Varkenshouderij

Foto & video 1184 x bekeken 1 reactie

Uitval onder 5 procent

Volgens de bedrijfsfilosofie van de familie Klein Ikink moeten zeugen 15 biggen zelf kunnen grootbrengen.

Foto

  • De maatschap Dolf (30), Paul (62) en Marian (52) klein Ikink heeft een Topigs-top- en subfokbedrijf met 515 raszuivere Nederlands Landvarken-zeugen voor de productie van Topigs 20-opfokzeugen.

    Tekst: Martin ten Hooven. Foto’s: Hans Prinsen

  • Naast de zeugen zijn er 2.300 opfokplaatsen. Verder nog 5.000 vleesvarkensplaatsen, waarvan 2.000 voor het afmesten van de bijproducten.

  • In 1984 ontwierp Paul klein Ikink de valbeugel. Deze zit nog steeds in de huidige kraamhokken. Klein Ikink vond dat 10 procent uitval van de biggen te hoog was. In 1985 was de uitval gedaald naar 5 procent. Sindsdien is de uitval altijd onder deze 5 procent gebleven.

  • De doelstelling van de maatschap Klein Ikink is om 14 of 15 biggen per worp te spenen zonder gebruik te maken van technische hulpmiddelen. Af en toe moeten ze een pleegzeug maken om overtallige biggen groot te brengen.

  • Om veel biggen te kunnen grootbrengen fokt de maatschap al tientallen jaren op het aantal spenen en plaatsing van de spenen. Zeugen voor de basisfokkerij moeten minimaal 16 spenen hebben. Zeug 358 heeft 18 spenen.

  • Zeug 449 heeft 16 spenen en er liggen 15 biggen bij. Omdat de Nederlands Landvarken-zeugen veel grootbrengend vermogen hebben, blijven er veel biggen bij een zeug liggen. Zeugen die een hoog overlevingspercentage van de biggen scoren, worden gepaard met beren die een hoge bigvitaliteit vererven.

  • Op de dag van geboorte worden de biggen tijdens het vreten van de zeug achter een schotje opgesloten. Als een zeug aangeeft dat ze last heeft van de scherpe tanden van de biggen, worden deze geslepen. Dat gebeurt incidenteel.

  • Net naast de trog is een drinkbak geplaatst waar zowel de zeug als de biggen uit moeten drinken. De zeug zien en horen drinken zet biggen ook aan het goede voorbeeld van de zeug te volgen.

  • Enkele technische resultaten van maatschap Klein Ikink: worpen per 100 dekkingen: 93,5, levend geboren biggen per worp: 13,6, gespeende biggen per worp: 12,9, uitval tot spenen: 4,8 procent en 31,7 grootgebrachte biggen per zeug per jaar.

Eén reactie

  • no-profile-image

    vma

    oppassen dat je niet te veel met je eigen bedrijf bezig bent en focust op veel biggen,duurzame opfokgelten qua consitutie voor de afnemers is net zo belangrijk.

Of registreer je om te kunnen reageren.