Varkenshouderij

Foto & video 2219 x bekeken

Geen emigratie maar proefbedrijf

Hennie en Yvonne Smeenk houden in Haarle (Ov.) 1.000 zeugen. Ze halen meerwaarde uit het bedrijf als proefbedrijf van voerleverancier De Heus Voeders.

Foto

  • Hennie (49) en Yvonne (47) Smeenk hebben in Haarle (Ov.) het bedrijf in 2008 uitgebreid naar 1.000 zeugen. Ze zijn tijdens de bouw benaderd om als proefbedrijf van De Heus Voeders te dienen. Familie Smeenk is zelf verantwoordelijk voor de exploitatie van haar bedrijf en ontvangt een vergoeding voor extra aanpassingen voor de proeven en het extra werk.




    Foto’s: Ronald Hissink, tekst: Judith Waninge


  • Het bedrijf ligt in de gemeente Hellendoorn, net in een LOG-gebied. Dat maakte de uitbreiding iets eenvoudiger. Wel heeft de stal luchtwassers voor vermindering van de ammoniakuitstoot.

  • Na de MKZ-uitbraak in 2001 waren de Smeenks vastbesloten om naar Canada te emigreren. Helaas was de markt voor de koop van bedrijven in elkaar gezakt. Ze besloten in 2005 uit te breiden, zodat het bedrijf groot genoeg werd om medewerkers aan te stellen.

  • De bouw voor de nieuwe zeugenstal begon eind 2007. In het voorjaar van 2008 werd Smeenk benaderd door De Heus Voeders om een proefbedrijf te worden. Het vorige proefbedrijf van De Heus werd verkocht, de nieuwe eigenaar wilde geen proefbedrijf hebben.

  • Smeenk heeft dan wel een proefbedrijf, maar het is ook een praktijkbedrijf waar hij met goede resultaten winst moet behalen. Het laatste jaar draait de zeugenhouder 29,5 gespeende biggen per zeug per jaar met 14,2 levendgeborenen en een worpindex van 2,40. In de afgelopen zes maanden werd het recordniveau van 31 biggen per zeug per jaar bereikt.

  • Na het werpen komen de biggen, die al biest gedronken hebben, in een afgesloten ruimte afgezet met gaas. De zeugen zijn nog deels Topigs 30 en gaan op den duur allemaal naar Topigs 20.

  • Op het bedrijf loopt één dag in de week een medewerker van De Heus om de lopende proeven te coördineren. Hier wordt een aantal structurele meet- en weegwerkzaamheden uitgevoerd door personeel van Smeenk. De varkenshouder werkt met een weeksysteem en speent op donderdag. Ook werpen de meeste zeugen op deze dag.

  • Voor de proeven weegt de coördinator alle biggen direct na de geboorte en op een week leeftijd. Op deze manier wordt de melkproductie van de zeug bepaald.

  • In de kraamstal hangen verschillende kleuren zeugenkaarten. Elke kleur is een andere voersoort. Er zijn in totaal tien kraamafdelingen waarvan De Heus er vier gebruikt voor de proeven.

  • Om de proeven zo goed mogelijk uit te voeren krijgen de zeugen net zoveel biggen als er functionele spenen zijn. De overige biggen komen in de Rescue Decks - een soort couveuse voor biggen - te liggen.

  • De overige biggen komen bij een pleegzeug te liggen. Deze biggen en de pleegzeugen doen niet meer mee aan de proeven.

  • Een medewerker meet de spekdikte van de zeugen in de kraamstal. Op verschillende momenten meten de medewerkers de spekdikte, zoals voor het werpen en net na het spenen. Op die manier heeft De Heus het Conditie Kompas ontwikkeld.

  • De zeugen gaan over een weegschaal als ze de kraamstal ingaan, maar ook als ze de kraamstal verlaten.

  • In de dragende zeugenstal liggen groepen van 45 zeugen. De zeugen lopen los in de groep en zijn individueel te herkennen in de voercomputer. Acht groepen met zeugen doen mee aan de proeven. De acht Nedap Velos-systemen zijn hiervoor aangepast, zodat ze vier voersoorten kunnen verstrekken.

  • Ook een deel van de biggenafdeling doet mee aan de proeven. In deze afdeling hebben alle hokken een eigen ventiel, waarmee Smeenk de exacte voerhoeveelheid per hok meet.

  • De biggen zijn Topigs 20 of Topigs 30 met een Piétrain 75-eindbeer.

  • Om de exacte hoeveelheid opgevreten voer per biggenhok te bepalen, haalt de medewerker met een stofzuiger het restvoer uit de voerbakken.

Of registreer je om te kunnen reageren.