bevolkt met Deense Danbred-gelten. Als eindbeer zetten de varkenshouders Deense Duroc in. De nieuwe stal is een uitbreiding op enkele tientallen meters afstand van het bestaande bedrijf met 180 zeugen, 1.000 biggenplaatsen en 550 vleesvarkensplaatsen. In Meer (B.) heeft Maarten nog een locatie met 170 zeugen en 1.300 vleesvarkens. Ze bouwen de bestaande bedrijven op termijn om tot puur vleesvarkenslokaties.

  • De gelten komen eerst in een quarantaineafdeling aan de voorzijde van de dragendezeugenstal. Hier verblijven ze zes tot negen weken.

  • Opvallend is de grote, glazen lichtstraat rondom. In België is het verplicht minimaal 3 procent van het vloeroppervlak aan lichtinlaat te hebben.

  • Het effect daarvan, hier in de dragendezeugenstal, is duidelijk.

  • De dragendezeugenstal is voorzien van zogenaamde Pig Free-voerligboxen met uitloop, afkomstig van de Nederlandse stalinrichter Van der Lee. De deurtjes scharnieren eenzijdig naar buiten en worden door de zeug zelf geopend. Door de afgeschuinde vorm kunnen de zeugen dat met hun neus. Doordat de deurtjes niet naar binnen draaien kunnen de boxen iets korter gemaakt worden. Hierdoor ontstaat er op het tussenpad meer leefruimte voor de zeugen. De vergrendeling is zowel centraal als individueel te regelen.

  • Aan alle zijden is een gangpad vrijgehouden. De Van Dijcks gaan werken met een beer die ze in een speciale afstandsbestuurde kar rond de zeugen leiden.

  • De afstandsbestuurde kar (hier nog tijdelijk opgeslagen in de veldschuur) kan op twee plaatsen scharnieren en kan hierdoor ook haakse bochten nemen. Terwijl de beer zijn werk doet aan de voorzijde van de voerligbox, kan de varkenshouder zijn aandacht bij de zeug houden. De beer kan immers niet ontsnappen en staat dankzij de afstandsbediening altijd op de ideale plek stil.

  • In de centrale gang tussen dragendezeugenstal en kraamstal valt een dikke pvc-leiding op. Deze vangt het regenwater op en leidt het naar twee putten aan de voor- en achterzijde van de stal.

  • Met een pomp wordt het water vervolgens wanneer nodig weer opgevoerd. De ondernemers gebruiken het om de stallen te reinigen. Hergebruiken van regenwater is verplicht in België.

  • In de kraamstal is veel ruimte. Als je gaat voor een maximaal aantal biggen, dan moet je ook zorgen dat er ruimte voor is. Dat is de gedachte. Iedere box-plaats meet 2,80 x 1,80 meter. Alle boxen komen te rusten op een rvs-frame. Hier is gekozen voor duurzaamheid.

  • Met hulp van een kraantje kan, buiten de nippel om, extra water in de bak van de zeug gezet worden.

  • De biggenlampen kunnen aangesloten worden op zwevende contactpunten.

  • Achterin de kraamstal is een wachtstal aanwezig. Hier zijn ook drie berenhokken te vinden. De afdeling kan bij uitbreiding eenvoudig verbouwd worden tot kraamstal. Via een luik in de eindgevel (rechts in beeld) kunnen kadavers in de destructieton gegooid worden, zonder zelf in het vuile gedeelte te komen.

  • Om met de technische resultaten aan de top de komen, werken de varkenshouders met een hogere gezondheidsstatus. Dat is ook duidelijk zichtbaar in zowel de structuur van de bouw als de details. Alle zeugen staan met de kop richting gangpad. Hierdoor hoeft men niet in het hok om de dosators te verstellen. Een extra gangpad tussen aan de achterzijde van de boxen is nog overwogen, maar dat werd te gortig.

  • De biggen kunnen via een klein biggenluik de stal verlaten naar de biggenstal. Even snel binnendoor lopen naar de andere diergroep is door deze bouwwijze onmogelijk. Een ander gezinslid vangt de biggen in de biggenstal op en brengt deze naar het juiste hok.

  • In de biggenstal is ruimte voor 8 x 300 biggen. In de gang komt nog een weegplateau waarmee alle biggen gewogen worden. De ondernemers werken met een tweewekensysteem, zodat de arbeid wat gespreid is. De stal is wel zo ingedeeld dat omschakelen naar een vierwekensysteem eenvoudig mogelijk is.

  • Achter in de stal is een kleine ruimte aanwezig waar de biggen klaargezet kunnen worden.

  • De stal beschikt over twee losse chemische luchtwassers. Dat was goedkoper dan één groot luchtkanaal bouwen om alle lucht naar één wasser te leiden.

  • De twee units zijn wel aan elkaar gekoppeld. Het waswater wordt rondgeleid en centraal opgevangen.

  • Bij de dragendezeugenstal wordt de lucht zonder tussenkomst van een luchtkanaal afgezogen. De drukkamer is een soort dakkapel.

  • Bij de biggenstal en kraamstal monden twee luchtkanalen uit in een verzamelruimte voor de eindgevel.

  • Achter de biggenstal komen drie kegelmengers te staan. Met de trekker vullen de varkenshouders deze met een kant-en-klaar rantsoen. Vijzels leiden het voer straks rechtstreeks naar het circuit. Een voerkeuken is dus niet aanwezig.

  • Van Dijck teelt 70 hectare korrelmais voor CCM. Ongeveer 20 hectare is eigendom, de rest wordt gehuurd. Hiermee heeft de familie de mestafzet grotendeels rondgezet. Met een eigen mesttank rijdt ze alle mest uit. Dit maakt het bedrijf relatief ongevoelig voor grote prijsschommelingen op de grondstof- en mestmarkt.

  • Met een mengbak achter de trekker mixt Van Dijck de CCM met de kernvoeders. De helft van het rantsoen bestaat uit CCM.

  • Ook al het verdere landwerk doen de Van Dijcks zelf. De mechanisatie is navenant. Dit is grotendeels de taak van zoon Maarten. Dit voorjaar kwam alles samen: het landwerk, de afwerking van de nieuwe stal en het rondzetten van het werk op de bestaande bedrijven. Een heldere taakverdeling was hierbij onmisbaar. Rit verzorgde grotendeels de bestaande bedrijven en Maarten deed het landwerk. Hierdoor kon Herman zijn focus op de bouw houden.
    Wilt u het eindresultaat bekijken? Dat kan, op vrijdag 13 mei is er een open dag.

Of registreer je om te kunnen reageren.